Weede, Francois van (ca. 1605-1646)

Francois van Weede, jonker, zoon van Daniël van Weede en Maria van Sneeck, geboren ca. 1605, overleden 25 september 1646 te Utrecht, overluid 26 september 1646, aangetekend 12 oktober 1646 en begraven in de Mariakerk te Utrecht (#)

Gehuwd op 10 juni 1637 voor het gerecht te Utrecht (#) met

Mechtelt Francoise van Amerongen, jonkvrouw, dochter van Steven van Amerongen en Margareta van Schuijren van der Horst, overleden 19 februari 1648 te Utrecht, overluid 2 maart 1648, aangetekend 13 maart 1648 en begraven in de Mariakerk te Utrecht (#)

 

Bronnen: 1) hetutrechtsarchief.nl, 2) Overluidingen te Utrecht. Overgenomen uit De Navorscher deel 36 (1886) tot en met deel 51 (1901). Oorspronkelijk gepubliceerd in 1881 onder de titel Necrologie de differ. personnes illustres des Pays-Bas 1614-1651, 3) hogenda.nl, 4) Repertorium op de lenen en tijnsen van de proosdij ten Dom, 1174-1660, J.C. Kort. In: Historische reeks Kromme-Rijngebied (Houten 2010). Historische Kring Tussen Rijn en Lek, 5) Repertorium op de lenen van de hofstede Heulestein 1376-1647, J.C. Kort. In: Ons Voorgeslacht, jrg. 37 (1982)

Francois van Weede is beleend met de tiende grof en fijn van het goed Boelenhove in Weede, na de dood van zijn vader Daniel van Weede. Op 12 december 1647 Cornelis van Ingen, notaris, voor Hendrik Pieck van Wolfsweerd, heer van Muiswinkel, en Jordaan Poeijt, voogden, voor Daniel van Weede bij dode van Francois van Weede, diens vader.

Op 5 oktober 1636 benoemt Francoijse van Amerongen, weduwe van Elbertus Zosius in leven raedt ordinaris hove van Utrecht, tot efgenaam Mechtelt van Amerongen dochter van haar broer Steven van Amerongen. De erfgename dient jaarlijks f 250-0-0 uit te keren aan Sophia van Amerongen, zuster van testatrice, gehuwd met Johan van Hatuum. Onroerende goederen zijn belast met verband ten behoeve van nakomelingen van de erfgename met uitsluiting van neven en nichten van testatrice die in Aken geboren zijn, daar wonen of gewoond hebben, met uitsluiting van de weeskamer.

Op 13 mei 1637 Wolphert Willems constitueert Cornelis de Cruijff om voor het hof van Utrecht te bekennen dat hij f 144-0-0 schuldig is aan Mechtelt Francoijse van Amerongen, erfgename van haar tante Francoijse van Amerongen, in leven weduwe van Elbertus Zosius in leven raad ordinaris hof van Utrecht, en te beloven het kapitaal binnen 3 maanden te vestigen of af te lossen, de rente te betalen en binnen 14 dagen zekerheid te stellen.

Op 2 en 7 maart 1638 sluiten Francoijs van Weede, gehuwd met Mechtelt Francoijse van Amerongen erfgename van Francoijse van Amerongen, en Johan Copes en zijn broers Johan Copes, Willem Copes en Otto Copes,  een akkoord over de verdeling van resterende kooppenningen van een hofstede en landerijen in Oudenrijn, door Floris van Nijdeggen verkocht aan Eustachius van Quarebbe. Beide partijen zijn medecrediteuren van Floris van Nijdeggen, arresten en interdicties op de kooppenningen worden opgehoeven.
Op 6 juni 1638 draagt Francois van Weede, gehuwd met Mechtelt Francoijse van Amerongen nicht en erfgename van Francoijse van Amerongen in leven weduwe van Elbertus Sosius, over aan Harman van Vanevelt een schuldbekentenis van f 144-0-0 ten laste van Wulphert Willems in de Birckt.
Op 20 september 1638 verklaart Francois van Weede, echtgenoot van Machteld Francoise van Amerongen, dat Sophia van Amerongen, wonende op het huis Duurstede te Wijk bij Duurstede, weduwe van Johan van Hattem, is overleden. Het begraven van Sophia van Amerongen, in leven weduwe van Johan van Hattum, geschiedt onder repudiatie van de nalatenschap door Francois van Weede. Sophia van Amerongen, tante van Mechtelt Francoijse van Amerongen, overleed op huis Duijrstede bij Wijk bij Duurstede.

Op 17 augustus 1642 is Francois van Weede beleend met 5 morgen land in Willeskop in het land van Montfoort, bij dode van Elias, zijn broer. Op 26 oktober 1647 Willem van Duizel voor Hendrik Piek van Wolfsweerd, heer van Muiswinkel, en Jordaan voor Daniel van Weede bij dode van François, diens vader.

Op 17 november 1646 geeft Mechtelt Francoise van Amerongen, weduwe van Francois van Weede, wonende ontrent de Wittevrouwenbrugh te Utrecht, opdracht tot opening van het besloten testament van comparante en haar overleden echtgenoot, in aanwezigheid van de voogden over de onmondige kinderen, opening d.d. 13-11-1646. Gepasseerd in het sterfhuis van Francois van Weede te Utrecht bij de Wittevrouwenbrug.

Op 4 september 1647 stelt Mechtelt Francoise van Amerongen haar testament op en benoemt haar kinderen Daniel van Weede en Francoise van Weede. De hoffstede, huijsinge en landen genaamd Loevenhout gelegen te Achtienhoven, gaat naar Francoise van Weede.
Op 4 november 1647 herroept Mechtelt Francoise van Amerongen haar testamenten, codicillen, schenkingen en voogdbenoemingen met uitzondering van benoeming van d eheer van Muijswinckel.

Op 29 februari 1648 geeft Jordaen Poeijt, in aanwezigheid van Abraham van Karckraedt advocaat hof van Utrecht, opdracht tot het sluiten van kasten in het sterfhuis van Mechtelt van Amerongen, in leven weduwe van Francois van Weede.
Op 10 mei 1648 geven de onmondige kinderen van Mechtelt Francoise van Amerongen en Francois van Weede, Frederick Ruijsch en Jordaen Poeijt opdracht tot ontzegeling van de kasten in het sterfhuis van Mechtelt Francoise van Amerongen bij de Wittevrouwenbrug in Utrecht.

 

Uit dit huwelijk:

Francoise Marguereta van Weede

Daniël van Weede, heer van Tienhoven, geboren 1639, overleden 6 februari 1671 en begraven 13 februari 1671 in de Mariakerk te Utrecht. Relatie (niet gehuwd) met Zanderina van Beeck, overleden maart 1670 (aangetekend 28 maart 1670), begraven in de Jacobikerk te Utrecht