Kwartierstaat Brouwer – Generatie 12

Generatie 11 <   Namenlijst   > Generatie 13


2088  Sasker Janssen, geboren ca. 1605 te Sint Jacobiparochie

Gehuwd in 1630 (1e proclamatie 12 mei 1630 te Vrouwenparochie) (#) met

2089  Dirckie Sijes, geboren ca. 1605 te Vrouwenparochie

Uit dit huwelijk:

1  Aris Saskers. Gehuwd op 5 februari 1660 te Sint Jacobiparochie met Kniercke Sioerds, geboren te Sint Jacobiparochie. Gehuwd op 26 januari 1668 te Sint Jacobiparochie met Maartie Samuels Sober, geboren te Sint Jacobiparochie

2  Sije Saskers. Gehuwd op 4 mei 1662 te Sint Jacobiparochie met Claesie Maertens, geboren te Sint Jacobiparochie

3  (?) Everdt Saskers

4  Antie Saskers. Gehuwd op 24 juli 1664 te Sint Jacobiparochie met Claes Rommerts, geboren te Sint Jacobiparochie

5  Siecke Saskers. Gehuwd op 16 februari 1668 te Sint Jacobiparochie met Joost Simens, geboren te Sint Jacobiparochie. Gehuwd op 20 mei 1678 te Sint Jacobiparochie met Simen Wouters, geboren te Sint Jacobiparochie


2090  Bastiaen Reijnders, geboren ca. 1610 te Oudebildtzijl

Gehuwd in 1632 (1e proclamatie 3 november 1632 te Vrouwenparochie) (#) met

2091  Trijnke Gerrits, geboren ca. 1610 te Oudebildtzijl

Uit dit huwelijk:

1  (?) Lisbeth Bastiaens

2  Jancke Bastiaens, geboren te Oudebildtzijl, gedoopt 26 mei 1644 te Vrouwenparochie. Gehuwd op 20 maart 1653 te Vrouwenparochie met Jan Clases, geboren te Oudebildtzijl


2092  Claes Ockers, zoon van (?) Ocker Claessens en Hijlck Sijes, gedoopt 2 april 1613 te Sint Annaparochie (#). Gehuwd op 12 augustus 1649 te Vrouwenparochie met Lisbet Dircks, geboren te Sint Jacobiparochie

Gehuwd op 18 mei 1628 te Sint Annaparochie (#) met

2093  Lijsbet Aeriens, dochter van Aerijen Jobs, geboren ca. 1600 te Vrouwenparochie, overleden < 12 augustus 1649

Uit dit huwelijk:

1  Ocker Claessen, geboren ca. 1629 te Oudebildtzijl. Ondertrouwd op 12 maart 1648 en gehuwd op 2 april 1648 (paasdag) te Vrouwenparochie met Reijnu Sijbrants, geboren te Oudebildtzijl

2  Aerijen Claesz, gedoopt 30 mei 1631 te Vrouwenparochie (opm: grootvader is peet Aerijen Jobs). Gehuwd op 13 februari 1659 te Vrouwenparochie met Maertie Tuenis, geboren te Sint Jacobiparochie. Gehuwd op 5 november 1665 te Vrouwenparochie met Jedtske Sijbrandts, geboren te Oudebildtzijl

3  Keijmpe Clasen, gedoopt 18 mei 1637 te Sint Annaparochie

4  Marij Clasen, gedoopt 18 mei 1637 te Sint Annaparochie

Reijnder Clasen


2094  Wopke Bouwes, geboren te Oostermeer

Ondertrouwd op 2 januari 1631 en gehuwd op 26 januari 1631 te Vrouwenparochie (#) met

2095  Lijsbet Jacobs, geboren te Vrouwenparochie

Uit dit huwelijk:

1  Maeck Wopkes, gedoopt 21 mei 1642 te Vrouwenparochie

Piedt Wopkes


2102  Jan Cornelis, geboren ca. 1620 te Vrouwenparochie

Gehuwd in 1644 (1e proclamatie 10 oktober 1644) te Vrouwenparochie (#) met

2103  Hendrickie Jobs, dochter van (?) Job Claesen, geboren ca. 1620 te Vrouwenparochie

Uit dit huwelijk:

1  Ints Jans, gedoopt 16 maart 1646 te Vrouwenparochie

Ariaantje Jans

3  Lisbethie Jans, gedoopt 30 september 1649 te Vrouwenparochie

4  Jobke Jans, gedoopt 22 februari 1652 te Vrouwenparochie

5  Jobtie Jans, gedoopt 12 maart 1654 te Vrouwenparochie

6  Cornelis Jans, gedoopt 13 januari 1656 te Vrouwenparochie

7  Dirck Jans, gedoopt 7 februari 1658 te Vrouwenparochie

8  Cornelis Jans, gedoopt 28 augustus 1659 te Vrouwenparochie

9  (?) Aecht Jans, gedoopt 26 augustus 1660 te Vrouwenparochie


2126  Cornelis Claesz van den Velden, bleker, geboren ca. 1580, overleden 5 april 1654 en begraven 8 april 1654 in de Oude Kerk te Delft (#)

Gehuwd op 19 oktober 1603 te Delft (#) met

2127  Hillegont Jans, bleekster, geboren ca. 1580, begraven 17 januari 1654 in de Oude Kerk te Delft (#)

Zij wonen buiten de Watersloot. Na het overlijden van Cornelis Claesz wordt in april 1654 de inventaris van zijn nalatenschap opgemaakt. Op 22 mei 1654 vindt de boedelverdeling plaats.

Uit dit huwelijk:

1  Claes Cornelisz van den Velden, schoenmaker, geboren ca. 1604. Ondertrouwd op 25 november 1628 en gehuwd op 10 december 1628 met Maertge Matheus

2  Pouwel Cornelisz van den Velden, bleker, geboren ca. 1606, overleden < 16 april 1667. Ondertrouwd op 26 februari 1633 te Delft en gehuwd met Dirckge Ariens

3  Jan Cornelisz van den Velden, scheepmaker, geboren ca. 1608. Ondertrouwd op 29 april 1634 en gehuwd op 14 mei 1634 te Delft met Maertgen Ariens Coppers

4  Huijbrecht Cornelisz van den Velden, molenaar op de Saeghmolen buiten de Waterslootse Poort te Delft, geboren ca. 1610, begraven 25 juni 1669 in de Oude Kerk te Delft. Ondertrouwd op 27 december 1636 en gehuwd op 11 januari 1637 te Delft met Trijntge Jans, overleden 1636-1639. Ondertrouwd op 29 oktober 1639 te Delft met Annetge Jans, overleden < 18 mei 1658. Ondertrouwd op 18 mei 1658 te Delft en gehuwd met Annitgen Jacobs van Doncq

5  Geertge Cornelis van den Velden, geboren ca. 1612, begraven 13 augustus 1698 in de Oude Kerk te Delft. Ondertrouwd op 9 juli 1650 en gehuwd op 24 juli 1650 te Delft met Jan Cornelisz van Leeuwen, begraven 4 december 1690 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 17 september 1695 te Delft en gehuwd met Arij Leenderse van Son, begraven 29 maart 1703 in de Oude Kerk te Delft

6  Maertge Cornelis van den Velden, geboren ca. 1614, begraven 5 december 1650 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 31 januari 1643 en gehuwd op 15 februari 1643 te Delft met Hendrick Sijversz Dogger, begraven 28 januari 1695 in de Nieuwe Kerk te Delft

7  Cornelis Cornelisz van den Velden, varensgezel, gedoopt 1 januari 1617 te Delft (get: Wijbrant Jansz, IJde Willems). Ondertrouwd op 15 juli 1634 te Delft met Grietgen Jans

8  Heijndrick Cornelisz van den Velden, kleermaker, gedoopt 19 mei 1619 te Delft (get: Heijnderick Jansz, Jacob Jansz, Immetgen Jans), begraven 21 februari 1669 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 18 april 1643 en gehuwd op 3 mei 1643 te Delft met Barentje Jans

9  Lourus Cornelisz van den Velden, gedoopt 1 augustus 1621 te Delft (get: Heijndrick Pieters, Lijsbet Claes)

10  Immetje Cornelis


2128  Cors Jansz van der Speck, timmerman te Wateringen, overleden > 2 november 1659

Op 1 april 1629 bekent Philips Cornelisz, timmerman te Wateringen, verkocht te hebben aan Cors Jansz (van der Speck), mede timmerman te Wateringen, een huising en erf met de winkel of nering van het timmeren waaronder het werk van drie watermolens, een schuit, een timmermansbok, een reep en een schaafbank, met conditie dat de comparant gedurende het leven van de voorsz Cors Jansz of zijn huisvrouw binnen het ambacht en parochie van Wateringen geen winkel van timmeren zal mogen opstellen en niet hetzelfde ambacht als meester mogen doen, staande en gelegen de voornoemde huising en erf op het oosteinde van het dorp van Wateringen. Op 13 mei 1629 bekent Philips Cornelisz, timmerman laatst gewoond hebbende te Wateringen en nu wonende te Monster, verkocht te hebben aan Pieter Jacobsz, timmerman te Wateringen, een custingbrief inhoudende nog 800 gld staande tot last van Cors Jansz, mede timmerman te Wateringen, en zijn borgen volgens de brief van dd 1-4-1629.

Op 4 juni 1632 bekent Jan Claesz van Gent, wonende in ‘s Gravenhage als getrouwd hebbende de weduwe van Adriaen Cornelisz genaamd Trijn Jans, verkocht te hebben aan Cors Jansz, onze inwoner, een huis en erf gelegen binnen het dorp van Wateringen in de Vleerstraat.

Op 7 februari 1641 bekent Corstiaen Jansz timmerman, wonende binnen het dorp van Wateringen, schuldig te wezen aan de armenmeesters van Wateringen een losrente van 9 car. gld 7 st. 8 penn. ‘s jaars. Op 14 juni 1641 bekent Cors Jansz timmerman, onze inwoner, schuldig te wezen aan Pieter Reijersz Slachtoe, houtkoper binnen Delft, een losrente van 40 car. gld. Tot waarborg zijn huis en erf daarin hij tegenwoordig woonachtig is binnen het dorp van Wateringen op het oosteinde. Op 29 mei 1643 bekent Corstiaen Jansz timmerman, onze buurman, schuldig te wezen aan Pieter Reijersz Slachtoe, wonende binnen de stad Delft, een losrente van 20 car. gld. ‘s jaars. Op 29 april 1645 bekent Corstiaen Jansz timmerman, onze buurman, schuldig te wezen aan Pieter Reijersz Slachtoe, houtkoper te Delft, een losrente van 20 car. gld. ‘s jaars. Tot waarborg zijn huising en erf en boomgaard in het dorp van Wateringen. Op 4 mei 1646 bekent Corstiaen Jansz timmerman, onze buurman, verkocht te hebben aan Pouwels van Neck, onze secretaris, een huis en boomgaard in het dorp van Wateringen in de Straat genaamd de Vleerstraat.

Op 6 april 1651 attesteert Cors Jansz van der Speck, wonende te Wateringen, voor notaris Johan van Ruiven te Delft. Comparant is Gerrit Gijsen van de Meer, huisman te Eik en Duinen. In de monsterrollen van de weerbare mannen van Wateringen in 1652-1653 is bij pieckeniers vermeld “Cors timmerman, 1 pieck”.

Op 17 mei 1655 bekent Cors Jansz van der Speck onze inwoner, schuldig te wezen aan Corstiaen Jaspersz de Vos, wonende binnen de stad Delft, de som van 200 car. gld. ter zake van geleende penningen. Op 26 september 1657 bekent Cors Jansz van der Speck onze inwoner, verkocht te hebben aan Jan Corsz zijn zoon, wonende in het dorp Wateringen, een gedeelte van zijn comparants huising en erf in het dorp van Wateringen in de Vleerstraat, te weten een voorhuis en kamertje aan de oostzijde van het zelfde voorhuis en het erf gelegen tussen het voorsz kamertje en het erf van Pieter Roelantsz van der Marel ter lengte van het voorsz kamertje.

Op 2 november 1659 verkoopt Kers Jansz van der Speck, wonende Wateringen, een zantschuijt aan Jacob Ridder.

Kinderen:

Jan Corsz van der Speck


2136  Jan Hendricksz Duijvesteijn de jonge, boer te Naaldwijkerbroek in het ambacht Wateringen (1626), nabij Quintsheul in het ambacht Monster (1646) en nadien te Honsholredijk, zoon van Hendrick Jansz Duijvesteijn, geboren < 1589, overleden < 17 september 1658 te Honsholredijk

Gehuwd ca. 1615 met

2137  Engeltge Vrancken van der Burch, dochter van Vranck Adriaensz van der Burch en Dignum Pieters van der Valck, overleden < 22 mei 1646

Jonge Jan Heindricxss. Duijvestein, ‘wonende in Naeltwijckerbrouck in den ambachte van Wateringen’ en (zijn schoonvader) Vranck Adriaenss. van der Burch, mede wonende in het ambacht Wateringen, verklaren op 9 mei 1626 op assignatie van de erfgenamen van Arent Janss en Jannetgen Arijens, in leven gewoond hebbende te Naaldwijkerbroek, 2000 carolus gulden schuldig te zijn aan de rentmeester van vrouwe Maria van Utrecht, weduwe van de heer Johan van Oldenbarnevelt, in zijn leven heer van Berkel, Backum enz., advocaat van Holland en Westvriesland, en dat in verband met de koop van een woning, schuur, barge en geboomte, staande op bruiklanden in Naaldwijkerbroek. De pacht blijkt over de jaren 1619-1624 betaald te zijn. Als borgstelling geeft Duijvestein genoemde woning en beide hun overige eigendommen.

Genoemde schoonvader Van der Burch heeft in het ambacht Wateringen land dat grenst aan dat van Hendrick Jansz. Duijvesteijn, de vader van zijn schoonzoon. Schoonzoon en schoonvader hebben in 1644 onenigheid naar aanleiding van de verkoop van een woning, landerijen, lenen en meubelen, waardoor het tot een proces voor het gerecht te Wateringen komt. Vranck Adriaenssen van der Burch, wonende te Wateringen, als grootvader en voogd van de nagelaten weeskinderen van Engeltge Vrancken uit haar huwelijk met Jan Heijnricxss. Duijvesteijn, aan de ene zijde, en genoemde Duijvesteijn, wonende omtrent Quintsheul in het ambacht Monster, ter andere zijde, bekennen op 22 mei 1646 aan Phillips Claessen van Rijn te Wateringen een woning, schuur, barge en geboomte, staande op 29 mergen en 3 hond bruikland in Naaldwijkerbroek in het ambacht Wateringen, met nog het gewas van 4½ mergen, verkocht te hebben voor f 3100. De ene helft behoort aan de weeskinderen en de andere helft aan Duijvesteijn.

Op 17 september 1658 compareren Pieter Janse Duijvestein, wonende in de Lier en Leendert Janse Duijvestein, wonende te Wateringen, voor hen zelf en als ooms en bloedvoogden van Jannetge Meesen, het nagelaten kind van hun zuster Jannetje Jans (Duijvesteijn) uit haar huwelijk met Mees Gerritss. van der Meer, en tevens uit naam van Gerrit, Arent, Vranck en Engel Jansen (Duijvestein), hun absente broeders, gezamenlijk kinderen en erfgenamen van Jan Gerritss. (moet Hendricksz. zijn!) Duijvestein, in leven wonende te Hondsholredijk, en bekennen aan Gerrit Hendrickse van Breuckhoven op Honsholredijk een huis met erf in de banne van Wateringen waar de koper reeds woont en dat hun vader in zijn leven in eigendom had verkocht te hebben voor f. 250.27. De kinderen Duijvesteijn zijn medeerfgenamen van hun tante Trijntje Vrancken van der Burch nabij Schipluiden (Hodenpijl). De erfgenamen transporteren o.a. op 7 augustus 1685 een perceel land genaamd ‘de noortweij’ in de Wippolder in het ambacht Wateringen, dat voor een klein gedeelte erfpacht van de Prins van Oranje is. Als kinderen en kleinkinderen van Engeltie Vrancken van der Burch, zuster van de erflaatster, worden genoemd: Pieter Janse Duijvestein, Maria Hendricks van Noorde (weduwe en boedelhoudster van Leendert Janse Duijvestein, Gerrit Janse Duijvestein, Arent Janse Duijvestein, voor hen zelf als bij machtiging door Vranck Janse Duijvestein, bij akte gepasseerd te De Lier dd 21 augustus 1681, en Jan Benijer, secretaris van De Lier, als last en procuratie hebbende van Willem Jacobse Leelije, gehuwd met Jannetie Mees, dochter van Jannetie Jans Duijvestein, bij akte van procuratie gepasseerd voor schepenen te Maassluis dd 31 juli 1685. Diverse akten maken nog melding van de erfgenamen van genoemde Trijntje.

Uit dit huwelijk:

1  Pieter Jansz Duijvesteijn, meester bakker te De Lier (1662), setter (1681, 1685), ouderling te De Lier (1682), geboren ca. 1623, overleden > 21 februari 1689. Ondertrouwd op 3 april 1649 te Delft en 4 april 1649 te De Lier en gehuwd op 25 april 1649 te Delft met Maritje Jans, geboren ca. 1623 te De Lier, overleden > 2 april 1662

2  Gerrit Jansz Duijvesteijn, welgeboren man van Delfland (1672), medepachter van de imposter van het turf en de koeien over Maasland (1681), van het zout en de koeien over Vlaardingen (1683), van het gemaal over Maassluis (1684), van de koeien over Delft en Delfland (1698-1700) en van het fruit over Schiedam, geboren ca. 1630, overleden > 7 februari 1721. Ondertrouwd op 30 oktober 1655 te Delft en gehuwd op 7 november 1655 te Maasland met Lijsbeth Cornelis, overleden < 1681. Gehuwd < februari 1681 met Lijsbeth Arents, overleden < 7 februari 1721

Leendert Jansz Duijvesteijn

4  Jannetge Jans Duijvesteijn, overleden < 17 september 1658. Gehuwd ca. 1655 met Mees Gerritsz van der Meer, overleden < 17 september 1658

5  Arent Jansz Duijvesteijn, bouwman te Berkel, geboren ca. 1640, overleden 1685-1697. Gehuwd op 20 januari 1668 RK te Berkel met Sebastiana Roelofs, overleden augustus 1724 te Berkel

6  Vranck Jansz Duijvesteijn, appelkoper te Pijnacker (1680), geboren < 1644, overleden > 12 augustus 1681. Gehuwd op 18 maart 1671 te Hof van Delft en op 5 april 1671 voor het gerecht te Schiedam met Jannetje Vrancken van Rijt, overleden > 22 maart 1680

7  Engel Jansz Duijvesteijn, overleden < 7 augustus 1685


2138  Hendrick Claessen van Noorden

Kinderen:

1  (?) Maria Hendricks van Noorden


2142  Dirck Lenertsz de Zeeuw, bouwman, zoon van Lenert de Zeeuw, geboren ca. 1600 te Nootdorp, begraven (?) 26 november 1655 in de Nieuwe Kerk te Delft (#). Ondertrouwd op 17 januari 1632 te Delft en gehuwd op 1 februari 1632 te Delfgauw met Maertge Lenerts

Ondertrouwd op 15 januari 1622 en gehuwd op 2 februari 1622 te Delft (#) met

2143  Pietertgen Ingen, dochter Inge Jansz en Trijntgen Cornelis, geboren ca. 1595, overleden 1630-1632. Gehuwd met Teijs Arentsz, overleden < 15 januari 1622

Op 4 maart 1634 compareert Dirck Lenertsz de Zeeuw als voogd van Neeltgen Jansdr, weduwe van Claes Lenertsz van Paridon, wonende in het Noordeinde van Delfgauw. Op 7 februari 1641 assisteert Dirck Lenertsz de Zeeu, als oom en voogden van Magdalena Claesdr en Lenert Claesz, als kinderen en erfgenamen van Neeltgen Jansdr, weduwe van Clases Lenertsz, overleden in het Noordeinde van Delfgauw. In 1642-1643 (ongedateerd) assisteert Dirck Lenertsz de Zeeu als voogd zijn buurvrouw Arijaentgen Lenertsdr, weduwe en boedelhoudster van Arent Jacobsz Tou.

Op 10 september 1645 is in het Giftboek van de vrije en onvrije hoflanden vermeld: “Heijndrick Claesz tot Delfgauw als getrouwd hebbende Marijtgen Ingen de Oude, Isaac Pleunen als getrouwd hebbende Jannitgen Ingen, Cornelis Jansz bouwman bij ‘t Wout als getrouwd hebbende Jonge Marijtgen Ingen, Jacob Abrahamsz wonende bij Delfshaven als getrouwd hebbende Trijntgen Fenijse, dochter van Pietertgen Ingen gewonnen bij Fenijs Ariensz, Pieter Arentsz van Burch als getrouwd hebbende Gerritgen Dircxsdr, dochter van Pietertgen Ingen en Willem Jacobsz de Loose vervangende Lenert Jansz van der Wilt als testementaire voogden van de twee nog minderjarige kinderen van Pietertgen Ingen aan haar verwekt bij Dirck Lenertsz de Zeeu, mitsgader nog dezelve Van der Wilt en De Loose als voogden van de twee nog minderjarige kinderen van Jan Ingensz Bruijn overleden tot Zoetermeer, en winnen gift van 2 morgen onvrij hofland gelegen in de hoefslag van de Oude Laen, staande de morgen op 6 ponden schots, nagelaten bij zaliger Inge Jansz.

Uit dit huwelijk:

Gerritje Dircks de Seeuw

2  Lenert Dircksz de Zeeuw, gedoopt 17 augustus 1625 te Delft (get: Maertge Ingen, Nellitge Leenders). Ondertrouwd op 28 april 1646 en gehuwd op 8 mei 1646 te Delft met Neeltge Dircx, geboren te Pijnacker

3  Neeltgen Dircks de Zeeuw, gedoopt 12 februari 1630 te Delft (get: Maertgen Ingers)


2160  Pouwel Jacobsz Verspeck, schout van Ruijven (1657-1662), volger van de Zuidpolder onder Delfgauw (1617), zoon van Jacob Pouwelsz Verspeck (de Loose) en Maritgen Witten, geboren 1580-1581 te Hof van Delft, overleden (?) 1662 te Ruijven

Ondertrouwd op 24 december 1600 en gehuwd op 29 december 1600 te Delft (#) met

2161  Jaepgen Adriaens Overgauw, dochter van Adriaan Harmensz Overgauw en Geertje Jacobs Vrancken, geboren ca. 1580 te Pijnacker, overleden (?) september 1669 te Delfgauw

Pouwel is eigenaar van landen gelegen tussen de stadt Delft ende Crommeheul, met 14 hont.

Uit dit huwelijk:

1  Arijen Pouwelsz Verspeck. Ondertrouwd op 10 oktober 1643 te Delft met Annetgen Cornelis

2  Jannetje Pouwels Verspeck, geboren ca. 1603. Gehuwd met Isbrant Philipsz van der Meer

3  Geertje Pouwels Verspeck, geboren ca. 1605. Gehuwd op 25 februari 1629 in de Nieuwe Kerk te Delft met Jan Dircx van Wilt, geboren te Delfgauw

4  Maritge Pouwels Verspeck, geboren ca. 1609 te Delfgauw, overleden ca. 1680 te De Lier. Gehuwd in mei 1631 te De Lier met Arij Jorisz, bouwman, overleden < 4 februari 1670

Jan Pouwelsz Verspeck

6  Corstiaen Pouwelsz Verspeck, geboren ca. 1612 te Delfgauw, overleden < 4 februari 1670. Gehuwd met Neeltje Jacobs, geboren te Delfgauw. Ondertrouwd op 28 april 1646 te Delft en gehuwd op 13 mei 1646 te Overschie met Maertje Pouwels van Adrichem. Ondertrouwd op 3 oktober 1654 te Delft met Maertgen Isbrants. Ondertrouwd op 28 mei 1661 en gehuwd op 12 juni 1661 te Delft met Maertge Jans

7  Aeltje Pouwels Verspeck, geboren ca. 1615 te Delfgauw. Gehuwd met Corn Ariensz Oltshoorn

8  Claes Pouwelsz Verspeck, gedoopt 28 juni 1617 te Delft (get: Trijntgen Dircixdr). Gehuwd met Aeltjen Jacobs

9  Claesgen Pauwels Verspeck, gedoopt 28 november 1618 te Delft (get: Lijsbeth Bruijne)

10  Jacob Pouwelsz Verspeck, bouwman, schepen van Ruijven, geboren ca. 1620 te Delfgauw, overleden > 1683. Ondertrouwd op 29 april 1645 te Delft en gehuwd op 14 mei 1645 te Pijnacker met Maertgen Abrahams de Bij, overleden 1661-1672. Ondertrouwd op 13 februari 1672 en gehuwd op 28 februari 1672 te Delft met Annitge Jans van der Burch

11  Ariaantje Pouwels Verspeck, geboren ca. 1620 te Delfgauw, overleden < 4 februari 1670. Gehuwd met Dirck Dircxzn de Hoogh. Gehuwd met (?) Sijmon van der Zijl

12  Lijsbeth Pouwels Verspeck, geboren te Delfgauw, gedoopt 13 maart 1622 in de Nieuwe Kerk te Delft (get: Jaepge Ariens, Trijntje Dircxdr), overleden december 1658 te Hof van Delft. Ondertrouwd op 23 september 1645 en gehuwd op 11 oktober 1645 te Delft met Abraham Gerrits Lugtigheijt, bouwman, schepen van Hof van Delft (1664, 1678), geboren te De Lier, begraven 13 september 1681 te Kethel

13  Trijntie Pouwels Verspeck, gedoopt 23 april 1623 te Delft, overleden < 4 februari 1670. Gehuwd op 3 april 1642 te Delft met Jacob Arents Oostermeer, overleden ca. 1690


2162  Pouwel Adriaensz van Dijk van Adrichem, zoon van Adriaen Corsz van Dijck en Hilleken Jacobs, geboren ca. 1568 te ‘t Woudt, begraven 10 november 1630 in de kerk te Naaldwijk

Gehuwd op 7 augustus 1588 te De Lier met

2163  Jannitgen Jans Tou van der Burch, dochter van Jan Arentsz Touw van der Burch en Neeltgen Willems Corssen van der Vliet, geboren ca. 1565 te Naaldwijk, begraven 3 oktober 1638 in de kerk te Naaldwijk

Op 10 februari 1609 maken Pouwel Ariensz van Dijck en Jannitgen Jans van der Burch, echtgenoten, wonende te Naaldwijk, beide gezond, hun testament voor notaris Pieter Sebastiaensz Ketting te Delft in aanwezigheid van Sijmon Ploncquet, zijdelakenkoper, en Willem Joppen van Hartssen, notarisklerk, als getuigen. Op 25 januari 1635 verklaart de weduwe van Pouwels Adriaensz van Dijck aan de baljuw en weesmeester van Naaldwijk een stuk land verkocht te hebben.

Op 25 maart 1641 maakt Adriaen Pouwelsz van Dijck, wonende te Delfgauw aan de Laan, ziekelijk van lichaam, zijn testament. Hij institueert Jan Pouwelsz Touw van Dijck, wonende Vlaardingen, en Jacob Pouwelsz van Dijck, zijn broeders, en Soetgen Pouwels van Dijck, Neeltgen Pouwels van Dijck de oudste, wonende Overmaas, Neeltgen Pouwels van Dijck de jongste, wonende in de Lier, en Maritgen Pouwels van Dijck, zijn zusters, mitsgaders de kinderen van Hilletgen Pouwels van Dijck, zijn overleden zuster en het wettige kind of kinderen van Jan Pouwelsz van Dijck, zijn testateurs oudste broeder, verwerk bij zaliger Grietgen Vrancken. Allen kinderen van zaliger Pouwels Adriaensz van Dijck en Jannitgen Jans Touw. Hij benoemt tot voogden over zijn erfganemen Jan Pouwelsz Touw van Dijck en Jacob Pouwelsz van Dijck, zijn broeders, Jan Vrancken van Velden, Jan en Corstiaen Pouwelsz Verspeeck, zijn zwagers. Gedaan ten huize van de testateur in presentie van Inge Jansz, buurman van de testateur, en Jan Volckersz, borstelman van Berkel, als getuigen.

Uit dit huwelijk:

1  Neeltgen Pouwels van Dijck de oudste

2  Soetgen Pouwels van Dijck. Gehuwd met Cornelis Jorisz van der Meer, gedoopt 26 september 1593 te Naaldwijk

Neeltgen Pouwels van Dijk de Jongere

4  Adriaen Pouwelsz van Dijck, wonende te Delfgauw, overleden > 25 maart 1641

5  Jan Pouwelsz Touw van Dijck, wonende te Vlaardingen. Gehuwd met Grietgen Vrancken, overleden < 25 maart 1641

6  Jacob Pouwelsz van Dijck

7  Hilletgen Pouwels van Dijck, overleden < 25 maart 1641

8  Maertje Pouwels van Adrichem, overleden 1693. Gehuwd op 13 mei 1646 te Overschie met Corstiaen Pouwelsz Verspeck, geboren ca. 1612 te Delfgauw


2164  Olivier Francken Inhoeck, zoon van Franc Oliviers Inhouck en Crijntje Jans, geboren ca. 1580, begraven 13 maart 1644 te Naaldwijk

Gehuwd op 15 februari 1609 te Naaldwijk (#) met

2165  Neeltje Joosten Vercroft, dochter van Joost Jacobsz Vercroft en Geertje Dirks, geboren ca. 1590, begraven 1 april 1639 te Naaldwijk

Op 24 november 1613 kopen Olivier en zijn zwager Jonge Jan Jansz Foreest, wonende binnen Naaldwijk, van Joost Jacobsz Vercrocht, hun schoonvader, circa achtalff morgen leenland in Honselersdijk. Op 15 juli 1617 is Olivier Francken schuldig aan Jonge Jansz van Foreest, wonende op de Geest in het baljuwschap Naaldwijk, 1200 Carolus gulden wegens de koop van een vierdalff morgen cloosterland gelegen to Naaldwijk, 600 gulden contact en 100 gulden per jaar per jaar. Olivier verkoopt op dezelfde datum aan Govert Jansz van der Tacq to Naaldwijk de helft van een vierdalff morgen gekomen van Jeronimus to Delft, gelegen bij de watermolen. Govert is Olivier 600 carolus gulden schuldig. Op 13 april 1621 verkoopt Maritge Daniels, weduwe van Govert Jansz van der Tacq, mede namens haar dochtertie Geertje Goverts aan Olivier Vrancken het voornoemde perceel voor 900 carolus gulden.

Olivier Vranckensz verwerft op 13 juni 1624 een leen van 4 hond land op de Opstai van de woning van den Poet, an overdracht door Joost Jacobsz to Naaldwijk. Op 25 mei 1631 verkopen Olivier Vrancken Inhouck, als man en voogd van Neeltge Joosten, en Jan Jansz Foreest, weduwenaar van Maritge Joosten, aan Leendert Huijgen van der Elst een huis en erf to Naaldwijk, haar aan gekomen door de dood van Joost Jacobsz Vercrocht en Geertge Dircxdr.

Op 29 september 1638 verkoopt Cornelis Maertensz, schipper op de Lee, aan Olivier Vrancken Inhouck to Naaldwijk, Maerten Arentsz Lagertvelt to De Lier, en Adriaen Cornelisz van de Burch in Vlaardingerambacht, een huis en erf op de Lee voor f 140, schuit voor f 150 en nog een aantal roerende goederen, alles voor f 800. Er is betaald met een obligatie van f 500 voor de kinderen van zaliger Arent Jansz in De Lier en een obligatie van f 300 voor de kerk van De Lier. Op 9 mei 1639 verkopen Olivier Vrancken Inhouck en Maerten Arentsz Lagervelt, mede namens Adriaen Cornelisz van der Burch en Cornelis Maertensz, schipper op de Lee, aan Jan Korstiaen een huis en erf op de Lee en een marktschuit, een oude zandschuit en een klein schuitje, alsmede nering op voorwaarde dat Cornelis Maertensz dit bedrijf niet meer mag uitoefenen op de (Wester)Lee. Op 26 januari 1641 verkoopt Cornelis Maertensz, gewezen schipper op de Lee, mede namens Olivier Vrancken Inhouck en Adriaen Cornelisz van der Burch, aan Maerten Arentsz Lagervelt het ¾ deel van een kustingsbrief van f 1000 waarvan Lagervelt het resterende ¼ deel bezit voor f 450.

Op 30 juni 1640 verkoopt Olijvier Vrancken Inhouck to Naaldwijk aan Harman van Middelkoop in ‘s Gravenhage, voor 2900 carolus gulden 6 morgen 340 roeden geestelick landt gelegen in Santambacht in de Wippolder. Belendend ten oosten Jan Foreest, Vranck Olijviers, de heer van Goudriaan en Harman van Middelkoop, ten zuiden Cornelis Florisz Waelboer, ten westen Cornelis Sijversz van Santvliet, Dirck Augustijn, Louris Arvens en Joris Claesz Verlaen, en ten noorden de voornoemde Joris Claesz Verlaen. Op 7 februari 1641 is Olivier Vrancken Inhouck aan Jan Mesen schuldig 460 carolus gulden wegens de koop van een huis in de Zuidbuurt waarbij 110 gulden contant en voor de rest 20 gulden ‘s jaars. Belend ten oosten Maritgen Jansdr weduwe van Henrick Barent duinmeier, ten zuiden Arent Jorissen van Vliedt, ten noorden Annigje Cornelisdr laatst weduwe Adriaen Engelen, ten westen ‘s Herenstraat. Op 11 januari 1643 verkoopt Olivier Vrancken Inhouck aan Heijle Dirksdr weduwe van Jacob Jansz Goemans, wonend to ‘s Gravenhage, 3 morgen 4 hond en 50 roe teelland to Naaldwijk voor 3562 gulden.

Op 21 juni 1644 verkopen Vranck Oliviersz Inhouck, Joost Oliviersz Inhouck en Gerrit Cornelisz Valck, als man en voogd van Crijntje Oliviers Inhouck, kinderen en erfgenamen van Olivier Vrancken Inhouck, allen wonend to Naaldwijk, aan de testamentaire voogden van de kinderen van Cornelis Rosa, in leven secretaris van het Hof van Holland, 2 morgen land in Naaldwijk, alsmede 10 hond 63 roe aldaar voor 3486 gulden 3 stuivers 9 penningen. Op 20 juni 1663 verkopen Vranck Oliviersz Inhouck en Gerrit Cornelisz Valck, als getrouwd hebbende Crijntje Oliviers, mede namens Joost Oliviersz Inhouck, haar zwager en broeder, samen kinderen en erfgenamen van saliger Olivier Vrancken Inhoucken, voor f 200 een huis to Naaldwijk in de Zuidbuurt, aan Cornelis Jorissen van der Marck, wonende to Naaldwijk.

Uit dit huwelijk:

1  Franck Oliviers Inhouck, gedoopt 27 juni 1610 te Naaldwijk, begraven 2 juli 1610 te Naaldwijk

2  NN en NN Oliviers Inhouck, begraven 10 mei 1611 te Naaldwijk

Vranck Oliviers Inhouck

4  Joost Oliviersz Vercroft, suikerbakker te Leiden, overleden > 6 september 1663. Ondertrouwd op 16 april 1644 te Leiden met Trijntge Jans van Santen, gedoopt (?) 6 januari 1619 te Pijnacker, overleden > 6 september 1663

5  Cornelis Oliviersz Inhouck, begraven (?) 14 oktober 1615 te Naaldwijk

6  Jan Oliviersz Inhouck, gedoopt 31 januari 1618 te Naaldwijk, begraven 15 februari 1618 te Naaldwijk

7  Crijntje Oliviers Inhouck. Gehuwd in 1642 met Gerrit Cornelisz Valck, gedoopt 8 september 1613 te Naaldwijk, overleden > 16 mei 1677


2166  Maerten Maertensz Sprockenburg, boer, zoon van Maerten Jacobs en Crijntje Ariens, begraven 24 januari 1654 te Naaldwijk

Gehuwd met

2167  Maritge Pieters, geboren te Hoogmade, begraven 25 oktober 1638 te Naaldwijk. Gehuwd met Gerrit Cornelis van ‘s Graafweg

Uit dit huwelijk:

Lijsbeth Maartens Sprockenburg


2168  Gerrit Leendertsz Noordermeer, alias Gerrit Borst of Gerrit Leenborst, zoon van Leendert Jacobsz Noordermeer en Maritgen Willems, geboren ca. 1580 te Stompwijk, overleden > 5 maart 1650

Gehuwd op 20 februari 1611 te Wilsveen (#) met

2169  Maritgen Cornelis, dochter van Cornelis Lenaertsz Keijseroom en Neeltgen Jans, geboren ca. 1590 te Wilsveen

Ze woonden te Stompwijk Ommedijk, langs het Zoetemeersemeer, en te Wilsveen.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Gerritsz Noordermeer, gedoopt 27 november 1611 te Stompwijk (get: Leendert Cornelisz, Lijsbeth Leenderts), overleden 1611-1620

Jacob Gerritsz Noordermeer

3  Immetgen Gerrits Noordermeer, geboren te Wilsveen, gedoopt 26 juni 1616 te Leidschendam (get: Dirk Gerritsz, Trijntge Gerrits, Maritge Lenaerts), begraven 10 februari 1683 te Leidschendam

4  Cornelis Gerritsz Noordermeer, geboren te Wilsveen, gedoopt 12 juli 1620 te Leidschendam (get: Aeltgen Cornelis, Jacob Cornelisz). Gehuwd ca. 1637 te Oostvoorne met Philgsge Cornelis, geboren te Oostvoorne

5  Neeltgen Gerrits Noordermeer, gedoopt 1 januari 1623 te Wilsveen (get: Cornelis Leendertsz, Grietgen Baerthouts)

6  Leuntgen Gerrits Noordermeer, gedoopt 15 december 1624 te Leidschendam (get: Pieter Leendertsz, Elizabeth Leendertsdr, Marijtgen Leendertsdr)

7  Dirk Gerritsz Noordermeer, musquetier te Valkenburg (1653), bouwman aan de Buitenwatersloot te Delft (1668), gedoopt 8 november 1626 te Wilsveen (get: Jacob Ingensz, Jan Dircksz, Marijtje Jans), begraven 28 oktober 1671 in de Oude Kerk te Delft. Gehuwd op 25 november 1640 voor het gerecht te Leiden met Jannetje Jans van Elsthuijs. Ondertrouwd op 3 november 1668 en gehuwd op 18 november 1668 te Delft met Aechge Claes

8  Pieter Gerritsz Noordermeer, gedoopt mei 1629 te Wilsveen (get: Elizabeth Leenders, Jan Jansz), begraven 25 september 1698 te Leidschendam

9  Maertge Gerrits Noordermeer, begraven 10 oktober 1675 in de Oude Kerk te Delft. Gehuwd met Corstiaen Dircksz van Schie. Gehuwd op 8 februari 1653 te Delft met Pauwels Cornelisz van Steenvoorde. Ondertrouwd op 19 november 1667 te Delft en gehuwd op 4 december 1667 te Hof van Delft met Jan van Dalen

10  Catharina Gerrits Noordermeer

11  Aefge Gerrits Noordermeer

12  Jan Gerritsz Noordermeer


2216  Charles Viller, geboren ca. 1610, overleden 1645-1650

Gehuwd op 21 januari 1636 in de Waalse Kerk te Utrecht (#) met

2217  Marie Pipelet, dochter van Jean Pipelet, geboren ca. 1615, overleden > 12 juli 1666. Ondertrouwd op 28 juli 1650 en gehuwd op 11 augustus 1650 te Utrecht met Anthoni Liveau

Uit dit huwelijk:

1  Jacques Viller, gedoopt 25 september 1636 in de Waalse Kerk te Utrecht (get: Jean Hemart, Anne Cornelis)

Carel Carelse

3  Ester Viller, gedoopt 26 april 1641 in de Waalse Kerk te Utrecht, begraven 17 mei 1641 te Utrecht

4  NN Viller, begraven 9 oktober 1643 in de Jacobikerk te Utrecht

5  Isaac Viller, gedoopt 12 februari 1645 in de Waalse Kerk te Utrecht (get: Antoinette Pipelet)


2218  Aelbert Ernst

Kinderen:

Claertjen Aelberts

2  Aeltgen Aelberts, gedoopt 8 oktober 1646 Evangelisch-Lutersch te Utrecht

3  Adrian Aelbertsz, gedoopt 14 oktober 1649 Evangelisch-Lutersch te Utrecht

4  Lodewick Aelbertsz, gedoopt 24 juli 1645 Evangelisch-Lutersch te Utrecht

5  Paulus Aelbertsz, gedoopt 25 januari 1655 Evangelisch-Lutersch te Utrecht


2228  Jan Andriesz van Loenen, lakenkoper te Utrecht, geboren ca. 1580, begraven 29 april 1661 op het Nicolaikerkhof te Utrecht (#)

Ondertrouwd op 23 maart 1606 te Utrecht (#) en gehuwd te Zuilen met

2229  Willemgen Gerrits de Hooch, dochter van (?) Gerrit die Hooch en Agnes Zegers, geboren ca. 1585 te Tiel, begraven 22 september 1656 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Op 29 september 1632 ontvangt Jan Andriesz van Loenen, laeckencoper te Utrecht, van Lambrecht de Hooch, oudste zoon van Jan de Hooch te Amersfoort, een legaat van f 100-0-0 gemaakt door zijn tante, Jannichgen de Hooch, betaalbaar na overlijden van haar weduwenaar Baltus Jansz Cock te Bommel, die lijftocht heeft. Akte voor schepenen van Bommel en voor schepenen van Deil.

Op 8 maart 1636 kopen Jan Andriesz van Loenen, Jacques van Oenama, Johannes van Crack en Gerrit van Sickinga, van de kinderen en mede-erfgenamen van Henrick van Medenblick en mede voor de helft erfgenamen van Cornelia van Medenblick in leven gehuwd met Johan van Cootwijck, de resterende gedeelten, actien, rechten en gerechtigheden in hun 1/5 portie in de venen en gronden, gelegen in Heerenveen in Friesland, in de gieterij van Schoterland en in Opsterland, niet inbegrepen de vulling die verkopers reeds hadden verkocht aan IJsbrant Kempis. In de marge een verklaring van dd 11 maart 1636: Jan Andriesz van Loenen heeft de akte van koop en verkoop gehaald van notaris Gerrit van Waeij om deze te tonen in Friesland en aldaar goedkeuring te krijgen met belofte de akte terug te geven bij de eerstvolgende gelegenheid en de notaris te vrijwaren voor eventuele schade. Op 5 juli 1636 tekent Nicolaes van Crimpen, wonende te Rotterdam, een kwitantie voor de ontvangst van f 85-0-0 van Jan Andriesz van Loenen, mede ten behoeve van zijn broers en zusters, zijnde een deel van de koopsom van venen en gronden, gelegen te Heerenveen in Friesland.

Op 11 maart 1637 sluit Jan Andriesz van Loenen een akkoord met zijn kinderen Gerrit van Loenen, Jan van Loenen, Thomas van Loenen, Roeloff van Loenen, Andries van Loenen, Nellichgen van Loenen en Catharina van Loenen, over voldoening van de erfenis van Jannichgen van Gooch, in leven gehuwd met Baltus Jansz Cock, tante van de kinderen die voor 8/11 deel haar mede-erfgenamen zijn. Ieder kind ontvangt f 150-0-0. Nellichgen van Loenen heeft de akte niet ondertekend. In de marge: kwitantie dd 5-10-1641 voor ontvangst van f 150-0-0 door Thomas Jansz van Loenen en Jan Coenraets van Oosterhout. In de marge: kwitantie dd 4-4-1647 voor ontvangst van f 150-0-0 door Andries van Loenen. In de marge: dd 2-5-1649 voor ontvangst van f 150-0-0 door Roeloff van Loenen.

Op 30 november 1638 tekent Antonis Roeloffsz, gehuwd met Niesken Zegers de Hooch, wonende te Druten in Maes ende Waell, een kwitantie voor ontvangst van f 350-0-0, haar toegekomen bij scheiding van de boedel van Gerrit de Hooch, haar broer, door Jan Andriesz van Loenen, oom en gewezen voogd van comparante. De akte is tevens ontslag uit voogdijschap.

Op 20 mei 1656 verkrijgt Jan Andriesz van Loenen 3½ morgen weiland in Tricht in de Nieuwe hoeve. Op 22 juni 1661 gaat het over aan Andries van Loenen bij dode van Jan, zijn vader, na uitkoop van zijn broers en zusters.

Uit dit huwelijk:

1  Gerrit van Loenen, begraven 11 januari 1664 te Utrecht

Jan Jansz van Loenen

3  Catharina van Loenen, geboren ca. 1615, begraven 9 september 1678 in de Nicolaikerk te Utrecht. Gehuwd op 18 augustus 1639 in de Geertekerk te Utrechtmet Johan van Oosterhout, overleden > 2 april 1667

4  Andries van Loenen, commisaris ter Recherce van Convoijen en Licenten te ‘s Hertogenbosch (1667), geboren ca. 1620 te Utrecht, begraven 19 september 1681 te ‘s Hertogenbosch. Gehuwd op 16 mei 1647 te ‘s Hertogenbosch met Margriet de Ruijter, geboren te Heusden, begraven 24 augustus 1676 te ‘s Hertogenbosch

5  Thomas Jansz van Loenen, luitenant, geboren ca. 1625, overleden > 2 april 1667. Gehuwd op 28 mei 1651 te Groningen met Abele van Starckenborg

6  Roeloff van Loenen, geboren ca. 1625, begraven 8 oktober 1660 te Utrecht. Gehuwd op 8 april 1649 in de Buurkerk te Utrecht met Rebecca van Oosterhout, gedoopt 7 januari 1627 te Utrecht, begraven 26 augustus 1679 te Utrecht

7  Nellichgen van Loenen


2230  Henricus Billichius, gereformeerd predikant te Schoonrewoerd en Malsen en Buurmalsen (1607-1619), samen met Johannes Kuchlinus auteur van “De Salvandis et fide” (1599) en “De vera ecclesia et illivs notis” (1600), zoon van Adam Hendricksz Billichius, geboren ca. 1580

Kinderen:

1  Edmondus Billichius, geboren ca. 1605 te Buurmalsen, gereformeerd predikant te Poederoijen en Aalst (1624), predikant van Aalst (1630-1640), laat als student zijn wapen opnemen in het wapenboek der studenten aan de Universiteit van Leiden (zie foto links), overleden 1675

2  Hendrick van Billich, chirurgijn, lakenkoopman, geboren ca. 1608 te Buurmalsen, overleden < 1656. Ondertrouwd op 27 mei 1629 en gehuwd op 9 juni 1629 te Zaltbommel met Neeske Jans van der Meulen, overleden > 1657

Sijchgen Hendricks van Billich


2232  Dirck van Eijck

Kinderen:

1  Jan Dircxsz van Eijck, begraven 30 maart 1624 te Utrecht

2  Neeltje Dircks van Eijck, begraven 28 februari 1633 te Utrecht

3  Marcus Dircksz van Eijck. Gehuwd op 13 februari 1608 voor het gerecht te Utrecht met Anna Jan Egbertsz

4  Thonis Dircksz van Eijck, begraven 26 maart 1625 te Utrecht. Gehuwd op 25 april 1612 voor het gerecht te Utrecht met Neeltgen Wouter Dircksz van Pijlsweert, begraven 21 september 1657 te Utrecht

Adriaen Dircxsz van Eijck

6  Cornelis Dirxsz van Eijck, begraven 30 april 1649 te Utrecht. Gehuwd met Gerrigje Henricks, begraven 29 augustus 1636 te Utrecht


2234  Cornelis Jansz van Schuijlenborch, zoon van Jan van Schuijlenborch, begraven 19 februari 1627 in de Jacobikerk te Utrecht (#)

Gehuwd met

2235  Christina Peters, begraven (?) 3 oktober 1636 te Utrecht (#)

Op 11 januari 1636 ontvangt Cristina Peters, weduwe van Cornelis Jansz van Schuijlenborch, van haar zoon Peter Cornelisz van Schuijlenborch, buijten Wittevrouwen, een wagen en drie parden vanwege een schuld van f 100-0-0, waarvan f 50-0-0 inzake betaling door zijn moeder van een paard, gekocht van Jan Thonisz op de Varkenmarkt en f 50-0-0 wegens lening, met de belofte dat Henrick Peters van Schuijlenborch, zoon van comparant, na overlijden van comparant, wagen en paarden van Cristina Peters krijgt, mits hij de f 100-0-0 zal betalen.

Uit dit huwelijk:

1  Jan Cornelisz van Schuijlenburch, begraven 5 mei 1628 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 17 mei 1607 en gehuwd op 11 juni 1607 in de Domkerk te Utrecht met Grietgen Joostens van der Well, begraven 8 november 1630 te Utrecht

2  Peter Cornelisz van Schuijlenborch, begraven 29 februari 1636 te Utrecht. Ondertrouwd op 13 oktober 1611 en gehuwd op 22 oktober 1611 in de Geertekerk te Utrecht met Neeltgen Hendricx

Meijnsgen Cornelis Schuijlenborch

4  Jacob Cornelisz van Schuijlenborch, begraven 29 december 1628 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 28 oktober 1621 en gehuwd op 13 november 1621 in de Geertekerk te Utrecht met Geurtgen Hendricx van Swoll

5  Lucia Cornelis van Schuijlenborch, overleden > 24 april 1650. Ondertrouwd op 14 oktober 1621 en gehuwd op 23 oktober 1621 te Utrecht met Sweer Dirxss van Calcker, overleden 1636-1650

6  Jannichgen Cornelis van Schuijlenborch, overleden > 18 augustus 1653. Gehuwd < 3 februari 1622 met Adriaen Francken. Ondertrouwd op 31 mei 1629 en gehuwd op 17 juni 1629 in de Jacobikerk te Utrecht met Peter Jacobss van Schaijck, begraven 5 oktober 1635 te Utrecht

7  Maria Cornelis van Schuijlenborch, begraven 16 december 1650 te Utrecht. Gehuwd met Aert Jacobsz van Lamuijen, koekenbakker, overleden > 17 augustus 1653


2238  Willem Clock

Gehuwd met

2239  Beligje NN

Uit dit huwelijk:

1  Joachim Willemsz Clock, bakker, begraven 18 januari 1641 te Utrecht. Ondertrouwd op 1 oktober 1600 en gehuwd op 28 oktober 1600 te Utrecht met Anna van Muijden

2  Magdaleentje Willems Clock. Ondertrouwd op 9 oktober 1608 en gehuwd op 16 oktober 1608 in de Buurkerk te Utrecht met Jan Gerritsz Wacker

Lijsbeth Willems Clock

4  Elsgen Willems Clock. Ondertrouwd op 19 mei 1622 en gehuwd op 28 mei 1622 in de Geertekerk te Utrecht met Henrick van Cronenburch

5  Merrichien Willems Clock, begraven 29 mei 1630 te Utrecht. Ondertrouwd op 17 juli 1628 te Amsterdam en gehuwd op 22 juli 1628 te Utrecht met Coenraedt Geubelszen van Nuis, geboren te Amsterdam


2304  Martinus Arnoldus Beersmans, landbouwer, zoon van Arnoldus Beersmans en Maijcken Bruijlmans, geboren ca. 1590, begraven december 1648 te Vessem (#)

Gehuwd met

2305  Maria Leonardus

Marten verkrijgt in 1624 twee achtsten van een perceel ‘Op de Halve Mijl’ te Vessem, uit de erfenis van Aert Peter Beersmans.

Op 4 februari 1645 wordt Merten Aert Bersmans als momboir ende Mathijs Nicolaus Thijssen als toesienders metten heeren gestelt over de onmundegge kijnde wijlen Jan Peter Bersmans bij name Maijcken verweckt bij saliger Maijcken sijne gewesene huijsvrouw.

In 1649 is vermeld de weduwe Merten Aerts bezit een woenshuijsken met 8 lopensaet lant ende smelen. Volgens het Maatboeck van Antonius Wouters, aangelegd als copie van de landmaeten en sedtboeck van Dirck Thomas van 1651, bezat Marten Aerts de acker en dries groot tsamen 5 lopensaet 4 roeden, de acker mettet padt groot 1 lopensaet 18 roeden, de Witrijt groot 2 lopensaet 18 roeden.

Uit dit huwelijk:

1  Arnoldus Martinus Beersmans. Gehuwd met Joanna Egidius

2  Leonardus Martinus, overleden > 1657. Gehuwd met Jenneke NN

Dirck Marten Arnoldus Beersman

4  Maria Martinus, overleden > 1669

5  Joannes Martinus

6  Elisabetha Martinus, overleden > 8 juni 1673

7  Petronilla Beersmans, gedoopt 26 april 1624 RK te Vessem (get: Anna Arnoldus, Joannes Gabriel). Gehuwd met Henricus Cornelius

8  Egidius (Dielis) Martinus, gedoopt 14 juni 1627 RK te Vessem (get: Joannes Joannis, Maria Jacobi), overleden > 1710. Gehuwd met Maria Arnoldus


2306  Egidius Nicolaus, begraven 7 juni 1652 RK te Vessem (#)

Gehuwd met

2307  Helvigis NN

Uit dit huwelijk:

Engelberta Egidius Nicolai

2  Maria Egidius Nicolaus

3  Catharina Egidius

4  Judocus Egidius

5  Cecilia Egidius Nicolai, gedoopt 24 juli 1629 RK te Vessem (get: Helvigis Wilhelmus, Laurentius Valerius), begraven 4 april 1633 RK te Vessem


2328  Henricus Jansz van Deursen, geboren ca. 1590, begraven (?) 13 februari 1673 of 26 december 1673 te Erp

Gehuwd met

2329  NN Fransen, dochter van Frans Petersz en Lijntken Peter Wouters

Momboirboek ‘s Hertogenbosch 3 september 1637: Peter Jan Bruer Visschers, op de Beexsche donck, neef paternel en Jan Lamberts, neef van moederszijde, zijn momboirs over Henricxken, onmondige dochter van wijlen Frans Peters bij Lijntken zijn huisvrouw, dochter van wijlen Peter Wouters. Haar ouders zijn voor dertien jaar overleden. Henricxken woont bij haar oom Eckart Henricx, metser te ‘s Hertogenbosch, in huwelijk hebbende Marike dochter van Peter Wouters, zuster van de moeder. Een zuster van Henricxken is getrouwd met Henrick Jans van Deursen, te Erp. Jan Lamberts is overleden en vervangen door Matthijs Jansz.

Uit dit huwelijk:

Henricus Henricksz van Deurssen

2  Johannes Henrici van Deursen, begraven 14 januari 1691 te Lieshout. Gehuwd met Maria NN, begraven 18 september 1695 te Erp

3  (?) Gerarda Henrici van Deursen, begraven 1 december 1674 te Erp

4  (?) Gerritjen Hendricks van Deursen, begraven 6 januari 1697 te Erp

5  (?) Elisabeth Hendrix van Deursen, begraven 31 januari 1703 te Erp

6  Catharina Hendricks van Deursen, begraven 4 juni 1705 te Helmond


2332  Joannis Simonis Smidt, geboren ca. 1595. Gehuwd op 29 juni 1639 RK te Boekel met Joanna Antonij

Gehuwd met

2333  Maria NN, overleden 1634-1639

Uit dit huwelijk:

1  Agnes Joannis Simonis, geboren ca. 1625. Gehuwd op 16 januari 1650 RK te Gemert met Henricus Joannis Arnoldi, geboren te Boekel. Gehuwd op 10 januari 1659 RK te Boekel met Anthonius Gijsbertus van Erp

Simon Jansz de Smit

Aleida Jan Simons, gedoopt 24 september 1630 RK te Boekel (get: Laurentius Gerardi, Aleidis)

4  Maria Jan Simons, gedoopt 6 april 1634 RK te Boekel (get: Joannes Anthonij, Nicolaa)


2344  Stephanus op der Maesen (Aquarius), notaris en bestuurder van diverse instanties, molenaar op de Cnopsmolen te Neer (de huidige Friedessemolen, zie foto links), geboren ca. 1590, overleden 1661 te Neer

Gehuwd ca. 1620 met

2345  Theodora Cnops, dochter van Derick Knoups, begraven < 16 juli 1674 te Buggenum

In het thientboeck van het Land van Kessel is opgenomen ‘Meester Stephanus Aquarius opgen Maes tot Neer, heeft anno 1640 den 2 julij aengegraven 1 morgen 25 roijen gelegen beneven Derick op de Schans twee morgen die hij bij die schans heeft: gilt jaerlicx tot thiens, 1 stuiver 1 heller’. Stephanus en Theodora schenken in 1636 een processiekruis aan de parochiekerk van Neer. Op de achterzijde van het kruis staat een inscriptie: “A.D.O.M. Gloriam magister Stephanus Aquarius et Theodora Knoeps tot Knoeps. Coniuges anno 1636”

Op 1660-1662 dateren stukken betreffende een proces voor de hoofdbank van Haelen door Steven Aquarius contra Gertrudt, echtgenote van Peter van Swaemen, verweerster. Op 20 augustus 1676 wordt door hun kinderen, de akte van deling van de nalatenschap van Mr. Steven Aquarius en zijn echtgenote Dirixken Knoeps.

Uit dit huwelijk:

1  Gerard Aquarius, pastoor van Buggenum (1653-1698), overleden 1 maart 1698 te Buggenum

2  Theodorus Aquarius, schatheffer te Swalmen (1653, 1655), overleden 21 januari 1679 te Asselt. Gehuwd op 3 april 1652 te Asselt met Agnes aen de Beeck, gedoopt 19 juni 1629 te Asselt, overleden 24 februari 1675 te Asselt

Stephanus Aquarius

4  Maria Aquarius, begraven 26 mei 1721 te Buggenum. Gehuwd op 4 juli 1656 te Buggenum met Mattheus Wagemans, begraven < 18 juli 1674 te Buggenum


2376  Godefridus Hoeben, zoon van Mathias Houben en Helwigis van Hout, gedoopt 20 november 1615 RK Lambertus te Nederweert (get: Matthias Simons, Catrijn Buijssen) (#), overleden > 28 juli 1665

Gehuwd op 31 januari 1638 RK Lambertus te Nederweert (get: Petrus Cnoops, Petrus Teuwis) (#) met

2377  Elisabeth Driemans, dochter van Joannes Driemans, geboren ca. 1615

Uit dit huwelijk:

1  Nicasius Houben , gedoopt 20 mei 1640 RK Lambertus te Nederweert (get: Joannes Kempers, Catharina Kempers)

Matthias Hoeben

3  Geertrudis Houben, gedoopt 16 september 1646 RK Lambertus te Nederweert (get: Mathias Vaes, Mathia Lammers)

4  Maria Houben, gedoopt 15 december 1648 RK Lambertus te Nederweert (get: Gheen Houben, Griet Driemans)


2378  Wijnandus Jegers, soldaat (1640), geboren ca. 1615, overleden > 1677

Gehuwd met

2379  Barbara Steijnvelt

Winandus Jegers is genoemd in de lijst van gevormden te Nederweert (1677).

Uit dit huwelijk:

1  Cornelius Jegers, begraven < 21 februari 1725 te Weert

2  Maria Jegers, gedoopt 26 augustus 1640 RK Nicolaas te Valkenburg (get: Joost van Essen, Barbara Michter)

3  Gertrudis Jegers. Gehuwd op 31 augustus 1659 RK Lambertus te Nederweert (get: Laurentius Vaes, Cornelius Jegers) met Jacobus Nouwen

Anna Jegers


2380  Matthias Coolen

Gehuwd met

2381  Elisabeth NN

Uit dit huwelijk:

1  Rutgerus Coolen, gedoopt 10 augustus 1622 te Nederweert (get: Hermannus, Geertrudis ..ijs). Gehuwd op 4 maart 1647 te Nederweert (get: Philippus Vullers, Matheus Custers) met Margareta Thijs

2  Maria Coolen. Ondertrouwd op 24 juni 1649 en gehuwd op 17 augustus 1649 te Nederweert (get: Ruth Colen, Jan op den Brant) met Matthias Bonten

Joannes Coolen


2382  Henricus van Hout, geboren ca. 1600, begraven 13 november 1676 te Nederweert (#)

Gehuwd ca. 1620 met

2383  Catharina NN

Uit dit huwelijk:

1  Dingna op Hout, gedoopt 13 mei 1621 te Nederweert (get: Maria Moeren). Gehuwd op 25 november 1643 te Nederweert (get: Theodorus Thijs, Guilielmus Creijelmans) met Anthonius Tijs, gedoopt 12 april 1620 te Nederweert

2  Catharina van Hout, gedoopt 18 februari 1624 te Nederweert (get: Trijn Verborch, Tijs Kreijelmans)

3  Gertrudis van Houdt, gedoopt 17 juni 1635 te Nederweert (get: Cornelius Nouwen, Maria Crijmans)

4  Maria van Hout, gedoopt 18 december 1638 te Nederweert (get: Elisabeth Melis, Joannes Waergerens). Gehuwd op 13 juli 1662 te Nederweert (get: Joannes Mooren, Joannes Colen) met Matthias Custers, gedoopt 14 januari 1626 te Nederweert, begraven 8 april 1691 te Nederweert

Catharina op het Houdt


2390  Theodorus Breuckers

Gehuwd met

2391  Digna NN

Uit dit huwelijk:

1  Reinerus Brueckers. Gehuwd met Matthia NN

2  Theodorus Breuckers, begraven < 13 juli 1716 te Weert. Gehuwd met Joanna Wouters

Ida Breuckers

4  Jacoba Broeckers, gedoopt 13 december 1639 te Weert (get: Catharina Scheper, Jacobus van der Brugge), overleden 1685-1698. Gehuwd op 28 februari 1661 te Weert (get: Maria Straetmans, Matthias Straetmans) met Theodorus Verstappen, gedoopt 27 juni 1638 te Nederweert, begraven < 19 februari 1714 te Grathem

5  Gertrudis Broeckers, gedoopt 27 oktober 1642 te Weert (get: Henricus Petri, Margareta de Cappelle), begraven < 17 juli 1721 te Weert. Gehuwd op 25 februari 1666 te Weert (get: Joanna Smulnaers, Joannes Knops) met Theodorus Smulnaers


2394  Ruth Bongaerts, zoon van (?) Henricus Bongaerts en Joanna NN, geboren ca. 1605, begraven > 10 april 1663 te Nederweert

Gehuwd met

2395  Gertrudis NN

Uit dit huwelijk:

1  Maria Bongarts, gedoopt 30 maart 1632 te Nederweert (get: Thomas Wetemans, Geert Kiggen), begraven 30 november 1688 te Nederweert. Gehuwd op 8 februari 1657 te Nederweert (get: Winandus Verborgh, Petrus Bongaerts) met Joannes Verborgh, begraven 17 mei 1703 te Nederweert

2  Joanna Bongaerts, gedoopt 8 november 1633 te Nederweert (get: Joannes Hensen, Anna Gielis)

3  Antonius Bongaerts, gedoopt 10 december 1634 te Nederweert (get: Dimphna Bongaerts, Godefridus Bongaers). Gehuwd op 29 februari 1656 te Nederweert (get: Petrus Bongaerts, Henricus Schoormans) met Mathia Schoormans, begraven 29 november 1675 te Nederweert

4  Petrus Bongaerts, gedoopt 14 juni 1638 te Nederweert (get: Mathia Rijckers, Joannes Henskens), begraven 28 oktober 1694 te Roggel. Gehuwd op 10 februari 1660 te Grathem (get: Godefridus Leijsens, Jacobus Leijters) met Theodora onder dij Wijen

5  Leonardus Bongaerts, gedoopt 17 april 1639 te Nederweert (get: Hendrick Sillen, Neliske Bouten), begraven 25 februari 1708 te Nederweert. Gehuwd op 7 februari 1665 te Nederweert (get: Joannes Vereijcken, Joannes Bongaerts) met Gudula Vereijcken, gedoopt 17 januari 1639 te Nederweert, begraven 19 oktober 1694 te Nederweert

Joanna Bongerts

7  Joannes Bongarts, gedoopt 30 november 1642 te Nederweert (get: Heijlken Fijen, Joannes Doemen)

8  Helena Bongaerts, gedoopt 19 augustus 1646 te Nederweert (get: Arnoldus Koppers, Elisabeth Gielis), begraven < 11 september 1728 te Weert. Gehuwd op 17 februari 1671 te Nederweert (get: Henricus Reijnders, Joannes Bongers) met Renerus Frencken

9  Joannes Bongaerts, gedoopt 27 augustus 1651 te Nederweert (get: Lucia Pauwels, Petrus van Hulsen)


2416  Abel Vermeulen

Ondertrouwd op 29 januari 1651 en gehuwd op 11 februari 1651 RK Martinus te Weert (get: Wilhelma Serouwen, Joannes Rouen, Godefridus Driessen, Michael Caris) (#) met

2417  Maria Serouwen

Uit dit huwelijk:

1  Joanna Vermeulen, gedoopt 2 april 1654 te Weert (get: Aegidius Vluts, Wendelia Fabens, Theodorus Roijen)

2  Henricus Vermeulen, gedoopt 4 juni 1656 te Weert (get: Cristiana Weelen, Gerardus van Halen)

3  Leonardus Vermeulen, gedoopt 20 november 1658 te Weert (get: Theodorus Rouwen, Wilhelma)

4  Petrus Vermeulen, gedoopt 13 juni 1661 te Weert (get: Joannes Smulenaers, Maria Heijmaeckers)

Hendricus Vermeulen

6  Wilhelmus Vermolen, gedoopt 13 mei 1665 te Heijthuijsen (get: Coo Prechters, Gebel Koelen), begraven 13 november 1743 te Haelen. Gehuwd op 5 oktober 1699 te Horn (get: Theodora Dullens, Hubertus Deletaij) met Theodora Dullens


2500  Pieter NN

Gehuwd met

2501  Marij Cornelis, overleden > 20 oktober 1675

Uit dit huwelijk:

1  Aris Pietersz

2  Dirck Pietersz

3  Gerrit Pietersz

Cornelis Pietersz


2504  Jan Claesz Spruite

Kinderen:

1  Guurtje Jans Spruijt, overleden mei 1702 (impost 2 mei 1702 te Assendelft). Gehuwd met (?) Klaas Dirksz

2  Maartje Jans Spruijt. Ondertrouwd op 12 april 1676 en gehuwd op 26 april 1676 voor het gerecht en RK te Assendelft met Jan Willemsz Ham

3  Dirk Jansz Spruijt, overleden januari 1703 (impost 24 januari 1703 te Assendelft). Ondertrouwd op 30 januari 1678 en gehuwd op 18 februari 1678 voor het gerecht en op 16 februari 1678 RK te Assendelft met Guurtje Klaas

4  Maarten Jansz Spruijt. Ondertrouwd op 17 april 1678 en gehuwd op 3 juni 1678 voor het gerecht en op 16 mei 1678 RK te Assendelft met Grietje Cornelis Koijt

Klaas Jansz Spruite

Jan Jansz Spruite


2506  Roelof Claasz de Winter, zoon van Claes Pietersz de Winter

Op 19 februari 1638 verkoopt Claes Willemsz, onse buervrijer, soo voor hem selven ende voor Anna Claes sijn moeder ende voor sijn suster aen Roeloff Claes de Winter, 250 roeden in een stucke lants genaemt het ‘Leege Meedie’ leggende in Heindrick Gijsen weer gemeen ende onverdeelt met de cooper, voor de somme van f 291-7. Op 4 maart 1639 verkoopt Roelof Claasz de Winter voor f 674 aan Claas Jan Huijgen, buurvrijer, een stuk land genaamd ‘het leege Meetje’, 504 roe in Heijnrick Gijsen weer. Op 10 mei 1644 koopt Roelof Claasz de Winter van Jan Claasz Keijt akkerland groot 200 roe in Gravenweer.

Kinderen:

1  Crelis Roelofsz de Winter

Haasje Roele de Winter

3  Jasper Roelofsz de Winter, overleden juni 1698 (impost 6 juni 1698 te Assendelft). Gehuwd op 11 januari 1668 RK te Assendelft (get: Duifje Jans, Aagtje Cornelis) met Trijn Dirks


2508  Jacob Reekman, chirurgijn, overleden > 24 augustus 1687

Kinderen:

1  (?) Jan Jacobsz Reeckman

Barent Jacobsz Reeckman

3  Anna Jacobs Reekman. Ondertrouwd op 24 augustus 1687 te Assendelft en gehuwd op 7 september 1687 voor het gerecht te Wormer met Jan Jansz Schaers, bakker


2512  Crelis Willemsz Rijs, zoon van Willem Claesz Rijs en Griet Jans, geboren ca. 1630, overleden 18 augustus 1684 te Assendelft

Kinderen:

1  Willem Crelisz Rijs. Ondertrouwd op 7 augustus 1678 en gehuwd op 24 augustus 1678 voor het gerecht (get: Cornelis Willemsz Rijs) en RK (get: Cornelis Theunisz, Haasje Roele) te Assendelft met Trijntje Teunis

Hendrik Crelisz Rijs

3  Gerrit Crelisz Rijsse, overleden oktober 1729 (impost 29 oktober 1729 te Assendelft). Ondertrouwd op 23 december 1696 en gehuwd op 11 januari 1697 voor het gerecht en op 6 januari 1697 RK te Assendelft (get: Beertje Willems, Neeltje Klaas de Wit) met Arntje Jans Fickels. Ondertrouwd op 1 februari 1705 en gehuwd op 13 maart 1705 voor het gerecht en op 15 februari 1705 RK te Assendelft met Engeltje Engels. Ondertrouwd op 5 mei 1715 en gehuwd op 7 juni 1715 voor het gerecht en op 19 mei 1715 RK (get: Mari Jacobs en Maertje Gleijnen) te Assendelft met Pietertje Claes

4  Pieter Crelisz Rijs. Ondertrouwd op 18 augustus 1697 en gehuwd op 20 september 1697 voor het gerecht te Assendelft met Trijntje Klaas

5  Marij Crelis Rijs, overleden juni 1726 (impost begraven 6 juni 1726 te Assendelft). Ondertrouwd op 20 april 1704 en gehuwd op 16 mei 1704 voor het gerecht en op 4 mei 1704 RK te Assendelft met Jan Klaasz Cat


2520  Jan Dirksz Vloon, zoon van Dirck Vloon, geboren ca. 1640, overleden maart 1698 (impost 22 maart 1698 te Assendelft) (#)

Kinderen:

Dirk Jansz Vloon


2522  Gijs Maerten Gijssen, zoon van Maerten Ghijsbertsz, geboren ca. 1635, overleden > 15 oktober 1690

Gehuwd met

2523  Klaasje Jans

Uit dit huwelijk:

1  Grietje Gijse. Ondertrouwd op 31 januari 1683 en gehuwd op 19 februari 1683 voor het gerecht en op 14 februari 1683 RK te Assendelft met Jan Gerritsz

2  Klaas Gijsbertsz. Ondertrouwd op 20 april 1687 en gehuwd op 23 mei 1687 voor het gerecht en op 4 mei RK te Assendelft met Guurtje Jans

3  Niesje Gijsen, gedoopt 13 april 1667 RK te Assendelft (get: Griet Jans), overleden oktober 1701 (impost 12 oktober 1701 te Assendelft). Ondertrouwd op 10 mei 1693 en gehuwd op 29 mei 1693 voor het gerecht te Assendelft met Willem Klaasz Nielen

Hilgond Gijssen

5  Gijsbert Gijssen, gedoopt 8 mei 1675 RK te Assendelft (get: Guurtje Gerrits)


2528  Baart Jansz Gaal, zoon van Jan Baertsz Gael en NN Gijsen, geboren ca. 1610

Kinderen:

1  (?) Jan Baartsz Gaal


2532  Niel Claesz, overleden > 14 mei 1671

Kinderen:

1  (?) Claas Nielen

Jacob Nielen


2536  Claes Jansz van Oosten. Gehuwd op 4 april 1655 te Assendelft met Marij Allerts

Gehuwd met

2537  Engeltje Kemps, overleden 1647-1655

Uit dit huwelijk:

1  Kempe Claesz van Oosten, gedoopt 25 juni 1645 te Assendelft

Jan Claesz van Oosten


2540  Dirk NN

Kinderen:

Gerrit Dirksz

Grietje Dirks. Ondertrouwd op 12 februari 1696 voor het gerecht en gehuwd op 2 februari 1696 RK te Assendelft met Laurens Engelsz

3  Dirk Dirksz Yperen, overleden november 1727 (impost 6 november 1727 te Assendelft). Ondertrouwd op 19 januari 1698 te Assendelft en gehuwd te Uitgeest met Aafje Maartens, geboren te Uitgeest. Ondertrouwd op 20 april 1704 en gehuwd op 16 mei 1704 voor het gerecht en 4 mei 1704 RK te Assendelft met Trijntje Jans Gaal


2542  Baart Heine, overleden > 21 september 1688

Gehuwd met

2543  Trijn NN

Uit dit huwelijk:

Aagte Baarts

Jan Baartsz. Gehuwd op 29 augustus 1683 en gehuwd op 15 oktober 1683 voor het gerecht en op 12 september 1683 RK (get: Cornelis Klaasz, Aagje Theunis) te Assendelft met Klaasje Jans

3  Wouter Baartsz. Ondertrouwd op 13 mei 1685 en gehuwd op 8 juni 1685 voor het gerecht en op 27 mei 1685 RK (get: Jannetje Crelis, Diwer Maartens) te Assendelft met Ermtje Jans. Ondertrouwd op 19 april 1699 en gehuwd op 22 mei 1699 voor het gerecht en op 21 mei 1699 RK te Assendelft met Aaltje Simons

4  Trijn Baarts, overleden april 1728 (impost 21 april 1728 te Assendelft). Ondertrouwd op 8 juni 1692 en gehuwd op 10 juli 1692 voor het gerecht te Assendelft met Pieter Jansz Klomp

5  Hendrik Baartsz. Ondertrouwd op 3 april 1689 en gehuwd op 6 mei 1689 voor het gerecht te Assendelft met Aagte Klaas Rijssen

6  Anne Baarts. Ondertrouwd op 7 juni 1693 en gehuwd op 31 juli 1693 voor het gerecht te Assendelft met Jan Crelisz Hitsman, overleden januari 1702 (impost 6 januari 1702 te Assendelft)


2544  Cornelis Florisz

Kinderen:

Claes Cornelisz Coninck


2546  Jan Goijer

Kinderen:

1  Cornelisz Jansz Goijer. Ondertrouwd op 6 januari 1675 en gehuwd op 20 januari 1675 voor het gerecht te Assendelft met Guurt Jans Laen

Guurtje Jans Goijer


2548  Engel Pietersz Bos, overleden (?) april 1714 (impost 20 april 1714 te Assendelft) (#)

Kinderen:

1  Guurtje Engels Bos, overleden juni 1702 (impost 6 juni 1702 te Assendelft). Ondertrouwd op 8 oktober 1679 en gehuwd op 10 november 1679 voor het gerecht en 24 oktober 1679 RK te Assendelft met Gijsbert Cornelisz

Klaas Engelsz Bos

3  Teunis Engelsz Bos, overleden maart-april 1714 (impost 1 april 1714 te Assendelft). Ondertrouwd op 7 november 1694 en gehuwd op 26 november 1694 voor het gerecht te Assendelft met Maartje Klaas Wit

4  Aafje Engels Bos, overleden mei 1729 (impost 9 mei 1729 te Assendelft)


2550  Jacob Pietersz de Wit, zoon van Pieter Claesz de Wit

Kinderen:

Maertje Jakobs de Wit

Neeltje Jakobs de Wit

3  Gerrit Jacobsz de Wit, geboren ca. 1675. Ondertrouwd op 23 september 1703 en gehuwd op 12 oktober 1703 voor het gerecht te Assendelft met Aafje Gerrits Thijse


2552  Maerten Gerritsz

Gehuwd met

2553  Klaasje Jans, overleden mei 1702 (impost 13 mei 1702 te Assendelft) (#)

Kinderen:

Gerrit Maertensz

2  Jannetje Maertens, gedoopt 10 mei 1670 RK te Assendelft (get: Hilgond Gerrits)

3  Marij Maertens

4  Trijn Maertens, gedoopt 25 oktober 1678 RK te Assendelft (get: Guurtje Gerrits)


2554  Dirk NN

Kinderen:

1  (?) Stijntje Dirks, overleden januari 1702 (impost 4 januari 1702 te Assendelft). Ondertrouwd op 28 december 1692 en gehuwd op 16 januari 1693 te Assendelft met Pieter Cornelisz

2  (?) Marij DIrks, gedoopt 20 februari 1668 RK te Assendelft (get: Ariaantje Jans)

3  Gerrit Dirksz Roosjes, gedoopt 3 april 1670 RK te Assendelft (get: Trijn Gerrits), overleden november 1729 (impost 25 november 1729 te Assendelft). Ondertrouwd op 30 april 1696 en gehuwd op 18 juni 1696 voor het gerecht te Assendelft met Aefjen Hendriks Gael, gedoopt 30 augustus 1672 RK te Assendelft, overleden mei 1730 (impost 3 mei 1730 te Assendelft)

Trijn Dirks Roosjes


2556  Jasper Engelsz Mol, zoon van Engel Claesz Mol, geboren ca. 1640, overleden november 1711 (impost 29 november 1711 te Assendelft) (#)

Gehuwd ca. 1665 met

2557  Antje Gerrits, geboren ca. 1645, overleden mei 1697 (impost 12 mei 1697 te Assendelft) (#)

Uit dit huwelijk:

1  Gerrit Jaspersz Mol, geboren ca. 1665. Ondertrouwd op 15 februari 1688 en gehuwd op 19 maart 1688 voor het gerecht te Assendelft met Aagje Jans. Ondertrouwd op 7 april 1697 en gehuwd op 26 april 1697 voor het gerecht te Assendelft met Neeltje Jans

Engel Jaspersz Mol

3  Jan Jaspersz Mol, gedoopt 8 juni 1671 RK te Assendelft (get: Meinsje Engels), overleden 1671-1678

4  Dirk Jaspersz Mol, gedoopt 11 maart 1674 RK te Assendelft (get: Klaas Dirksz), overleden december 1697 (impost 4 december 1697 te Assendelft)

5  Willem Jaspersz Mol, gedoopt 11 maart 1674 RK te Assendelft (get: Meinsje Gerrits)

6  Jan Jaspersz Mol, gedoopt 18 oktober 1678 RK te Assendelft (get: Sijntje Maartens), overleden (?) maart 1713 (impost 19 maart 1713 te Assendelft)

7  Guurtje Jaspers Mol, gedoopt 13 juli 1682 RK te Assendelft (get: Meinsje Engels), overleden 1682-1687

8  Guurtje Jaspers Mol, gedoopt 5 augustus 1687 RK te Assendelft (get: Aagt Engels). Ondertrouwd op 15 november 1711 en gehuwd op 18 december 1711 voor het gerecht en 4 december 1711 RK te Assendelft met Cornelis Jansz Biscop


2558  Arent Pietersz Stort, overleden 21 februari 1673. Ondertrouwd op 29 januari 1673 RK te Assendelft maar niet getrouwd (#) met Baefje Willems

Kinderen:

1  Claas Arentsz Stort, overleden augustus-september 1716 (impost 1 september 1716 te Assendelft)

2  Jan Arentsz Stort, overleden september 1716 (impost 7 september 1716 te Assendelft)

Maartje Adriaans Stort


2560  Wouter van Heerden, koopman van varkens, zoon van Egbert Woutersz van Heerden en Annichgen Aerts de Groot, geboren 1633-1634, begraven 10 oktober 1704 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Gehuwd op 28 juli 1655 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2561  Willemijntje Elis van de Hoeff, dochter van Elis Willemsz Verhoeff en Gijsbertgen Hendricks Duijfhuijs, geboren ca. 1635, begraven 13 mei 1672 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Op 2 mei 1663 benoemen Dirck Verhoef, speckooper te Utrecht, en zijn vrouw Maria Geurts van Hartevelt, haar broer Claes Geurtss van Hartevelt wonende te Schoonhoven, en zijn neef Wouter Egbertss van Heerden tot voogd over de na te laten onmondige kinderen en erfgenamen. Met acceptatie van de voogdij door Wouter Egbertss van Heerden. Op 8 augustus 1665 benoemen Egbert Woutersz van Heerden en Annichgen Aerts de Groot de langstlevende, hun zoon Wouter van Heerden en hun zwager Aert van der Horst, wijnkoper, tot voogd over hun na te laten onmondige erfgenamen.

Op 6 april 1670 staan Abraham van der Sluijs en Wouter Egbertsen van Heerden borg voor Marten Bebber, die verschuldigde oostpacht ten onrechte met obligatie van f 600 ten behoeve van de kinderen en weduwe van Jan Harthals heeft uitbetaald.

Op 12 december 1673 draagt Bastiaen de Groot, schoenmaker te Utrecht, zijn huijsinge c.a. aan de noordzijde van de Viehesteech over aan zijn zwager Wouter van Heerden. Tevens al zijn andere goederen en vorderingen, ter voldoening van schulden van hem en anderen. Op 1 mei 1674 staat Wouter van Heerden borg voor Bastiaen de Grooth bij een akkoord met Abraham van Vollenhoven.

Op 9 mei 1674 huurt Wouter van Heerden 2 mergen weijlant in Hogeweijde, genaamd ‘t Suijckercampgen, van Paulus Soudenbalch.

Op 31 januari 1675 bekent Henrick van Bergen, coopman te Muijden, schuld van f 110,10 wegens in 1672 verkochte varkens door Wouter Egbertsen van Heerden en Peter Peterss van Walbeeck. Op 24 juni 1675 benoemt Jan Jansz Schutter, schoenmaker ende loijer te Cockengen, Johan van Lienden om van Wouter van Heerden, koopman te Utrecht, betaling te innen wegens geleverde pinkhuiden. Op 22 november 1675 benoemt Wouter van Heerden, Neeltgen Martens om te innen f 150 van de weduwe van Gerrit Meertenss Comes te Schoonhoven inzake levering van 30 biggen. Op 23 maart 1676 bekent Jacob van Geijn, wachtmeester te Rhenen, schuld van f 150 wegens koop van een paard aan Wouter van Heerden en Peeter Walbeeck.

Op 8 mei 1678 benoemen Wouter Egberts van Heerden en Willem Willemse Verhoef, Cornelis van Schuijlenborch om gelden te innen van Willem van Woudenberch voor overname van panderambt van Cornelis van der Sluijs, voor welke laatste zij borg stonden. Op 8 augustus 1678 benoemen de mede-erfgenamen van Petertjen Duijffhuijs, in leven gehuwd met Dirck Kip, waaronder Wouter van Heerden weduwenaar van Willemtien Elias Verhoeff en zijn kinderen bij zijn overleden vrouw verwerkt, zijn zwager Dirck van Montfoort om met de overige mede-erfgenamen een huis c.a. aan de Oudegracht bij de Smeebrug te Utrecht te transporteren ten behoeve van Cornelis de Munnick, leidekker te Utrecht. Wouter van Heerden, als weduwenaar van zijn vrouw, is voor een derde deel mede-erfgenaam en zijn kinderen voor een vierde deel.

Op 2 september 1680 stelt Annichgen Aerts de Groot, weduwe van Egbert van Herden, wonende aan de Vreeburch onder aen de Stadtswalle, haar testament op. Zij benoemt tot haar erfgenamen haar kinderen Wouter van Heerden, Arien van Heerden, Henrick van Heerden, Roeckgen van Heerden gehuwd met Huijbert van Overdam, Annichgen van Heerden en Luijtgen van Heerden en de kinderen van Aertgen van Heerden. Haar huijsinge onder aen de Stadswalle gaat naar haar dochter Annichgen Egberts van Heerden. Met benoeming van Wouter van Heerden en Huijbert van Overdam tot voogden.

Op 23 augustus 1686 stellen Johannes van den Berch en Dirckie van Heerden hun testament op, met benoeming van de langstlevende. Aert van den Berch en Wouter Egbertss van Heerden tot voogden. Op 9 maart 1687 attesteren Pieter Pietersz Walbeeck, 50 jaar, Wouter van Heerden, 53 jaar, Jan van Swol, 43 jaar, en Aert van Heerden, 25 jaar, over het vanouds houden van de varkensmarkt voor de herberg het Postpeerd van Nellighjen van Esch.

Op 4 januari 1688 stelt Roeckgen Egberts van Heerden, gehuwd met Huijbert van Overdam, haar testament op. Ze benoemt tot erfgenamen haar broers Wouter van Heerden, Adriaen van Heerden en Hendrick van Heerden, de kinderen van haar zuster Aertgen van Heerden met Bastiaen de Groot, Aernoldus de Groot en Bastiaen de Groot. Aertgen van Heerden heeft lijftocht aan de erfportie van haar kinderen, met benoeming van broers Wouter van Heerden en Adriaen van Heerden tot voogden. Op 29 september 1696 verkopen de erfgenamen van Roeckje Egberts van Heerden drie huijsingen c.a. staende naast den anderen aan de oostzijde van de Elisabethstraat aan Wouter van Heerden, een huijsinge c.a. achter Clarenborgh en een huijsinge aan de zuidzijde voor Clarenborgh aan Arnoldus de Groot en Bastiaen de Groot. Aertje van Heerden bewoont de huijsinge c.a. gelegen achter Clarenborgh.

Op 30 december 1691 verkopen de kinderen en mede-erven van Egbert Wouterss van Heerden en Annighen d’Groot, in leven echtelieden, zijnde Wouter van Heerden, Adrianus van Heerden, Aertje van Heerden, Huijbert van Overdam weduwenaar Roeckje Egberts van Heerden, aan broer en mede-erfgenaam Henrick van Heerden, een erff ende grond mette huijsinge aan het pleijn van Vredenburch onder de stadtswalle. Het huis is bewoond geweest door Egbert Wouterss van Heerden met procuratie op Wouter van Heerden om betreffende erf en huis te transporteren naar koper.

Op 16 november 1692 vindt de scheiding plaats van de boedel van Elis Willemss en Ghijsbertgen Duijffhuijsch tussen Wouter Egbertss van Heerden, weduwenaar van Willemina Elisse, en Dirck Janss van Montfoort, weduwenaar van Cornelia Elissen. Twee huijsingen aan de noordzijde van Coijstraat gaan naar Wouter Egbertss van Heerden, twee cameren aan de zuidzijde van Berrichstraet naar Dirck Janss van Montfoot.

Op 6 augustus 1695 staat Wouter van Heerden borg voor zijn zoon Hendrik van Heerden bij de aankoop van een huijsinge en hoffstede c.a. aan de noordzijde van het Vredenborgh, genaamd Het Vergulden Hoofd.

Uit dit huwelijk:

1  Elias van Heerden, geboren ca. 1656, begraven 23 november 1680 in de Buurkerk te Utrecht

2  NN van Heerden, begraven 2 augustus 1658 in de Buurkerk te Utrecht

3  Dirckje van Heerden, geboren ca. 1660, overleden > 10 april 1724. Gehuwd op 19 april 1684 voor het gerecht te Utrecht met Johannes den Berger, koopman in granen, begraven 10 april 1724 in de Buurkerk te Utrecht

4  Aert van Heerden, varkenskoper, geboren 1661-1662, begraven 3 augustus 1694 in de Buurkerk te Utrecht

Henricus van Heerden

6  Egbertus van Heerden, gedoopt 21 april 1668 RK Achter Clarenburg te Utrecht, begraven 15 juni 1668 in de Buurkerk te Utrecht

7  NN van Heerden, begraven 6 september 1669 in de Buurkerk te Utrecht

8  NN van Heerden, begraven 22 mei 1671 in de Buurkerk te Utrecht

9  Egberta van Heerden, gedoopt 19 november 1671 RK Achter Clarenburg te Utrecht, begraven 20 mei 1673 of 6 april 1674 in de Buurkerk te Utrecht

10  Petronella van Heerden, gedoopt 19 november 1671 RK Achter Clarenburg te Utrecht, begraven 20 mei 1673 of 6 april 1674 in de Buurkerk te Utrecht


2562  Arien van Overeem, herbergier, zoon van Arien Arissen van Overeem en Willemtgen Elis, geboren ca. 1640, overleden 1712-1716

Ondertrouwd op 25 juni 1666 en gehuwd op 10 juli 1666 voor het gerecht (get: moeder Willemtgen Elis weduwe Arien Arizen, vader Jan Morren) (#) en RK ‘t Zand (#) te Amersfoort met

2563  Lidia Jans, dochter van Jan Morren en Lidia NN, geboren ca. 1645, overleden < 29 maart 1712

Op 11 juni 1688 kopen Arien van Overeem en zijn vrouw een huis, hof en hofstede met schuur en de aanhorigheden vandien daarachter aan de Varkensmarkt te Amersfoort van Anthonij van Bemmel en zijn vrouw Christina Schadt. Op 11 oktober 1690 kopen Arien Arienszoon van Overeem en zijn vrouw Ledia Morren, en Aeltje Thonis weduwe van Mor Jansen, kinderen en mede-erfgenamen van Jan Morren, een vierdel land gelegen tussen de Hogeweg en Lageweg op de helft, genaamd ‘het Hondsgath’, door Simon van Oosterhoff op 10 oktober 1656 aan de hiervoor genoemde Jan Morren verkocht.

In 1707 is Arien Overeem ingeschreven in de weeskamer te Amersfoort (vanwege overlijden van zijn vrouw ??).

Op 17 augustus 1711 treedt Arien Overeem den ouden, vader van Sofia Overeem, op als momber over de nagelaten kinderen van zijn dochter, te weten Claas, Ledia, Engeltje, Arien, Willemina en Marritje van Bogerijen.

Op 29 maart 1712 koopt Arien van Overeem den Oude, burger van Amersfoort, een huis en hof staande aan de Langestraat bij de Vismarkt, strekkende voor van de straat tot aan de Vismarkt alwaar die met een poort is uitkomende en waarover dit huis de gerechtigheid heeft om met paarden en wagen daarover te mogen varen naar welgevallen. Verkoper is Simon Schoon, klerk der secretarie als gemachtigde van Wouter van Bogerijen en zijn vrouw Agatha Schothorst, burgers.

Op 26 juni 1716 verkoopt Franschoris Gabrij namens Hendrik van Heerde getrouwd met Johanna van Overeem, als executeur van het testament van Arien Overeem en zijn vrouw Ledia Jans beide overleden, drie morgen land bij het Swarte Bergje, van de Leusderweg westwaarts naar de berg. Tevens namens de mede erfgenamen Maria van Overeem weduwe Ratius Oudendoelen, Wouter Valkenhoeff als grootvader en voogd van de onmondige kinderen van Arien Overeem de jonge en zijn vrouw Cecilia Valkenhoeff, Willemijna van Overeem bejaarde dochter, Wouter van Bogerijen weduwenaar Sophia van Overeem als vader van de onmondige kinderen.  Op 1 september 1719 verkopen Hendrik van Heerden en zijn vrouw Johanna van Overeem, Maria van Overeem weduwe van Ratius Oudendoelen, Willemina van Overeem bejaarde dochter, Aleijda van Overeem en Aelt Barentsen van Puerveen als oom en mombair over hun onmondige zusters Willemina en Maria van Overeem, kinderen van Arien van Overeem de jonge, Nicolaas van Bogerijen en zijn vrouw Johanna Botter voor hunzelf en de voornoemde Nicolaas van Bogarijen als voogd over zijn onmondige broer en zuster Arien en Engel van Bogarijen, mitsgaders Wouter ter Linden en zijn vrouw Leduina van Bogarijen, kinderen van Wouter van Bogarijen aan Sophia van Overeem verwekt, tezamen respectieve kinderen en kindskinderen, mitsgaders erfgenamen van Arrien van Overeem en Ledia Jans, in leven echtgenoten, een huis en erf staande alhier aan de Langestraat bij de Vismarkt, strekkende voor van de straat tot aan de Vismarkt waar dit met een poort uitkomt.

Uit dit huwelijk:

1  Adrianus van Overeem, gedoopt 24 mei 1667 RK ‘t Zand te Amersfoort, overleden 1667-1668

2  Maria Overeem, gedoopt 5 augustus 1668 RK ‘t Zand te Amersfoort (get: Leduina hv Jan Morrhe), overleden 4 december 1737 te Amersfoort. Ondertrouwd op 10 januari 1689 en gehuwd op 29 januari 1689 voor het gerecht te Amersfoort (get: behuwd oom Jacob Snoeck, vader Adriaen Overeem) en RK ‘t Zand met Henricus Bos, overleden 1703-1707. Ondertrouwd op 31 mei 1707 en gehuwd op 21 juni 1707 voor het gerecht van Amersfoort met Ratius Oudendoelen, overleden < 25 april 1730

3  Adrianus van Overeem, gedoopt 5 augustus 1668 RK ‘t Zand te Amersfoort (get: Leduina hv Jan Morrhe), overleden 1668-1670

4  Adriana van Overeem, gedoopt 30 april 1670 RK ‘t Zand te Amersfoort, overleden 1670-1672

5  Arien Overeem de jonge, gedoopt 6 januari 1672 RK ‘t Zand te Amersfoort, overleden 1707-1715. Ondertrouwd op 15 maart 1692 en gehuwd op 29 maart 1692 voor het gerecht te Amersfoort (get: vader Arien van Overeem, vader Wouter van Valckenhoeff) met Cecilia Wouters van Valckenhoeff

6  Sophia Overeem, gedoopt 18 mei 1673 RK ‘t Zand te Amersfoort (get: Richardus Hendriks), overleden 1709-1711. Ondertrrouwd op 23 september 1690 en gehuwd op 7 oktober 1690 voor het gerecht te Amersfoort (get: vader Aris van Overeem) met Wouterus van Bogerijen, herbergier te Amersfoort

Johanna Overeem

8  Henricus van Overeem, gedoopt 14 augustus 1676 RK ‘t Zand te Amersfoort

9  Elisabeth van Overeem, gedoopt 3 oktober 1677 RK ‘t Zand te Amersfoort

10  Willemina van Overeem, gedoopt 21 oktober 1678 RK ‘t Zand te Amersfoort (get: Willemtie, moeder van Adrianus), overleden > 1 september 1719


2564  Anthonis Jansz van de Haer, pachter van de impost van zout te Utrecht, zoon van Jan Antonisz van de Haer en Jannichgen Dircks van Barnevelt, geboren ca. 1640, begraven 24 januari 1687 te Utrecht (#)

Gehuwd op 19 april 1662 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2565  Marichgen Gijsberts van Heijcop, dochter van Gijsbert Jansz van Heijcop en Cornelia Modeus, geboren ca. 1640, begraven 4 december 1702 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Op 10 februari 1666 assisteren Jan Thoniss van de Haer, vader, Cornelis Janss van de Haer, broer, en Anthonis Janss van de Haer, broer, Dirck Janss van de Haer bruidegom en wonende te Achttienhoven bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden voor het huwelijk met Ghijsbertgen Cornelis, wonende te Westbroek. Ghijsbertgen wordt geassisteerd door haar broer Joris Corneliss en ooms Dirck Corneliss van de Vliet en Cornelis Peeterss Schaij. De bruidegom brengt aan een huijsinge, erven en de gront met ½ mergen lands daer aen behorende en cameren annex genaamd de Oude Cruijtmolen gelegen aan de Vechte in het gerecht van Achttienhoven. Met de belofte om Jan Thoniss van de Haer in hun huis te onderhouden zijn leven lang. Op 8 maart 1669 sluiten Dirck Janss van de Haer en Anthonis Janss van de Haer, broers, een akkoord over de verdeling van de boedel van hun vader Jan Anthoniss van de Haer. Op dezelfde datum verkopen Dirck Janss van de Haer en Anthonis van de Haer de huijsinge c.a. en ½ mergen lant aan de Vechte aan Johannes Hagenaer. Het goed is in erfpacht van het convent van Mariëndaal met kwitantie voor een klein deel van de koopsom dd 9 maart 1669.

Op 19 januari 1672 benoemen Dirck Janss van de Haer en Gijsbertjen Cornelis tot voogd over de onmondige kinderen de langstlevende, Antonij Janss van de Haer en Joris Corneliss. Op 6 april 1682 protesteert Anthoni van de Haer, pachter van de impost van zout, tegen een rechtelijke beschikking ten nadele van hem en ten voordele van Johan Brouwer den jongen.

Op 30 december 1694 huurt Maria Gijsbertss van Heijcop, weduwe van Anthoni van de Haer, van Pieter van der Polder, een huijsinge aan de zuijdzijde van het Vredenburch bij de Catharijnepoort te Utrecht.

Op 1 november 1702 tekent Maria van Heijcop, weduwe van Anthoni van der Haer, wonende in Het Swijnshooft aan het Vreburch te Utrecht, een schuldbekentenis van f 300 en roerende goederen, onder meer wegens vaderlijk erfdeel, ten behoeve van haar dochter Geertruijd van der Haer, eveneens wonende in Het Swijnshooft. De overige kinderen zijn Gijsbert van der Haer, Johannes van der Haer en Annichie van der Haer, gehuwd met Johannes Winssant.

Op 27 november 1704 sluiten de erven van Anthoni van der Haer en Maria van Hijcop, in leven echtelieden, een akkoord na loting over de bewoning en huur van een huis, genaamd het Swijnshoff aan het Vreeburg, eigendom van Johan van Limburg wonende in Den Bosch, eerder door hun moeder gehuurd. Lourens Winssant en Geertruijd van der Haar, aan wie het lot was toegevallen, doen afstand van de huur ten behoeve van Gijsbert van der Haar.

Uit dit huwelijk:

1  Gijsbert van der Haer, geboren ca. 1670, begraven 10 juni 1721 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd op 17 november 1694 voor het gerecht te Utrecht met Annigje Dibout, begraven 3 maart 1702 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd op 1 juli 1702 voor het gerecht te Utrecht met Hendrina van Cleeff

Johannes van de Haer

3  Annichie van der Haer, geboren ca. 1675, begraven 13 november 1725 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 9 oktober 1697 voor het gerecht te Utrecht met Johannes Winssant, begraven 8 november 1712 in de Buurkerk te Utrecht

4  Geertruijd van der Haer, geboren ca. 1680. Ondertrouwd op 2 augustus 1704 en gehuwd op 9 augustus 1704 voor het gerecht te Utrecht met Lourens Winssant


2566  Jan Dircxssen van Everdingen, hoefsmid, zoon van Dirck van Everdingen en Neeltgen Pauwels, geboren ca. 1645, begaven 20 april 1691 te Utrecht (#)

Gehuwd op 29 mei 1669 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2567  Josina Sem, dochter van Gerrit Sem en Nicolaa Both, geboren ca. 1645, begraven 21 april 1690 in de Jacobikerk te Utrecht (#)

Op 12 mei 1669 worden de huwelijkse voorwaarden opgesteld voor het huwelijk tussen Johannes van Everdingen en Josina Sem. Johannes wordt geassisteerd door zijn moeder Neeltgen Pauwels, zijn oom Adriaen Marceliss van Blotelingen, en Jan Janss van Groeningen. Josina wordt geassisteerd door haar moeder Nicolaij Both, laatst weduwe van Cornelis van de Water, en haar neef Cornelis Both, doctor medicine. Johannes brengt zijn hoefsmederij in.

Op 29 maart 1676 sluiten Emanuel van Montfoort en Jan Dirckss van Everdingen, zoon en erfgenaam van Neeltge Paulus, een akkoord voer een plecht van f 2000 gevestigd op 4 morgen land op Rietveld, vanwege de waardedaling van deze grond als onderpand. De plecht is afgesloten op 22 oktober 1667 voor het leenhof van de grafelijkheid van Culemborg.

Op 3 maart 1695 benoemen de onmondige kinderen van Jan van Everdingen en Josina Zem hun broer Dirck van Everdingen tot het verzoeken van leenverlei aan het leenhof van Culemborg voor land onder Culemborg ten behoeve van de aldaar wonende kopers Claes Geurtss en Cornelis van der Lee. Op 5 september 1695 stellen Cornelia van Everdingen, Maria van Everdingen, Gerardus van Everdingen, Anna van Everdingen en Jacoba van Everdingen hun broer Dirk van Everdingen aan om vorderingen te innen. De kinderen worden bijgestaan door hun voogden Arien Blotelingh en Cornelis Sem. Op 19 mei 1696 vindt de scheiding plaats van de nalatenschap van Jan van Everdingen en Josina Sem. De erfgenamen zijn hun kinderen Dirk van Everdingen, zoon, wonende aan de noorzijde van het Vredenburgh, en de onmondige kinderen Cornelia van Everdingen, Maria van Everdingen, Gerardus van Everdingen, Anna van Everdingen en Jacoba van Everdingen. De huijsinge aan de noordzijde van het Vredenburgh gaat naar Dirk van Everdingen.

Uit dit huwelijk:

1  Dirk van Everdingen, meester hoefsmid, geboren ca. 1670, begraven 2 mei 1715 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 10 september 1698 voor het gerecht te Utrecht met Theresa Spruijt, begraven 25 januari 1749 in de Buurkerk te Utrecht

2  NN van Everdingen, begraven 16 oktober 1671 in de Jacobikerk te Utrecht

Cornelia van Everdingen

4  Maria van Everdingen, geboren ca. 1675. Gehuwd op 13 februari 1697 voor het gerecht te Utrecht met Niclaes Lakeman. Gehuwd op 29 december 1706 voor het gerecht te Utrecht met Henrik van Deventer

5  NN van Everdingen, begraven 20 maart 1676 in de Jacobikerk te Utrecht

6  Gerard van Everdingen, bosschieter bij de VOC, geboren ca. 1678, overleden 30 oktober 1705 te Batavia (Indonesië)

7  Anna van Everdingen, geboren ca. 1680. Gehuwd op 28 april 1703 voor het gerecht te Utrecht met Egbartus de Wilde

8  NN van Everdingen, begraven 21 maart 1682 in de Jacobikerk te Utrecht

9  Jacoba van Everdingen, geboren ca. 1685, begraven 27 december 1737 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 17 oktober 1711 voor het gerecht te Utrecht met Abraham Spruijt


2570  Paul Claessen van Brakel, lakenwerker, geboren ca. 1645, begraven 12 augustus 1708 op het Jacobikerkhof te Utrecht (#). Gehuwd < 24 maart 1669 met Stijntge Hendricx

Ondertrouwd op 15 mei 1677 en gehuwd op 6 juni 1677 voor het gerecht te Leiden (get: Claes Blommendael zwager, Grietge Jans moeder) (#) met

2571  Maria Pieters Hilgers, dochter van Pieter Hilleger en Grietge Jans, geboren ca. 1650 te Leiden, begraven 31 maart 1735 op het Jacobikerkhof te Utrecht (#). Ondertrouwd op 17 september 1672 (get: Claes Jacobsz Mahieuw bekende, Grietge Jans moeder) en gehuwd met Govert Andries van Bolonge, wolkammer, gedoopt 12 januari 1634 te Utrecht, overleden 1673-1677

Paul Claessen van Braeckel en Maria Hilligers zijn in 1689 getuige bij een RK doop in Leiden.

Op 3 februari 1694 is bij Jacob Tomassen, in huwelijck hebende Trijntje Hendricx die een dochter is van Stevijntje Ariens, die weduwende boedelhoutster was van Jan Leenderts, vercoft aen Paulus Braekel laekenwercker vrij om 2 c gl te betalen.

Uit dit huwelijk:

Anna van Braackel

2  (?) Maria van Brakel, begraven 12 januari 1742 op het Jacobikerkhof te Utrecht

3  Gerardus van Brakel, gedoopt 14 maart 1691 RK Bakkersteeg te Leiden (get: Jacob Benoit, Martina Daniels)


2572  Nicolaes Boije, goudsmid, geboren ca. 1635 te Heide, Dithmarschen (D), overleden > 20 maart 1713

Ondertrouwd op 11 januari 1664 te Amsterdam (#) en gehuwd op 6 februari 1664 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2573  Maria Hoendervanger, dochter van Johann Adam Hünerfänger en Judith Langen, gedoopt 19 februari 1646 Evangelisch-Luthers te Utrecht (get: Hans Carel Rehn) (#)

Op 20 februari 1678 procureren de erven van Johan Adam Hoenderfenger, zijnde Johannes Jacobus Hoenderfenger zoon, Johannes Best schoonzoon gehuwd met Eva Catharina Hoenderfengers, en de onmondige kinderen van Maria Hoenderfengers en Nicolaus Boij kleinkinderen, Johan Christiaen Wicht, secretaris van de rijngraeff tot Keerborch, om te transporteren ten behoeve van Johan Balthasar Paus en zijn erven diverse stukken land, gelegen in Keerborch en een obligatie van 19 rijksdaalders ten laste van Ullericht Messinger, smid te Keerborch. Op 2 september 1678 procureren de genoemde erven ab intestato Johan Adam Hoenderfenger, in leven predikant der onveranderde Augsburgse Confessie in Utrecht, Casparus Schellekes om na ontvangst van de koopsom ten behoeve van Johan Coenraedt Thielen, woonachtig te Kim an der Nahe te transporteren huis en erf, gelegen in Bad Kreutznach in de Hondtstraat, in bezit gekomen van comparanten door overlijden van hun (schoon)vader.

Uit dit huwelijk:

1  Johannes Boije, gedoopt 23 januari 1665 in de Lutherse Kerk te Amsterdam (get: Nomijn Willems, Judith Hoenderfanger). Gehuwd met Elisabeth van Heijcop

2  Judick Boije, gedoopt 19 maart 1666 in de Lutherse Kerk te Amsterdam (get: Niclaes Petter, Catharina Wachtmans)

3  Johann Jacob Boij, gedoopt 5 april 1670 Evangelisch-Luthers te Utrecht (get: Johannes Jacobus Hoendervanger, Eva Catharina NN frau von Johannes Besten)

4  Anna Maria Boije, gedoopt 2 juli 1671 Evangelisch-Luthers te Utrecht (get: Judith Hoenderfangerin)

5  Andreas de Boij, gedoopt 27 januari 1676 RK te Breda (get: Andreas Planck, Maria Thomas)

6  (?) Stephanus de Boije


2574  Claes Christiaensz van Isacker, zoon van Christiaen Claesz van Isacker en Annichgen Volkerts, geboren ca. 1652. Ondertrouwd op 25 mei 1679 en gehuwd op 9 juni 1679 in de Catharijnekerk te Utrecht (get: Christiaen van Isakker sijn vader, Grietie van Linden haer schoonsuster) met Annichje van der Linden, begraven 9 november 1680 te Utrecht. Ondertrouwd op 10 april 1681 en gehuwd op 1 mei 1681 in de Domkerk te Utrecht (get: Christiaan Claassen bruijdegoms vader, Jannighje Hendricks moeder van de bruijt) met Petronella Jacobs, gedoopt (?) 1 december 1657 te Utrecht, overleden 1682-1685

Ondertrouwd op 28 juni 1685 en gehuwd op 14 juli 1685 in het Antoni Gasthuis te Utrecht (#) met

2575  Claesjen Caspers

Uit dit huwelijk:

Sara van Isacker

2  Geertruijd Isacker, gedoopt 10 februari 1689 in de Catharijnekerk te Utrecht, overleden 1689-1695

3  Geertruijd van IJsacker, gedoopt 17 april 1695 in de Domkerk te Utrecht. Ondertrouwd op 8 december 1720 en gehuwd op 25 december 1720 in de Domkerk te Utrecht (get: moeder des bruidegoms, vader van de bruid) met Daniel Moné


2576  Cornelis Gijsbertsz Agterberg, hovenier, zoon van Gijsbert Willems Agterberg en Neeltje Coenraad Eersten, geboren ca. 1632, begraven 20 november 1676 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Gehuwd op 14 februari 1663 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2577  Marrichje Aalberts van de Lelienburg, dochter van (?) Aalbert Cornelisz van Lelienburg en Maeijcken Cornelis, geboren ca. 1640, begraven 6 mei 1699 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Op 4 februari 1654 vindt de scheiding plaats van de boedel van Gijsbert Willemss van Achterberch en Grietgen Fredericx, tussen Grietgen Fredericx geassisteerd door Jan Dirckss van Oucoop, en de kinderen van Gijsbert Willemss van Achterberch zijnde Huijch Gijsbertss van Achterberch, Aert Gijsbertss van Achterberch, Cornelis Gijsbertss van Achterberch onmondig en Willem Gijsbertss van Achterberch onmondig. Voogden zijn Acrijn Willemss van Achterberch en Aert Frederickss van Vlooten. Op 12 januari 1661 ontvangt Aert Frederickss van Vloten een kwitantie voor de uitoefening van voogdij van Cornelis Ghijsbertss van Achterberch en Willem Ghijsbertss van Achterberch.

Op 15 oktober 1661 sluiten Huijch Gijsbertsz Achterberch en Cornelis Gijsbertsz Achterberch, broeder, een akkoord over betaling van huurloon dat Cornelis te goed heeft van Huijch. Het akkoord is door meerderen ondertekend, onder andere door hun oom Thonis Stevensen van Bemmel.

Op 20 augustus 1674 huurt Cornelis Gijsbertsz van Achterbergh van Mechtelina van Schaijck, weduwe van Arnoldus Cloetingh, een huijsinge en hoffstede, groot 1 mergen, onder Abstede aan de oostzijde belend door de Crommen Rhijn, met een schuldbekentenis groot f 250 vanwege achterstallige pacht. Op 6 september 1674 wijst Jannichien van Leelienbergh een prelegaat toe, met benoeming van haar zwager Cornelis Gijsbertsz van Achterbergh en Nicolaes van Wenckum, wijnkoper, tot voogden over haar onmondige erven.

Op 22 maart 1677 bekent Mechtelt van Schaijck schuldig te zijn aan Claesie Hendricx f 300 vanwege voor haar zwager Peter Cloetingh gepasseerde borgtocht, met assignatie op pachtpenningen door Maijchie Alberts, weduwe Cornelis Gijsbertss van Achterberch, verschuldigd. Op 19 juli 1683 insitueert Maijchgen Alberts, weduwe Cornelis Achterberch, Cornelis Willemse van eis om beschuldiging in te trekken en schulden te voldoen.

Op 18 juli 1687 bekennen Maijchien van Leelijenborch, weduwe van Cornelis Gijsbertsz Achterbergh, en hun kinderen, schuldig te zijn aan Jannichien van Lelijenborch, zuster, f 700-0-0 die zij aangewend heeft ter aflossing van een plecht en rente op haar huis en moeshof te Abstede ten behoeve van Cornelis Achterbergh, met het aanbod om het zelfde goed opnieuw te verzekeren. Op 10 januari 1689 benoemd Jannichien Aelberts van Lelijenbergh haar zusters Maijchien Alberts van Lelijenbergh en Neeltjen van Lelijenbergh tot erfgenamen. De erfportie van Neeltjen van Lelijenbergh is belast met fidei-commis ten behoeve van Maijchien Alberts van Lelijenbergh bij kinderloos overlijden, met benoeming van Nicolaes van Wenckum tot executeur.

Op 9 maart 1693 leent Maijchien van Lelijenbergh f 700-0-0 van de kinderen en erfgenamen van Aert Coetingh en Mechtelt van Schaijck met Jannichien van Lelijenbergh als borg. Op 9 maart 1693 huurt Maeijchien van Lelienbargh, weduwe van Cornelis Gijsbertz van Achterbargh, een huijsinge, hoff en hofsteedde, groot 1 morgen lants in Abstede, aan de oostzijde belend door de Crommenrijn, van de kinderen en erfgenamen van Arnoldus Cloetingh en Mechtelina van Schaijck in leven echtelieden, met de notitie dat de schuldbekentenis van f 700-0-0 op 24 augustus 1699 is voldaan. Op 17 augustus 1699 gaat de huur over op haar zoon Aelbert Cornelissen van Achterbergh.

Op 24 juni 1695 verhuurt Maechien Aelberts van Lelienbergh aan Jacob Jansz van Roijen een ‘huijsinge met hof groot omtrent een half mergen’ liggende te Abstede met oostwaarts ‘t Cranen Gasthuijs en noordwaarts Matheus Versteech (#).

Op 23 augustus 1699 verkopen de kinderen en erfgenamen van Cornelis Gijsberts van Achterbergh en Maijchien van Lelijenergh, in leven echtelieden, een huijsinge, erve, hoff, groot 252 roeden aan de Absteederwegh aan Jacob van Roijen. De genoemde kinderen zijn Cornelia van Achterbergh, Aelbert van Achterbergh, Andries van Achterbergh, Cornelia van Achterbergh en Johanna van Achterbergh, allen wonende te Schalckwijck.

Op 11 januari 1700 assisteert Aelbert Achterbergh zijn tante Neeltije Aelberts van Lelienbergh bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden voor het huwelijk met Adriaen Goijertss van Maerschalckerweerd. Op 17 september 1702 stelt Jannighien Aelberts van Leelijenbergh haar testament op en benoemd haar zuster Neeltjen van Leijenbergh en de kinderen van haar zuster Maijghien Alberts van Leijenbergh, verwerkt bij Cornelis van Achterbergh, tot erfgenamen. De erfportie van Neeltjen van Leijenbergh gaat na haar dood vrij en onbelast naar de kinderen van Maijghien Alberts van Leijenbergh. Op 28 november 1706 draagt Neeltje van Lelienburg haar helft in de nalatenschap van haar zuster Jannichien Aelberts van Lelienbergh over aan de kinderen van haar zuster Maeijchien Aelberts van Lelienbergh in ruil voor kost en woning (#). Op 23 mei 1709 vindt de scheiding plaats van de erven van Jannichje van Lelijenbergh, tussen Neeltje van Lelijenbergh en de kinderen van Maeghje Aelberts van Lelijenbergh. Het betreft de helft van een huijsinge aan de Twijstraet welke in twee wooningen wordt gesepareert en de helfte van een caemertje aan de ABC straet. De kamere aan de ABC straat wordt op 25 mei 1725 door de erven verkocht. Als erven zijn genoemd Cornelia en Wijnanda van Rossum, Cornelis Coert, en Cornelia de oude, Aalbert en Andries van Achterberg. Cornelia van Achterberg de oude is blind en doof.

Uit dit huwelijk:

1  Johanna van Achterberg, begraven 25 mei 1701 in de Jacobikerk te Utrecht

2  Cornelia de oude van Achterbergh

Aalbert Agterberg

4  Gijsbert Agterberg, geboren ca. 1667. Gehuwd op 16 september 1699 te Utrecht met Cornelia Caan, begraven 25 januari 1709 in de Nicolaikerk te Utrecht

5  Andries Agterberg, geboren ca. 1668, begraven 2 juli 1743 in de Nicolaikerk te Utrecht. Gehuwd op 4 november 1699 te Utrecht met Gijsbertje Mollenvanger, begraven 12 april 1704 in de Nicolaikerk te Utrecht. Gehuwd op 25 oktober 1704 met Hendrijntje Jacobs Spies

6  Huijgh Agterberg, begraven 4 oktober 1704 in de Nicolaikerk te Utrecht

7  Cornelia de jonge van Achterbergh


2578  Paulus Willemsz van der Stoop, zoon van Willem Cornelisz van der Stoop en Hendrickgen Aerts van Rheenen, geboren ca. 1645

Ondertrouwd op 18 december 1658 en gehuwd op 8 januari 1659 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2579  Geertien Peters van de Greeff

Op 16 juli 1682 maken Jan Willems van de Nieuwegrift en Jannichien Willems van der Stoop hun testament op. Jannichien benoemt, op last van lijftocht voor de langstlevende, de kinderen van Barbara van der Stoop, Cornelis van der Stoop en Paulus van der Stoop tot erfgenamen. Op 13 maart 1693 benoemt Jannichien van der Stoop, weduwe van Jan Willemss van de Nieuwegrift, opnieuw de kinderen van haar zuster Barbara van der Stoop, de kinderen van haar broer Cornelis van der Stoop met Trijntien Jans, en de kinderen van haar broer Paulus van der Stoop met Geertien van de Greeff, tot erfgenamen, met seclusie van de momberkamer.

Uit dit huwelijk:

1  Willem Paulusz van der Stoop, geboren ca. 1670, begraven 19 juni 1712 te Utrecht. Gehuwd op 2 april 1692 RK Abstede te Utrecht met Bartien Cornelis van Rijnsweert, overleden 1699-1702. Gehuwd op 27 mei 1702 RK Abstede te Utrecht met Stijnti Jans van Maarschalkerweert. Op 4 juli 1712 verklaart zijn dochter Annichie van der Stoop dat Stijntie van Maerschaclkerweert haar vader negen jaar geleden heeft verlaten

Agnes Paulus van de Stoop


2580  Herman Huijgen van Benthem, hovenier, zoon van Huijg Jansz van Benthem en Annichje Dircks van Bemmel, geboren ca. 1645, overleden 1692-1697. Gehuwd op 29 oktober 1681 voor het gerecht en RK Abstede te Utrecht met Maria Gijsberts Vermeulen

Gehuwd met

2581  Errichje Aarts Peereboom, dochter van Aert Willemsz Peerboom en Stijntje Bastiaens, geboren ca. 1645, begraven 22 oktober 1677 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Op 11 oktober 1677 benoemen Herman Huijgen van Benthem en Arckjen Aerts Peerboom hun respectievelijk broer Willem Huijgen van Bentum en vader Aert Willemsz Peerboom tot voogd over hun onmondige kinderen (#).

Op 22 april 1688 vindt de scheiding plaats van de erfenis van Aert Willemsz Peerboom en Stijntje Bastiaens. Belanghebbenden zijn Dirck Aertsz Peerboom, Gijsbert Aertsz Peerboom, Cornelis Aertsz Peerboom, Frans Aertsz Peerboom, Maria Aerts Peerboom, Arien Stevensz van de Bilt getrouwd met Geertje Aerts Peerboom, drie kinderen van Willem Aertsz Peerboom onder voogdij van hun moeder Jacomina Bastiaens Peerboom, twee kinderen van Teuntjen Aerts Peerboom onder voogdij van hun vader Anthonis Jans Eerselingh, en vier kinderen van Erckjen Aertsz Peerboom onder voogdij van Herman Huijgen van Benthem. Het betreft een ‘boomgaert groot 3 hont lant’ genaamd ‘die Tienthout’ in de Nieuwe Min, oostwaarts belend door de weduwe en erfgenamen van Huijch Jansz van Benthum, en westwaarts door het convent van St. Servaes achter de Achterdijck (#). Op 9 augustus 1692 protesteren Antoni Vermeulen, Herman Huijgen van Bentum gehuwd met Maria Vermeulen en Dirck Gerritss van Steendre gehuwd met Aeltie Vermeulen, tegen het begraven van moeder Jannichie Tonis van Driebergen, in leven weduwe van Gijsberg Isbrantss Vermeulen, onder repudiatie van de nalatenschap.

Uit dit huwelijk:

Huijg Hermansz van Benthem

2  Aart Hermansz van Benthem, begraven 18 juni 1698 in de Nicolaikerk te Utrecht

3  Grietje van Benthem, begraven 14 januari 1756 te Utrecht

4  Gerrigje van Benthem, begraven 10 februari 1750 te Utrecht. Gehuwd op 24 oktober 1705 voor het gerecht en 31 oktober 1705 RK Abstede met Evert Cornelisz van Rossum, molenaar op korenmolen De Kogel buiten de Weerdpoort te Utrecht, overleden > 10 februari 1750


2582  Cornelis Gerritsz van Eijndhoven, gerechtsbode van Pijlsweert, zoon van Gerrit Cornelisz van Eijndhoven en Maria Gerrits van Otterspoor, geboren ca. 1655, begraven 30 januari 1709 in de Jacobikerk te Utrecht (#)

Ondertrouwd op 6 januari 1683 en gehuwd voor het gerecht te Utrecht (#) met

2583  Mechteld Gerrits Croes, dochter van Gerrit Croes, geboren ca. 1660, overleden > 30 januari 1709

Op 13 februari 1687 en op 20 maart 1689 huurt Cornelis van Eijndhoven, wonende buijten Utrecht op de Hoochlantse steech, drie mergen weijlants te St. Roosendijck buijten Utrecht, ontrent den Daalsendijck, genaamd den Omloop, van Anthonij van Oostrum. Op 11 juli 1689 staat Cornelis van Rossum den oude, molenaar buijten de Weertpoort, borg voor Cornelis Gerritsz van Eijndhoven, inzake betaling van f 100 wegens koop van tarwe en gerst. Op 16 februari 1707 huurt Cornelis van Eijnthoven, gerechtsbode van Pijlsweert, woonende op de Hooghlantsesteegh te Pijlsweert, van Beatrix Daeme, weduwe van Nicolaes van Wenckum, een huijsinge c.a. met hoff en boomgaert aan de Hooghlantsesteegh.

Op 24 augustus 1694 staat Cornelis Gerritsz, wonende in de Hoogelantse steegh, borg voor Gerrit Croes voor de huur van een huijsinge, schuijr en hoff, sijnde een tappsteede van Aleijdis van Weckerslooth, weduwe van Cornelis van Wijckerslooth, in leven advocaet hove van Utrecht, met notitie dat de borg niet heeft gecompareerd.

Op 16 januari 1709 benoemen Cornelis Gerritsen van Eijndhoven en Mechteld Croes, wonende op de Hoochlantsesteech buijten de Weertpoort, de langstlevende, Huijch Harmansen van Benthem, schoonzoon, en Cornelis van Pijlsweert, zwager, als voogd over de onmondige kinderen en erfgenamen (#).

Uit dit huwelijk:

1  Catharina Cornelisse van Eijndhoven, begraven 22 februari 1734 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd met Aert de Groot, begraven 31 oktober 1722 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 4 oktober 1727 voor het gerecht te Utrecht met Jacobus Verheul

Maria van Eijndhoven


2584  Herman Henricksz van Swanenborgh, geboren ca. 1615 in het land van Gulik (D), begraven 8 december 1692 in de Buurkerk te Utrecht (#). Gehuwd op 7 juli 1691 in de Catharijnekerk te Utrecht met Annichjen Thonis

Ondertrouwd op 6 oktober 1644 en gehuwd op 29 oktober 1644 in de Catharijnekerk te Utrecht (#) met

2585  Merrigje Theunis de Jongh, dochter van (?) Anthoni Claes de Jonge, geboren ca. 1620, begraven 13 november 1690 in de Buurkerk te Utrecht (#). Ondertrouwd op 27 september 1639 en gehuwd op 13 oktober 1639 te Utrecht met Willem Hillebrants, begraven 14 september 1640 te Utrecht

Op 29 oktober 1644 woont Hermen ‘uijt het lant van Gulics’ in de Saelstraat en Marrichjen in het Servais klooster.

Op 3 maart 1686 wijzen Sophia van Swanenburgh en Isaack Copijn de langstlevende aan als voogd over hun kinderen. Tevens worden als voogd benoemd beide vaders Thobias Copijn en Herman van Swanenburch. Op 16 juni 1691 worden de huwelijkse voorwaarden opgemaakt voor het huwelijk tussen Herman van Swanenborch, weduwenaar van Maria de Jongh, en Annichjen Thonis, weduwe van Dirck van Elst (#).

Op 7 januari 1693 verkopen de erven Herman van Swanenburgh, te weten Leonard van Swanenburgh, zoon, Isaack Copijn gehuwd met Sophia van Swanenburgh, dochter, Henrick van Swanenburgh, uijtlandige zoon, en Johan van Swanenburgh, uijtlandige zoon, een huijsinge ende gront aan de noordzijde van de Backersteegh en een huijsinge ende gront aan de zuidzijde van de Backersteeg, onder cessie van kooppenningen aan Nicolaes van Doorn schoenmaker, aan Willem Heijdendael (#). Op 17 januari 1693 vindt de uitkoop plaats van Annichjen Thonis door de erven van Herman van Swanenborch (#). Op 20 januari 1693 vindt de scheiding van de erfenis plaats (#).

Uit dit huwelijk:

1  Hendrick van Swanenburgh, gedoopt 23 februari 1645 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd in augustus 1666 te Hoevelaken met Jacomijntje Davids

2  Maijchgen van Swanenburgh, gedoopt 7 februari 1647 in de Buurkerk te Utrecht, overleden < 1693

3  Anthoni van Swanenburgh, gedoopt 24 augustus 1651 in de Jacobikerk te Utrecht, overleden < 1693

Leendert van Swanenburgh

5  Sophia van Swanenburgh, gedoopt 11 mei 1656 in de Buurkerk te Utrecht, begraven 3 december 1722 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 20 november 1685 in de Buurkerk te Utrecht met Isaack Copijn, begraven 18 november 1705 te Utrecht

6  Johannes van Swanenburgh, gedoopt 25 december 1658 in de Buurkerk te Utrecht

7  Peter van Swanenburgh, gedoopt 15 februari 1660 in de Domkerk te Utrecht, overleden < 1693


2586  Harmen Gijsbrechtsz Duijsthoeck, bezemmaker, hoofdman van het bestuur van het St. Michielsgilde (1650), zoon van Gijsbrecht Everaertsz en Machtelt Cornelis, geboren ca. 1610, begraven 1 februari 1666 in de Nieuwe Kerk te Delft (#). Ondertrouwd op 21 februari 1654 en gehuwd op 8 maart 1654 te Delft met Jannitgen Jans, begraven 14 februari 1674 te Delft

Ondertrouwd op 17 april 1638 en gehuwd op 2 mei 1638 te Delft (#) met

2587  Ariaentge Cornelis, geboren ca. 1615, begraven (?) 1 april 1653 te Delft (#)

Op 7 maart 1654 compereert Harmen Gijsbrechtsz Duijsthoeck voor de weesmeester van Delft in verband met het overlijden van zijn vrouw Ariaentge Cornelis. Op 7 september 1666 compareert Jannetie Jans in verband met het overlijden van Harmen Gijsbrechtsz Duijsthoeck inzake de voogdij over zijn minderjarige kinderen Catharina, ‘out geweest in maert jongstleden 19 jaeren’ en Marijtjen Harmens, ‘out geweest den 5en januarij 1666 elf jaeren’ (#).

Uit dit huwelijk:

1  Gijsbrecht Duijsthoeck, gedoopt 29 maart 1639 te Delft (get: Pieter Willems, Machtelt Cornelis, Aefgen Gijsbrecht), begraven 15 juni 1640 te Delft

2  Gijsbregt Duijsthoeck, gedoopt 15 november 1640 te Delft (get: Jacob Pouwelsz, Aegtjen Gijsbreqx, Stijntje Corstijaens), begraven 2 of 18 oktober 1647 te Delft

3  Corstijaen Harmensz Duijsthoeck, bezemmaker, gedoopt 22 mei 1642 te Delft (get: Arijen Corstijaens, Stijntje Corstijaens, Annetje Cornelis), begraven 2 november 1686 te Delft. Ondertrouwd op 23 oktober 1666 en gehuwd op 7 november 1666 te Delft met Annetje Samuels van der Spa, gedoopt 12 april 1643 te Delft, begraven 23 november 1700 te Delft

4  Cornelis Duijsthoeck, gedoopt 24 juli 1644 te Delft (get: Hendric Barentsz van der Slange, Catarina Cornelis, Willemtje Gijsbreqx), begraven 12 augustus 1644 te Delft

5  Maria Duijsthoeck, dienstmaagd te Utrecht, gedoopt 10 januari 1645 te Delft (get: Maertgen Jacobs, Heijndrick Fransz, Keuntgen Leenderts), begraven 5 november 1699 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 21 december 1686 en gehuwd op 15 januari 1687 te Delft met Caspar Cornelisz van Soonhoven, soldaat

6  Machtelt Duijsthoeck, gedoopt 10 september 1645 te Delft (get: Hendric van der Slange, Catarina Stuling, Engeltje Pieters), begraven 2 of 18 oktober 1647 te Delft

Catharina Duijsthoeck

8  Pieternelle Duijsthoeck, gedoopt 5 april 1649 te Delft (get: Cornelis Jochemisz, Neeltje Pieters, Machtelt Leenders), begraven 4 juni 1649 te Delft

9  Machtelt Duijsthoeck, gedoopt 4 april 1652 te Delft (get: Jacob Pouwelsz, Trijntje Cornelis, Machtelt Leenders), begraven 25 september 1654 te Delft


2600  Gerrit Melchiorsz van Alen, zoon van Melchior Coertsz en Trijntken Everts, geboren ca. 1620

Ondertrouwd op 11 mei 1644 en gehuwd op 18 mei 1644 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2601  Maria Martens van Hanenborch, dochter van Marten van Hanenborch en Geesken van Velthuijsen, geboren ca. 1620

Uit dit huwelijk:

Melgert Gerritsz van Hanenberg


2602  Jan van Rijn (alias Rijnsoever)

Kinderen:

1  Willem Jansen van Rijnsoever. Gehuwd met Geertje Hendricks van Vulpen, overleden < 18 januari 1690. Gehuwd met Elisabeth Joostens van Sterckenburg

2  Huberta Jans van Rijn, overleden < 23 augustus 1691. Gehuwd met Henrick Scholten van Oostervelt

Grietje Jans van Rijn

4  Cornelia Jans van Rijn

5  Maria Jans van Rijn


2614  Cornelis Pellen van Blanckesteijn, zoon van (?) Pelle Tonisz en Willempje Pelgrums, overleden > 1720. Ondertrouwd op 20 juni 1688 en gehuwd op 4 juli 1688 voor het gerecht te Wijk bij Duurstede met Stijntje Barten van Hattem

Gehuwd met

2615  Annetje Faes, overleden < 20 juni 1688

Familiegeld 1675, 1689 t/m 1698, 1701 t/m 1705 Wijk bij Duurstede: Cornelis Pellen, wonende aan de Neerdijck, f 2-0-0. In 1700 en 1701 f 1-10-0. Van 1706 t/m 1718 f 1-0-0, in 1719 f 0-50-0 en in 1720 f 0-10-0.

Uit dit huwelijk:

1  (?) Burgje Cornelis van Blankesteijn

2  (?) Hendrickje Cornelisse Blanckesteijn. Ondertrouwd op 4 juli 1714 en gehuwd op 18 juli 1714 voor het gerecht te Wijk bij Duurstede met Evert Roelofse van Amerongen. Ondertrouwd op 31 maart 1723 en gehuwd op 15 april 1723 voor het gerecht te Wijk bij Duurstede met Huijbert Teunissen van Geer


2616  Aert Lauwersz van der Wiel, huijsman onder Tull en ‘t Wael (1674), overleden > 17 november 1699

Gehuwd met

2617  Maechjen Teunis, overleden < 17 november 1699

Op 29 juni 1659 sluiten Jaspar van Voorst, gehuwd met Anna Sibilla van Camonts, en Aert Louwen van der Wiel, wonende ‘t Wael, een akkoord over het overgeven van vee en roerende goederen door Aert Louwen aan Jaspar van Voorst wegens verschuldigde pacht en ongelden.

Op 4 juli 1670 treden Aert Louwerss van der Wiell, wonende te Tull, en Gerrit Teuniss op Rietvelt, op als voogd over Jacob Dirckss Clock, 6 jaar, en Johannes Dirckss Clock, 2 jaar, bij de boedelbeschrijving van de boedel van Dirck Jacobss Clock en Elisabeth Teuniss en de uitkoop van de kinderen uit de boedel. Dirck Jacobss Clock, kleermaecker en tapper bij ‘t Wael onder Schalckwijck, is dan gehuwd met Grietgen Gerritss Schinkell. Op 24 januari 1674 treden Aert Lauwerss van der Wiel en Gerrit Gijsbertsz van Everdingen, als ooms op als voogden over de kinderen van erven Gerrit Teunisz, in leven huijssman te Rietvelt onder Schalkwijck, en Maria de Ridder. Op 12 september 1674 treedt Aert Lauwertss van der Wiel, huijsman onder Tull en t Wael, op als voogd over de onmondige erven van Lijsje Teunis en Dirck Jacobss Clock, in leven echtelieden.

Op 14 januari 1682 tekent hij een schuldbekentenis van f 130 restant aan pachtgeld ten behoeve van de erven van Cornelis de Goijer en Wonna van der Nijpoort (#).

Aert huurt op 13 augustus 1681 een ‘hoffstede groot sestien mergen’ gelegen in Tul van Isabella van Voorst (#). Op dezelfde datum tekent Aert Louwen een schuldbekentenis jegens Isabella van Voorst van f 400 wegens pachtschuld. De huur wordt op 15 januari 1690 verlengd. Het huis bevindt zich op het gehuurde land waarvan 15 morgen binnendijks en 1 morgen buitendijks gelegen is. Op 19 oktober 1697 wordt de huur wederom verlengd. Medehuurster is dan Trintjen Aerts van de Wiel, dochter.

Op 17 november 1699 bereiken de successieve erven van Hester van Vianen een akkoord met Aert Lauwen van der Wiel, weduwenaar van Maechjen Teuniss, over een betalingsregeling van een schuld en achterstallige rente ten laste van Aert. De plecht dateert van 25 januari 1658 voor het gerecht van Vianen.

Uit dit huwelijk:

1  Jacobus van der Wiel, overleden 1715-1718. Gehuwd (huwelijkse voorwaarden 14 augustus 1691) met Aaltgen Cornelis Bouwman. Gehuwd (huwelijkse voorwaarden 8 juli 1710) met Maagje Cornelis Visch. Gehuwd (huwelijkse voorwaarden 31 mei 1715) met Grietje van Rhijn

IJsbrandus van der Wielen

3  Evert van der Wielen

4  Maria van der Wielen

5  Cornelia Aarts van der Wielen. Gehuwd met Cornelis Gerritsz Verweij, overleden 1722-1724. Gehuwd op 13 augustus 1724 te Everdingen met Johannes Gijsbertsz de Raad, geboren te Culemborg

6  Teunis Aartsz van der Wiel, overleden 1707-1711. Gehuwd met Johanna Everts de Cruijff

7  Laurents van der Wielen

8  Trijntje Aarts van der Wiel


2620  Jan Cornelissen Jaarsveld

Gehuwd met

2621  Hendrickjen Melissen

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Jansz Jaersveldt, gedoopt 28 januari 1683 te Hagestein, overleden 1683-1685

2  Anntigen Jans Jaersveldt, gedoopt 28 maart 1684 te Hagestein

Cornelis Jansz van Jaarsvelt


2622  Jan Hermensen Veen

Gehuwd met

2623  Aeltjen Gijsberts Brije

Uit dit huwelijk:

1  Gijsbert Jansz Veen, gedoopt 24 januari 1675 te Vianen

2  Willem Veen, gedoopt 18 oktober 1677 te Vianen

3  (?) Janneken de Veen, gedoopt 25 november 1677 te Vianen

4  Barbar Veen, gedoopt 1 februari 1680 te Vianen

5  Jetje de Veen, gedoopt 21 februari 1684 te Vianen

Eijtje Jans Veen

Klaes de Veen, gedoopt 26 mei 1689 te Vianen

8  Emmitjen Veen, gedoopt 13 september 1691 te Vianen

9  Claes de Veen, gedoopt 10 augustus 1693 te Vianen


2632  Jan Jansz Donsjan, lontmaker, zoon van Jan Jansz alias Dons Jan en Neeltje Henricks van Roijen, geboren ca. 1610, overleden > 11 maart 1679

Op 29 maart 1675 staat Joost Dons borg voor Jan Janss Donsjan, vader, voor de rest van een zekere condemnatie berustende onder deurwaarder Verbessel. Op 1 april 1676 staat Joost Dons borg voor Jan Janss Donsjan, lontmaker, over schulden van gewogen lont ten gunste van Jan Peterss van Wijk, waegmeester. Op 16 juni 1676 tekent Jan Janss Donsjan een kwitantie voor geleverde lonten ten behoeve van Joost Janss Dons, zoon.

Op 11 februari 1676 doen Jan Janss Donsjan, lontmaecker buijten de Weertpoort, Joost Janss Donsjan, lontmaecker buijten de Weertpoort, en Belichgen Jans Donsjan, weduwenaar van Cornelis Berentss van Cleeff lontmaecker buijten de Weertpoort, een schuldbekentenis van f 600 vanwege een oude lening dd 1-5-1669 voor notaris G. Houtman, met assignatie op een vordering van f 300 ten laste van de staten van Utrecht. Na voldoening van proceskosten zal proces voor gerecht van Utrecht beeindigd worden.

Op 9 december 1676 sluiten diverse lontmakers uit De Weert een overeenkomst met pachter Van Assperen van de waegh van Utrecht. Hieronder zijn Jan Janss Dons, Joost Janss Dons, Jan Hendrikss Dons en Beligien Jans, weduwe van Cornelis Berentss van Cleeff. Op 26 februari 1677 sluiten verschillende lontmakers, waaronder bovengenoemden, een overeenkomst over de levering van een partij ‘ inlands werk’  met Cornelis Teunisen Hankom, schipper en coopman uit Schoonhoven.

Kinderen:

1  Jan Dons, begraven 25 juli 1694 te Utrecht. Gehuwd op 13 februari 1669 voor het gerecht te Utrecht () met Jannichgen Rijcken, begraven 26 januari 1683 te Utrecht

Joost Jansz Dons

3  Hendrick Jansz Donsjan

4  NN Dons, begraven 23 mei 1642 te Utrecht

5  NN Dons, begraven 10 juli 1643 te Utrecht

6  Peter Jansz Dons. Gehuwd op 5 januari 1684 voor het gerecht te Utrecht met Marigie Teunis. Gehuwd op 19 oktober 1689 voor het gerecht te Utrecht met Helena Aris van Eijck


2634  Gerrit Hermensz van Maurick, deken van het Zakkendragersgilde van ‘t benedeneijnt binnen Utrecht, cementmeter, zoon van Herman Faesz en Jannetgen Jans van Gemert, geboren ca. 1600, begraven 16 september 1682 in de Jacobikerk te Utrecht (#)

Gehuwd op 13 februari 1637 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2635  Hilligjen Cornelis van Appel, dochter van (?) Cornelis Bernt Cornelisz en Hubertgen Antoenis Aerts Spruijt, geboren ca. 1605, begraven 30 november 1674 te Utrecht (#)

Op 22 maart 1658 constitueren Guiljam van Steenbergen, gewesen potmeester van de armenpoth van Jacobikerk te Utrecht, Willem Geurtss Smetser, deecken van ‘t Sackedragersgilt van ‘t benedeneijnt binnen Utrecht, en Gerrit Hermanss van Mourick, gewesene deecken van ‘t Sackedragersgilt van ‘t benedeneijnt binnen Utrecht, Dirck van Poolsum, schout van de Jacobikerk te Utrecht, om land in Zwezereng te transporteren aan Cristiaen van Rodenburch, raad ordinaris hof van Utrecht.

Op 14 augustus 1678 stelt Gerrit Hermensen van Maurik, sementmeter te De Weert, weduwenaar van Hilligien Cornelis van Appel, zijn testament op. Erfgenamen zijn Huijbertie Gerrits, dochter, Willemina Gerrits, dochter, en Stijntie Gerrits, dochter. Een legitieme portie voor dochter Jannigien Gerritsen, gehuwd met Joost Jansen Donse, en zoon Hermen Gerritsen (#). Op 19 januari 1683 bereiken de erven van Gerrit Hermensen van Maurik en Hillegien Cornelis van Appels, in leven echtelieden, een akkoord over de verdeling van de boedel. Als erven zijn genoemd Huijbertie Gerritsen van Maurick dochter wonende de Weert, Hermen Gerritsen van Maurick zoon wonende de Weert, Joost Dons gehuwd met Jannigien Gerritsen van Maurick dochter wonende de Weert, en Stijntien Gerritsen van Maurick dochter wonende de Weert. Er wordt verwezen naar een testament van 14 augustus 1678 voor notaris N. Vonck. Huijbertie Gerritsen van Maurick blijkt met Hermen Gerritsen van Maurik en Stijntien Gerritsen van Maurick in het genot van de nalatenschap en heeft het opperste gezag. Gezamenlijk blijft de huur van 8 morgen weiland in Achttienhoven van het begijnhof te Utrecht. Ze vernietigen het testament van hun moeder.

Op 2 maart 1694 constitueren diverse leden van de familie Coopman om het huis aan de zuidzijde van de Watersteeg en plecht ten laste van erven Gerrit Hermansz van Maurick openbaar te verkopen.

Uit dit huwelijk:

1  Huijbertje Gerrits van Maurick

2  Hermen Gerritsz van Maurick

3  Dirck Gerritsz Spruijt, begraven 1 mei 1671 in de Jacobikerk te Utrecht

4  Willemina Gerrits van Maurick, overleden 1678-1683

Jannigje Gerrits van Maurick

6  Stijntje Gerrits van Maurick

7  Joannes Gerritsz van Maurick, gedoopt 26 maart 1654 in de Jacobikerk te Utrecht


2636  Evert Henricksz van den Berg, zoon van Henrick Evertsz, geboren ca. 1630 te Utrecht

Ondertrouwd op 3 mei 1657 en gehuwd op 17 mei 1657 in de Jacobikerk te Utrecht (get: Janneken Hendrikx moeder van bruid, Cornelis Evertsen oom van de bruidegom) (#) met

2637  Merrichjen Geurts, dochter van Geurt Hendriksz en Janneken Hendriks, gedoopt 2 augustus 1636 in de Geerte- of Catharijnekerk te Utrecht (#)

Uit dit huwelijk:

1  Jannichjen Everts, gedoopt 25 februari 1658 in de Jacobikerk te Utrecht

Hendrick Evertsz van den Bergh


2644  Anthoni de Feber , zoon van (?) Isaac le Febure, geboren ca. 1613, overleden 1656-1660. Ondertrouwd op 2 november 1651 en gehuwd op 15 november 1651 in de Waalse Kerk te Utrecht met Jannichje Thomas

Gehuwd met

2645  Elisabeth la Noij, begraven 11 augustus 1651 te Utrecht (#)

Uit dit huwelijk:

1  Peronne le Febure, gedoopt 21 maart 1641 in de Waalse Kerk te Utrecht (get: Hubert Bureau, Peronne Coulon)

2  Gertrud le Febure, gedoopt 24 april 1642 in de Waalse Kerk te Utrecht (get: Antoine Richalet, Gertrud Bernier)

3  Isaac de Feber, soldaat onder de Heer van Suijlestijn, gedoopt 21 januari 1647 in de Waalse Kerk te Utrecht (get: Isaac Nima, Charlotte Sene), overleden < 23 februari 1737. Gehuwd op 1 november 1668 te Utrecht met Cornelia Claes van Rijnbergh, begraven 23 februari 1737 in de Buurkerk te Utrecht

4  (?) Frans le Feber


2664  Willem van Colmion, begraven 10 oktober 1713 op het Nicolaikerkhof te Utrecht (#)

Gehuwd met

2665  Lambertje Willems Schenck, begraven 7 februari 1714 op het Nicolaikerkhof te Utrecht (#)

Uit dit huwelijk:

1  Johanna van Collemjon, geboren ca. 1665, begraven 16 januari 1721 op het Buurkerkhof te Utrecht. Ondertrouwd op 2 september 1688 en gehuwd op 16 september 1688 te Utrecht (get: schriftelijk consent van de vader, Lambertje WIllems haer moeder) met Willem Jansz van Rees, begraven 24 december 1703 op het Geertkerkhof te Utrecht

2  Helena Columjon, geboren ca. 1670, begraven 21 mei 1737 op het Geertekerkhof te Utrecht. Ondertrouwd op 24 maart 1695 en gehuwd op 10 april 1695 in de Domkerk te Utrecht (get: Lijsbeth de Vliegh bruidegoms moeder, Lambertje Willems bruidts moeder) met Frederick de Vliegh. Ondertrouwd op 20 juli 1727 en gehuwd op 6 augustus 1727 in de Domkerk te Utrecht met Jacobus de Heeger

3  Abraham van Colmijon, geboren ca. 1675. Ondertrouwd op 26 juni 1698 en gehuwd op 12 juli 1698 te Utrecht (get: Lambertje Willems, mater, Christiaan van Boekholt, pater) met Lijsbeth van Boekhout

4  (?) Pieter van Collenjon

5  Johannes Colmion, lintwerker, geboren ca. 1680. Ondertrouwd op 13 november 1705 te Amsterdam met Barta Blok, geboren ca. 1675, begraven 31 december 1754 op het Heiligewegs- en Leidsche Kerkhof te Amsterdam


2670  Johannes Gerritsz van Ceulen, meester knoopmaker, zoon van Gerrit Jansz van Ceulen en Aeltgen Aernts van Ammel, gedoopt 11 maart 1640 in de Jacobikerk te Utrecht (#), begraven 14 juni 1675 in de Jacobikerk te Utrecht (#)

Ondertrouwd op 25 september 1664 en gehuwd op 12 oktober 1664 in de Domkerk te Utrecht (#) met

2671  Maria Ruijters, dochter van Johannes Ruijter en Merrichjen Jans, gedoopt 21 maart 1641 in de Jacobikerk te Utrecht (#), begraven 7 januari 1713 in de Jacobikerk te Utrecht (#). Ondertrouwd op 23 juni 1678 en gehuwd op 9 juli 1678 in het Anthonigasthuis te Utrecht met Pieter Sloot

Zij wonen in de Drieharingstraat (1665, 1668) en in de Elisabethstraat (1671, 1673) te Utrecht.

Op 3 april 1678 koopt Maria Ruijters, weduwe van Johannes van Keulen in leven meester knoopmaker te Utrecht, haar onmondige kinderen Aletta en Gerrit van Keulen uit uit de boedel van haar overleden man Johannes van Keulen. Voogd voor de kinderen zijn hun ooms Aert van Keulen, meester backer, en Roeloff d’Ruijter.

Uit dit huwelijk:

1  Gerrit van Ceulen, gedoopt 11 januari 1665 in de Jacobikerk te Utrecht, overleden 1665-1666

2  Gerrit van Ceulen, gedoopt 19 september 1666 in de Domkerk te Utrecht, overleden 1666-1671

Aletta van Keulen

4  Gerard van Ceulen, gedoopt 30 maart 1671 in de Jacobikerk te Utrecht

5  Arnoldus van Keulen, gedoopt 23 november 1673 in de Domkerk te Utrecht, begraven 1 december 1673 in de Buurkerk te Utrecht


2672  Johannes Hofman, soldaat (1672), zoon van Hendrick Jansz Hoffman en Aeltje Robberts, gedoopt 28 januari 1644 in de Geerte- of Catharijnekerk te Utrecht (#), begraven 12 februari 1732 op het Buurkerk te Utrecht (#). Ondertrouwd op 28 juni 1705 en gehuwd op 21 juli 1705 te Utrecht (#) met Johanna van Rekum, begraven oktober 1731 te Utrecht

Ondertrouwd op 27 oktober 1667 en gehuwd op 13 november 1667 te Utrecht (get: Cuneer Heijndriks, oma bruidegom, en Judith Jans, moeder bruid) (#) met

2673  Catharina van der Sman, dochter van Arien Cornelisz van der Sman en Judith Jans, gedoopt 10 december 1642 te Delft (get: David Jansz, Pietertgen Ariens, Aertgen Jans) (#), begraven 27 maart 1704 op het Buurkerk te Utrecht (#)

Op 19 mei 1672 procureert Johannes Hoffman, soldaet, en zijn echtgenote Catharina van der Sman, om van zijn vader Henric Hoffman, kuiper te Utrecht, te ontvangen f 100-0-0 die deze onder zich heeft wegens verkoop van het knechtschap van de bierboom door comparant aan Hendrick Barentsz, desnoods met inzet van rechtsmiddelen.

Uit dit huwelijk:

1  Adrianus Hofman, gedoopt 21 augustus 1670 te Utrecht, begraven (?) 24 augustus 1688 in de Buurkerk te Utrecht

2  Hendrik Hofman, gedoopt 7 april 1672 te Utrecht, begraven 9 juni 1732 in de Nicolaikerk te Utrecht

Johannes Hofman

4  Appolonia Hofman, gedoopt 15 december 1678 te Utrecht, begraven 20 februari 1679 in de Geertekerk te Utrecht


2674  Wernar Fransz, zoon van Frans Weenaertszen en Griet Hendricks, geboren ca. 1620 te Utrecht, begraven 24 april 1686 op het Nicolaikerkhof te Utrecht (#). Ondertrouwd op 8 januari 1643 en gehuwd op 24 januari 1643 in het Anthoniusgasthuis te Utrecht (#) met Annichjen Jans

Ondertrouwd op 6 juni 1675 en gehuwd op 29 juni 1675 in het Anthoniusgasthuis (get: Huijbert van Oosterwijck) (#) met

2675  Hendrikje Aerts Boumans, geboren ca. 1645. Gehuwd met Jan Gerritsz

Uit dit huwelijk:

Francijntje Weernaerts

2  Margriet Wernards, gedoopt 9 juni 1678 in de Nicolaikerk te Utrecht

3  Andries Wernardsz, soldaat in de Compagnie van de heer Charles Blondel, gedoopt 1 december 1680 in de Domkerk te Utrecht, overleden 1705-1707. Ondertrouwd op 8 februari 1705 en gehuwd op 22 februari 1705 te Utrecht met Hendrina de Lauter


2676  Cornelis Aernoudt van der Marssche, jonker, zoon van Evert van der Marssche en Elisabeth Alita van der Boeije, geboren ca. 1630, overleden 1677-1680

Gehuwd op 11 januari 1653 voor het gerecht te Utrecht (#) met

2677  Francoise Marguereta van Weede, dochter van Francois van Weede en Mechtelt Francoise van Amerongen, geboren 1638 te Geestdorp, begraven 20 juli 1695 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Uitgebreide persoonsbeschrijving op de website van Franz Salzborn

Familie aangelegenheden

Op 26 januari 1654 staat Jordaen Poeijt borg voor Cornelis van de Marssche als echtgenoot van Francoise van Weede, mede-erfgename van haar vader Francois van Wede die successief erfgenaam was van zijn moeder Maria van Sneeck weduwe Daniel van Wede, in leven raad ordinaris in hof van Utrecht, inzake eventuele restitutie van hoofdsom en rente van plecht indien dat uit hoofde van sententie van preferentie en concurrentie zou dienen te geschieden.

Op 1 juli 1664 sluiten de kinderen en erven van Arnold van der Boeijen, bij name Otto Christoffel van Dieten gehuwd met Maria Mechteldis van der Boeijen, en de kinderen van Elisabeth van Berch met Willem Raijmont van der Boeijen, een akkoord met de kinderen en erven van Everhard van der Marsche en Elisabeth, bij name Cornelis Arnoud van der Marsche en Harman Franciscus Kockman gehuwd met Josina Elisabeth van der Marsche, over de verdeling van Arnold van der Boeijen en Boudewijn van der Boijen, hun broer en (oud)oom, tot wiens nalatenschap de comparanten ieder eveneens tot een derde deel gerechtigd zijn, en die in Keulen is overleden. Anna van Lerchevelt is tweede echtgenote van Arnold van der Boeijen. Elisabeth van Berch is executeur van het testament van Boudewijn van der Boijen, die executeur is geweest van het testamen van Arnold van der Boeijen. Op 8 augustus 1664 Harman Franciscus Kockman gehuwd met Josina Elisabeth van der Marsche, constitueert haar broer Cornelis Arnoud van der Marsche tot verkoop van landerijen, rentebrieven, plechten etc., de comparanten en de geconstitueerde toebedeeld middels scheiding van de erfenis van Arnolt van der Boeije, hun grootvader, en Boudewijn van der Boeije, hun oudoom van wie zij mede-erfgenaam zijn. Op 9 augustus 1664 Otto Christoffel van Dieten, Cornelis Arnoud van der Marsche en Harman Franciscus Kockman constitueren Willem van Velpen, Johannes Grimmer en Willem van Westbroeck om Elisabeth van den Berch, weduwe van Willem Reijmont van der Boeije, in leven der keijzerlijke majesteits appellations raad in koninkrijk Bohemen, als moeder en voogd van haar kinderen en gemachtigde van haar oudste zoon, en in die kwaliteit mede-erfgename van haar schoonvader en oom respectivelijk, te arresteren tot voldoening van f 899-1-7 en van f 700. Op 17 augustus 1664 dragen de kinderen van Elisabeth van Berch over aan Cornelis Arnoud van der Marsche, neef van de kinderen, hun derde deel in een rentebrief van f 200,- ‘s jaars uit nalatenschap, die nog onverdeeld gebleven was omdat Arnoud van der Boeije in Spaanse dienst was.

Op 27 juni 1671 benoemen Cornelis Aernoudt van der Marssche en zijn kinderen, Gijsbert van Bijlevelt, notaris, tot het vorderen fidei-commissaire goederen, die Daniel van Weede heeft geërfd van hun oudoom Elias van Weede. Op 13 april 1672 benoemt Francoise Marguereta van Weede, Gilbertus Junius, canunnik en vice deeken van den capittule van Ste Mariae, tot regeleing van zaken betreffende de boedel van broer Daniel van Weede. Dit gebeurt met goedkeuring van akkoord dd 1 april 1672 tussen Cornelis Arnoudt van der Marssche, als voogd van de onmondige kinderen van Daniel van Weede, en van tweede partij als administrateur van eerste partij. Op 13 september 1672 benoemen zij opnieuw Gijsbert van Bijlevelt, nu om zich door akte erfgenamen te laten verklaren van Daniel van Weede en van notaris Willem van Velpen de administratie over te nemen.

Op 22 december 1674 komen Cornelis Arnout van der Marsche en Francoise Margareta van Weede tot verzoening. Beide partijen, eerder met elkaar gehuwd maar vervolgens gesepareerd, verklaren weer samen te gaan wonen, voorlopig op Wingerveldt en later te Culemborg, waarbij de goederen van comparante eigendom zullen zijn van hun kinderen en beheerd zullen worden door Justus van der Laeck. Met goedkeuring van Everhard Josephus van der Marssche, zoon. Deze akte is op 24 december 1674 voor het hof van Utrecht bekend en op dezelfde dag voor het gerecht van Utrecht in het boek van transporten en plechten geregistreerd. Op 25 december 1674 benoemen de erven van Daniel van Weede, zijnde de onmundige kinderen van Cornelis Aernout van der Marssche, notaris hove van Utrecht Justus van der Laeck, tot het beheer van roerende en onroerende goederen.

Op 19 maart 1680 benoemt Francoisa Margareta van Weede, weduwe van Cornelis Aernout van der Marssche, Hendrick Schelling, schout van Geverscoph, om aan Maria van der Marssche te Culemborg inzage en kopie te vragen van het testament en andere papieren van Cornelis Aernout van der Marssche.

Verkoop, verhuur en transport

Op 9 juni 1654 verklaart Peter van Hardenbroeck dat Cornelis Arnolt van de Marssche, echtgenoot van Francoisa van Weede, executie van goed van comparant mag voortzetten indien f 850-0-0, rente van f 3000-0-0, niet op 1 september 1654 zal zijn voldaan. Comparant zal zich niet beroepen op verjaring van de condemnatie.

Op 29 november 1656 verhuurt Cornelis Arnolt van de Marsschen aan Henrick Gerritssen Schenckel een erff ende hoffstede, mitte huijssinge c.a. en duijfhuijsgen groot 8 mergen 4 hondt genaamd Loevenhout gelegen in het gerecht Achttienhoven. Op 25 februari 1663 verhuurt hij nog aanvullend 2 voorste weijcampen gelegen naast de hoffstede Loevenhout, gelgen in het gerecht Achtienhoven ontrent de Roodebrugh. Op 13 juli 1666 verklaart Herbert Claess over oplevering van hofstede Het Loevenhout, gehuurd van Cornelis Arnout van der Marssche, en over verrichte reparaties. Aert Cloetingh heeft de huur overgedaan aan Herbert Claess.

Op 4 februari 1661 Cornelis Arnoud van der Marsche insinueert Willem de Cock en Aert den Berger van vraag of ze de huur van de hofstede en landen waar Jan van Rossum op woont willen voortzetten. Op 16 maart 1661 verhuurt Cornelis Arnaud van der Marsche aan Jan Cornelisz van Rossum een hoffstede, boomgaert, huijs, achterhuijs, backhuijs, twee bergen, schuijr ende duijffhuijs mitsgaders nog 28 mergen weij- en bouwlant gelegen in het gerecht Houten ende Oude Wulven en 2 hont lants te Houten, met have, beesten en koren van de huurder als onderpand. Op 7 mei 1661 Cornelis Arnoudt van der Marsche, broer en mede-erfgenaam van zijn vader Everard van der Marsche, constitueert zijn broer Bitter van de Marsche om voor het gerecht van Utrecht aan Gerard van Blocklant een huis, hofstede c.a. aan de oostzijde van de Nieuwegracht te transporteren.

Op 18 juli 1663 verhuurt Cornelis Arnoud van der Marsche aan Peter Dircksz Kleijntje 11½ mergen hoijlant te Vinckeveen genaamd Hoogenbraem. Op 19 oktober 1663 Cornelis Aernoudt van der Marssche constitueert Willem Jan Schouten tot transport ten behoeve van Johan van Egeren, gehuwd met Johanna Maria van Pallaes, eerder weduwe van Johan Belten de Goesbergen, als moeder en Guilliaem Edmondt als voogd van Pieter Belten de Goesbergen, van 6 morgen land in de Hooge Birckt onder Soest. Op 25 mei 1664 verhuurt Cornelis Arnoud van der Marsche aan Adriaen Adriaensen den Jongen en Cornelis Claesen van Oostveen 5½ mergen weijlant in 3 campen gelegen in het gerecht Achtienhoven.

Op 24 november 1669 Cornelis Arnoudt van der Marsche constitueert Willem van Velsen en Gerrit van Lochem tot transport voor het gerecht van Utrecht van plechten ten behoeve van Berent van Sutphen, advocaat hove van Utrecht. Op 9 december 1669 verhuurt Cornelis Arnoud van der Marsche aan Pieter van Naerden een huijsinge mitte stalle aan de oostzijde van de Nieuwegraft ontrent het Jeronimus School gelegen aende Walle, uitgezonderd de achterkamers boven de stal.

Op 8 februari 1670 Cornelis Arnoudt van der Marsche constitueert Nicolaes Pesser om voor het gerecht van Hardenbroek te transporteren aan Elisabeth Schuijt, weduwe van Cornelis van Wijckerslooth, een plecht van f 3000,-. Op 24 februari 1670 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, wonende aan de Nieuwegraft omtrent ‘t Jeronimusschool te Utrecht, Gijsbert van Bijlevelt, notaris, tot de verkoop van percelen grond, obligaties en plechten. Op dito Cornelis Arnoudt van der Marsche constitueert Maria van der Marsche tot verkoop van 3½ morgen land te Tricht in het graafschap Buren. Op 29 maart 1670 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, Aernolt van den Berch, wonend te Antwerpen, tot de verkoop van een obligatie ten laste van de Bregittinen te Brussel. Op 1 april 1670 tekenen Cornelis Aernout van der Marssche en Maria van der Marssche een kwitantie voor voldoening van overdracht van een obligatie van f 1200 ten laste van Nederlangbroeck. Op 9 april 1670 is de obligatie overhandigd aan Ambrosius Bosschaart, schout van Nederlangbroeck. Op 29 november 1670 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, Nicolaes Pesser en Dirck van Westerholt, om voor het gerecht van Vinkeveen 12 mergen land, de Hogenbraem, te transporteren aan Cornelis Henricxe van Sethoven.

Op 5 januari 1671 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, Henrick van Duijsel, advocaet, Dirck van Westerholt en NN Holland, boode tot Montfoort, om voor het gerecht van Willeskop land ten laste van Aert van Sant, wonende aan de Vaart, te transporteren. Op 8 april 1671 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, de schout van Abcoude Statengerechte Johan van Ewijck, tot het transporteren voor het gerecht van Aesdoms St Peters van land aan Gijsbert van Bijlevelt, notaris, en Cornelia Poolvoet, echtelieden. Op 23 juni 1671 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, wijncoper Jan van Schaick en clerquen Nicolaes Pesser en Berent van Kennewech om voor het gerecht van Achtienhoven een plecht van f 5000 te passeren te behoeve van de erven Enoch Poolvoet, en om voor het leenhof van Vianen en het gerecht van Lage Haar een plecht van f 2000 ten behoeve van de erven Enoch Poolvoet te passeren.

Op 31 oktober 1671 verklaren Cornelis Aernout van der Marssche, echtgenoot van Franschoise Margareta van Wede, dat land onder Schalkwijk, verkocht aan Johan Knijff, nog op de naam van Daniel van Wede stond, die echter daarop toegestemd heeft in transport aan Johan Knijff. Op 13 januari 1683 benoemt Fransoisa van Wee, weduwe van Cornelis Aernt van der Marssche, de advocaet voor den hove van Utrecht, Hendrick van Lamsweerde, tot het innen van vordering op Hendrick Knijff als erfgenaam van vader Johannes Knijff. Op 1 april 1685 benoemt Francoise van Weede, weduwe van Cornelis Arnout van der Marssche, procureur voor den raede van Brabant in s’ Graevenhaeghe, Harmannus van Revenhorst, tot het voeren van proces in hoger beroep tegen de erfgenamen van Johannes Knijff. Op 9 april 1683 benoemt Franchoise Margareta van Weede, weduwe van Cornelis Arnoudt van der Marsche, Pieter Gerardt, vaendrich in garnisoen te Grave, en Johan de Meijer, procureur te Grave, om plecht te innen van NN Kuijff (Knijff ?), predikant te Grave.

Op 15 oktober 1673 draagt Fransoisa Margareta van Wede, echtgenoot van Cornelis Arnout van der Marssche, over aan Willem Terburch, winckelier te Utrecht, landpachten te betalen door Cornelis van Rossum te Houten, vanwege een obligatie van f 600 voor mondkosten, kamerhuur en voorgeschoten geld. Op 6 augustus benoemt Francoise Margareta van Weede, Justus van der Laeck, notaris hove van Utrecht, tot zaakwaarnemer. Op 9 augustus 1674 staat Henrick Roggen, coopman te Swol, borg voor levering in de plaats van de echtelieden Francoise Margareta van Weede en Cornelis Aernout ter Marsche, bij hun afwezigheid in Utrecht. Op 4 november 1674 tekent Cornelis Arnoudt van der Marsche een schuldbekentenis van f 340 vanwege twee eerdere obligaties, ten behoeve van Gijsbert van Bijlevelt, notaris.

Op 28 oktober 1675 benoemen Cornelis Aernout van der Marsche en zijn onmondige kinderen, Justus van der Laack, notaris hove van Utrecht, om voor het gerecht van Utrecht ten behoeve van Geerloff van den Capelle een huis aan de Wittevrouwenbrug te Utrecht uit de boedel van Daniel van Weede te transporteren. Op 17 december 1675 benoemt Justus van der Laeck, als gemachtigde van Cornelis Aernout van der Marsche, de procureur hove van Utrecht Dirck Versteech, om een proces te voeren. Op 31 januari 1676 benoemt Cornelis Aernout van der Marsche, Justus van der Laeck, notaris hoven van Utrecht, om voor schout en gerecht van Houten, Oudwulven etc. ten behoeve van Catharina Ibens, weduwe van Johannes Middeldorp te Rotterdam, plecht te vestigen op huis, hof en landerijen in Houten en omstreken, met huuropbrengst daarvan als onderpand voor jaarlijkse rente. Op 12 februari 1676 benoemen Cornelis Aernout van der Marssche en Francoise Margareta van Weede, Anthoni Versteech, procureur gerechte van Utrecht, om proces te voeren, speciaal om toe te stemmen in gerechtelijke eisen. Op 10 april 1676 benoemen Cornelis Aernout van der Marsche en zijn onmondige kinderen, Justus van der Laeck, notaris hoven van Utrecht, om aan de gemachtigden van de prins Willem III van Oranje land te verkopen. Op 5 juli 1676 benoemen de erven van Daniel van Weede, zijnde de onmundige kinderen van Cornelis Aernout van der Marssche en Francoise Margareta van Weede, de secretaris van de cleijne rolle van Utrecht Justus van der Laeck, om land te Schoonauwen uit boedel van Daniel van Weede te transporteren aan Jacob Martens, raad in de vroedschap van Utrecht. Op 10 mei 1677 tekenen Cornelis Arnold van der Marssche, echtgenoot van Francoise Margareta van Weede, en Cornelis Jansz van Rossum, wonende te Schoonouwen, een akkoord inzake verrekening van vorderingen betreffende door 2e partij gepachte hofstede in Houten, om proceskosten te voorkomen. Op 1 juli 1679 draagt Francoise Margareta van Weede, alias Francoise Margareta van der Marssche, over aan Dirck van Rijsen, advocaat hove van Utrecht, de opbrengst van verkochte goederen, na aftrekt van overige schulden, voor salaris en voorschot.

Op 10 juni 1680 verkoopt Franchoise Margareta van Weede, weduwe van Cornelis Aernout van der Marssche, en haar onmondige kinderen, een huijsinge hoffstede c.a. met 37 dammaet lants in 3 percelen in Hooglandt, Neerseldert, aan een onbekende koper. De verkoopt vindt plaats in verband met onvermogen van de eerste partij tot betalen schuld, en om schade van gedwongen verkoop voor beide partijen te voorkomen.

Leningen, betalingen en inningen

Op 24 juni 1656 Cornelis Arnolt van der Marssche constitueert Godefridus van Acquoy tot inning van twee recipissen ten laste van gedeputeerden staten ‘s lands van Utrecht, beide van f 5000,-.Op 3 juni 1659 Cornelis Arnoudt van der Marssche constitueert Dirck Schouten en Christiaen de Jonghe om voor het gerecht van Wilnis f 1700-0-0 in mindering van een plecht groot f 2000-0-0, gevestigd door Henrick Elbertssen op een bruikweer land aldaar te velde gelegen, over te dragen ten behoeve van Willem Ewoutssen van Bodegraven te Utrecht, alsmede om een plecht groot f 1800-0-0, door Arien Cornelis Antes gevestigd op 2 akkeren land mede aldaar gelegen, te casseren. Op 27 februari 1660 Cornelis Arnout van der Marsche constitueert Gerard Pelt tot cassatie van een plecht van f 1000-0-0 gevestigd op land in Bunschoten wegens aflossing door Reijer Geerlingh Heuvelinck.

Op 10 april 1660 sluiten de kinderen van Franchois van Weede, zijnde Cornelis Arnoud van der Marsche gehuwd met Franchoisa Margareta van Wede en Daniel van Weede, een akkoord met Jan Cornelisz de With over voldoening van tweede partij aan eerste partij ter zake 2 plechten gevestigd op een huis c.a. en boomgaard gelegen aan de oostzijde van het Zandpad in Schalkwijk. Op 1 november 1660 sluiten beide partijen een akkoord over voldoening van 2 plechten, samen f 850,- die eerste partij sprekende heeft op goederen van tweede partij te Schalkwijk aan de oostzijde van het Zandpad.

Op 2 februari 1661 Cornelis Arnoud van der Marsche constitueert zijn zuster Maria van der Marsche tot invordering bij notaris Acquoy en zijn vader van zijn tegoeden. Op 27 april 1661 Arnoudt van der Marsche, broer en mede-erfgenaam van zijn vader Everard van der Marsche, constitueert zijn zus Maria van der Marsche om voor het gerecht van Utrecht te transporteren aan Gerard van Blocklant een huis en hofstede aan de oostzijde van de NIeuwegracht en tot inning van een plecht van f 1200-0-0 van de weduwe van Aert van Westrenen, in leven domheer.

Op 26 maart 1662 Cornelis Arnoud van der Marsche constitueert Jacob Lauwen, schepen te Wilnis, tot cassatie van een plecht van f 500 ten behoeve van Maria van Sneeck, weduwe van Daniel van Weede, grootmoeder van echtgenote van de comparant. Op 4 april 1662 ontvangen Cornelis Arnoudt van der Marsche c.s., erfgenaam van Franchoisa van Amerongen, en Cornelis van Roijen, neef van de overdraagster, van Geertje Henricks Wasman, 1/3 erfgename van zijn moeder Grietje Aelberts van der Horst, de helft van 1/3 part van de rente van f 200 die haar verschuldigd was aan Willemina van Praet van Moerkercken, weduwe van Sombeeck die Geurt Wasman, broer van overdraagster aan laatstgeduide nog te betalen heeft. Op 19 juli 1662 Cornelis Arnoudt van der Marsche constitueert Anthonij Govertsen van Gaesbeeck, procureur en notaris te Cuijlenburch, tot procederen inzonderheid tegen Geertje Goosens weduwe van Jan Gerritsz, schepen te Culemborg, over de nagelaten boedel.

Op 15 februari 1663 Bitter, Cornelis Arnoldt, Maria en Josina Elisabeth van der Marsche constitueren Johannes Grimmer tot invordering bij Godert van Reede, Ernst van Reede en Johan van Reede van f 800,- volgens schuldbekentenis. Op 2 januari 1664 Cornelis Arnoud van der Marsche, als mede-erfgenaam van Maria van Sneeck weduwe Daniel van Weede, constitueert Cors Henricksen, gerechtsbode van Mijdrecht, om een plecht van f 1000,- te casseren. Op 24 september 1664 Cornelis Arnoudt van der Marsche constitueert Anthonij Govertsen van Gaesbeeck om voor het leenhof van het graaflijke huis Buijren in opdracht van Johan Otten van Acquoy te Culemborg, leenverlei te verzoeken terzake 3½ morgen weiland de Molencamp gelegen op Tricht in de Nieuwe Hoeve, plecht te casseren en vervolgens de landerijen van Johan Otten van Acquoy gelegen onder Beusichem uit hypothecair verband te ontslaan.

Op 8 juni 1667 Gerard van der Steen en Cornelis Arnoud van der Marssche constitueren Willem van Oudenhoven tot het innen van vorderingen op Philips de Cock van Oppijnen dict Vladeracken en diens echtgenote Geertruijt van Rijsenburch. Op 17 april 1669 Cornelis Aernout van der Marsche, als echtgenoot van Fransosa van Weede mede-erfgenaam van Maria van Sneeck in leven weduwe Daniel van Wede, constitueert Jacob Willemsz Stroinch om voor het gerecht van Mijdrecht een plecht te casseren. Op 13 april 1670 tekent Cornelis Arnout ter Marsche een schuldbekentenis van f 1200 na akkoord met NN Boschman, procureur. Op 10 juni 1670 benoemt Cornelis Aernout van der Marssche, Gijsbert van Bijlevelt, notaris, tot het afsluiten van een lening met als onderpand hun huis c.a. te Utrecht en assignatie op de huurpenningen.

Op 2 juni 1675 benoemt Johan Basti, gewesene camerlingh van Daniel van Weede, procureur s’ hoofs van Utrecht, Peter van Sompeecken, tot ontvangst van achterstallig loon van f 320 bij Cornelis Arnout van der Marssche, vader en voogd over de onmondige erfgenamen van Daniel van Weede of bij de administrateur van de boedel Justus van der Laeck.

Op 8 april 1680 tekent Francoisa Margrita van Wede, weduwe van Cornelis Aernoudt van der Marssche, een schuldbekentenis van f 46 wegens geleverd laken, onder overdracht van gelijk bedrag uit inkomsten van haar goederen, ten behoeve van Adriaen de Bruijn, laeckencooper te Utrecht. Op 2 juni 1680 benoemt Franchoijse Margareta van Weede, Daniel van den Bergh, advocaat hove van Utrecht, om het leenhof van Luttikweede verlei te verzoeken van een tiend, een huis c.a. en land in Hoogland, en om voor het leenhof in Hoogland huis en hofstede c.a. en land in Nedeseldert tot onderpand te verbinden aan obligatie ten behoeve de weduwe van Justus van der Laeck. Op 5 november 1681 brengt Francoise Margareta van Weede, weduwe van Arnout van der Marssche, f 500 in mindering op twee plechten bij Michiel Boudart, cruijdenier te Utrecht, voortkomend uit het vruchtgebruik van de goederen van Daniel van Weede, waarvan de comparante het vruchtgebruik heeft.

Uit dit huwelijk:

1  Everhard Josephus van der Marssche, jonker, geboren 1653, overleden > oktober 1680

2  Ignatia van der Marssche. Gehuwd met Johann Rudolph Oudelossenaer

3  Bitter van der Marssche, geboren 1650-1655. Gehuwd met Catharina Mulders

Franciscus Xaverius van der Marssche


2680  Roeloff Janssen de Kruijff, zoon van Jan Roeloffsen de Cruijff en Adriaentje Gerrits, geboren ca. 1620 te Wijk bij Duurstede, overleden > 5 februari 1695. Ondertrouwd op 15 januari en gehuwd op 31 januari 1682 te Wijk bij Duurstede met Elisabeth Gerrits

Ondertrouwd op 11 april 1653 en gehuwd op 26 april 1653 te Wijk bij Duurstede (#) met

2681  Cornelia Everts, dochter van Evert Gerritse en Anna Delisie, geboren ca. 1630 te Wijk bij Duurstede, overleden < 15 januari 1682

Op 2 juli 1679 en op 5 februari 1695 is Roelof Jans de Kruijff belender aan een huis en erf in de Oeverstraat te Wijk bij Duurstede.

NB: Aan de Wijckersloot te Wijk bij Duurstede woont een tweede Roeloff Jansen de Cruijff, zoon van Jan Roelofsz de Cruijff en Jannichjen Jans, en gehuwd met Aeltgen Ponssen. Op 16 januari 1678 vindt te Utrecht de scheiding plaats van de erfenis van Jan Roeloffss de Cruijff en Jannichje Jans tussen hun kinderen Roeloff Janss de Cruijff, wonende aen de Wijckerslooth te Wijck, en Cornelis Janss de Cruijff, wonende te Sterckenborch. Den 3 april 1679 heeft Roeloff Jansz de Cruijff wonende aende Wijckersloot sijn biestede (bijenkorf) aengebracht staet op sijn eijge woningh.

Uit dit huwelijk:

1  Neeltjen de Kruijff, gedoopt 21 augustus 1653 te Wijk bij Duurstede

2  Jan de Kruijff, gedoopt 14 januari 1655 te Wijk bij Duurstede

3  Anna de Kruijff, gedoopt 18 september 1656 te Wijk bij Duurstede

4  Evertje de Kruijff, gedoopt 7 februari 1658 te Wijk bij Duurstede. Gehuwd op 5 juni 1682 te Wijk bij Duurstede met Antoni Bernardt, gedoopt 18 maart 1656 te Wijk bij Duurstede

Hendrik de Kruijff

6  Trijntje de Kruijff, gedoopt 30 oktober 1660 te Wijk bij Duurstede

7  Fijghen de Kruijff, gedoopt 1 juni 1662 te Wijk bij Duurstede

8  Jacob de Kruijff, gedoopt 1 maart 1664 te Wijk bij Duurstede. Gehuwd in september 1688 te Wijk bij Duurstede met Margrietje Jans van As, gedoopt 20 maart 1664 te Wijk bij Duurstede

9  Peter de Kruijff, gedoopt 13 augustus 1665 te Wijk bij Duurstede

10  Ariaantje de Kruijff, gedoopt 31 maart 1668 te Wijk bij Duurstede

11  Cornelis de Kruijff, gedoopt 28 september 1669 te Wijk bij Duurstede

12  Cornelia de Kruijff, gedoopt 8 januari 1671 te Wijk bij Duurstede. Gehuwd op 23 februari 1705 te Wijk bij Duurstede met Krijn Willemsz van Hazendonk, geboren ca. 1670


2682  Jacob Antonisse Mom, binnenschipper, zoon van Anthonis Aertsz Mom en Maijchje Jolijs Verkerck, geboren ca. 1625, overleden 1675-1676

Ondertrouwd op 23 april 1648 te Wijk bij Duurstede (#) en gehuwd op 7 mei 1648 te Buurmalsen met

2683  Maria Hendriks van Meppel, dochter van Hendrik Hendriksz Meppel en Grietje Jans, geboren ca. 1625, overleden > 29 september 1675

Den 3en maii 1647 is rapport gedaen bij de schepenen B. Kemp, G. Kemp ende Wijborg … hoe dat sij … den officier met … Jacob Petersoon van Santen ende Jacob Thonissoon Mom over ‘t gedane vechteling hebben geaccordeert ter somme van hondert gulden, ende dat sij daerboven souden betalen de costen van de processe, welck gehoort hebben die van den gerechte ‘t selve geapprobeert.

Maendag den 8en december 1651 op de requeste van Jacob Loduwijcksoon Knijff ende Jacob Mom is geappoincteert op elx requeste. De borgeremeesteren ende regierders ouden ende nieuwen raedt der stadt Wijck admitteert den suppliant tot buijten-merckt schipper neffens een van haer tween, om met eene schuijt de rivire van de Leck te 14 dagen om te bevaren op ende van Utrecht tot commoditeijt van de gemeente, ende dat men haer beijde mede toelaet tot binnen-schippers, mits dat sij de twee weduwen sullen doen contentement ende haer regulerende nae de ordre algereets beraemt ende noch te maecken. Maendagh den 23en februarii 1652 is rapport gedaen bij den heer borgermeester Schaghen van sijn verrichting tot Utrecht bij den here van Hardenbroeck ende gravin van Zolms. Is verstaen dat Jacob Loduwijcksoon Knijff ende Jacob Mom sullen betalen aen de weduwen van Berndt van Cothen ende Jan Florissoon Deijs … voor den tijdt van drie jaren twee gulden ter weeck te weten elx van de voorschreven weduwen eene gulden, ende dat voor de verlating van ‘t veer van de binnen schuijten met hare schuijten.

Op 26 september 1654 sluit Piere Grall een plecht van 200 gld op twee huizen in de Muntstraat bij Jacob Mom en een schuld van 90 carolus gulden voor geleverde en gehaalde waren. Te betalen in twee termijnen.

Maendagh den 14en januarii 1656 is verstaen dat bij provisie ende tot wederseggens de binnen schipperen Jacob Loduwijcksoon Knijff, Jacob Mom ende Willem Vermeerten ijder een schelling, ende Loduwijck Jansoon Knijff twee schellingen weeckelick sullen contribueren tot onderhout ende alimentatie van de vrouw van Jacob Leendertsoon Cloot ende hare kinderen.

Op 7 mei 1666 vindt het transport plaats van 11 morgen, 1 hont en 17 roeden land genaamd “de Wiltcamp” door Rudolphus van Noordijck en Elisabeth van Welij aan Vrouwe Johanna van Harderbroeck en Jacob Mom. Het land is belast met 3000 gulden ten behoeve van Catharina Uitenbogaert, 1400 gulden ten behoeve van Mr. Lepetit en 1000 gulden ten behoeve van Cunera van Bilsen.

Op 2 februari 1672 benoemt Grietgen Jans van Laeckervelt, weduwe van Gijsbert Cornelis van Schalkwijck, per codicil tot haar erfgenamen de kinderen van Jacob Antoniss Mom en Maria Hendrix Meppell. Op 10 maart 1675 Isbrant Vosch als momber over de kinderen van Jacob Mom en Maria van Meppel, erfgenamen van Grietgen Jans weduwe van Gijsbert Cornelisz van Schalckwijck. Het betreft de verdeling van de goederen uit het testament van Grietgen Jan. Op 29 september 1675 vindt de publieke verkoop plaats van een huis en erf in de Peperstraat, een huis in de Peperstraat en een boomgaart in de Hoogstraat, komende uit de nalatenschap van Grietge Jans, weduwe van Gijsbert Cornelissen van Schalkwijck, bij acte van surrogatie van Maria Hendricx van Meppel weduwe Jacob Mom.

Op 6 mei 1675 is opgetekend nav een schouwing van de wegen te Wijk bij Duurstede: “Inde Peperstraet een planck op de kerck straetgjensguet te leggen, t’huijs van Jacob Mom voor aende straet dicht te maecken, een nieuwen boom aenden put teijnden de Peperstraet te maecken”.

In 1676 is in het kohier van de belasting op de bezaaide landen opgetekend: Jacob Mom s’ erfgenamen brengen aen …

Uit dit huwelijk:

1  Hendrik Mom, gedoopt 11 februari 1649 te Wijk bij Duurstede. Gehuwd in maart 1673 te Utrecht met Annetje Schijf

2  Aart Mom, gedoopt 17 augustus 1651 te Wijk bij Duurstede

3  Maijhkje Mom, gedoopt 11 januari 1654 te Wijk bij Duurstede

4  Geertruida Mom, gedoopt 26 juli 1655 te Wijk bij Duurstede. Gehuwd op 11 april 1686 te Werkhoven met Salomon Valck

5  Elisabet Mom, gedoopt 7 mei 1657 te Wijk bij Duurstede

Cornelia Mom

7  Antoni Mom, gedoopt 7 oktober 1662 te Wijk bij Duurstede, overleden < 11 mei 1724. Gehuwd in mei-juni 1694 met Johanna van Leerdam, overleden > 11 mei 1724

8  Reijnier Mom, gedoopt 22 januari 1665 te Wijk bij Duurstede


2688  Leendert Dirksz Koning, zoon van Dirck Leendersz Koning en Maritje Jans, geboren ca. 1630, overleden > 1688

Gehuwd met

2689  Tietje Claas

Uit dit huwelijk:

Dirck Leendertsz Koning

2  Jan Leendertsz Koning, geboren ca. 1660, overleden 3 november 1727 te Zandvoort. Gehuwd op 28 mei 1684 te Zandvoort met Cornelia Cornelis Koningh

Cornelis Leendertsz Koning

4  Maartje Leenderts Koning, gedoopt 29 november 1665 te Zandvoort. Gehuwd met Meerten Cornelis Jansz, overleden 3 februari 1722 te Zandvoort

5  Claes Leendertsz Koning, gedoopt 26 februari 1668 te Zandvoort, overleden 1691-1694. Gehuwd op 24 juni 1691 te Zandvoort met Leisbeth Arends Paap, gedoopt 20 oktober 1669 te Zandvoort

6  Saijer Leendertsz Koning, gedoopt 31 augustus 1670 te Zandvoort


2690  Jan Gerritsz

Kinderen:

1  Annetje Jans. Gehuwd op 25 maart 1685 te Zandvoort met Arie Cornelisz

Clara Jans

Guurtje Jans


2692  Leendert Willemsz Kerckman, haringvisser, schepen van Zandvoort (1678), zoon van Willem Ariensz en Maertje Aelberts, geboren ca. 1650, overleden 1678-1684

Gehuwd op 6 mei 1673 te Zandvoort (#) met

2693  Aeltjen Cornelis Coningh, dochter van Cornelis Leendertsz Coningh, geboren ca. 1650, overleden 31 mei 1710 te Zandvoort (#). Gehuwd op 14 mei 1684 te Zandvoort met Jacob Maartensz, geboren ca. 1650, overleden < 1714

Uit dit huwelijk:

1  Jacob Leeendertsz Kerkman, gedoopt 3 mei 1676 te Zandvoort (get: Andries Willemsz, Maartjen Aelberts, Cornelisje Willems), overleden 1676-1677

Jacob Leendertsz Kerkman


2694  Aris Huijgen Moolenaar, zoon van Huijg NN, geboren ca. 1644, overleden 23 april 1724 te Zandvoort (#)

Gehuwd op 19 mei 1669 te Zandvoort (#) met

2695  Sijtjen Meertens, dochter van Meerten Willemsz de Draijer en Neeltje Hendricks, geboren ca. 1646, overleden 22 oktober 1727 te Zandvoort (#)

Aris en Sijtjen zijn op 4 april 1680 opgenomen in het register van communicanten in Zandvoort.

Uit dit huwelijk:

1  Huigh Arijsz Moolenaar, gedoopt 11 januari 1671 te Zandvoort (get: Leendert Willemsz, Trijntje Arens), overleden 24 september 1717 te Zandvoort. Gehuwd op 1 juni 1698 te Zandvoort met Jopje Jeroens, gedoopt 30 november 1669 te Zandvoort, overleden 12 maart 1736 te Zandvoort

2  Willem Arijsz Moolenaar, haringvisser, gedoopt 3 april 1672 te Zandvoort (get: Meerten Willems de Draijer, Neeltje Hendricks), overleden 1 februari 1726 te Zandvoort. Gehuwd op 10 juni 1708 te Zandvoort met Willemtje Arijse Gaijse, gedoopt 19 december 1683 te Zandvoort, overleden 5 november 1744 te Zandvoort

3  Claes Arijsz Moolenaar, gedoopt 10 december 1673 te Zandvoort (get: Maarten Willems de Draijer, Anneke Meertens)

Dirck Arisz Moolenaar

Trijntje Arijs Moolenaar

6  Maritie Arisse Moolenaar, gedoopt 21 september 1681 te Zandvoort (get: Maarte Willemz, Neeltje Hendericks). overleden 22 april 1728 te Zandvoort

7  Jaapje Arisse Moolenaar, gedoopt 29 maart 1683 te Zandvoort (get: Maarte Willemz, Neeltje Hendericks), overleden 30 maart 1734 te Zandvoort

8  Maarten Arisz Moolenaar, gedoopt 19 november 1684 te Zandvoort (get: Treintie Maartens), overleden 10 november 1761 te Zandvoort. Gehuwd op 9 april 1713 te Zandvoort met Annetie Willems, gedoopt 11 maart 1685 te Zandvoort

9  Henderick Arisz Moolenaar, gedoopt 8 mei 1689 te Zandvoort (get: Neeltje Hendricks)


2696  Arend Jansz Groen, haringvisser, zoon van Jan Arentsz Groen, geboren ca. 1650

Gehuwd op 20 mei 1674 te Zandvoort (#) met

2697  Sijtje Volkerts, dochter van Volckert Arentsz, geboren ca. 1650

Uit dit huwelijk:

Jan Arentsz Groen

2  Elisabeth Arents Groen, gedoopt 12 september 1677 te Zandvoort

3  Volckert Arentsz Groen, gedoopt 13 augustus 1682 te Zandvoort


2698  Eewout Abels van der Schinkel, zoon van Abel van der Schinkel, geboren ca. 1635, overleden > 9 maart 1685

Gehuwd ca. 1660 met

2699  Aeltjen Claes, dochter van Claes Teunis, geboren ca. 1640, overleden > 9 maart 1685

Uit dit huwelijk:

Willem Ewoutsz

2  Claas Ewoutsz van der Schinkel, geboren ca. 1665, overleden 19 februari 1710 te Zandvoort. Gehuwd op 17 april 1689 te Zandvoort met Nelletje Jacobs

3  Dirk Ewoutsz van der Schinkel, haringvisser, geboren ca. 1668. Gehuwd op 4 mei 1692 te Zandvoort met Sara Dirks de Mulder, gedoopt 23 maart 1664 te Zandvoort, overleden 12 december 1702 te Zandvoort. Gehuwd op 27 juli 1704 te Zandvoort met Nelletje Arents Paap, gedoopt 18 december 1678 te Zandvoort, overleden 24 juli 1717 te Zandvoort

Maritie Ewouts van der Schinkel

5  Claertje Ewout van der Schinkel, gedoopt 6 oktober 1675 te Zandvoort (get: Trijn Claes), overleden 1675-1676

6  Claartje Ewouts van der Schinkel

Jannetje Ewouts van der Schinkel

8  Treijntie Ewouts van der Schinkel, gedoopt 9 maart 1685 te Zandvoort (get: Maritie Cornelis)


2700  Jan Backenhoven

Kinderen:

Hendrik Jansz Backenhoven

2  Catharina Jans Backenhoven


2702  Jan Jansz

Gehuwd met

2703  Maretie Pieters

Uit dit huwelijk:

Guurtje Jans


2704  Arend Volkertsz Groen, haringvisser, zoon van Volckert Arentsz, geboren ca. 1645, overleden > 1696

Gehuwd op 2 juni 1669 te Zandvoort (#) met

2705  Maertje Meertens, dochter van Meerten Willemsz de Draijer en Neeltje Hendricks, geboren ca. 1645, overleden > 20 augustus 1713

Uit dit huwelijk:

1  Volckert Arentsz, gedoopt 17 november 1669 te Zandvoort (get: de vader ten haringh, Neeltje Hendricks huisvrouw van Maarte Willems de Draijer)

Albert Arentsz Groen (Naatje)

3  Jacob Arentsz ‘t Heere, haringvisser, gedoopt 30 juli 1673 te Zandvoort (get: Meerten Jeroens, Maartje Jans), overleden 1704 te Zandvoort (verdronken). Gehuwd op 12 november 1697 te Zandvoort met Maartje Arents Schaap, gedoopt 15 januari 1673 te Zandvoort

4  Meerten Arentsz, gedoopt 15 maart 1676 te Zandvoort (get: Meerte Jeroens, Cornelisje Willems), overleden 11 mei 1731 te Zandvoort. Gehuwd op 2 mei 1700 te Bloemendaal met Maritje Willems, begraven 15 november 1732 te Zandvoort

5  Jopje Arents, gedoopt 28 augustus 1678 te Zandvoort (get: Meerte Jeroens, Jannetje Volckerts), overleden 1678-1682

6  Volckert Arentsz, gedoopt 22 oktober 1679 te Zandvoort (get: Maarte Hendriks Draijer, Neeltie Hendrikz). Gehuwd op 15 mei 1695 te Zandvoort met Trijntje Arents

7  Jopje Arents, gedoopt 22 februari 1682 te Zandvoort (get: Maarte Jeroens, Neeltie Hendricks)

8  Willem Arentsz ‘t Heere, haringvisser, gedoopt 3 december 1684 te Zandvoort (get: Maarte Jeroens, Arie Willemz Geijse), overleden > 30 april 1736. Gehuwd op 17 juni 1714 te Zandvoort met Marritje Dirks Koning, gedoopt 3 maart 1686 te Zandvoort, overleden januari 1715 te Zandvoort. Gehuwd op 26 januari 1716 te Zandvoort met Pietertje Arijs, gedoopt 5 januari 1687 te Zandvoort, overleden 1719-1720. Gehuwd op 5 mei 1720 te Zandvoort met Cornelia Jans Boot, geboren te Wijk aan Zee

9  Arie Arentsz, gedoopt 28 mei 1690 te Zandvoort (get: Engeltie Volkerts)


2712  Cornelis Floren, haringvisser, zoon van Floor Koper, geboren ca. 1635, overleden > 26 december 1677. Gehuwd op 19 december 1660 te Zandvoort (#) met Cuiniertje Cornelis

Gehuwd op 19 januari 1670 te Zandvoort (#) met

2713  Ariaentje Willems, gedoopt 1 mei 1650 te Zandvoort, overleden > 1699

Uit dit huwelijk:

1  Meerten Cornelisz, gedoopt 5 oktober 1670 te Zandvoort (get: Arie Meertens, Aleth Everts, Maertjen Hendricks)

2  Maertjen Cornelis, gedoopt 13 november 1672 te Zandvoort (get: Trijntjen Cornelis huisvrouw van Arien Meertens), overleden 13 juni 1728 te Zandvoort

Floor Cornelisz

4  Annetjen Cornelis, gedoopt 26 december 1677 te Zandvoort (get: Geurt Jans huisvrouw van Jan Flore)


2714  Jan Cornelisz Coning, haringvisser, zoon van Cornelis Leendertsz Coningh, geboren ca. 1640, overleden > 12 juli 1676

Gehuwd op 10 juni 1663 te Zandvoort (#) met

2715  Dirckje Jacobs, geboren ca. 1640, overleden > 12 juli 1676

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Jansz Koning, gedoopt 20 januari 1664 te Zandvoort (get: Ariaentje Cornelis), overleden 12 december 1742 te Zandvoort

2  Barber Jans Koning, gedoopt 1 maart 1665 te Zandvoort (get: Gerritje Gerrits), overleden 1665-1671

3  Jacob Jansz Koning, gedoopt 17 juni 1668 te Zandvoort (get: vader ten haringh, Arien Meertens, Gerritje Gerrits)

4  Jan Jansz Koning, gedoopt 15 december 1669 te Zandvoort (get: Gerritje Gerrits)

5  Barber Jans Koning, gedoopt 11 september 1671 te Zandvoort (get: vader ten haringh, Gerritje Gerrits), overleden 1671-1672

6  Kemp Jansz Koning, gedoopt 25 september 1672 te Zandvoort (get: Gerritje Gerrits), overleden 1672-1676

7  Barber Jans Koning, gedoopt 25 september 1672 te Zandvoort (get: Gerritje Gerrits), overleden 1672-1674

Barber Jans Koning

9  Kemp Jansz Koning, gedoopt 12 juli 1676 te Zandvoort (get: de vader ten haringh, Trijntje Cornelis, Ariaentje Cornelis). Gehuwd op 11 december 1701 te Zandvoort met Grietje Jacobs de Botter


2716  Claes Gerritsz Loos, zoon van Gerrit Dirksz Loos en Willempje Willems, geboren ca. 1650, overleden 22 mei 1719 te Zandvoort (#)

Gehuwd op 28 april 1675 te Zandvoort (#) met

2717  Jannetje Volckerts, dochter van Volckert Arentsz, geboren ca. 1650, overleden 20 januari 1716 te Zandvoort (#)

Uit dit huwelijk:

1  Cornelisje Claas Loos, gedoopt 11 december 1678 te Zandvoort (get: Hendrick Ariens Schilpsand, Engeltjen Volckerts, Sijtje Gerrits), overleden 14 oktober 1710 te Zandvoort. Gehuwd op 17 september 1702 te Zandvoort met Floor Jansz, gedoopt 18 juli 1677 te Zandvoort, overleden 19 augustus 1726 te Zandvoort

2  Gerritie Claas Loos, gedoopt 12 januari 1681 te Zandvoort (get: Wilhelmtie Wilhelms), overleden 17 juni 1719 te Zandvoort. Gehuwd op 1 mei 1718 te Zandvoort met Dirck Arijsz den Haas, haringvisser, gedoopt 23 september 1696 te Zandvoort

Volkert Claasz Loos

4  Treintie Claas Loos, gedoopt 24 september 1684 te Zandvoort (get: Engeltje Volckerts, Maritie Gerrits)

5  Cathareijntje Claas Loos, gedoopt 20 januari 1686 te Zandvoort (get: Maritie Gerritsz)

6  Nelletie Claas Loos, gedoopt 11 april 1688 te Zandvoort (get: Joris Adriaants, Neeltie Cornelis), overleden 9 augustus 1718 te Zandvoort. Gehuwd op 10 april 1712 te Zandvoort met Jacob Willemsz Zeeman, overleden 11 augustus 1756 te Zandvoort


2718  Arie Aldertsz, geboren ca. 1656, overleden 1694-1696

Gehuwd op 3 januari 1683 te Zandvoort (#) met

2719  Annetje Maartens, dochter van Meerten Willemsz de Draijer en Neeltje Hendricks, geboren ca. 1658, overleden 26 juli 1718 te Zandvoort (#). Gehuwd op 21 oktober 1696 te Zandvoort (#) met Meeus Cornelis

Uit dit huwelijk:

Jobje Arijs

2  Maritie Arijs, gedoopt 6 januari 1686 te Zandvoort (get: Treijntie Maartens)

3  Pietertje Arijs, gedoopt 5 januari 1687 te Zandvoort (get: Treijntie Maartens), overleden 1719-1720. Gehuwd op 26 januari 1716 te Zandvoort met Willem Arentsz ‘t Heere, gedoopt 3 december 1684 te Zandvoort

4  Cornelia Arijs, gedoopt 15 januari 1690 te Zandvoort (get: Neeltie Hendrikz)

5  Aldert Arijsz, gedoopt 9 maart 1692 te Zandvoort (get: Maritie Flore)

6  Aldert Arijsz, gedoopt 28 november 1694 te Zandvoort (get: Neeltie Hendriks)


2722  Aelbert Willemsz Swemmer, geboren ca. 1625

Gehuwd met

2723  Cuniertje Dircks, geboren ca. 1625

Uit dit huwelijk:

1  Theunis Aelbertsz Swemmer, geboren ca. 1657. Gehuwd op 4 januari 1682 te Zandvoort met Maritie Flore, geboren ca. 1657, overleden 4 oktober 1739 te Zandvoort

Maritie Aelberts Swemmers

3  Wilhelm Aelbertsz Swemmer, gedoopt 18 januari 1665 te Zandvoort. Gehuwd op 5 juni 1689 te Zandvoort met Trijntje Gerrits, gedoopt 4 juni 1662 te Zandvoort


2724  Pieter Paap

Kinderen:

1  Jannetje Pieters Paap. Gehuwd op 23 mei 1660 te Zandvoort met Jacob Arijsz van Duijn, haringvisser

2  Claertje Pieters Paap, overleden 31 oktober 1669 te Zandvoort. Gehuwd met Rochus Claesz, haringvisser, overleden 14 augustus 1673 te Zandvoort

Annetje Pieters Paap

4  Ariaentje Pieters Paap. Gehuwd met Jan Cornelisz

5  Maertjen Pieters Paap. Gehuwd op 6 december 1665 te Zandvoort met Pieter Cornelisz de Ruijter, haringvisser

Arent Pietersz Paap


2726  Cornelis Mazelingh

Gehuwd met

2727  Tietje Kempis (alias Trijn de Naijster), overleden 8 juni 1672 te Zandvoort (#)

Uit dit huwelijk:

Annetje Cornelis

Ariaantje Cornelis

Cuniertje Cornelis

4  Trijntje Cornelis. Gehuwd op 26 maart 1663 te Zandvoort met Arien Meertensz


2728  Arent Slagveldt

Kinderen:

Arie Arentsz Slagveldt

2  Ada Arentsz

3  Andries Arentsz. Gehuwd op 28 augustus 1694 te Zandvoort met Leuntie Claas


2748  Herman Ariensz, haringvisser, geboren ca. 1640, overleden > 22 september 1680

Gehuwd op 26 april 1666 te Zandvoort (#) met

2749  Ariaentje Cornelis, dochter van Cornelis Mazelingh en Tietje Kempis, geboren ca. 1645, overleden 8 juni 1714 te Zandvoort (#)

Uit dit huwelijk:

Annetje Hermens

2  Arien Harmensz, gedoopt 30 november 1670 te Zandvoort (get: Aentje Hermans)

3  Cornelis Harmensz, gedoopt 19 februari 1673 te Zandvoort (get: Annetjen Hermans, Trijntje Cornelis), overleden 1673-1676

Cornelis Harmensz

5  Sietje Harmens, gedoopt 25 september 1678 te Zandvoort (get: Trijntje Cornelis)

6  Wilhem Harmensz, gedoopt 22 september 1680 te Zandvoort (get: Trijntje Cnelis alias Arie Maerse)


2750  Arij Jansz den Haas

Gehuwd met

2751  Jannetje Jeroens Groen, dochter van Jeroen Jans Groen en Trijn Claes, gedoopt 14 februari 1666 te Zandvoort (get: ten overstaen van de vader, Maertjen Ariens, Lijsbeth Jans) (#)

Uit dit huwelijk:

Teunisje Arijs den Haas

2  Thijs Arijsz den Haas, gedoopt 20 september 1691 RK te Zandvoort

3  Jan Arijsz den Haas, gedoopt 9 januari 1694 RK te Zandvoort

4  Dirck Arijsz den Haas, haringvisser, gedoopt 29 september 1696 te Zandvoort. Gehuwd op 1 mei 1718 te Zandvoort met Gerritie Claas Loos, gedoopt 12 januari 1681 te Zandvoort, overleden 17 juni 1719 te Zandvoort


2752  Cornelis Floren

Gehuwd op 19 december 1660 te Zandvoort (#) met

2753  Cuiniertje Cornelis, dochter van Cornelis Mazelingh en Tietje Kempis, geboren ca. 1640, overleden 1666-1670

Uit dit huwelijk:

1  Floor Cornelisz, gedoopt 30 november 1664 te Zandvoort (get: Trijntje Cornelis)

Cornelis Cornelisz


2754  Leendert Hendricksz, geboren ca. 1640 te Noordwijkerhout, overleden > 4 december 1678

Ondertrouwd op 30 mei 1666 te Katwijk aan den Rijn (#) en gehuwd in juni 1666 te Noordwijkerhout met

2755  Trijntie Kors, dochter van Cors Cornelisz en Aaltje Claes, gedoopt 9 februari 1645 te Katwijk aan den Rijn (get: Cornelis Jans, Aegje Huijberts) (#), overleden > 4 december 1678

Uit dit huwelijk:

1  Johannes Leendertsz, gedoopt 23 mei 1673 te Katwijk aan den Rijn (get: Dirk Jeroensz, Annetje Kornelisdr)

2  Jan Leendertsz, gedoopt 30 juni 1675 te Katwijk aan den Rijn (get: Annetje Kornelisdr)

Aeltie Leenderts

4  Kors Leendertsz, gedoopt 4 december 1678 te Katwijk aan den Rijn (get: Kornelis Korz, Aaltje Klaasdr)


2758  Meeus Cornelis, geboren ca. 1650, overleden > 21 oktober 1696. Gehuwd op 21 oktober 1696 te Zandvoort (#) met Annetje Maartens

Gehuwd op 10 juni 1674 te Zandvoort (#) met

2759  Annetje Pieters Paap, dochter van Pieter Paap, geboren ca. 1640, overleden < 21 oktober 1696. Gehuwd op 13 januari 1664 te Zandvoort met Arien Cornelisz de Ruijter

Uit dit huwelijk:

Neeltje Meese


2760  Cornelis Dircksz Haasnoot, zeeman, zoon van Dirk Cornelisz Haasnoot en Trijntje Arends, geboren ca. 1630 te Katwijk aan Zee, overleden < 16 december 1691

Gehuwd op 1 november 1654 te Katwijk aan Zee (#) met

2761  Marijtje Dircks Verdoes, dochter van Dirck Verdoes, geboren ca. 1630 te Katwijk aan Zee, overleden > 16 december 1691

In december 1679 is een verlijbrief opgesteld: “Wij, Arend van Delvendiep, gesubstitueert schout te deze van Jan van de Geduchte, schout van beijde Catwijcken en ‘t Sand, mitsgaders Willem Reijne en Cornelis Maartens de Wit, schepenen aldaer, oirconden dat voor ons gecomen en verschenen zijn Floris Dirksz, Cornelis Dirksz Haasnoot, Cornelis Pietersz ende Neeltge Dircks, alle erffgenamen van Annetge Ghijsbert Roele van Duijnen, Lodewijk Gerrits IJserloo ende Jan Pieters Hus onse inwoonders tot Catwijck op Zee, seecere huijsinge en erve staende ende gelegen tot Catwijck op Zee. Belent aldaer ten oosten Anna Maertens, ten suijden Ghijs Arijens Bom, ten westen de Werff en ten Noorden Jacob Hooft enz.”.

Uit dit huwelijk:

Dirk Cornelisz Haasnoot

2  Cornelis Cornelisz Haseneut (alias de Paus), zeeman, gedoopt 17 april 1656 te Katwijk aan Zee, overleden > 1709. Gehuwd op 10 mei 1682 te Katwijk aan Zee met Annetje Arents, gedoopt 5 oktober 1659 te Katwijk aan Zee, overleden < 15 oktober 1699. Gehuwd op 15 oktober 1699 te Katwijk aan Zee met Maartje Willems, gedoopt 22 mei 1667 te Katwijk aan Zee, overleden > 20 maart 1737

3  Nelletje Cornelis Haasnoot, gedoopt 10 februari 1658 te Katwijk aan Zee, overleden 1658-1659

4  Nelletje Cornelis Haasnoot, gedoopt 28 september 1659 te Katwijk aan Zee, overleden februari 1735 (impost 27 februari 1735 te Katwijk aan Zee). Gehuwd op 7 mei 1690 te Katwijk aan Zee met Aldert Dirksz Kuijt, zeeman, gedoopt 16 december 1663 te Katwijk aan Zee. Ondertrouwd op 5 december 1711 te Katwijk aan Zee met Buijs Leendertsz Suijerduijn, gedoopt 24 oktober 1655 te Katwijk aan Zee, overleden december 1720 (impost 14 december 1720 te Katwijk aan Zee)

5  Neeltje Cornelis Haasnoot, gedoopt 15 september 1662 te Katwijk aan Zee, overleden > 1711. Gehuwd op 1 mei 1689 te Katwijk aan Zee met Maerten Willemsz van Duijvenbode, geboren ca. 1660, overleden < 21 november 1699. Ondertrouwd op 21 november 1699 en gehuwd op 6 december 1699 te Katwijk aan Zee met Arie Leendertsz Nijgh (alias Jonge Nijgh), gedoopt 11 september 1678 te Katwijk aan Zee, overleden december 1735 (impost 15 december 1735 te Katwijk aan Zee)

6  Crijn Cornelisz Haasnoot, stuurman visserij, gedoopt 4 januari 1665 te Katwijk aan Zee, overleden > 1738. Ondertrouwd op 16 april 1717 en gehuwd op 2 mei 1717 te Katwijk aan Zee met Annetje Jans (alias Prijsenberen), gedoopt 29 maart 1693 te Katwijk aan Zee, overleden februari 1777 (impost 21 februari 1777 te Katwijk aan Zee)


2762  Gijsbert Hendriks Taal, zeeman, waker, zoon van Hendrik Jansz Taal en Aeffie Gijsberts Jol, gedoopt 1 januari 1647 te Scheveningen (#), overleden 27 juli 1696 te Scheveningen

Gehuwd op 18 maart 1668 te Scheveningen met

2763  Maria Wouters Pronk, dochter van Wouter Cornelisse Pronck en Ariaentje Cente, gedoopt 17 september 1645 te Scheveningen (#), overleden 1 juni 1721 te Scheveningen

Uit dit huwelijk:

Maartje Gijse Taal

2  Wouter Gijse Taal, gedoopt 12 januari 1678 te Scheveningen. Gehuwd op 1 januari 1701 te Scheveningen met Klaertie Gerbrantse Turfboer, gedoopt 8 september 1680 te Scheveningen, begraven 8 januari 1762 te Scheveningen

3  Hendriks Gijsberts Taal, gedoopt 22 maart 1682 te Scheveningen, overleden 13 september 1728 te Scheveningen. Gehuwd op 4 maart 1703 te Scheveningen met Klaasje Gerbrandts Turfboer, gedoopt 15 november 1682 te Scheveningen, begraven 30 september 1775 te Scheveningen

4  Cornelia Gijse Taal. Gehuwd met Maarten Cornelisse Hoek


2764  Jacob Theunisz van Duijvenbode, zoon van Theunis Cornelisz van Duijvenbode en Martijntge Simons, gedoopt 17 december 1651 te Katwijk aan Zee (#)

Gehuwd op 18 juni 1679 te Katwijk aan Zee (#) met

2765  Lijsbeth Jans, geboren ca. 1655 te Rijswijk, overleden > 1712

Uit dit huwelijk:

Teunis Jacobsz van Duijvenbode

2  Geertruij Jacobs van Duijvenbode, gedoopt 12 december 1688 te Katwijk aan Zee (get: Hendrik Jansz, Marijke Verschou). Gehuwd op 19 oktober 1709 te Katwijk aan Zee met Huigh Otter

3  Martijntje Jacobs van Duijvenbode, gedoopt 15 september 1693 te Katwijk aan Zee (get: Martie Cornelisz), overleden juli 1752 (impost 8 juli 1752 te Katwijk aan Zee). Gehuwd op 17 mei 1716 te Katwijk aan Zee met Arij van Breelofsbergen

4  Johannes Jacobsz van Duijvenbode, gedoopt 6 november 1695 te Katwijk aan Zee (get: Maertie Gerritsz, Hendrik Jansz). Aangifte op 30 april 1723 en gehuwd op 16 mei 1723 te Katwijk aan Zee met Trijntje Teunis Geiteman

5  Leendert Jacobsz van Duijvenbode, gedoopt 14 december 1698 te Katwijk aan Zee (get: Dina Cornelissen de Jongh). Aangifte op 29 juni 1721 en gehuwd op 13 juli 1721 te Katwijk aan Zee met Weijntje Dircks van Duijne


2766  Cornelis Cornelisz de Jonge, zoon van Cornelis Thijsz van Duijvenbode en Dingenom Thonus Robol, geboren ca. 1625 te Katwijk aan Zee

Gehuwd op 17 mei 1653 te Katwijk aan Zee (#) met

2767  Neeltje Cornelis, geboren ca. 1630 te Katwijk aan Zee

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Cornelisz de Jonge, gedoop 15 oktober 1653 te Katwijk aan Zee, overleden 1653-1657

2  Teunis Cornelisz de Jonge, gedoopt 22 augustus 1655 te Katwijk aan Zee. Gehuwd op 4 juni 1679 te Katwijk aan Zee met Machtelt Cornelis Hoek, gedoopt 7 februari 1655 te Katwijk aan Zee

3  Cornelis Cornelisz de Jonge, gedoopt 7 januari 1657 te Katwijk aan Zee, overleden 1657-1666

4  Maarten Cornelisz de Jonge, gedoopt 6 januari 1658 te Katwijk aan Zee, overleden augustus 1725 op zee (impost 1 september 1725 te Katwijk aan Zee). Gehuwd op 3 november 1680 te Katwijk aan Zee met Niesje Ariaens

5  Jan Cornelisz de Jonge, gedoopt 23 februari 1659 te Katwijk aan Zee. Gehuwd op 16 mei 1683 te Katwijk aan Zee met Gerritje Berkheij, gedoopt 13 maart 1661 te Katwijk aan Zee

6  Aechje Cornelis de Jonge, gedoopt 26 december 1660 te Katwijk aan Zee, overleden 1660-1663

7  Stijntje Cornelis de Jonge, gedoopt 22 januari 1662 te Katwijk aan Zee, overleden 1662-1663

8  Aechje Cornelis de Jonge, gedoopt 4 maart 1663 te Katwijk aan Zee. Gehuwd op 25 maart 1685 te Katwijk aan Zee met Amerik Arijs Schaap, gedoopt 7 november 1660 te Katwijk aan Zee

9  Stijntje Cornelis de Jonge, gedoopt 4 maart 1663 te Katwijk aan Zee

10  Cornelis Cornelisz de Jonge, gedoopt 29 december 1666 te Katwijk aan Zee, overleden juni 1741 (impost 26 juni 1741 te Katwijk aan Zee). Gehuwd met Jannetje Barends Spiering

11  Dina Cornelis de Jonge

12  Willem Cornelisz de Jonge, gedoopt 10 september 1673 te Katwijk aan Zee (get: Jannetie Dirks). Gehuwd op 28 december 1698 te Katwijk aan Zee met Trijntje Cornelis Schaap, gedoopt 27 mei 1674 te Katwijk aan Zee


2768  Jan Cornelisz, schipper

Gehuwd op 11 november 1674 te Zandvoort (#) met

2769  Cornelisje Cornelis

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Jansz Kemp, gedoopt 8 maart 1676 te Zandvoort (get: Grietje Cornelis, Clara Jans), overleden 18 december 1728 te Zandvoort

Arij Jansz Kemp


2770  Arend Hendriksz Schaap, zoon van Hendrick Arendsz en Maritie Hendricks, geboren ca. 1650, overleden 21 november 1711 te Zandvoort (#). Gehuwd op 23 mei 1694 te Zandvoort met Jannetje Jacobs

Gehuwd op 31 juli 1672 te Zandvoort (#) met

2771  Grietjen Gerbrands, geboren ca. 1650, overleden 1685-1694

Uit dit huwelijk:

1  Marijtje Arents Schaap, gedoopt 15 januari 1673 te Zandvoort (get: Hendrick Arends, Trijntje Cornelis). Gehuwd op 12 november 1697 te Zandvoort met Jacob Arendsz Groen, gedoopt 30 juli 1673 te Zandvoort, overleden 1704 te Zandvoort (verdronken)

Pieter Arentsz Schaap

2  Elisabeth Arent Schaap, gedoopt 25 juli 1677 te Zandvoort (get: Hendrick Arends, Maartjen Hendricks)

Lijsbeth Arents Schaap

4  Anneke Arents Schaap, gedoopt 29 maart 1683 te Zandvoort (get: Arie Willems)


2772  Engel Aldertsz, geboren ca. 1650, overleden > 18 februari 1691

Gehuwd op 26 november 1673 te Zandvoort (#) met

2773  Geurtje Cornelis, dochter van Cornelis NN, geboren ca. 1650, overleden > 18 februari 1691

Uit dit huwelijk:

1  Maartje Engels, gedoopt 19 augustus 1674 te Zandvoort (get: vader ten haringh, Grietje Cornelis), overleden 1674-1686

2  Cornelis Engelsz Kloot

3  Arie Engelsz, gedoopt 24 november 1680 te Zandvoort (get: Cornelisje Cornelis), overleden 1680-1691

4  Pieter Engelsz, gedoopt 6 december 1682 te Zandvoort (get: Engel Aldersz, Maritie Cornelis)

5  Maritie Engels, gedoopt 29 december 1686 te Zandvoort (get: Grietje Cornelis)

6  Arie Engelsz, gedoopt 18 februari 1691 te Zandvoort (get: Maritie Flore)


2774  Hendrick Valcke, schoolmeester te Zandvoort (vanaf 1670), zoon van Jan Valcke en Annetje Laurens, gedoopt 5 februari 1640 te Haarlem (get: Francois van Werveken, Catalijntje Valcke) (#), overleden 11 oktober 1702 te Zandvoort (#). Gehuwd met NN

Ondertrouwd op 26 januari 1670 en gehuwd op 7 februari 1670 te Haarlem (#) met

2775  Grietjen Jans Cloppers, dochter van Jan Clopper, geboren ca. 1645, overleden > 1682

In 1670 is vermeld in de vergadering van de kerkenraad van Zandvoort dat ‘meester Jacobus Hercules van Basler nae dat hij het school-ampt nevens voorleser en singen in de kercke alhier omtrent x jaer bedient hadde is vertrokken nae Haerlem om meester te sijn onder het opsicht van de Edele Heeren Regenten van het kinderhuys te Haerlem. Op de Kerckelijcke vergaderinge gehouden op 25 Julias in tegenwoordicheijt van Adriaen van der Meij, Schout alhier en Claes Jacobsz, Schepen en oud ouderligh, Dirck Gaspersz, de Mulder, regerende diaken en Schepen, Maerten Willemsz, den Draijer, diaken, om te verkiesen een bequaem persoon tot het school-ampt en voorleser en singen van deze plaets te bedienen. Er sijn in confaderatie genomen de nae volgende personen, Gerardus Roorda, woont tot Alckmaer, Hendrick Valcken, woont tot Haerlem, Huibert Dicksz, woont tot Haerlem. Er sijn de meeste stemmen gevallen op Hendrick Valcken, woonachtig tot Haerlem, ‘t welck de Ede Heer Baljuw daegs daer aen is bekent gemaekt. Er heeft ons versoeck also toegestaen en daer toe was gedeputeert, ds Spiljardus en Dirck Gaspersz, de Mulder’ (#).

Uit dit huwelijk:

1  Johannes Hendricksz Valke, gedoopt 27 mei 1674 te Zandvoort (get: Jan Valcke, Aeltjen Verstraeten)

2  Simon Hendricksz Valke, gedoopt 30 augustus 1676 te Zandvoort (get: Simon Clopper, Altjen Verstraeten sijn huijsvrouw)

3  Elisabeth Hendriks Valke, gedoopt 8 mei 1678 te Zandvoort (get: Alida Verstraten)

4  Aeltie Hendriks Valke, gedoopt 12 mei 1680 te Zandvoort (get: Aeltie Verstraten), overleden > 27 maart 1718

Trijntje Hendriks Valke


2776  Dirck Eliasz Kraaij

Gehuwd met

2777  Haesie Dircks, overleden > 22 februari 1716

Uit dit huwelijk:

1  Neeltie Dircks, gedoopt 17 november 1683 RK te Zandvoort (get: Neeltie Philips), overleden 1683-1684

2  Neeltie Dircks, gedoopt 27 november 1684 RK te Zandvoort (get: Gerretie Philips). Gehuwd met Gerrit Gerritsz

3  Guurtie Dircks, gedoopt 27 november 1684 RK te Zandvoort (get: Gerretie Philips)

4  Aefie Dircks, gedoopt 16 oktober 1686 RK te Zandvoort (get: Neeltie Philips), overleden 1686-1688

5  Aefie Dircks, gedoopt 22 augustus 1688 RK te Zandvoort (get: Neeltie Philips), overleden > 20 juli 1725

6  Elias Dircksz Kraaij, haringvisser, gedoopt 15 juli 1691 RK te Zandvoort (get: Hendrick Janse). Gehuwd op 23 april 1713 te Zandvoort met Kniertie Cornelis Koper, gedoopt 31 mei 1693 te Zandvoort

7  (?) Crijn Dircksz Kraaij


2778  Arie Dammasz van Duijn, haringvisser, zoon van Dammas Ariensz van Duijn en Lidia Cornelis, gedoopt 16 december 1663 te Zandvoort (get: Aechje Rochus, Aleth Evertsdr) (#), overleden 24 maart (#) > 1704

Gehuwd op 19 mei 1688 te Zandvoort (#) met

2779  Haasie Simons, dochter van Simon Dircksz en Aefje Jeremias, gedoopt 15 februari 1665 te Zandvoort (get: Aechje Rochus) (), overleden > 12 oktober 1704

Uit dit huwelijk:

1  Lydia Ariens van Duijn, gedoopt 26 september 1688 te Zandvoort (get: Sijme Dirckse, Aafje Jeremias), overleden 14 februari 1757 te Zandvoort. Gehuwd op 22 juli 1714 te Zandvoort met Bastiaan Adriaansz Schuijten

2  Niesie Ariens van Duijn, gedoopt 12 februari 1690 te Zandvoort (get: Aeltie Simons), overleden 1690-1693

3  Dammas Ariensz van Duijn, gedoopt 27 januari 1692 te Zandvoort (get: Maritie Cornelis), overleden 1692-1696

Niesje Aris van Duijn

5  Dammas Arijsz van Duijn, gedoopt 18 november 1696 te Zandvoort (get: Aelbertie Arents). Gehuwd op 1 december 1720 te Zandvoort met Jannetje Rochus van Duijn, gedoopt 26 oktober 1698 te Zandvoort

6  Simon Ariensz van Duijn, haringvisser, gedoopt 13 november 1701 te Zandvoort (get: Jan Jacobs Bottes, de vader ten haringh sijnde, LIjsbeth Jacobs). Gehuwd op 18 maart 1725 te Zandvoort met Trijntje Rochus Douw, gedoopt 5 november 1702 te Zandvoort

7  Aafje Ariens van Duijn, gedoopt 12 oktober 1704 te Zandvoort (get: Maartje Korsse)


2780  Jacob Gerritsz Schar, zoon van Gerrit Claesz en Aelbertje Arents, gedoopt 31 oktober 1666 te Zandvoort (#), overleden 28 april 1706 te Zandvoort (#)

Gehuwd op 16 oktober 1689 te Zandvoort (#) met

2781  Annetje Hermens, dochter van Herman Ariensz en Ariaentje Cornelis, gedoopt 19 augustus 1668 te Zandvoort (get: de vader ten haringh, Annetjen Hermans, Annetje Cornelis) (#), overleden 18 april 1743 te Zandvoort (#)

Uit dit huwelijk:

1  Aagje Jacobs Schar, gedoopt 14 juni 1691 te Zandvoort. Gehuwd op 29 oktober 1713 te Zandvoort met Simon Willemsz, gedoopt 5 november 1685 RK te Zandvoort

2  Gerrit Jacobsz Schar, gedoopt 1 februari 1693 te Zandvoort, overleden 1693-1694

Gerrit Jacobsz Schar

4  Harmen Jacobsz, gedoopt 27 januari 1697 te Zandvoort

5  Claas Jacobsz, gedoopt 25 juli 1700 te Zandvoort, overleden 1700-1702

6  Claas Jacobsz Schar, gedoopt 9 april 1702 te Zandvoort, overleden 1702-1705

7  Claas Jacobsz, gedoopt 22 augustus 1705 te Zandvoort


2782  Jan Cornelisz Keesman, zoon van Cornelis Pietersz Keesman en Maertjen Abels, gedoopt 25 december 1664 te Zandvoort (get: Gerritje Cornelis) (#), overleden (?) februari 1731 te Zandvoort

Gehuwd op 2 april 1690 te Zandvoort (#) met

2783  Treintie Maartens, dochter van Meerten Willems de Draijer en Neeltje Hendricks, geboren ca. 1660, overleden 15 juli 1719 te Zandvoort (#)

Uit dit huwelijk:

1  Maritie Jans, gedoopt 1 april 1691 te Zandvoort (get: Maritie Cornelis), overleden 1691-1692

Marijtje Jans

3  Cornelia Jans, gedoopt 18 april 1694 te Zandvoort (get: Annetie Maartens), begraven 7 mei 1747 te Zandvoort. Gehuwd op 3 maart 1720 te Zandvoort met Willebrord Cornelisz Maselingh, haringvisser, gedoopt 4 december 1695 te Zandvoort, begraven 3 april 1743 te Zandvoort

4  Cornelis Jansz, gedoopt 15 januari 1696 te Zandvoort (get: Neeltie Hendricks), overleden 1696-1697

5  Cornelis Jansz Keesman, gedoopt 2 juni 1697 te Zandvoort (get: Neeltie Hendricks), overleden 5 december 1727 te Zandvoort. Gehuwd op 17 december 1719 te Zandvoort met Aaltje van der Schinkel, gedoopt 18 oktober 1693 te Zandvoort, overleden 4 december 1740 te Zandvoort

6  Maarten Jansz, gedoopt 20 december 1699 te Zandvoort (get: Sijtje Maartens)


2802  Arie Arentsz, zoon van Arent NN, haringvisser, overleden (?) 16 juli 1708 te Zandvoort. Gehuwd op 20 april 1681 te Zandvoort met Grietje Cornelis

Gehuwd op 20 februari 1667 te Zandvoort (#) met

2803  Anneken Jans, overleden 1676-1681

Uit dit huwelijk:

1  Antje Aries, gedoopt 19 januari 1667 te Zandvoort

2  Trijntje Aries, gedoopt 28 oktober 1668 te Zandvoort, overleden 1668-1672

3  Arien Ariesz, gedoopt 17 november 1669 te Zandvoort, overleden 1669-1672

4   Trijntje Aries, gedoopt 9 augustus 1671 te Zandvoort, overleden 1671-1674

5  Ariaen Ariesz, gedoopt 4 december 1672 te Zandvoort

Trijntje Aris

7  Jan Ariesz, gedoopt 12 januari 1676 te Zandvoort, overleden 3 januari 1754 te Zandvoort. Gehuwd op 23 december 1699 te Zandvoort met Maertjen Walegs, gedoopt 2 mei 1674 te Zandvoort, overleden 9 september 1743 te Zandvoort


2810  Willem NN

Kinderen:

1  Arent Willemsz Kockert. Gehuwd met Laurisie Crijnen, overleden 20 juni 1724 te Zandvoort

2  Crijn Willemsz. Gehuwd op 8 februari 1688 te Zandvoort met Aeghie Jacobs Koning

3  Jannetje Willems

4  Marijtje Willems, begraven 15 november 1732 te Zandvoort. Gehuwd op 2 mei 1700 te Bloemendaal met Maarten Arentesz Groenevelt, gedoopt 15 maart 1676 te Zandvoort, overleden 11 mei 1731 te Zandvoort

Trijntje Willems

6  Pieter Willemsz. Gehuwd op 16 december 1694 te Zandvoort met Theunisie Harmis


2814  Pieter Jansz

Gehuwd met

2815  Sijtjen Sijmons

Uit dit huwelijk:

Jannetjen Pieters


2816  Antoni Meteren, soldaat in het regiment van Paeliou, geboren ca. 1590 te Frankrijk, overleden 17 april 1665 in het St. Pietersgasthuis te Amersfoort

Ondertrouwd op 15 april 1613 en gehuwd op 23 december 1615 te Amersfoort (#) met

2817  Jannitje Lamberts

In 1625 is Anthonij Metre ingeschreven in de weeskamer te Amersfoort. Op 16 december 1663 is Antonij van Meteren in geschreven als gasteling in het Sint Pieters- en Bloklandsgasthuis te Amersfoort. Hij is uitgeschreven op 17 april 1665 (overleden).

Uit dit huwelijk:

1  Johan Meteren, gedoopt 22 september 1617 te Amersfoort, overleden > 27 juni 1684. Gehuwd met Geurtjen Jans Guisius

2  Jacomijntje Thonis, gedoopt 23 september 1619 te Amersfoort

3  Grietgen Meteren, gedoopt 17 maart 1622 te Amersfoort. Gehuwd op 28 januari 1661 Oud Katholiek ‘t Zand met Michael Cuijpers

Baijrent Thonisz

5  Lijsbeth Theunis Meteren. Ondertrouwd op 9 december 1669 en gehuwd op 26 december 1669 te Amersfoort met Jacob Willemsz


2842  Roelof Jansz

Gehuwd met

2843  Claasje Baltus

Op de uitzettingslijst familiegeld van Amersfoort uit 1675 is opgenomen ‘Roeloff Jansz, Singel bij de Doelen, te betalen heffing nihil’.

Uit dit huwelijk:

Weijntje Roelen

Lambertje Roelofs


2844  Claes Woutersz Verwint (van Geel), ruijter onder de Compagnie van Luitenant Padburgh van ZKH den Prince van Orangien (1674), zoon van Wouter Willemsz van Geel en Marritjen Cornelis Montfoort, geboren ca. 1640, overleden > 4 januari 1674

Gehuwd met

2845  Barber Jurriaens, geboren ca. 1640, overleden > 4 januari 1674

In het lidmatenboek van de gereformeerde gemeente van Amersfoort is vermeld ‘Barber Jurriaens, 25 december 1670, St Jorisstraet, Rotoorn, huisvrouw Claes Wouters’.

Op 4 januari 1674 verklaren Henrick Jans de Goijer en Jan Roelofs, borgers van Amersfoort, ‘bij eer ende vromicheijt in plaetse van eede’ ten verzoeke van Claes Wouters van Gheel, ruijter onder Compagnie van Lnt Padburgh van ZKH den Prince van Orangien, dat Van Gheel zes à zeven weken geleden ziek van Amsterdam alhier gekomen is, en dat hij ‘alsnoch sieck ende oock soodanigh onbequaem is dat hij verscheijde malen op den dagh soo stijf int bedde leijt als een staeck’. Zij, getuigen wonen in de in de buijrte van de huijsvrou van den voornoemde Claes van Geel, en dagelicx aldaer verkerende.

Uit dit huwelijk:

Wouter Claesen Verwimp

2  Grietje Claes Verwint, gedoopt 21 maart 1667 te Amersfoort

3  Aeltje Claes Verwint, gedoopt 11 juli 1669 te Amersfoort

4  Jannitje Claes Verwint, gedoopt 20 oktober 1670 te Amersfoort, overleden 1670-1672

5  Jannitje Claes Verwint, gedoopt 18 februari 1672 te Amersfoort. Gehuwd met (?) Jan Loogen


2846  Hendrick Evertsz, karman (?), zoon van Edward Storn en Aeltgen Henricxs, geboren 1627-1630 te London (GB), overleden (?) 5 augustus 1697 in het St. Pietersgasthuis te Amersfoort

Ondertrouwd op 24 november 1653 en gehuwd op 15 december 1653 te Amersfoort (get: moeder Aeltien Hendrickx, vader Jan Berentzen) (#) met

2847  Annetjen Janszen, dochter van Jan Beerntsen en Merritgen Rijckx, gedoopt 25 juli 1630 te Amersfoort (#), overleden > 12 oktober 1669

Op 29 oktober 1649 is aan Henrick Evertsz, geboren te Londen, onder uijtstell voor den tijdt van ses maenden mette de statsgerechticheijt ende borchtochte van Rutger Evertsz, oudt-schepen, burgerrechten verleend van Amersfoort.

Op 24 oktober 1678 is ingeschreven als gasteling in het Sint Pietersgasthuis Henrick Evertsen Karreman, overleden 5 augustus 1697.

Uit dit huwelijk:

1  Evert Hendriksz, gedoopt 12 september 1654 te Amersfoort

2  Margriet Hendriks, gedoopt 22 maart 1657 te Amersfoort

3  Johannes Hendriks, gedoopt 16 december 1658 te Amersfoort, overleden 1658-1667

Walburgje Hendricks

5  Aeltje Hendriks, gedoopt 11 augustus 1664 te Amersfoort

6  Johannes Hendriks, gedoopt 20 januari 1667 te Amersfoort

7  Hermannus Hendriks, gedoopt 12 oktober 1669 te Amersfoort


2852  Evert Arissen Brink, zoon van Aert Brinck, geboren ca. 1628, begraven 10 februari 1719 te Amersfoort. Ondertrouwd op 10 maart 1681 en gehuwd op 30 maart 1681 te Amersfoort met Aeltje Gijsberts

Gehuwd met

2853  Eechjen Cornelis van Houten, dochter van Cornelis Teeusz, gedoopt 18 april 1641 te Amersfoort (#), overleden 1677-1681

Evert Aertsz ten Brinck is op 2 januari 1717 ingeschreven in het Sint Pieters- en Bloklandsgasthuis te Amersfoort. Daarbij is aangegeven dat hij op 10 februari 1719 is begraven.

Uit dit huwelijk:

1  Ariaan Evertsz Brinck, geboren ca. 1660. Ondertrouwd op 26 december 1683 te Amersfoort met Stijntgen Anx

2  Hendrick Brinck, gedoopt 29 november 1664 te Amersfoort

3  Stijntje Everts, gedoopt 25 maart 1666 te Amersfoort

Albert Evertsz Brink

5  Jan Evertsz Brink, gedoopt 22 mei 1670 te Amersfoort. Ondertrouwd op 27 december 1695 en gehuwd op 12 januari 1696 te Amersfoort met Rebecca Cornelis, gedoopt 9 maart 1671 te Amersfoort, begraven 21 oktober 1722 in de St. Joriskerk te Amersfoort

6  Aeltjen Brinck, gedoopt 24 december 1671 te Amersfoort

7  Lammertje Everts, gedoopt 28 oktober 1674 te Amersfoort

8  Lambartus Brinck, gedoopt 15 februari 1677 te Amersfoort


2854  Jan Jansz

Kinderen:

Grietje Jans


2876  Evert Geurtsz van Helmerhorst, daghuurder (1671), bombasijdewerker (1683), zoon van Geurt Cornelisz van Helmerhorst en Annetje Jans, geboren ca. 1650, overleden 9 september 1716 te Amersfoort (#)

Gehuwd op 8 mei 1675 voor het gerecht van Amersfoort (get: vader Geurt Cornelisz, vader Jan Willemsz Haen) (#) met

2877  Teuntje Jans Haan, dochter van Jan Willemsz Haen en Marritgen Thijssen, geboren ca. 1650, overleden (?) < 9 september 1716

Op 22 november 1683 tekenen Evert Geurts, bombasijdewerker, en Teuntje Jans, borgers van Amersfoort een schuldbekentenis waarin zij verklaren schuldig te zijn aan Willem Jans, hun broeder en zwager, diens vrouw en beide erfgenamen, 110 Carolus gulden, voor katoen die zij van Borgermeijster van Deum en zijn broeder hebben gehad en die Willem tot zijn last genomen heeft, wat zij in termijnen zullen voldoen. Zij verbinden hieraan de goederen en erfenis, nagelaten door haar vader Jan Willems saliger. Op 24 november 1683 wordt een betalingsregeling opgesteld tussen Willem Jans en zijn vrouw Geertje Marthens met Evert Geurts, bombasijdewerker en Willems zwager, inzake geleverde katoenen. De schuld bedraagt omtrent 294 gulden, wat Willem in termijnen zal aflossen. Evert Geurts is gebruiker van acht mergen bouwland op Hamersvelt tussen 1678 en 1684.

Op 9 november 1700 compareren Gerrit Geurtsen en zijn vrouw Lijsbetje Willems, Cornelis Geurtsen en zijn vrouw Hendrijntje, Gijsbert Geurtsen en zijn vrouw Agnietje Jacobs, Jacob Gelderman en zijn vrouw Annitje Geurts, Peter Willemsen van Cleef en Marritje Geurts, mitsgaders Weijmtje Geurts weduwe van Jacobus Toorn, allen voor zichzelf; voorts zich sterkmakende voor Grietje Geurts bejaarde dochter, Evert Geurtsen en zijn vrouw Theuntje Jans, Marij Ackerman weduwe van Albert Geurtsen, Cornelis Jansen en zijn vrouw Gerritje Jacobs, Jacob Jansen bejaarde jongeman, mitsgaders voor Jan Theunissen en zijn vrouw Jannitje Jans, welke Cornelis, Jacob en Jannitje kinderen zijn van Jan Geurtsen, zijnde alle tesamen kinderen en kindskinderen en erfgenamen van Geurt Cornelissen en zijn vrouw Annitje Jans, borgers. Zij verkopen aan Peter Willemsen Blanckebijl een huis met den hof gelegen in het Hellesteeghje en aan Peter Ariaansen, bombasijnwercker en zijn vrouw Willemtje Jans twee huisjes staande naast elkaar op de Cingel (Westsingel) bij de Hellebrugh.

Op 18 oktober 1716 vindt de boedelscheiding plaats van Evert Geurtsen. Erfgenamen zijn de twee zonen Andreas Evertsen en Jan Evertsen, gehuwd met Lambertje Roeloffs. De erfenis bestaat uit meer schulden dan effecten, een half huis aan de Coningspoort in Amersfoort en gereedschap tot het bombasijnwerken en een gouden hoep.

Uit dit huwelijk:

1  Andries Evertsen van Helmerhorst, gedoopt 19 februari 1676 RK Muurhuizen te Amersfoort (get: Maria Thijssen), begraven 2 juli 1750 te Amersfoort. Gehuwd op 16 december 1718 voor het gerecht (get: oom Willem Haen, moeder Rijkje Thimens, weduwe Lambert Rutgersen) en 27 december 1718 RK ’t Zand te Amersfoort met Hendrina Lamberts, gedoopt 19 januari 1683 RK ’t Zand te Amersfoort, begraven 19 juli 1731 te Amersfoort. Gehuwd op 19 juli 1732 RK Kromme Elleboog en voor het gerecht te Amersfoort (get: moeder Ariaentje Thimens, weduwe Matthijs Willemsz van Eldert) met Claasje Matthijs van Eldert, overleden > 12 april 1776

2  Cornelis Evertsz van Helmerhorst, gedoopt 19 februari 1676 RK Muurhuizen te Amersfoort (get: Jannitgen Jans)

Jan Evertsz Helmerhorst


2888  Meijndert Wesselsz, kleermaker, geboren ca. 1625 te Löningen (D), overleden 1662-1665

Ondertrouwd op 15 augustus 1650 en gehuwd op 25 augustus 1650 te Amersfoort (get: Joost Teunissen, Bietje Rijckx) (#) met

2889  Trijntje Gerrits, geboren ca. 1630 te Amersfoort, overleden > 29 april 1674. Gehuwd op 6 december 1665 te Amersfoort met Laurens Spierinck

Op 12 mei 1656 is Meijndert Wesselsz, cleermaker, gebooren tot Leuningen in Westphalen, burgerrechten verleend.

Wessel Meijnderts, jonghman, borger van Amersfoort, de enige nagelaten zoon van Meijndert Wessels, de mede erfgenaam van Meijndert Westerhoff, zijn oudoom saliger, machtigt op 29 april 1674 zijn moeder Catrijntjen Gerrits, borgerse deser stad, om uit zijn naam met de verdere erfgenamen te procederen tot scheiding der nalatenschap, inventaris en ‘maechgescheijt op te rechten’, zijn portie te ontvangen etc. zowel op de mede-erfgenamen als op de erfgenamen van zijn oud-ooms huijsvrouw saliger.

Uit dit huwelijk:

Wessel Meijndertsz van Leuninge

2  Hendrik Meijndertsz van Leuninge, gedoopt 2 december 1655 te Amersfoort, overleden < 29 april 1674

3  Abigael Meijnderts van Leuninge, gedoopt 4 april 1659 te Amersfoort

4  Judith Meijnderts van Leuninge, gedoopt 20 juni 1662 te Amersfoort


2892  Hendrik Hendricksen den Elsen, zoon van Hendrick den Elsen, overleden > 10 mei 1663

Op 13 augustus 1686 compareren Johan Schreuijer als man en voogd van Jacobje Henricx wonend te Amersfoort, Henrick Henricks wonend te Amersfoort, Reijnier Henricks wonend te Amersfoort, tevens comparerend voor hun volle broers Anthoni Henricks en Jan Henricks, allen volle broers van Pieter Henricx, voorleden sondag verongelukt. Tevens compareert Grietje Henricx, zij is een halve zuster van de overledene. Zij compareren voor zichzelf en elkaar en als mede-mombers en bloedvoogd over Haesje Henricx, zijn onmondige zuster, terwijl Anthoni Jans Henricx namens hun zuster Jannetje Henricx, wonend te Rotterdam, gemachtigd is. Allen als erfgenamen van hun overleden broer Pieter Henricxs en machtigen Anthoni Henricx, hun oudste broer, en Johan Schreuijer en Jan Henricx om voor hen te compareren voor de Heeren Bewindhebbers der Oostindische Compagnie te Amsterdam, en te ontvangen de gagie die hun overleden broer, die onlangs uit Indie was gekomen, volgens zijn rekeningen en boeken nog tegoed heeft.

Kinderen:

1  Jacobje Hendricks den Else, overleden > 15 februari 1721. Gehuwd met Jan Harmensz Schruijer, lakendrapier, overleden 1694-1695. Ondertrouwd op 4 januari 1695 en gehuwd op 22 januari 1695 voor het gerecht (get: stiefvader Gerrit Theunisz, moeder Marritje Elberts) en op 21 januari 1695 RK Kromme Elleboog te Amersfoort met Elbert Aertsz van de Vegt, schippersknecht, overleden < 30 oktober 1715

2  Anthonij Henricksz den Else. Ondertrouwd op 16 april 1663 en gehuwd op 10 mei 1663 te Amersfoort (get: vader Hendrick Hendricksen, Aaltje Cornelis namens ouders) met Willemtje Cornelis

3  Hendrik Hendriksz den Else, overleden 1673-1678. Gehuwd op 16 augustus 1668 RK ’t Zand te Amersfoort met Aeltjen Hendricks

Reijnier Henricxse den Else

5  Jan Henricksz den Else

6  Pieter Henricksz den Else, overleden 11 augustus 1686


2894  Arien Jansz Pontman, zoon van Jan Pontman, overleden > 29 april 1684

Gehuwd met

2895  Lambertje Henrickx, overleden > 30 juli 1680

Uit dit huwelijk:

1  Jannetje Ariens Botter. Ondertrouwd op 9 juli 1680 en gehuwd op 30 juli 1680 voor het gerecht te Amersfoort (get: oom Reijer Willemsen, moeder Lambertje Henrickx, consent vader Arijen Jansz Botter) met Henrick Wulphertsz

Maritie Ariens Pontman

3  Jan Ariensz Pontman. Ondertrouwd op 27 januari 1688 te Amersfoort en gehuwd op 29 februari 1688 te Hoorn met Merritje Hendricks, geboren te Hoorn


2896  Frans Brantsz, soldaat (1606), zoon van Brant Thonisz en Jitgen Frans, geboren ca. 1585, overleden < 28 mei 1635

Ondertrouwd op 8 januari 1606 en gehuwd op 16 januari 1606 te Amersfoort (#) met

2897  Cornelisgen Goosens, dochter van Gosen Albertsz, geboren ca. 1580, overleden > 28 mei 1635. Gehuwd met Jan Hermansz

Op 24 september 1622 leent Frans Brantsz een bedrag van 400 Carolus gulden hoofdsom aan Nicolaes de Goijer en zijn vrouw Maijtgen Calff met als onderpand een huis en hofstede aan de Langegracht. Op 20 januari 1623 maken Frans Brantss en Cornelisgen Goosensdr hun testament op waarbij zij over en weer elkaar de levenslange lijftocht bemaken van al hun na te laten goederen met een volkomen bewind en adminstratie. Zij secluderen de weeskamer. 

Op 19 juni 1621 stelt Aeffgen Albertsdr, weduwe van Jan Jansz,, een nieuw testament op. Daarin bemaakt zij al haar na te laten goederen aan haar broeder Lubbert Albertsz, wonende tot Gouda, voor de ene helft, Willemtgen Jans, huijsvrouw van Thijs Corsz, de dochter van haar broeder Jan Albertsz zaliger, voor de andere helft. Of aan hun nalatende geboorte in geval van overlijden en op conditie dat zij, ieder voor de helft, haar uit en doodschulden zullen betalen en de legaten. Mocht Willemtgen Jans voor of na de comparante komen te overlijden, dan zal deze helft van de erfenis erven op Lubbert Albertsz, resp diens kinderen. Zij legateert aan, indien zij ten tijde van haar overlijden in leven zijn, haar broeder Evert Albertsz 6 carolus gulden, haar zuster Marrichgen Alberts 6 carolus gulden, de drie kinderen van Gosen Alberts, genaamd Willem, Deijltgen en Cunertgen elk 6 carolus gulden, Cornelisgen Gosen Albertsdr 1 gulden, Evert Evertsz, de zoon van Cornelisgens broeder 5 gulden. Op 25 juni 1632 herroept Aeffgen Alberts dit testament weer. In een nieuw testament vermaakt zij thans al haar bezittingen aan Lubbert Albertszn, haar broer te Goude, of bij zijn overlijden, zijn kinderen voor de ene helft, en Willemtgen Jans, dochter van zaliger Jan Albertszn, haar broer, huijsvrouw van Thijs Corszn, of bij haar overlijden, haar nalatende kinderen, voor de andere helft. Ze prelegateert aan Willemtgen Jans comparantes ‘cleerkasse en halff kasgen’ en al het linnen, wol, kussens, goud, zilver en geld dat in de twee kassen ten tijde van comparantes overlijden bevonden zal worden en 4 tinnen schotels op het ‘halffgen kasgen’ staande. Zij legateert aan de kinderen van zaliger Marrichgen Alberts, haar overleden zuster, samen 10 guldens en aan Deijltgen en Cunertgen Gosen Albertsdr elk 6 gulden, en aan Meijntgen, moeder van Willemtgen Jans, comparantes dagelijkse kleren en aan Cornelisgen Gosen Albertsdr een gulden.

Op 28 mei 1635 compareert Cornelisgen, de weduwe van Frans Brantsz, tegenwoordig huisvrouw van Jan Hermansz, voldaan bij magescheid, de hoofdsom voldaan door Nicolaes de Goijer.

Uit dit huwelijk:

Michiel Fransz Brandt


2898  Maas Gerritsen, pellewever, geboren ca. 1590, overleden in het St. Pietersgasthuis te Amersfoort, begraven 12 september 1685. Gehuwd op 3 januari 1610 te Zeist met Lesijtien Jacobs, overleden 1627-1629

Gehuwd met

2899  Aeltjen Gijsberts

Op 17 december 1627 verkopen Gerrit Crijnen voor de ene helft, Maes Gerritsz en Lucia Jacobs zijn vrouw, Gerrit Dircksz mandemaecker te Utrecht voor hemzelf en voor Crijntgen Gerrits zijn vrouw, Joachim Joachims en Henrick Gerrits zijn vrouw een huis, hof en hofstede aan de Breestraat aan Juffrouwe Willemina Saelen, weduwe van Johan Soolmans en haar erven.

Op 31 november 1629 worden zes kinderen van Maes Gerritsz Pellewever ende Lucia NN opgenomen in het burgerweeshuis, de vader borger ende de moeder van buijten geweest, te weten Annetgen Maes, out 10 jaeren, Gerrit Maesz, out 13 jaeren ‘opten 13 aprilis 1632 des avonts uut het weeshuijs sonder oorsaeck ewech gegaen, zijn wambis bij de deur over de muer in een nootteboom geworpen, heeft een scheetspoijl van Cornelis Thoenisz gehaelt ende hem nijet betaelt’, Abraham Maesz, out 12 jaeren, Isaack Maesz, out 8 jaeren ‘obiit in pesthuijs aen de pest den 9 maij 1636’, Jacob Maesz, out 7 jaeren (allen gepresenteert van Jan Crijnen, cleermaecker, van ‘s vaders sijde ende Sander Jacobsz mit Henrick Arisz van ‘s moeders sijde) en Philippus Maesz, out 6 jaeren (gepresenteert Henrick Aertsz, oem, ende Hendrick Jansz Couwenhoven, diaken tot Seijst, onder beloften als in ‘t register breder te vinden is).

Op 24 juni 1644 wordt aan Maes Gerritsz, afkomstig van Zevenhusen, burgerrechten verleende van de stad Amersfoort ‘onder uijtstell mette gerechticheijt van de stad voor den tijd van ses weken off twee maanden onder borchtochte van Simon Gerritsz, zijde laeckencooper, volgens relatie van Seger Lambertsz, deuwaerder’. Maes Gerritsz en Aeltjen Gijsberts zijn vrouw lenen op 24 april 1655 van Heer Mr Willem van Dam, oud burgemeester en Stoelbroeder in ‘t schependom, en zijn vrouw, 176 gulden voor achterstallige landpacht. Als onderpand dient 11 twaalfde parten van hun huis, hof en hofstede in de Bolderstraat waarvan een twaalfde aan zijn zuster Toontgen behoort. Maes en Aeltgen verkopen elf delen van het huis in de Bolderstraat, waarvan ‘t twaalfde deel behoort aan het onmondige kind van Dirck Gijsberts zaliger, aan Volcqen van Westrenen. Daarbij gaat 150 gulden naar Mr Willem van Dam voor voldoening van de openstaande schuld. Op 26 februari 1669 dient het huis, hof en hofstede staande bij de Bloemendalse poort en bij Maes Gerritsen gebruikt wordende, als onderpand voor een lening van Johanna van Deuverden voor haarzelf en als weduwe en boedelharster van Volquens van Westrenen. Op 5 oktober 1682 gebruikt Vrouwe Maria Elisabeth van Dam, dochter en mede erfgename van de heer Willem van Dam, het huis, schuur, hof en hofstede van Maes Gerritsz en zijn vrouw Aeltgen Gijsbertsz, gelegen in de Bolderstraat, met het recht van generale hypotheek, als onderpand voor een lening.

Op 1 augustus 1681 wordt Maas Gerritse Ruiter ingeschreven als gasteling in het St. Pieters- en Bloklandsgasthuis.

Uit dit huwelijk:

Geertruijt Maes


2900  Jan Rollen. Gehuwd met Geertjen Everts. Gehuwd op 31 juli 1687 te Barneveld met Petertjen Jans

Kinderen:

Peter Jansz Bonick


2902  Hendrik Jansen Craen, zoon van (?) Jan Joppen Craen en Marrichgen Willems, geboren ca. 1615, overleden 1667-1674. Gehuwd op 10 december 1648 te Leusden en 20 februari 1663 (!) RK ’t Zand te Amersfoort (get: Aeltge Teunis) met Anna Marcus

Ondertrouwd op 21 maart 1640 te Amersfoort (#) en gehuwd op 12 april 1640 te Hoevelaken met

2903  Willemijntje Hendriks, geboren ca. 1615 te Hoogland, overleden 1647-1648

Op 21 juni 1644 kopen Henrick Jansz Craen en Willemtgen Henricxdr zijn huisvrouw en hun erfgenamen, van de erfgenamen van Claes Gijsbertsz Schoten, een huis, schuurberg en verder getimmerte, met hof en hofstede in de Hellestraat tot aan de Clingel.

Op 3 juni 1653 verkopen Henrick Jansen Craen en Anna Marcus zijn vrouw aan Willem Henricksen van Betrum en zijn erven, een hof achter de Lieve Vrouwentoren aan de Singel, van de drup van Gerrit Jansen tot de drup van schuur of huis die in de hof door van Betrom zal worden gezet of vrij zal mogen vallen op de grond van de comparanten aan deze zijde liggend, en in de lengte tot aan de notenboom bij van Betrum bekend, met onderhoudsplicht van straat en werf. Henrick Jansen Craen en Anna Marcus zijn hierbij tevens belenders met de breedte van twee roeden. Op 14 augustus 1667 lenen Henrick Janszn Craan en zijn vrouw Anna Markus van Wilhelm Roos, oud burgemeester te Baarn, een bedrag van 200 gulden met als onderpand een huis en plaats staande in de Hellestraat.

Uit dit huwelijk:

1  Henrick Hendricksz Craan, gedoopt 17 december 1643 te Amersfoort

2  Marritgen Hendricks Craan, gedoopt 17 juli 1645 te Amersfoort

Barbara Hendricks Craan

4  Claesgen Hendricks Craan, gedoopt 22 september 1647 te Amersfoort


2904  Heinrich Veles, geboren ca. 1620

Gehuwd op 14 mei 1646 RK St. Pankatius te Anholt (D) met

2905  Anna Ansinck, dochter van (?) Wessel Warnsinck en Margareta zur Landver, gedoop 21 februari 1621 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Gret Eikelhoff) (#)

Uit dit huwelijk:

Rolf Velis

2  Anna Velles, gedoopt 6 juni 1655 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Berndt Greve, Mette ter Hart)

3  Wessel Veles, gedoopt 12 mei 1658 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Gert Hartman, Mette Brandes)

4  Anna Veles, gedoopt 9 maart 1664 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Jan Lammers, Anna Gesinck). Gehuwd (?) op 19 november 1695 RK St. Remigius te Borken (D) met Jean Hanekamp


2906  Albert ten Bollenberg, geboren ca. 1620

Gehuwd op 1 december 1646 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Herman ten Bollenborgh, Henrich Weseke) (#) met

2907  Joanna Knusenkamp, dochter van Meiss Knuvencamp en Anna Alpherdinck, gedoopt 22 maart 1622 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Johan Robbe, Deve Knuvenkamp) (#)

Uit dit huwelijk:

Anna Knueffenkamp

2  Alcken Kemekamps, gedoopt 4 juli 1650 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Johan …, Theodor Bollenberg)

3  Meiss Knusenkamp, gedoopt 8 september 1652 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Henrich Portners, Gerdtken Hanenkamp), overleden 1652-1658

4  Alheidis Knuefinkamp, gedoopt 25 juli 1657 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Aleke Schwens)

5  Meiss Knunenkamp, gedoopt 27 juni 1658 RK St. Remigius te Borken (D) (get: Wessel Kanten, Enneken tom Pass)


2908  Jan Bossier, wolhandelaar, zoon van Jan Janssen Bourssier en Martijntgen Karl Chaudron, gedoopt 26 februari 1626 te Amersfoort (#), overleden 1671-1675

Ondertrouwd op 17 juni 1648 te Amersfoort (get: moeder Martijntje Carels, Jan Palma) (#) en gehuwd op 2 juli 1648 te Bunschoten met

2909  Jannetje Aelten, dochter van Aelt Woutersz en Gijsbertgen Claes, gedoopt 20 juni 1630 te Amersfoort (#), overleden > 20 augustus 1675

In het lidmatenboek van de gereformeerde gemeente van Amersfoort is vermeld ‘Jan Bossier, cum testim. Leijdensi, soon van Martijntge Carels, attestatie 24 december 1644‘.

Op 25 september 1666 stelt Evert Wouters van Snorrenhouff, borger en inwoonder van Amersfoort, ‘sijeck van lichame sijnde, evenwell binnenshuijs gaende ende staende’ zijn testament op. Daarbij herroept hij alle voorgaande disposities, uitgezonderd de reciproke lijftocht van hem en zijn huijsvrouw Anna Jansdr, gepasseerd dd 16 januari 1650 voor notaris Nicolaes Verduijn te Utrecht, welke van kracht blijft. Hij legateert aan Willemtgen Aeltsdr, de mundige impotente dochter van zijn broeder Aelt Wouters saliger, hoedenmaker, 600 Carolus gulden, aan Adriaen Harmansz, het onmundig nagelaten zoontje van Claesgen Aelten zaliger, de dochter van zijn overleden broeder, en Harman Adriaenss zaliger, hoedenmaker, 300 Carolus gulden. Mocht Adriaen Harmansz overlijden zonder na te laten geboorte, dan zal dit weder komen en erven op de dan in leven zijnde naaste vrunden van de testateur. Hij legateert voorts aan de kinderen van Neeltgen Everts en haar overleden man Cornelis Reijersz, hoedenmaker, 500 Carolus gulden, mits Neeltgen Everts, de dochter van de oom van de testateur, daarvan levenslang de jaarlijkse renten trekken zal. Hij prelegateert aan Wouter Willemsz, molenaer tot Naerden, de zoon van testateurs zuster, een lap zwart laken van 6 ellen, twee zwarte kleine lakense mantels, een ‘vuijr-roer’ en al de wollen klederen van de testateur en de helft van zijn linnen lijfsklederen, aan Jannitgen Aelts, dochter van Aelt Woutersz, voornoemd en huisvrouw van Jan Jans ‘in de schaepskoij’ de wederhelft van het lijfslinnen, de rouwmantel van de testateur en een lap zwart laken van 3 ellen. Al zijn andere na te laten goederen, inclusief winkelwaren bemaakt hij voor de ene helft aan zijn neve Wouter Willems, of diens nalatende geboorte in egale portien in geval van vooroverlijden en de andere helft aan zijn nicht Jannitgen Aeltsdr, of haar nalatende geboorte. De legaten zullen binnen het jaar na zijn dood betaald moeten worden. Met seclusie van de Weeskamer. In margine opgenomen notities dat op 25 oktober 1666 geleverd is int sterfhuijs aan de erfgenamen en ontvangen 3-12-0, en dat dd 6 november 1666 extract is geschreven voor het weeshuijs van Naerden, vanwege de kinderen van Wouter Wilems, molenaer, zaliger en betaald is 1-16-0 door Willem Jans, binnenvader van het weeshuijs aldaar, en aan het gezonden. En 8 stuivers betaald aan Cornelis Caen, voor ‘t extract van de codicile door Wouter Willems, gepasseerd dd 2 november 1666, en meegezonden aan de binnenvader.

Op 2 juli 1667 verkopen curatoren over de boedel van Wouter Willemsen Caelbaert voor de ene helft, en Jan Bossier en zijn vrouw Jannitgen Aelten voor de andere helft, erfgenamen van Evert Woutersen van Snorrenhoef en de erfgenamen van Anna Jans, weduwe van Evert Woutersen van Snorrenhoef, aan Samuel Thiens en zijn vrouw, zekere kamp land groot ruim een morgen genaam de Lewerijckse camp met houtgewas daarop staande en gelegen buiten de Slijkpoort en voorts nog een half morgen land gelegen achter de voornoemde Lewerijckse camp, omverdeeld in een morgen land gemeen met Cornelis van Liendert.

Op 22 december 1668 verkopen Jan Bossier en zijn vrouw voor zichzelf en als gemachtigden voor de curatoren over de boedel van Wouter Caelbaert, een vierde part van twee woningen in de Kamperbinnenpoort, waarvan de andere drievierde parten reeds aan de kopers toebehoren. Op 29 juni 1669 verkopen Jan en Jannitgen de helft van zekere hof gelegen buiten de schoolpoortje, uit de voormalige voedel van Evert Woutersz van Snorrenhoef.

Op 29 juli 1675 verkoopt Jannitgen Aelten, weduwe van Jan Bossier, voor 300 gulden van 20 stuivers het stuk, een huis, hof en hofstede aan de Langestraat, omtent de Varkensmarkt. Twee dagen later, op 31 juli 1675, verkoopt Jannitgen Aeltgen, weduwe en boedelhoudster van Jan Bossier, voor 250 Carolus gulden van 20 stuivers het stuk, uit zake van geleverde wol door haar man, een huis aan de Langstraat, voor 400 Carolus gulden van 20 stuivers het stuk een huis staande in de Lieve Vrouwestraat, voor 400 Carolus gulden van 20 stuivers het stuk een huis staande aan de Langestraat en voor 400 Carolus gulden van 20 stuivers het stuk het halve huis staande in de Lieve Vrouwestraat. Op 19 augustus 1675 compareert Jannitgen Aelten, weduwe en boedelharste van Jan Borssier. Zij is mede-erfgename van Aelt Wouters en Ghijsbertgen Claes, haar ouders saliger. Uit dien hoofde draagt zij over aan en ten behoeve van Cornelis Boelhouwer, mede-comparant, de helft van een kapitaal van 200 gulden ten laste van Henrick Jans tot Emenes, onder borgtocht van Henrick Gerrits plus de helft van 1900 gulden, in meerdere kapitalen, ten laste van Jacobus de Ferreris. De wederhelft van deze kapitalen behoort toe aan haar zuster zoon Adriaen Hermans. Diens obligaties, hem aanbestorven door het overlijden van de moeder, berusten bij Daniel van Esch, mede-momber van Adriaen Hermans. Op 20 augustus 1675 verkoopt Jannitgen voor 100 Carolus gulden van 20 stuivers het stuk een huis, hof en hofstede aan de Langstraat, omtrent de Varkensmarkt.

Uit dit huwelijk:

Jan Bossier

2  Geertruijt Bossier, gedoopt 20 augustus 1650 te Amersfoort, overleden 1650-1652

3  Geertruijt Bossier, gedoopt 26 februari 1652 te Amersfoort

4  Joannes Bossier, wolkammer, gedoopt 15 september 1654 te Amersfoort. Gehuwd op 18 juli 1680 te Leiden met Neeltge Aelberts

5  Wouter Bossier, gedoopt 26 juni 1657 te Amersfoort

6  Carel Bossier, gedoopt 30 december 1659 te Amersfoort, begraven 20 december 1718 te Amersfoort. Ondertrouwd op 14 april 1687 en gehuwd op 6 mei 1687 te Amersfoort met Catharina Jacobs

7  Rijckjen Bossier, gedoopt 21 augustus 1662 te Amersfoort

8  Aelt Bossier, gedoopt 9 april 1665 te Amersfoort, overleden 1665-1670

9  Claasjen Bossier, gedoopt 13 oktober 1667 te Amersfoort

10  Aelt Bossier, gedoopt 24 december 1670 te Amersfoort


2912  Lubbert Geurtsz van Steenbeek, zoon van Geurt Lubbertsen en Dirckgen Peters, gedoopt 10 september 1609 te Amersfoort (#), overleden 1658. Ondertrouwd op 25 januari 1634 en gehuwd op 9 februari 1634 te Amersfoort (get: Willem Lubberts, slotemaker namens moeder) met Cunertge Lamberts, overleden 1634-1647

Ondertrouwd op 12 november 1647 en gehuwd op 27 november 1647 te Amersfoort (get: Evert Rutgersz) (#) met

2913  Nellitje Jans, dochter van (?) Jan Rutgerssen en Aeltgen Peelen, geboren ca. 1615, overleden < 7 november 1679. Ondertrouwd op 25 maart 1637 en gehuwd op 10 april 1637 te Amersfoort (get: oom Evert Rutgersen en Geertje Rutgers) met Dirck Jansz

In 1659 schrijft Nellitje Jans zich in bij de weeskamer als weduwe van Lubbert Goortsz. Op 17 december 1658 koopt Nellitge Jans, weduwe van Lubbert Gerritsz van Steenbeeqsz en hun erven, van de Regenten van het St Peters Gasthuis een huis, hof en hofstede in de Hellestraat.

Op 7 november 1679 verkopen Jan Lubbertsz, Peter Lubbertsz, Peter Jacobsz, als weduwenaar van Gijsbertje Lubberts en vader en voogd van sijn onmondige kinderen, bij hem van de voorzegde Gijsbertje Lubberts behouden, Dirckje Lubberts, geassisteerd met de voornoemde Jan Lubbertsz, haer broeder ende Peter Jacobsz haer swager, tesamen kinderen en erfgenamen van haer moeder saliger Nellitje Jans, weduwe van Lubbert Geurtsz, het huis aan de Hellestraat aan Dirck Aelbertsz.

Uit dit huwelijk:

1  Gijsbertje Lubberts, gedoopt 13 maart 1649 te Amersfoort, overleden 1670-1679. Ondertrouwd op 17 maart 1670 en gehuwd op 10 april 1670 te Amersfoort met Peter Jacobsz

2  Dirckie Lubberts, gedoopt 15 januari 1651 te Amersfoort, overleden > 7 november 1679

3  Jan Lubbertsz, gedoopt 17 november 1654 te Amersfoort. Gehuwd op 29 april 1675 te Amersfoort met Willemtje Willems, overleden 1690-1692. Gehuwd op 30 juni 1692 te Amersfoort met Aeltje Aelberts

Peter Lubbertsz van Steenbeek


2918  Aelt Jansen, soldaat onder Kapiteit Edward Morgan (1641), geboren ca. 1615 te (?) Nijkerk

Ondertrouwd op 20 februari 1641 te Amersfoort (get: sergeant Hendrick Cruijsen, Weijmtgen Ghijsberts) (#) en gehuwd op 14 maart 1641 te Hoevelaken met

2919  Hendrikje Dirks, geboren ca. 1620 te Amersfoort, overleden 14 augustus 1692 in het St. Pietersgasthuis te Amersfoort

Uit dit huwelijk:

1  Jan Aelten, gedoopt 7 maart 1648 te Amersfoort. Ondertrouwd op 22 juni 1677 en gehuwd op 7 juli 1677 voor het gerecht te Amersfoort (get: moeder Henrickje Dircks, weduwe Aelt Jansz, moeder Lijsbeth Dirckx, huisvrouw Henrick Henrickxsz) met Maria Hendriks, overleden 1692-1696. Gehuwd op 8 augustus 1696 RK ’t Zand en voor het gerecht te Amersfoort met Stijntje Hendriks

2  Lambert Aelten,gedoopt 19 februari 1650 te Amersfoort

Emmerentia Aelten


2920  Aert Fennis, timmerman, zoon van Bartholomeus Gentij de Finis en Marritgen Aerts, gedoopt 31 december 1615 te Amersfoort (#), overleden > 20 februari 1658

Gehuwd met

2921  Lijsbeth Oloffs, overleden > 1675

Op 19 februari 1650 vindt het transport plaats van een lening van 300 gulden aan persoon te Naarden, 100 gulden aan Loogh Woutersz Brouwer en 50 gulden aan Cornelis Jacobsz Lakenkoper aan Aert Fennis, als erfgenaam van Marritgen Aertdochter vrouw van Bartholomeus Fennis. De lening komt van de gemachtigde van Guert Aertsz, timmerman te Barneveld voor zichzelf en als momber over Rijckgen Berent Aertsz. Op 20 februari 1658 verkopen Aert Fennis, timmerman, en Lijsbeth Oloffs, zijn vrouw, een huis op de hoek van de Sprengel bij de Varkensmarkt aan Anthoni Cruijff, zijn vrouw en hun erven. Daarbij is opgemerkt dat de lening van 300 gulden aan Jacob Simonsen Verhoeff, burgemeester van Naarden, is voldaan.

Op de uitzettingslijst familiegeld van Amersfoort uit 1675 is vermeld ‘Weduwe van Aert Fennes, Bolderstraat, te betalen heffing nihil’.

Uit dit huwelijk:

Bartholomeus Aertsen Fennes

2  Catharina Aerts Fennis, gedoopt 23 juli 1650 te Amersfoort. Ondertrouwd op 5 mei 1664 en gehuwd op 3 juni 1664 te Amersfoort (get: moeder Elisabeth Olephs) met Hendrick Warnaarsz, geboren te Kampen

3  Oloff Aertsz Fennis, gedoopt 13 februari 1653 te Amersfoort

4  Marije Aerts. Gehuwd met Carel Philipsen


2924  Johan Andriesz van Sandendael, overleden 1674-1675. Gehuwd met Nelletje Schade

Gehuwd met

2925  Goutgen den Elingh, dochter van Roelof Hendriksz den Eling en Nelletje Jans Brinck, overleden < 9 oktober 1663

Op 9 oktober 1663 koper Jan Olij van Sandendael voor de ene helft en Foet Schade voor de andere helft, een kamp land genaamd knoetshof buiten de Utrechtsepoort in de vrijheid. Op 8 februari 1664 is Jan Andries van Sandendael genoemd als belender.

Op de uitzettingslijst familiegeld van Amersfoort uit 1675 is opgenomen ‘Weduwe van Johan van Sandendael met de kinderen tezamen, Varkenmarkt, te betalen heffing 37 guldens en 10 stuivers’.

Uit dit huwelijk:

1  Hendrik van Sandendael, olieslager, geboren 1651-1652 te Amersfoort. Ondertrouwd op 18 oktober 1675 en gehuwd te Amsterdam met Beatrix Scheen, geboren 1652-1653 te Amsterdam, overleden 1692-1695. Ondertrouwd op 22 november 1695 en gehuwd op 7 december 1695 voor het gerecht en RK ‘t Zand te Amersfoort met Elisje Elis, overleden > 30 mei 1699

2  Gijsberta van Sandendael, begraven 9 februari 1733 te Amersfoort. Ondertrouwd op 1 mei 1676 te Amsterdam en gehuwd op 9 mei 1676 voor het gerecht van Amersfoort (get: neef Hendricus van Sandendael, moeder Nelletje Schade, weduwe Johan van Sandeldael) met Pieter van Tol, overleden < 18 februari 1695

Andries van Sandendael


2926  Gerrit Aertsz van Scherpenzeel, zoon van (?) Aert Gerritsz, gedoopt 17 januari 1647 te Scherpenzeel (#)

Gehuwd met

2927  Trijntghen Dircks van Langelaer, dochter van Dirck Dircksz van Langelaer en Mechteldje Jacobs Fontain, gedoopt 8 mei 1642 te Wijk bij Duurstede (#)

Uit dit huwelijk:

Jacobje Gerrits van Langelaer


2928  Meijnt Menninck, bouwman op Memelinck tussen Hengelo en Vorden, geboren ca. 1615, overleden 1668-1674

Gehuwd met

2929  Berentien Meijnts. Gehuwd op 29 februari 1674 te Hengelo (Gld) met Berent Jacobs

In 1645 en 1668 is Meijnt Menninck genoemd als lidmaat te Hengelo.

Uit dit huwelijk:

1  Jorden Menninck. Gehuwd op 23 juli 1661 te Hengelo (Gld) (get: Henrick Memelincks, Meijnt te Mennincks) met Trijntien Memelincks, geboren te Hengelo (Gld)

2  Aeltien Menninck. Gehuwd op 22 maart 1663 te Hengelo (Gld) met Jan Janssen Brinck, geboren te Drempt

3  Sweerken Meijnts Menninck. Gehuwd met 1 mei 1667 te Hengelo (Gld) met Derck Berentsen, geboren te Baak

4  Toenis Menninck. Gehuwd op 19 juli 1674 te Lochem (Gld) met Aeltien Menckvelts, geboren te Lochem

5  Roeloff Menninck, gedoopt 10 mei 1646 te Hengelo (Gld). Gehuwd in 16 februari 1679 te Hengelo (Gld) met Griete Rerinck, geboren te Hengelo (Gld)

6  Wendele Menninck, gedoopt 6 juli 1651 te Hengelo (Gld) (get: Willem Egginck, Gerrit Valewincks dochter Berentien ende Bertolt Langele sijn huisvrouw)

7  Berent Meijnts Menninck, gedoopt 29 november 1654 te Hengelo (Gld) (get: Herman Langele, Henrick Valewinck, Dries Abbincks vrouw). Gehuwd op 24 mei 1685 te Hengelo (Gld) met Anneken Jansen Hissinck, geboren te Vorden

8  Maria Meijnts Menninck. Gehuwd op 14 februari 1675 te Hengelo (Gld) met Jan Hermsen, geboren te Hengelo (Gld)

Gosen Meiss Menninck

10  Jan Menninck. Gehuwd op 25 oktober 1691 te Hengelo (Gld) met Geertien van Zeijst, geboren te Hengelo (Gld)


2932  Dirck Pietersz, linnewever, geboren ca. 1640 te Knegsel, overleden 17 april 1719 te Amersfoort (#)

Ondertrouwd op 30 mei 1667 te Amersfoort (#) met

2933  Weijmtje Sanders, dochter van Sander Sandersz Bredtsla en Rijckje Peters, gedoopt 20 januari 1628 te Amersfoort (#), overleden > 17 juli 1701. Gehuwd op 8 mei 1653 te Hoevelaken (get: Marelis Jacobsen, moeder Rijckie Peters) met Hendrick Peters, geboren te Haarlem, overleden 1664-1667

Op 15 juli 1667 verkrijgt Dirck Petersz, linnewever, geboortigh van Knijsel in de meijerije van Den Bosch, burgerrechten van de stad Amersfoort.

Uit dit huwelijk:

Antoni Dircksen

2  Pieter Dircksz. Ondertrouwd op 9 december 1692 en gehuwd op 24 december 1692 voor het gerecht te Amersfoort (get: vader Dirck Pietersz, moeder Willemijntje Schrijvers, huisvrouw Barent Barentsz) met Christina Hendriks


2934  Meeuws Gijsbertsz

Gehuwd met

2935  Grietje Cornelis Huijgen

Uit dit huwelijk:

Marritje Meeuwsz


2936  Ariaen Aeriaensen, soldaat. Gehuwd met Petergen Henricx

Ondertrouwd op 14 januari 1637 en gehuwd op 31 januari 1637 te Amersfoort (#) met

2937  Belitgen Aerts, geboren ca. 1615 te Nijmegen

Uit dit huwelijk:

1  NN Arissen, gedoopt 6 december 1637 te Amersfoort

2  Cornelia Arissen, gedoopt 8 december 1639 te Amersfoort

3  Arien Arissen, gedoopt 24 maart 1644 te Amersfoort, overleden 1644-1648

Arien Arissen van Nort

5  Jannetje Arissen, gedoopt 4 maart 1649 te Amersfoort


2938  Rutger Willemsz, zoon van Willem Rutgersz en Geertgen Wouters, gedoopt 4 mei 1620 te Amersfoort (#)

Kinderen:

Cornelia Rutgers

2  Helena Rutgers, gedoopt 2 januari 1649 te Amersfoort


2940  Jan Claesz van Calveen, vleeshouwer, zoon van Claes Thijsz van Calveen, geboren ca. 1610, overleden 1665-1668

Gehuwd < 4 februari 1639 met

2941  Nellitgen Everts, overleden > 7 maart 1665

Op 4 februari 1639 kopen Jan Claessen, vleeshouwer, en zijn vrouw Neeltgen Everts, zekere hof, hofhuisje en plantsoenen daarin, staande en gelegen buiten de Triesgenspoort van Maria Willems, weduwe van Jan Jacobsz Craen. Op 17 augustus 1650 sluiten Jan Claesz Vleijschouwer, zijn vrouw en erven en lening af van 250 gulden aan Geertgen Lourens met Tonis Lamberts, deurwaarder en haar voogd, met een losrente van 12 gulden en 10 stuivers. Als onderpand dient een huis aan ‘t St Joriskerk. In 1683 verklaren Evert Jansz van Calveen, Arien Jansz van Calveen en Aert Henricx, man van Aeltie Jans van Calveen, erfgenamen en kinderen van Jan Claess, uit handen van Jan Willemsz van Raelt de schuldsom ontvangen en voldaan. Op 16 oktober 1653 transporteert Aert Janss Backer een achtste deel van een huis, hof en hofstede gelegen onder Hoogland en gebruikt bij Willem Ghijsbertss, aan Jan Claesz Calveen, vleeshouwer, en Nellitgen Everts, echtelieden.

Op 12 februari 1660 verkoopt Evert Graeff een stuk grond gelegen aan de Teutstraat te Amersfoort aan Jan Claess Calveen en Nellitgen Evertsdr, echtelieden. Op 10 maart 1660 kopen Jan Claesen van Calveen en zijn vrouw Nellitgen Everts van Meus Evertsen Graeff en zijn vrouw Aertgen Geurtsdr, grond waarop een ‘berch’, gelegen in de Teutstraet, strekkende voor van de straat tot aan de hof van de transportanten lijnrecht van het einde van den hof van Geurt Gisbertsen Breethorst, naar den hof van Roelof Gerritsen van Groot Blanckelaer. Op 25 maart 1661 is Jan Claesz van Calveen belender gelegen naast een huijsken, staande aan de Bloemendalsestraat. Op 15 oktober 1661 koopt Jan Claess van Calveen, vleeshouwer, een huis, hof, schuur en toebehoren gelegen in de Godschalckstraat te Amersfoort, genaamd de Oudemunt, van Hendrick de Bruijn.

In april 1662 verkoopt Claes Janss van Calveen, mede als momber over zijn innocente broer Thijs Janss, twee achtste delen van het goed genaamd Calveen, met huis, schuur, hof, bepoting en beplanting, aan Jan Claess van Calveen. Op 28 juni 1662 vindt een estimatie plaats van het erf en goed genaamd Cleijn Calveen behorende aan Jan Claesz van Calveen. Op het goed woont Willem Gijsbertss met Anna Jansdr, echtelieden. Op 17 augustus 1662 vindt  Jan Claesz van Calveen een huis, hof en hofstede met de schuur en aancleven staande en gelegen in de Goodschalckstraet, vanoud genaamd De Oude Munt, strekkende voor van de straat tot in den Stooffstraet (zelfde als 15 oktober 1661 ?). Op 22 augustus 1662 vindt het transport plaats van De Oude Munt, door de voogden van de vier onmondige kinderen van zaliger Henricus de Bruijn. Op 7 december 1662 verkopen Jan Claess van Calveen en Nellitgen Everts, echtelieden, het huis De Oudemunt aan de Godschalckstraat, aan Steven Huijgen Drapijer.

Op 31 maart 1663 is Jan Claess van Calveen, vleeshouwer, belender aan de zuidzijde van een hof, huisje, bomen en struiken buiten de St Andriespoort (Triesgenspoort). Op 7 november 1664 is Jan Claesz van Calveen belender in de Stovestraat. Op 7 maart 1665 vindt de boedelscheiding plaats van wijlen Claes Janss van Calveen, tussen zijn weduwe Maria van der Eem en zijn vader en moeder Jan Claess van Calveen en Nellitgen Everts.

Uit dit huwelijk:

1  Claes Jansz van Calveen, overleden < 6 augustus 1664. Gehuwd met Maria (Merritje) Goorts van der Eem

Evert Jansz van Calveen

3  Adriaan Jansz van Calveen, beenhakker, vleeshouwer, overleden < 21 februari 1710. Gehuwd op 30 april 1667 voor het gerecht te Amersfoort (get: vader Gerrit Jacobs Visscher) met Stephenia Visscher, overleden > 27 mei 1729

4  Aleijda Jans van Calveen, overleden < 13 december 1709. Gehuwd in 1661 (huwelijkse voorwaarden 10 april 1661) met Huijbert Aertz van de Wetering, grutter, overleden 1671-1674. Ondertrouwd op 14 april 1674 en gehuwd op 28 april 1674 voor het gerecht te Amersfoort (get: moeder Enneke Jordens, weduwe Henrick Rijxz, broer Evert Jans van Calveen) met Aart Hendriksz, grutter, overleden 1696

5  Thijs Jansz van Calveen


2942  Jan Sweersz van Raelt, kuiper, zoon van Sweer Jansz van Raelt en Neeltgen Splinters, geboren ca. 1620, overleden > 15 augustus 1679

Op 31 mei 1650 kopen Jan Sweers van Raelt, zijn vrouw en hun erven een huis en recht tot de gang op de Singel uitkomend, staande op Bloemendal. Belendend aan de ene zijde Evert Henricksz, lakenkoper en raad van deze stad, aan de andere zijde Jan Henricksz van Raelt.

Op 29 mei 1655 verkopen Jan Sweertsz van Raelt, kuiper, en Aert Sweertsz van Raelt, bakker, als mombers over de onmondige kinderen van wijlen Splinter Sweertsz van Raelt en Aertgen Aerts, burgers, aan Reijer Jansz, zijn vrouw en hun erfgenamen, een hof buiten Bloemendal met recht tot de steeg, Derde Steeg genoemd. Op 4 juni 1657 verkopen Jan en Aert Sweersen van Raelt, mombers over de onmondige nagelaten kinderen van Splinter Sweersenb van Raelt en Aertgen Aerts, in leven echtgenoten, een huis, hof en hofstede met al wat aard- en nagelvast is op Bloemendal.

Op 15 mei 1677 is Jan Sweertsz van Raelt, kuiper, genoemd als belender. Op 15 augustus 1679 is Jan Sweerts van Raalt, cuijper, getuige bij het opstellen van een testament.

Kinderen:

1  (?) Sweer Jansz van Raelt

Cornelia Jans van Raelt

Rijck Janz van Raelt, kuiper, overleden > 2 februari 1706. Ondertrouwd op 24 oktober 1676 en gehuwd op 7 november 1676 voor het gerecht te Amersfoort (get: vader Jan Sweertse van Raelt, vader Aert Huijbertsz van Breweert) met Maria Aerts van Breweert

4  Henrick Jansz van Raelt, kuiper


3008  Otto de Haert, overleden > 12 juli 1635

Gehuwd met

3009  Lijsken NN

Uit dit huwelijk:

1  (?) Jan de Haert

2  (?) Claes de Haert

3  (?) Hendrick de Haert

4  (?) Willem de Haert

5  (?) Walraven de Haert. Gehuwd op 2 december 1638 te Winssen met Metgen Hendrix. Gehuwd in 1657 met Neelken Vervoort

6  (?) Trijn de Haert


3012  Daen Henricks, geboren ca. 1580. Gehuwd op 30 juni 1600 te Nijmegen met Grietge Peters, geboren te Tiel

Ondertrouwd op 30 december 1604 en gehuwd op 16 januari 1605 te Nijmegen (get: Hendrick Rockens, Lisken Verhel) (#) met

3013  Wendel Verhellen. Gehuwd met Dirck Penninck, overleden < 30 december 1604

Uit dit huwelijk:

1  Hendrick Daenen. Gehuwd op 12 augustus 1627 te Nijmegen met Dercksken Janssen

Herman Danen


3014  Jan van Sandfort, zoon van Conraet van Santfort en Wendel Jordens, geboren ca. 1600 te Nijmegen, overleden < 3 juli 1675

Ondertrouwd op 12 augustus 1623 en gehuwd op 26 augustus 1623 te Nijmegen (get: de moeders van beide zijden, Joannes le Maire, Peter Cuijper) (#) met

3015  Agneta Cuijpers, dochter van Huijbert Willemsz Cuijpers en Henricksken Verdonck, geboren ca. 1605 te Nijmegen, overleden > 14 september 1679

Willem van de Kerckhoff en Harnsken Goossens, echtelieden, bekennen schuldig te sijn aen Agnes Kuper, weduwe van wijlen Johan van Santfort, de somme van drie hondert gl capit. Ad 5 p. ct. En verbeinden daervoor bove het geenrael verbant speciale en weide groot ongeveer 1,5 mergen wairnaest gelant is d’heer van Wijkraedt en de WEd. van Herman Smits en dan nogh een halve merge Boomgaerdt wairnaest geerft is Roiloft Sondagh en d’ander sijde de vern. Wed van Herman Smit beide in d’Elicom gelege, breeder vermogens den originelen pantf. brieff in dato de 27 Meij 1668 uitgegeve en besegelt van Jan Johst van Wintrop Stadholder, Hendr. Van Kerckhoff en Gerrit Sondagh schepenen. Regt in majorem caut. den 3 Julij 1675 (Bron: Oud Rechterlijk Archief van Stadt en Heerlijkheijt Gendt en Erlecom. Protocol van Bezwaar 1674-1718).

Uit dit huwelijk:

Cunera van Santfort

2  Conrad van Santfort, gedoopt 8 februari 1627 te Nijmegen (get: Dirck Jordans, Bernt Tudder, Christijna van Zeller). Gehuwd op 25 februari 1657 te Nijmegen (get: Herman Daenen, Peter Veltjens) met Willemken Beijers, geboren te Nijmegen

3  Marij van Sandvoort, gedoopt 31 juli 1629 te Nijmegen (get: Marten van Mulecom, Catharina Behm, Gijssbertjen Hendricx). Gehuwd in 1659 (1e afkondiging 12 juni 1659) te Nijmegen met Arnoldus van Bergsom, doctor in de medicijnen, geboren te Nijmegen

4  Hubbert van Santvoort, doctor in de rechten, gedoopt 30 december 1631 te Nijmegen (get: Marten van Mulecom, Willem van de Poll, Willemken Kuipers). Gehuwd op 2 juni 1672 te Nijmegen met Gerardina Kuijper

5  Jan van Santvoort, gedoopt 20 mei 1634 te Nijmegen (get: Willem Behem, Hendrick Cuiper, Jenneken van Santvoort)

6  Hendrick van Santfort, gedoopt 16 augustus 1636 te Nijmegen (get: Wilhem Kuijper, Marten van Muijlecom, Wendel Kuijpers), overleden 1636-1642

7  Hendrick van Santvoort, gedoopt 6 september 1642 te Nijmegen (get: Henrica van Dael, Bastiaen Behem, Derck Hudenraet)

8  Willemken van Santvoort, gedoopt 13 september 1644 te Nijmegen (get: Hendrik van Santvoort, Heijltjen Lamberts, Geertruijt Jeud)

9  Jantjen van Santvoort, gedoopt 25 april 1647 te Nijmegen (get: Harnssken Verdonck, Anneken Ververssen, Hermken Daenen)


3016  Abraham Cornelisz Verhoef, zoon van (?) Cornelis Joosten Verhoef en Niesgen Jacobs Vermout, geboren ca. 1640. overleden > 21 november 1666. Gehuwd met Maria de Bert. Ontrouwd op 9 januari 1666 te Leiden met Grietgen Henricx Hartoocks

Ondertrouwd op 15 april 1662 te Leiden (#) met

3017  Golia Vermij, overleden 1664-1666

Uit dit huwelijk:

Cornelis Verhoef

2  Johannes Verhoef, gedoopt 24 december 1664 in de Pieterskerk te Leiden (get: Sara Vermij, Albertus Vermij)


3018  Dirck Hermansz Boumans, soldaat onder Luitenant Kolonel d’Antiege

Ondertrouwd op 7 maart 1639 en gehuwd op 24 maart 1639 te Utrecht (#) met

3019  Aefjen Jeseias

Uit dit huwelijk:

1  Anna Maria Bouman, gedoopt 6 september 1640 in de Geerte- en Catharijnekerk te Utrecht, begraven 14 maart 1704 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 21 april 1672 en gehuwd op 9 mei 1672 in de Jacobikerk te Utrecht (get: Dirktie de Vede sijn moeder, Anna van Santen haer kennisse) met Johan van Santen

2  Johannes Boumans, gedoopt 30 oktober 1642 in de Nicolaikerk te Utrecht

3  Hillegonda Boumans, gedoopt 1 januari 1647 in de Geerte- en Catharijnekerk te Utrecht, begraven 14 januari 1709 in de Geertekerk te Utrecht. Ondertrouwd op 1 september 1672 en gehuwd op 19 september 1672 in de Jacobikerk te Utrecht (get: Aert van Santen bruijdegoms vader, Annechie Boumans bruids suster) met Peter van Santen

Johanna Boumans


3028  Gerrit Dircksz van Emmerick, geboren ca. 1620 te Montfoort

Ondertrouwd in juni 1642 en gehuwd te Montfoort (#) met

3029  Annigjen Cornelis, geboren ca. 1620

Uit dit huwelijk:

1  Lijntgien Gerrits van Emmerick. Gehuwd met Ghijsbert Lubbertsen van Snelreweerde. Ondertrouwd op 28 oktober 1688 en gehuwd op 11 november 1688 voor het gerecht te Montfoort met Ghijsbert Cornelissen van Rietveld

2  Cornelis Gerritsz van Emmerick, meester metselaar, gedoopt 21 januari 1649 te Montfoort overleden 1712-1715. Ondertrouwd op 2 september 1677 te Linschoten met Adriaentje Willems van Abstede, overleden < 28 november 1711. Ondertrouwd op 23 januari 1712 en gehuwd op 7 februari 1712 te Montfoort met Johanna van Loenen

3  Arien Gerritsz van Emmerick, gedoopt 14 december 1651 te Montfoort. Gehuwd in 1678 met Jannichje van Schaijck, begraven 29 augustus 1713 op het Geertekerkhof te Utrecht

Gerrit Gerritsz van Emmerick


3030  Johannes van Latum, kleermaker, geboren ca. 1635 te Utrecht, overleden < 21 september 1702

Ondertrouwd op 6 mei 1660 en gehuwd op 29 mei 1660 in het Anthonigasthuis te Utrecht (#) met

3031  Deliaentje van Kesteren, dochter van Matheus Henricksz en Barbara Loijau, geboren ca. 1635, begraven 21 september 1702 op het Jacobikerkhof te Utrecht (#)

Op 20 juni 1660 tekent Francoijs van Kesteren voor ontvangst van kooppenningen van een huis van Hendrick van der Eijcken, met de belofte om binnen 6 weken ratificatie van transport en betaling te leveren wat betreft Johannes van Latum, diens echtgenote Deliana van Kesteren en Hester van Kesteren, alsmede gerechtelijk decreet aangaande de onmondige kinderen van broer Hendrick van Kesteren en toestemming van diens weduwe. Op 18 maart 1663 geven Johannes van Latum en Grietgen van Roijesteijn en haar onmundige kinderen goedkeuring van verkoop van het huis in de Nieuwstraat aan Hendrick van der Eijcken.

Uit dit huwelijk:

Barbara van Latum

2  Andrina van Latum, gedoopt 9 maart 1664 in de Domkerk te Utrecht

3  Mattheus van Latom, gedoopt 26 april 1668 in de Jacobikerk te Utrecht, begraven 12 september 1670 in de Buurkerk te Utrecht


3036  Willem van Ree

Kinderen:

1  Evert Willemsz van Ree. Gehuwd op 28 januari 1680 te Oudewater met Jacomijntje Aarts Bekker

2  Cors Willemsz van Ree. Gehuwd op 16 juni 1680 te Oudewater met Machteltie Jans Coorn

Jacob Willemse van Ree

4  Heijndrick Willemsz van Ree. Gehuwd in december 1690 te Oudewater met Geertruijt Gerrits Spijk


3040  Nellis Averkempinck, overleden < 16 mei 1668

Gehuwd met

3041  Trine NN

In de volontaire protocollen Bredevoort uit 1644-1645 is opgenomen ‘Erschenen Engelbert van Dieren, Mechtelt Brethouwer eheluide, die bekanden voor sich und haren erven, voor eene walbetaelte summa geldes rechtes steden ewigen und onwederroeplicken erffkoops avergelaten und verkofft te hebben ahn Nellis Averkempinck, Trine eheluijden und haeren Erven, die Koijermans Stede opten Esch Iserloe tusschen Averbeke ende Averkempinck inden Kerspell Aelten in vordere bepalinge gelegen, mit desselven toebehoer und gerechtigheit. Deses gecediert und uhtgegaen. Daerop mit hant, halm und monde vertegen, wahrschap und vestnis gelaefft nae Landtrechte, bij veronderpandongh harer goederen. Sonder exception und argelist’.

Op pinksteren 1652 is Nellis Overkempinck ingeschreven als lidmaat te Aalten.

Uit dit huwelijk:

1  Hendrick Averkempinck, geboren op de Estijzer te IJzerlo

Jan Averkempinck

3  Geert Averkempinck, geboren op de Estijzer te IJzerlo, overleden 1676-1682. Ondertrouwd op 12 augustus 1676 en gehuwd op 17 september 1676 te Aalten met Aeltjen Eeckincks

4  Berent Overkempinck, geboren op de Estijzer te IJzerlo, overleden < 1696. Ondertrouwd op 30 januari 1676 en gehuwd op 20 februari 1676 te Aalten met Jenneken Sibelinck, overleden 1682-1691. Ondertrouwd op 29 augustus 1691 en gehuwd op 20 september 1691 te Aalten met Jenneken Eppinck

5  Stijntje Averkempinck, geboren op de Estijzer te IJzerlo. Ondertrouwd op 27 februari 1681 en gehuwd op 19 maart 1681 (get: Willemken Eeckincks) te Dinxperlo met Coenraet Benninck

6  Gerrit Averkempinck, geboren op de Estijzer te IJzerlo. Ondertrouwd op 13 maart 1687 en gehuwd op 2 april 1687 te Aalten (get: Derck Sibelinck) met Geesken Nijlants


3042  Jan te Bijvanck, overleden 1669-1673

Op pinksteren 1669 is Jan Bijvanck lidmaat te Aalten.

Kinderen:

Hendersken Welscher

2  Jan te Bijvanck. Gehuwd op 10 augustus 1673 te Varsseveld met Hendrixken Rentinck

3  Geert Bijvanck. Gehuwd op 16 januari 1681 te Varsseveld met Geesken te Vorst

4  Gerrit Bijvanck. Gehuwd op 22 januari 1682 te Varsseveld met Jenneken Wensinck

5  Aeltien Bijvanck, geboren te Varsseveld. Gehuwd op 8 februari 1685 te Dinxperlo met Derck ten Ormel

6  Geertjen Bijvanck, gedoopt 11 mei 1662 te Winterswijk (get: Geert Walijen)


3044  Marten Zelraedt, zoon van Hans Selraed en (?) Margareth Zaun, geboren ca. 1620, overleden 1666-1667

Ondertrouwd op 23 april 1648 en gehuwd op 22 mei 1648 te Terborg (#) met

3045  Ennijchen Haesen, dochter van Christoffel Haesen, geboren te Varsseveld. Gehuwd op 23 augustus 1668 te Terborg met Nicolaas de Beijer

Uit dit huwelijk:

1  Lutten Zellenraet, gedoopt 1649 te Terborg (get: Grijtchen in ‘t Laijken, Garrijt Loovich, Willem Tonnes). Gehuwd op 28 februari 1669 te Terborg met Jan Dercksen Timmerman. Gehuwd op 28 december 1704 te Silvolde met Henrick Melcherinck

2  Jan Meegken Zelraet, gedoopt 20 aril 1651 te Terborg (get: Willem Aarndsen, Beerntche Coops, Hendric de Kock, Oltchen in ‘t Laijcken)

3  Jann Zelraet, gedoopt 7 november 1652 te Terborg

4  NN Zelraet, gedoopt 10 maart 1656 te Terborg (get: Graaf van Stijrumb, Gravin van Nassau, Vorstin van Holstein tot Siegen, Gravin van Stijrumb, Rentmeister Entingk)

5  NN Zelraet, gedoopt 12 juni 1659 te Terborg (get: Juffer Imbijsen, secretarias Anna Maria Piscator, Ingnatius)

6  NN Zelraet, gedoopt 11 oktober 1663 te Terborg (get: Vrouwe Sophia van Nassau, secretari Beckers vrou, Derrick Sonniges, voogt Helminck, Michel Trompetter)

Fredrich Merten Zelraedt


3046  Hendrick Bleckman, overleden < 8 december 1729

Gehuwd met

3047  Jantien Wemmers, geboren ca. 1640, overleden december 1729 (aangifte 8 december 1729 te Doesburg) (#)

Uit dit huwelijk:

Gertruidt Bleckman

2  Jantien Bleckman, gedoopt 1 december 1665 te Doesburg

3  Petrus Bleckman, gedoopt 13 december 1667 te Doesburg

4  Anneken Bleckman, gedoopt 12 februari 1673 te Doesburg

5  Derrick Bleckman, gedoopt 3 februari 1675 te Doesburg, begraven 24 januari 1676 te Doesburg


3048  Claes Cornelis Craijermaat, molenaar op “De Kroon” en “De Sprokkel” in Utrecht, zoon van (?) Cornelis Claesz en Aeltgen Lubberts, geboren ca. 1650 te Amersfoort, begraven 17 juli 1715 in de Geertekerk te Utrecht (#). Ondertrouwd op 13 mei 1703 en gehuwd op 28 mei 1703 in de Jacobikerk te Utrecht (get: Gerrijt van Alpen, goede kennis van de bruidegom, moeder van de bruid) met Jannigje Jelis Bischop, overleden > 1715

Ondertrouwd op 7 mei 1675 te Amersfoort (#) en gehuwd op 29 mei 1675 voor het gerecht (#) te Utrecht met

3049  Aeltje Adriaents van Dijck, dochter van Adrianus Gijsbertsz van Dijck (de jongste) en Margareta Weijers, geboren 27 maart 1647 te Jutphaas, gedoopt RK te IJsselstein (get: Guilhelma Guilhelmi) (#), begraven 13 december 1701 in de Jacobikerk te Utrecht (#). Gehuwd op 23 oktober 1669 voor het gerecht te Utrecht met Meerten Eersten van Lambalch, overleden 1669-1675

Claas Cornelisz Craijermaat is molenaar in “De Kroon” en “De Sprokkel”, beide staande op de stadswal van Utrecht. Molen “De Kroon” staat oorspronkelijk langs de Biltse Steenstraat, maar moet daar in de 16e eeuw op stadsbevel verdwijnen. De molen wordt herbouwd op de stadswal ten noorden van het Wittenvrouwenconvent. De helft van de molen wordt in 1667 voor f 1800 gekocht door Peter Willemsz van Bijlevelt, optredend als momber over Meerten Lambalch. Na diens overlijden, komt de molen via erven in 1675 in bezit van Claas Craijermaat, de nieuwe echtgenoot van Meerten’s vrouw. De andere helft van de molen is in bezit van Jelis Reijniersz van Marcella. Claes verkoopt op 10 maart 1686 ‘½ windkoornmolen met toebehoren’ liggende op de ‘stadswalle omtrent de Wittevrouwenpoort, achter ‘t Wittevrouweconvent tegenover de Molenstege’ tezamen met een ‘kamere’ aan Jacob van Scherpenzeel. Op de molen rust dan een plecht van f 800. De molen verdwijnt uiteindelijk in of na 1762.

Op 15 augustus 1685 koopt Claas Craijermaat voor f 3000 van Gerard Post de helft van de korenmolen “De Sprokkel” (zie afbeelding links) ‘met helfte van seijlen, touwen c.a.’ gelegen op de stadtswalle aen de Tollesteechpoorte, alsmede een woninge of camere aan de wall bij de Tollesteechpoort. De andere helft behoort aan de weduwe van Geurt Jacobss Post, de moeder van de verkoper. De molen is in rond 1570 gebouwd ‘op de stadswalle voor het Bolwerk genaamt Sterckenburgh bij de Tollesteeghpoort’. In 1695 staat de vroedschap aan Claes Cornelisz en Maes Willemsz toe om de oude vervallen toren op de wal bij de molen in gebruik te nemen als stalling van hun paard, op voorwaarde dat zij de toren op hun kosten zullen dekken en droog houden met hard dak.

Op 9 november 1702 lenen Claes Cornelisz Kreijemaet en zijn zoon Arijen Claesz Creijemaet f 200 van Cornelis de Coole, notaris ‘s hooffs van Utrecht. Op 9 januari 1703 leent Claes Cornelisse Creijermaet f 560 vanwege een schuld van Gregorius Versteegh, schoenmaecker te Utrecht. Op 8 februari 1703 verkopen Claes Corneliss Creijermaet, zijn zoon Arien Claessen Crijermaet en zijn onmondige kinderen Barbara Claes Crijermaet 23 jaar en Johanna Claes Crijermaet 21 jaar, de helft van een koornwindtmolen c.a. met de wooninge gelegen op de Stadtswalle aan Jacob Joosten de Cruijff, molenaer te Werckhoven, gehuwd met Annichie Cornelis Pijsels. De wederhelft is in bezit van Johannes van Cleef, molenaar, met belofte van de koper de plecht van f 1000 ten behoeve van Gerrit Post, grutter, te zullen passeren. Als voogd voor de onmondige kinderen van Claes Cornelisz Creijermaet treedt op Jan Janss Blocklander, wonende te Jutphaas, oom van de omnodige kinderen. In 1704 is Claas Craijermaat nog f 1000 schuldig aan Gerard Post, vanwege de aankoop van de ‘halve koornmolen en helft seijlen touwen, karrepaert en schuerberg, annex woning of kamer tegen de wal aan’. De andere helft is dan eigendom van Jan van Cleef. Op 3 december 1714 doet Annichje Peijsel, weduwe van Jacobus de Cruijf, afstand van de koop van de helft van de windkoornmolen, vanwege het niet kunnen voldoen aan de verplichtingen. Als in 1716 de erfgenamen van Claas de halve molen aan Jacobus van Montfoort overdragen, is deze nog steeds met de schuld van f 1000 belast. De molen wordt in 1749 afgebroken.

Bij zijn huwelijk met Jannigje Jelis Bisschop is vermeld ‘de bruidegom rooms en bevestigt gereformeerde religie’. Op 6 mei 1714 is een procuratie opgesteld waarbij Claas Cornelisse Craijermaat, molenaar, Jacob Vreem, procureur hove van Utrecht, machtigt tot het voeren van een proces. De lastgever is voor de helft eigenaar van de Sprokkelmolen te Utrecht.

Uit dit huwelijk:

Arien Clasen Kraijermaat

2  Barbara Clasen Kraijermaat, geboren ca. 1679 te Utrecht, overleden > 2 december 1744. Gehuwd in 1713 te ‘s Gravenhage met Peter Maffrei. Gehuwd op 14 april 1727 in de Buurkerk te Utrecht met Gijsbert Blom

3  Johanna Clasen Kraijermaat, dienstmeid bij Francoisa Sandelandes (1711), geboren ca. 1681 te Utrecht. Gehuwd met Johannes van Meteren

4  NN Craijermaat, begraven 2 april 1689 te Utrecht


3050  Govert Hendriksz van Stockum, molenaar op de Bemuurde Weert (1666-1673) en op korenmolen De Lelie (1674) te Utrecht, op de korenwindmolen aan het Oosteinde te Delft, te Jutphaas (1707-1712) en op de Zeijster molen te Zeist (1713-1714), deken van het molenaarsgilde te Utrecht (1681), zoon van (?) Henrick Govertsz en Geertruijd Cornelis, geboren ca. 1635 te Sliedrecht (?), overleden > 1716. Gehuwd op 7 mei 1713 te Zeist met Neeltie Roelofs van Vulpen

Ondertrouwd op 3 april 1659 te Utrecht (#) en gehuwd op 20 april 1659 te Werkhoven met

3051  Janneken Aerts van Santen, dochter van Aert Gerritsz van Santen en Joosken Wilhelms, gedoopt 22 januari 1637 te Vreeswijk (get: Catharijne Haescrops huijsvrouw van Dirck van Stockum, Jenneke B… huijsvrouw van Jan Schiekelberch, Henrick Muggenberch de jongste) (#), overleden 1707-1713 te Jutphaas

Govert van Stockum woont in 1659 op ‘t Zwarte Water en Janneken van Santen aan de Vaert. Van 1660 tot minimaal 1665 wonen zij op de Veengracht buyten de Weerdt. Van 1669 tot 1673 wonen zij op ‘t Swarte Water en vanaf 1676 in de Slijpmolen ofwel De Lely (zie linker molen op afbeelding links).

Op 14 februari 1666 wordt Govert Henricxen, molennaer in de Weerde, geconstitueerd door Jan Cornelis, molennaer te Rotterdam, om geld te innen van Crijn Otten te Wageningen. Op 3 maart 1673 wordt Govert Henderickss van Stockum, molenaer aan de Bemuerde Weert, benoemd als voogd over de onmondige kinderen van Jan van Osch, dootgraver van de Buerkerck binnen Utrecht, weduwenaar van Gerrichie van Santen. Er wordt verwezen naar een akte van seclusie van 3 mei 1672. Op 17 maart 1673 leent Govert Henricksz, wonende de Weert, f 100 aan zijn moeder Geertruijd Cornelis, weduwe van Henrick Govertss, vanwege een bijdrage aan een lening ten laste van Jan Huijgen Bijl, met toestemming van Isaack Lanoij, gehuwd met Aletta Henricks, dochter.

Op 6 december 1674 kopen Govert Hendricxss van Stockum en Anthonis Bruijniss van Cleeff, corenmolenaers te Utrecht, van de erven van Claes Nelman den ouden een corenwintmolen c.a. met een woninge en met molenstenen en dergelijke en paard en kar met maalloon als onderpand voor jaarlijkse aflossingstermijnen van de koopsom, gelegen op de Walle bij Rosendael op het bolwerck Sterckenborch genaamd de Lelie.

Op 17 juni 1681 treffen 15 molenaars uit Utrecht, waaronder Govert van Stockum, een regeling voor de financiering van de uitkoop van de eigenaar van een korenolen aan het Zwartewater. Op 25 juli 1681 worden Govert van Stockum, deecken van het molenaersgilt, en Jacobus van Scherpenseel, busmeester van het molenaersgilt, geconstitueerd om bij het vroedschap en magistraat van Utrecht de bouw van een molen bij de Catharijnepoort af te kopen. Op 26 september 1681 laten 12 molenaars, waaronder Govert van Stockum, een akkoord opstellen over inhoudingen op het maalloon om de molen aan het Zwartewater te betalen. Het akkoord wordt wegens onderlinge onenigheid niet getekend.

Op 28 april 1682 benoemen Govert van Stockum, molennaer op de slijpmolen op de Wal te Utrecht, en Jannichgen Aerts van Santen, de langstlevende tot voogd over onmondige na te laten kinderen of erfgenamen. Op 15 augustus 1688 stellen Govert van Stockum, molenaer te Utrecht, en Jannichie Aertss van Santen hun testament op, waarbij zij elkaar de lijftocht van alle goederen vermaken (#). Op 19 september 1688 laat Govert een codicil aan het testament toevoegen waarin hij de verdeling van de erfenis voor zijn kinderen bepaald (#).

Op 3 oktober 1688 verleent Govert van Stockum, molenaer te Utrecht, zijn zoon Frans van Stockum, molenaer te ‘s Gravenhage, toestemming tot het huwelijk. Op 22 augustus 1690 machtigt Ghijsbert van Stockum, molenaer te Emnes buijtendijcks, zijn vader Govert van Stockum, molenaer te Utrecht, tot het verkopen aan Anthoni van Straaten, schoenmaeker te Utrecht, een huijsinge cum annex aan de oostzijde van de Vecht onder het gerecht van Hoochlande. Op 13 oktober 1690 draagt Ghijsbert van Stockum, molenaer te Emnes Buijtendijx, gehuwd met Catharina van Gelder, de huur van drie huisjes in de Keukenstraat te Utrecht over aan zijn vader Govert van Stockum, ter betaling van een borgtocht ten behoeve van Pieter de Fremerij, oud burgermeester van Naarden. Op 11 november 1690 ontslaat Pieter de Fremerij, out borgemeester van Naerden, Gijsbert van Stockum, molenaer te Emenes buijtendijcx, uit huur en borgtocht met een schuldregeling voor achterstallige pacht. Govert van Stockum, staat borg.

Op 21 september 1691 accepteert Gover van Stockum, molenaer te Utrecht, het voogdijschap over zijn kleinzoon Arien van Stockum, zoon van zijn overleden zoon Cornelis van Stockum en Belichie van Jaersvelt. Op 6 maart 1692 constitueren Govert Hendrickss van Stockum, molenaer te Utrecht, en Annichie Corneliss weduwe van Adriaen Aertss van Jaarsvelt, Henderick Vijandt tot procederen om een schuldbekentenis van f 300 te innen. Op 21 september 1694 laat Govert van Stockum attesteren Mechtel van Vreede, Hillichje Gerrits Uijtman en Pieter de Cleijn over uitlatingen van Engeltje Jansse, gehuwd met Meerten Schijff, wolkammer te Utrecht, inzake het laten malen zonder cijsbrief.

Op 12 april 1697 constitueert Govert van Stockum, molenaer te Utrecht, zijn zoon Frans van Stockum, molenaer te Haarlem, tot invorderen van f 100 van Aelbert van Rijnderss de Haan, herbergier te Haarlem, weduwenaar van Belichie van Jaarsvelt, die eerder weduwe was van Cornelis van Stockum. Op 27 augustus 1697 wijst Stijntje Nicolaes van Wettum, wonende ten huijse van Govert van Stockum, aan als erfgenaam Govert van Stockum, molenaer op de breede walle ontrent de Tollichsteegpoort aen de molen De Lelie, gehuwd met Jannichie Aertss van Santen (#). Op 16 april 1698 ontslaat Lambert Lambertss van Santen, 27 jaar, zoon van Lambert Janss van Santen, Govert van Stockum, molenaer te Utrecht, uit het voogdijschap als benoemd voor de momberkamer te Utrecht op 29 oktober 1692. Op 1 november 1704 tekent Govert van Stockum, meester molenaer te Utrecht, een schuldbekentenis van f 100 vanwege een lening van Anna van Voorst, weduwe van Johannes Baerle, in leven advocaat hof van Utrecht. Het geld is waarschijnlijk bedoeld om op dezelfde datum 1 november 1704 Gerrit Barentss van Diemen, solliciteur te Amsterdam, in te huren op langs gerechtelijke weg vordering te innen op Aelbert Reijndertss, molenaar, en diens echtgenote Belichje van Jaersvelt, eerder weduwe van Cornelis van Stockum.

Govert van Stockem en Jannigje sijn huijsvrouw zijn in 1707 opgenomen in het lidmatenboek van Jutphaas, op attestatie van Utrecht van den 28 november 1707. Bij Govert staat vervolgens aangetekentd ‘vertrokken met attestatie na Zeist’, bij Jannigje ‘dood’.

Op 26 juni 1712 geeft Govard van Stockum, molenaar te Jutphaas, zijn kleinzoon Arien Cornelisz van Stockum, toestemming voor zijn huwelijk met Sara Willemsz Ochtencamp te Amsterdam. Op 16 september 1712 constitueert Arien Cnelissen van Stockum zijn grootvader Govert van Stockum, molenaer te Jutphaes, om zaken te regelen in verband met de nalatenschap van zijn tante Merretie van Haersfelt, in leven gehuwd met Jan Beijer.

Op 29 april 1713 worden de huwelijkse voorwaarden opgesteld van Govert van Stockum, weduwenaar van Jannetien Aarts van Santen wonende te Jutphaas, en Neeltie Roelofs, weduwe van Hendrik Jansen van Alphen wonende te Sijst. Hij wordt daarmee tevens molenaar in de Zeijster molen. Door niet betaalde schulden, verlaat Govert de Zeijster molen in 1714. Ook in 1714 verkoopt Govert de molen De Lelie in Utrecht aan zijn schoonzoon Arien Crayermaat.

Govert van Stockum wordt in 1716 opgenomen in het lidmatenregister van Zeist, ‘met attestatie van Jutphaas, maar kort daarna vertrocken sonder attestatie, waarheen is ons onbekent’.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis van Stockum, gedoopt 2 februari 1660 in de Jacobikerk te Utrecht, overleden < 21 september 1691. Ondertrouwd op 22 april 1683 en gehuwd op 8 mei 1683 in de Catharijnekerk te Utrecht (get: Govert van Stockum sijn vader, Jan van … neef) met Belichie van Jaersvelt, overleden < 12 april 1697

2  Gijsbert van Stockum, molenaar te Utrecht (1685), Eemnes buitendijks (1685-1690) en Amsterdam (1704), gedoopt 12 mei 1661 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 15 oktober 1682 en gehuwd op 7 november 1682 in de Catharijnekerk te Utrecht (get: Govert van Stockum, Lijsbeth van Gelder, ouders) met Catharina van Gelder, begraven 28 juli 1734 in de Jacobikerk te Utrecht

3  Frans van Stockum, molenaar te ‘s Gravenhage (1688), in de Oostmolen aan de vest bij de Oostpoort te Delft (1694) en Haarlem (1697), gedoopt 1 februari 1663 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd met Cornelia Meerman, begraven op 26 januari 1694 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 4 augustus 1696 te Delft met Maria Goudesteijn

4  Hendrick van Stockum, molenaar te Rotterdam en Delft, gedoopt 9 april 1665 in de Jacobikerk te Utrecht, begraven 4 november 1707 in de Nieuwe Kerk te Delft. Ondertrouwd op 1 november 1687 en gehuwd op 23 november 1687 te Delft met Margaretha van der Crans

5  Aert van Stockum, gedoopt 2 juni 1667 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 23 april 1695 te Delft met Sophia van Sutphen

6  Willem van Stockum, gedoopt 13 juni 1669 in de Jacobikerk te Utrecht, overleden 1669-1673

7  Josina van Stockum, gedoopt 25 mei 1671 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 17 april 1698 en gehuwd op 4 mei 1698 in de Domkerk te Utrecht (get: Magdalena de Lange moeder der bruidegoms, Jannetge mater sponsa) met Johannes de Lange

8  Willem van Stockum, gedoopt 24 december 1673 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 1 juni 1705 te Scheveningen met Cornelia Hermans Pals

9  Geertruijd van Stockum, gedoopt 27 februari 1676 in de Buurkerk te Utrecht, begraven 5 maart 1677 in de Buurkerk te Utrecht

10  Geertruij van Stockum

11  Gerrichjen van Stockum, gedoopt 15 september 1680 in de Domkerk te Utrecht


3052  Egbert Jorisz van der Helm, zoon van Joris Hellingh en Marija Joris, gedoopt 21 september 1645 in de Jacobikerk te Utrecht (#), overleden < 21 oktober 1691

Ondertrouwd op 23 juni 1667 en gehuwd op 9 juli 1667 in het Anthoni Gasthuis te Utrecht (get: Annichje Willems sijn suster, Lambertje Dirx haer schoonsuster) (#) met

3053  Anna Ariens van Leuven, dochter van Arien Aertsz van Leuven en Neeltje Jochems, gedoopt 25 juni 1644 in de Geerte- of Catharijnekerk te Utrecht (#), overleden > 16 februari 1704. Gehuwd op 21 oktober 1691 in de Domkerk te Utrecht (get: Jacobus Harten van Wijck) met Jacobus Borèl, begraven 16 februari 1704 in de Geertekerk te Utrecht

Zij wonen in ‘t Jacobs Gasthuijssteeghjen (1668).

Uit dit huwelijk:

1  Merrichjen van der Helm, gedoopt 20 september 1668 in de Catharijnekerk te Utrecht, begraven 17 mei 1742 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd met Henricus van Heijmenberg

Wouter van der Helm

3  Jannichjen van der Helm, gedoopt 22 januari 1673 in de Buurkerk te Utrecht


3054  Jurriaen Philipsz Meijer, geboren ca. 1640 te Arnhem. Ondertrouwd op 3 november 1661 en gehuwd op 19 november 1661 in het Anthoni Gasthuis te Utrecht (get: vader acte voor de bruijd, Jannetjen Stevens bruijts moeder) met Trijntgen Stevens

Ondertrouwd op 6 november 1664 en gehuwd op 23 november 1664 in de Domkerk te Utrecht (get: Claes ter Goest sijn baes, Annichjen Ariens hospita van de bruijt) (#) met

3055  Annigje Jans van Wijck, geboren ca. 1630 te Wijk bij Duurstede, overleden > 25 december 1691. Ondertrouwd op 14 november 1652 en gehuwd op 28 november 1652 in de Buurkerk te Utrecht met Pieter de Leeuw

Uit dit huwelijk:

1  Anna Jurriaens, gedoopt 19 december 1665 in de Catharijnekerk te Utrecht

2  (?) Margriet Jurriaens Wormer


3072  Albert Albertsen Gaasbeek, geboren ca. 1625 te Veenendaal, overleden < 1701

Gehuwd ca. 1645 met

3073  Annetje NN

Uit dit huwelijk:

Hendrik Albertsen Gaasbeek

2  Dirck Albertsen Gaasbeek, geboren ca. 1650 te Veenendaal, overleden > 1698. Gehuwd op 26 maart 1679 te Veenendaal met Cornelia Joosten van Cleef, geboren ca. 1655, overleden > 1698

3  Albert Albertsen, geboren ca. 1655. Gehuwd met Lijsbeth Jans

4  Jan Albertsen Gaasbeek, geboren ca. 1657 te Veenendaal, begraven 17 november 1703 te Veenendaal. Gehuwd ca. 1675 met Merretien Hendriks van Engelenburg, overleden 1681-1687. Gehuwd op 20 maart 1687 te Veenendaal met Willemtien Teunisse, begraven 1 april 1693 te Veenendaal. Gehuwd op 11 november 1702 te Veenendaal met Gerritje Wilms, begraven 6 december 1703 te Veenendaal


3074  Hendrik Berendsen van Engelenburg, contrarolleur (vanaf 1651), reeckenmeester, directeur van de wercken, geboren ca. 1610 te Veenendaal, overleden > 1664

Gehuwd ca. 1640 te Veenendaal met

3075  Annigje Hendriks, geboren ca. 1615 te Veenendaal. Gehuwd ca. 1670 met Geurt Peters

In de Morgentalen van 1638 zijn diverse bezittingen van Henrick Berntsz genoemd, zoals ‘drie morgen en een quartier in de Halmer veenen en twee morgen in de Domeijne veenen’. Uiteindelijk bezit hij meer dan acht morgen land. Hij heeft zowel actief als passief kiesrecht binnen het Veenraadschap. Op 21 oktober 1651 wordt hij benoemd tot contrarolleur (opzichter over de waterwerken) en tot 1664 bekleedt hij nog verschillend functies, als reeckenmeester en directeur van de wercken.

Uit dit huwelijk:

1  NN Hendriks, overleden december 1641 (graf geopend 13 december 1641 te Veenendaal)

Geurtien Hendriks van Engelenburg

3  Merretien Hendriks van Engelenburg, overleden 1681-1687. Gehuwd ca. 1675 met Jan Albertsen Gaasbeek, geboren ca. 1657 te Veenendaal

4  Barend Hendriksen van Engelenburg. Gehuwd op 23 januari 1670 te Amerongen met Gijsbertien Franken, gedoopt 29 juni 1651 te Amerongen


3076  Teunis Geijsberts Pater, geboren ca. 1615 te Naarden, overleden 1672 (#)

Gehuwd ca. 1637 met

3077  Harmpje Huijberts Buijs, geboren ca. 1620, overleden 1672 (#)

Zij wonen aan de Dwarswegh te Overberg (Amerongen). Lidmatenregister Amerongen: Tegen den 25 december 1643, als wederom het avontmael gehouden is sijn op nieuws toegecomen Theunis Gijsbertse (#). Harmpje is als lidmaat aangenomen op april 1645 (#). In het overzicht van april 1658 en 1 oktober 1669 worden Theunis Gijsbertsen Beucker en zijn huisvrouw Hermpjen Huijberts genoemd.

Dorpsgerecht Amerongen: Op 28 april 1646 verschijnt Cornelis Loochsz van Ruijtenbeeck als oom, momber en bloedvoogd over de onmodige kinderen van Peter Loochsz en Aeltjen Vos, contra Herman van Holten, Jan Rijcksz, Gijsbert Jansz en Thonis Gijsbertsz Beucken. Hij zegt dat de gedaagden kopers waren van zekere stuck veen of veenvelt inde Amerongse veenen genaamd de Egelmeer. Hij is daarin gerechtigd met een kapitaal van 264 gulden sedert 23 oktober 1639. Hij wil dit geld terug zien. Gedaagden bekennen. Gerecht condemneert.

Uit dit huwelijk:

1  Huijbert Teunisz Pater, geboren ca. 1638, overleden > 15 april 1702. Gehuwd op 17 november 1670 te Leersum met Willempje Willems, geboren te Nederlangbroek

2  Trijntje Teunis Pater, geboren ca. 1640. Gehuwd met Jan Hendriks

Gijsbert Teunisz Pater (den Beucker)

4  Ghijsbertje Teunis Pater, gedoopt 5 februari 1643 te Amerongen

5  Jannichjen Teunis Pater, gedoopt 3 november 1644 te Amerongen. Gehuwd in augustus-september 1669 (attestatie Amerongen 21 augustus 1669) te Woudenberg met Rijck Reijersz, gedoopt 4 december 1642 te Amerongen

6  Jan Teunisz Pater, gedoopt 3 november 1646 te Amerongen

7  Jacobje Teunis Pater, gedoopt 3 april 1648 te Amerongen. Gehuwd op 23 januari 1676 te Cothen met Willem Jansz

8  Jan Teunisz Pater, gedoopt 28 september 1650 te Amerongen. Gehuwd met Annighien Hendricks

9  Sijmentje Teunis Pater, gedoopt 13 maart 1653 te Amerongen


3080  Ghijsbert Ellerts Beck, geboren ca. 1620, overleden > 27 januari 1703

Op 27 januari 1703 schenkt Elbertje Gijsberts, gehuwd met Seger Rijcxen, out borgemeester van Bunschoten, Gijsbert Eldertss Beck, vader van Gerrit Gijsbertss, dienstknecht, een huijsje en erffje in de Schans in Spaeckenborch, ter erkenning van lange dienstjaren.

Kinderen:

1  Ludtghen Gijsberts. Gehuwd met Aert Rutgersz

Cornelis Gijsberts Beck

3  Ellert Gijsbertsz Beck, gedoopt 14 april 1644 te Bunschoten. Gehuwd op 31 januari 1669 te Bunschoten met Annetjen Teunis, overleden 1670-1671. Gehuwd op 25 juni 1671 te Bunschoten met Geertjen Gerrits, overleden 1684-1686. Gehuwd op 22 augustus 1686 te Bunschoten met Bijetjen Heijmens

4  Gerrit Gijsbertsz Beck, dienstknecht van burgemeester Seger Rijcxen van Bunschoten, geboren ca. 1650. Gehuwd op 26 oktober 1673 te Bunschoten met Geertje Aarts, geboren te Baarn

5  Willem Gijsbertsz Beck. Gehuwd op 1 augustus 1675 te Bunschoten met Geertje Wulven, overleden 1684-1685. Gehuwd op 16 augustus 1685 te Bunschoten met Amertjen Everts

6  Aart Gijsbertsz Beck. Gehuwd op 12 augustus 1677 te Bunschoten met Willempje Jans


3082  Jan Joncker

Kinderen:

Jannetje Jans Jonker

2  Jacob Jansz Jonker, gedoopt 22 september 1644 te Bunschoten


3092  Adriaan Saren, buurmeester van Maarn (1643-1644), gerechtsman (1651), zoon van Saar Adriaensz, geboren 1595-1596, overleden 1652-1653

Gehuwd met

3093  Maijke Berents, overleden > 22 februari 1654

Op 26 januari 1612 verklaart Adriaen Saren, ca. 16 jaar oud, wonende in Boven Birckt, t.v.v. de vrienden van de neergeslagen Dirck Evertsz dat hij op zondag laatstleden met Dirck Evertsz, Cornelis Albertsz en anderen ten huize van Hendrick Hendricxsz, in de Birckt is geweest. Dirck en Cornelis vochten eerst zonder mes. Later met mes, waarbij Dirck door Cornelis werd neergestoken en overleed.

Op 4 februari 1630 schouwen Jan Lubbertsz, vervangend schout, Jan Jansz Buijs en Rijck Jansz, gerechtsluiden van Leusden, het lichaam van een jongetje van 5 à 6 jaar, zoon van Aerien Saren, bruiker van een hofstede. Hij is verdronken in de sloot bij het vonder naast het huis.

Op 22 juni 1647 verkopen Adriaen Saren en zijn vrouw Maijken Berents aan Jan Henricksz en zijn vrouw Maijgen Aelberts circa een halve morgen land in de Birckt onder Leusden. Op 5 juli 1648 laat Adriaen Saren, wonende Maarn, een bijstede aantekenen in de Heetcamp, naast de hofstede van Teuntgen Barten, onder Maarn, een bijstede in ‘t Hoenderdal boven aan de berg, en een bijstede namens zijn zwager Gerrit Rijcksz, op de Stet Acker.

Op 20 juni 1649 sluiten Adriaen Saren en zijn vrouw Maeijtjen Barents, wonend te Maarn, een lening af bij Aeltgen Reijers, weduwe van Dirck Saren en haar erven. Als onderpand dienen de nagelaten goederen van Dirck Saren, aan hen toegekomen. Reijer Jacobsz, wonende in de Veenhuijsen onder het gerecht van Soest, voor zich en zijn mede-eigenaren, samen erfgenamen van Aeltgen Reijers, weduwe van Dirck Saren, verklaart dat Adriaen SAren de schuldsom op 29 maart 1652 heeft afgelost.

Hij wordt op 21 november 1651 vermeld als gerechtsman.

Op 29 maart 1652 Adriaen Saren en zijn vrouw Marritgen Baerntsdochter, Jan Thonisz in de Hoogebirct en zijn vrouw Burchgen Saren, Hendrickgen Saren weduwe van Reijer Cornelissen, Jannitgen Saren weduwe van Gerrit Thonisz, hierbij is Adriaen Saren tevens als oom en momber van de onmondige kinderen van wijlen Jan Saren, Marten Hendricks bombasijnwerker voor die van wijlen Aeltgen Saren, Thonis Jansz voor de kinderen van Peter Saren, Anna Jans weduwe van Rutger Lamberts, samen erfgenamen van Dirck Saren, Reijer Jacobsz en zijn vrouw Fijtgen Alberts, Huijck en Jacob Jacobsz broers, Swaentgen en Jannitgen Jacobsz zusters, Henrick Thonisz en zijn vrouw Annitgen Jacobs, kinderen en erfgenamen van Jacob Reijers. Tezamen erfgenamen van Aeltgen Reijers, in leven vrouw van Dirck Saren, transporteren aan Willem Hendricxsz van Betum, zijn vrouw en erfgenamen, een perceel land van derde halve morgen ‘de Kleine Hooiberg’, gelegen buiten de Utrechtsepoort bij Amersfoort.

Op 24 mei 1653 Jan Thonisz en zijn vrouw Burchgen Saren, Jannitgen Saren weduwe van Gerrit Thonisz met Jan Thonis haar zwager en momber, Thonis Jansz als kooprecht verkregen van de weduwe en kinderen van Peter Saren, voor hemzelf en voor Henrickgen Saren weduwe van Reijer Cornelisz, en voor de weduwe en kinderen van Adriaen Saren, Jan Jansz Cloot en Marthen Henricksz van Kempen voor henzelf en voor hun andere broers en zuster en zwagers, namelijk Anna Jans weduwe van Rutger Lambertsz, Reijer Petersz en Fijtgen Lamberts zijn vrouw, Reijer Gerritsz en Mechtelt Willems zijn vrouw, Elsgen Peters weduwe van Peter Laforte, en Henrick Helmichsz zilversmid vor Magdalena Schappron, en Josina Spijrijncks Hoeck stiefmoeder van Magdalenda Schappron en Anna Peters. Samen erfgenamen van Dirck Saren en Aeltgen Reijers, transporteren aan de zes gezamenlijke kinderen van wijlen Jacob Reijersz en Dirckgen Henricks zijn nagelaten weduwe, genaamd Reijer, Huijch en Jacob Jacobsz, en Annitgen, Swaentgen en Jannitgen Jacobs, een huis en bergschuur in de Utrechtsestraat te Amersfoort.

Op 22 februari 1654 te Utrecht staan Gerrit Rijcksen, wonende te Maeren, Sar Adriaenssen, wonende te Woudenberch, en Cornelis Adriaenssen, wonende te Maeren, borg voor hun (schoon)moeder Meijchgen Bernts, weduwe Adriaen Saren, voor de som van f 366-11-8 die zij schuldig is vanwege borgtocht van haar man voor Peter Guisius inzake pachting van de koningsaccijns.

Uit dit huwelijk:

Saar Adriaansz

2  Beernd Adriaansz

3  Cornelis Adriaansz

4  NN Adriaansz, geboren 1624-1625, overleden februari 1630


3094  Gerrit Hendriksz de Cruijff, landbouwer, zoon van Hendrick Gerritsz Cruijff, geboren ca. 1590 te Woudenberg, overleden 1649 te Leusden

Gehuwd ca. 1620 met

3095  Willemtgen Hendriks, geboren ca. 1600, overleden > 3 september 1676 te Amersfoort. Gehuwd met Bart Cornelisz, overleden 1672-1673

Gerrit Henricksen Cruijff is eigenaar en gebruiker van boerderij Loeffs aan het Heeltvelt onder Leusden. Na zijn dood, trouwt zijn vrouw met Bart Cornelisz die daarmee eigenaar wordt (als blijkt uit het register van oudschildgeld van onbekende datum). In het register van quotisatie- en consumptiegeld (quotisatie was het aandeel dat bewoners moesten opbrengen in de provinciale omslag die de bijdrage vormde van de gewesten in de algemene kosten van de republiek, consumptiegeld was een dorpsbelasting) van Woudenberg uit 1614 is vermeld ‘Gerrit Kruijf, quotisatie 5 stuivers, consumptie 6 stuivers’.

Op 17 januari 1649 krijgen Gerrit en Willemtgen octrooi van het Hof van Utrecht om te testeren bij notaris Nicolaas de Cruijff. In datzelfde jaar woont Willemtgen Hendriks als weduwe op boerderij ‘t Veentje aan het Heeteld. In 1653 is in het overzicht van slaperdijkgeld (bijdrage aan beheer en onderhoud van de Slaperdijk) van Leusden vermeld ‘Gerrit Henricksz Kruijfs erffgenaemen ½ ploegh’.

Op 23 januari 1672 stellen Bart Coneliszn, wonend op Heetveld te Leusden, en Willemtgen Henricx hun testament op. Er is land in Leusderbroek, in de Crommestart, in gebruik bij Lubbert Henricks, land aan de Steenebrugh bij Woudenbergh, erf aan het Heetveld waar zij nu woont en waarvan zij voor ‘t huwelijk de helft bezat, in de Engh, camp land in Suijrbroeck. Erfgenamen van Bart zijn Theunitge Cornelis weduwe van Willem Jans, zuster van Bart, voor 1/3 part, de kinderen van Jan Cornelis, zijn overleden broer, voor 1/3 part en de kinderen van Thimon Cornelis, zijn overleden broer, voor 1/3 part. Ingeval vooroverlijden van Theunitge Cornelis, dan gaat dit deel naar zijn broeders en zusters kinderen in gelijke porties. Erfgenamen van Willemtge Henricxs is Grietge Gerrits, huijsvrouw van Aelt Janszn, of haar kinderen moeten eerst f 400 inbrengen zoals Grietge bij haar huwelijk heeft genoten.

Op 23 juni 1673 legateert Willemtgen Henricx, sieck te bedde leggende, wonend in Amersfoort, aan Henrick Gerrits den ouden en Henrick Gerrits d’jonge, Grietgen Gerrits, Dirckgen Gerrits en Gijsbertgen Gerrits, die genoemd zijn naar haar eerste man saliger Gerrit Henricks Cruijff, ieder de som van 100 gulden. Aan haar dochters Grietgen, Dirckgen en Ghijsbertgen Gerrits al haar kleden. Trijntgen zal hebben en behouden de zilveren onderriem. Op 3 september 1676 compareren Henrick Gerrits Cruijff gehuwd met Gerrit Adriaens wonende aan de Schans, Henrick Gerrits de jonge gehuwd met Aeltgen Thonis wonend Leusderbroeck, Aelt Jans gehuwd met Dirckgen Gerrit Cruijff wonend in de Woudenberger Meent, Johannis Cornelus gehuwd met Ghijsberje Gerrits Cruijff, Roelof Thonis gehuwd met Trijntgen Gerrits Cruijff beide paren wonend aan ‘t Heetveld onder den gerechte van Leusden, Willemtgen Henricx, hun moeder, lest weduwe van Bart Cornelis en tevoren weduwe van Gerrit Cruijff. De kinderen, alle kinderen van Gerrit Cruijff, verklaren, met consent en ten overstaan van hun moeder Willemtgen Henricx, dat enigen van hen hun vadersgoed waren betaald en dat Henrick Gerrits op de Schans niet had genoten. Zij zijn overeengekomen om de nalatenschap van haar moeder na haar overlijden in egale portien te delen. Henrick Gerrits in Leusderbroeck, Henrick Aerts in de Meent en Roelof Thonis op de Treeck hebben ieder, als man en voogd van hun resp huijsvrouw 510 gulden genoten, Aeltgen Jans en Johannis Cornelis ieder 250 gulden, terwijl Johannis Cornelis 80 gulden schuldig is voor een jaar pacht. De erfgenamen van Bart Cornelis zijn schuldig met de renten 426 gulden, Gerrit Wouters in Leusderbroeck 300 gulden in zijn erff gevestigd waarvan getogen 200 gulden, welke Thomas Thomas, vleeshouwer tot Amersfoort, competeert. Zo schiet over 2636 gulden, waarvan ieders zesde part bedraagt 439 gulden 6 stuivers en 10 penningen. De terugbetalingen van te veel verkregen gelden wordt geregeld, zodat zij na het overlijden van hun moeder in gelijke portien delen. Aelt Jans en Grietgen Gerrits, echteluijden, moeten ter zake van hun huwelijksgoed en klederen nog inbrengen 250 gulden. Grietgen, Dirckje en Ghijsbertje Gerrits zullen de klederen tot haars moeders lijf behorende, genieten.

Uit dit huwelijk:

Dirckje Gerrits de Cruijff

Hendrik Gerritsz de Cruijff (de Oude)

3 Trijntje Gerrits de Cruijff, geboren ca. 1640, overleden 1695-1699. Gehuwd op 16 oktober 1664 voor het gerecht van Leusden met Roelof Theunisz Brinckhorst, brouwer, overleden 1694-1695. Gehuwd op 29 maart 1695 voor het gerecht te Leusden en 2 april 1695 RK ’t Zand en voor het gerecht te Amersfoort met Aart Petersz van Schendel

4  Hendrik Gerritsz de Cruijff (den Jonge), brouwer, gerechtsman van Leusbroek (1674-1677), buurmeester van Leusbroek (1689-1693), geboren ca. 1645, overleden 1724-1734. Gehuwd met Aeltgen Thonis

5  Grietje Gerrits de Cruijff, geboren ca. 1646, overleden > 1696. Gehuwd met Aalt Jansen van de Wetering, overleden 6 augustus 1677 te Wijk bij Duurstede

6  Gijsbertje Gerrits de Cruijff, geboren ca. 1648, overleden > 3 september 1676. Gehuwd met Arien Jans. Gehuwd met Johannes Cornelisz, overleden > 3 september 1676


3096  Cornelis Petersz

Op 3 februari 1670 te Renswoude transporteert Hermen de Cruijff, kerkmeester te Scherpenzeel, volgens procuratie gepasseerd voor het gerecht van Schepenzeel, dd 1 februari 1670, als speciale gemachtigde van Huijch Egbertsz en Frans Cornelisz, wonende aan de Brinkkant. Hij, Frans, zich mede sterkmakende voor Gerrit Lambertsz x Lijsje Cornelissen, Teunis Cornelisz, wonende in Asgat, Marten Cornelisz, wonende Renswoude, Teunis Egbertsz, wonende Renswoude, Jan Hendricksz Pul, metselaar x Jacobje Cornelissen, wonende Scherpenzeel, Jan Harmensz x Jacobje Huijgen, wonende Lageweijde, Wouter Cornelisz x Jannigje Huijgen, wonende op Glashorst, Jannitje Cornelis, weduwe Aert Huijgen, geassisteerd met haar zoon Huijch Aertsz, aan Rijckje Willems, weduwe Gerrit Cornelisz van Langelaar, zijn kindgedeelten in zeker perceel land genaam Wingelaer, groot 8 morgen, te Renswoude. En een stuk land, de Lage Eng, of Vlietkamp, gelijk voorschreven Rijckje Willems zaliger oom deselve Frans Cornelisz, Lijsje Cornelis, Teunis Cornelis, Marten Cornelisz, Jan Hendricksz metselaar en hun vader van Jan de Ridders kinderen gekocht heeft.

Kinderen:

Frans Cornelissen

2  Jan Cornelissen, gedoopt 24 november 1644 te Scherpenzeel, overleden < 1670

3  Lijsje Cornelissen. Gehuwd met Gerrit Lambertsz

4  Teunis Cornelissen

5  Marten Cornelisz

6  Jacobje Cornelissen. Gehuwd met Jan Hendricksz Pul, metselaar

7  Wouter Cornelisz. Gehuwd met Jannigje Huijgen

8  Jannetje Cornelis. Gehuwd met Aert Huijgen, overleden < 3 februari 1670


3102  Jan Jansen van Soest

Kinderen:

Fransje Jansen


3178  Adriaen Cornelisz, schepen van Woudenberg (1648), zoon van Cornelis Adriaensz, geboren ca. 1610 te Maarsbergen (?), overleden 1675 te Woudenberg

Gehuwd ca. 1635 met

3179  Weijmtgen Everts, geboren ca. 1615, overleden ca. 1700 te Woudenberg

In het overzicht van Slaperdijkgeld van Woudenberg uit 1653 is opgenomen ‘Adriaen Cornelisz met zijn vrouw Weijntgen Everts, huurder van de Poth van een boerderij aan Ekris, bezuiden Bruinenburg’. Zij zijn in 1674 nog steeds als huurders vermeld. In 1675 in het overzicht van familiegeld van Woudenberg is opgenomen ‘Weduwe van Aris Cornelissen, op Eekris, met meerderjarige en minderjarige kinderen, te betalen nihil’.

In 1686 (Oudschildgeld) is de weduwe van Arien Cornelisz gebruiker van land van de Poth van Amersfoort, te weten ’16 mergen lants op Ekeris’ (OS 29) en ‘8 mergen op Ekeris’ (OS 4). Dit laatste lag in het noorden van Ekeris van de Ekerisse Wetering tot de Zegheweg. Het gebruik van beide stukken land is in 1696 overgenomen door haar zoon Geurt. In 1686 en 1696 is Erris Cornelisz weduwe van Meersbergen en in 1706 tot 1725 zijn Erris Cornelisz erfgenamen van Meersbergen, eigenaar van 6 mergen land op Ekeris (OS 85). Gebruikers zijn zoon Cornelis (1686) en schoonzoon Claes Evertsz (1696-1725).

In het uitzettingsoverzicht famliegeld van 1688-1691 is opgenomen ‘weduwe van Arien Cornelisz, te betalen heffing gedurende die jaren minimaal 7 guldens 4 stuivers en maximaal 7 guldens 10 stuivers’. Hetzelfde overzicht van 1694-1705 vermeld ‘weduwe van Arien Cornelisz en / of zoon Geurt Ariensz, te betalen heffing gedurende die jaren minimaal 3 guldens en maximaal 18 guldens en 10 stuivers’. In het overzicht van Haarstedengeld uit 1693 is vermeld ‘de weduwe van Arien Cornelisz, bruijckster en de Poth tot Amersfoort eijgenaar en bij haer soon opgegeven, 2 haarsteden’.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Adriaensz

2  Evert Adriaensz. Ondertrouwd op 26 september 1677 en gehuwd op 19 oktober 1677 voor het gerecht te Leusden met Theuntje Willems, geboren te Hoevelaken

Gerritje Adriaans

4  Jan Adriaensz. Gehuwd met Merritje Arisz

5  Thijs Adriaensz. Gehuwd met Weintje Everts

6  Anthoni Adriaensz. Gehuwd met Aeltie Hermans

7  Mettien Ariens. Ondertrouwd op 31 maart 1688 en gehuwd op 18 april 1688 te Woudenberg met Hendrik Hendriksz

Geurt Ariensz


3180  Hendrik Fransen van Overeem, boer op de Wetering, zoon van Frans Hendriksz van Overeem en Dirkgen Fransen, geboren ca. 1585 te Woudenberg, overleden (?) november 1640 te Woudenberg

In het overzicht quotisatie- en consumptiegeld (quotisatie was het aandeel dat bewoners moesten opbrengen in de provinciale omslag die de bijdrage vormde van de gewesten in de algemene kosten van de republiek, consumptiegeld was een dorpsbelasting) van Woudenberg uit 1614 is vermeld ‘Op de Wetering Hendrick Franssen, quotisatie 4 gulden thien stuivers, consumptie 3 gulden 16 stuivers’.

Hendrik Fransen pacht van 1615 tot circa 1635 11 morgen land onder Woudenberg van het Sint Anna Convent te Amersfoort. In 1629 vermeld de rentmeester van het Sint Anna Convent ‘Ander extra ordinaris uijtgegeven affslach ofte korting aende pacht bij respective bruijckers der landen van desen conventie gedaen ten reguarde van de vijant in de jaere 1629 geschiedt … Hendrik Fransz heeft ter saecke van sijn schade aen sijn pachtpenningen gecort twaalf gulden’.

Kinderen:

Gerrit Hendriksz van Overeem


3188  Gerrit Geurtsz, boer op de Rhienderhoff bij Brummen (1629), kerkmeester op de Rhijnderhoff te Brummen, zetter der verpondingen (1646), zoon van Geurt Willemsz, geboren ca. 1595 te Rijnderen, overleden ca. 1670 te Brummen. Gehuwd ca. 1623 met (?) Hindersken NN

Gehuwd ca. 1630 met

3189  Oeltjen Gerrits, dochter van Gerrit Denis en Mariken Huijgens, geboren ca. 1610 te Voorst, overleden (?) september 1693 te Brummen

In het register van de Staten is vermeld dat op 1 juli 1630 de hele pacht over 1629 aan Gerrit Gaertsen van Rhienderhoff is kwijtgescholden, ‘ten regarde van den geledene brant’. De brand is het gevolg van de inval van de graaf van den Bergh op de Veluwe in 1629 om Frederik Hendrik het beleg van ‘s Hertogenbosch te doen afbreken. Het huis is vervolgens opgebouwd en iets groter en geschikter gemaakt zodat de gecommitterden op 21 augustus 1630 akkoord gaan met f 100 boven het bestek van f 1000.

Gerrit Geurts pacht op 30 mei 1629 het weiland de Arentts onder Rhienderen. Hij bewoont in 1664 de hofstede De Rulder (Roller) te Rhienderen.

Uit dit huwelijk:

1  Marricken Gerrits, geboren ca. 1631 te Rijnderen, overleden < 1676. Gehuwd met Gerrit Arents

2  Blijken Gerrits, geboren ca. 1632 te Rijnderen, overleden ca. 1661. Gehuwd op 27 november 1653 te Brummen met Hindrick Arents, geboren te Deventer

Willem Gerritsz

4  Grietje Gerrits, geboren ca. 1635 te Rijnderen

5  Geurt Gerritsz, boer op Rhijnderhoff, geboren ca. 1637 te Rijnderen, overleden > oktober 1712. Gehuwd op 9 september 1660 te Brummen met Wijsken Janssen, geboren te Oeken (Brummen), overleden ca. 1677 te Rijnderen. Gehuwd op 8 mei 1681 te Hall met Anneken Swartthoff, gedoopt 1 februari 1663 te Hall, overleden 13 mei 1727 te Bronkhorst

6  Trijntgen Gerrits, geboren ca. 1639 te Rijnderen, overleden september 1692 te Brummen. Gehuwd op 1 januari 1660 te Brummen met Jan Janssen, geboren te Eibergen, overleden < 5 juni 1664

7  Gerrit Geurtsz, geboren ca. 1640 te Rijnderen, overleden < 1681. Gehuwd op 10 juni 1666 te Brummen met Grietje Lamberts, geboren te Kortenoever

8  Aeltje Gerrits, geboren ca. 1643 te Rijnderen, overleden > september 1706. Gehuwd met Joannes Lemminck, geboren te Wageningen

9  Herman Gerritsz

10  Hindersken Gerrits, geboren ca. 1650 te Rijnderen. Gehuwd met Hendrick Willems


3228  Cornelis Laurensz van Isendoorn, hoefsmid te Houten, geboren ca. 1585, overleden > 5 april 1649

Kinderen:

1  Laurens Cornelisz van Isendoorn, grofsmid te Utrecht, schepen van Utrecht, geboren ca. 1605, overleden 1668-1677. Ondertrouwd op 7 februari 1629 en gehuwd op 10 februari 1629 voor het gerecht te Utrecht met Truijchien Cornelis Weernaert. Gehuwd op 20 november 1652 voor het gerecht te Utrecht met Grietgen Gijsberts van Oosten, overleden > 6 mei 1677

2  Henrickgen Cornelis van Isendoorn, geboren ca. 1610, begraven 13 juni 1664 in de Nicolaikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 14 mei 1631 voor het gerecht te Utrecht met Willem Jan Cornelisz van Oostweert, overleden > 13 juni 1664

3  Jan Cornelisz van Isendoorn, hoefsmid te Houten, geboren ca. 1615, overleden > 12 januari 1668

Herman Cornelisz van Isendoorn

5  Maijghen Cornelis van Isendoorn, geboren ca. 1625, overleden > 16 januari 1698. Gehuwd met Peter Jans van Suijlen, begraven 3 januari 1653 te Utrecht. Gehuwd op 24 september 1653 voor het gerecht te Utrecht met Gerrit Jans van Wijck. Gehuwd met Michiel Gerritsz Coell, smid, overleden < 2 oktober 1689

6  Peter Cornelisz van Isendoorn, hoefsmid te Utrecht, geboren ca. 1625, begraven 12 maart 1690 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 24 april 1652 voor het gerecht te Utrecht met Merrichien Gijsberts van Oosten, begraven 31 januari 1684 in de Jacobikerk te Utrecht


3230  Frederick Cornelisz van Middelweert, begraven 20 april 1640 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Gehuwd met

3231  Maria Cornelis, begraven 28 augustus 1654 te Utrecht (#)

Op 5 april 1649 worden de huwelijkse voorwaarden opgesteld voor het huwelijk tussen Herman Cornelisz van Isendoorn en Jannechen Frederxdr. De bruidegom wordt geassisteerd door zijn vader Coernelis Lauwerenss van IJsedoorn, zijn broer Lauwerens Corneliss van IJsendoorn, zijn broer Jan Cornelisz van IJssendoorn, zijn zwager Wijllem IJansz van Oestwert en zijn zwager Peter Jansz van Suijlen. De bruid wordt geassisteerd door haar moeder Maria Cornelisdr weduwe van Frederick Cornelisz en haar broer Cornelis Frederixss (#).

Op 5 maart 1651 constitueert Maijchen Cornelis weduwe van Frederick Corneliss haar schoonzoon Herman Corneliss van Isendoorn om vorderingen te innen.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Fredericksz, overleden > 9 oktober 1667

Jannichgen Fredericks van Middelweert

3  Anthonis Fredericksz van Middelweert, begraven 24 augustus 1703 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd op 1 februari 1651 voor het gerecht te Utrecht met Maria Dircxz van Aerweijller, overleden 1651-1656. Gehuwd op 2 februari 1656 voor het gerecht te Utrecht met Catharina van Steenberch, begraven 8 augustus 1712 in de Buurkerk te Utrecht

4  NN Fredericks van Middelweert, begraven 27 augustus 1649 in de Jacobikerk te Utrecht


3232  Jan Jansen Vermeer, zoon van Johan Gijsberts Vermeer, geboren ca. 1590, overleden < 1638

Gehuwd ca. 1624 met

3233  Johanna Hermans, geboren ca. 1600, overleden ca. 1678. Gehuwd met Steven Peters van Cruchten

Uit dit huwelijk:

1  Sander Vermeer, gegoed onder Lakemond en Elst, pachter van de Wijlichshof te Lakemond, geboren ca. 1625 te Randwijk. Gehuwd op 5 september 1658 te Randwijk (get: Steven van Kruchten, Johan Roelandt van Weerdt) met Janneke Willems. Gehuwd op 8 januari 1690 te Elden met Rijkje Rutgers Roelofs, geboren ca. 1630 te Driel

Jacob Vermeer

3  Antonij Vermeer, erfpachter in Overbetuwe, ondernemer in Lexkesveer, burger van Wageningen, geboren ca. 1629 te Lakemond, overleden > 1710. Gehuwd op 9 november 1666 te Randwijk met Magdalena Budding, overleden 1673-1682. Gehuwd op 18 maart 1682 te Randwijk met Maria Magdalena Verbeeck, geboren te Emmerich

4  Johannes Vermeer, meester in de rechten, erfpachter, geboren ca. 1633, overleden 1705. Gehuwd in 1680 met Eleonora Suffolck, geboren ca. 1647, overleden > 1707

5  Gerritje Vermeer, geboren ca. 1633


3234  Hendrik Luijb, geboren ca. 1600, overleden 1658. Gehuwd in 1654 met Jenneke ter Kuijs

Gehuwd in 1629 met

3235  Rijcxken Goossen van Herwaerden, geboren ca. 1605, overleden < 13 december 1653

Rijcxken is overleden voor 13 december 1653, want in 1668 beroept haar schoonzoon Gerrit van Merwen zich op een magescheid van die datum. De momber Goossen Otten, die heel vaak met dit patroniem wordt genoemd, maar ook dikwijls als Goossen Otten van Herwaerden voorkomt, is een zoon van Ot Goossens en Rijcxke was mitsdien zijn tante. Hij is getrouwd met Jacoba van Beynum, dochter van Jacob en Naleken van de Wart. In het Verpondingskohier is vermeld dat Henrick Luijb een gemeenschappelijk bezit heeft van 16 morgen in Hollanderbroek met Ot Goossens. Goossen Otten treedt op als volmachtiger van Jenneken ter Keus, hetwelk later een langdurig geschil tussen hen geeft, tot in 1672 toe. Op 10 augustus 1657 treden Jan Willems en Goossens Otten op als momberen van de kinderen van wijlen Henrick Luijb bij Rijckxen Gossens van Herwerden.

Op 10 Juli 1658 verkopen Jenneken ter Kuijs, weduwe van Henrick Luijb, voor de ene helft, en Henrick Luijb met zijn vrouw, Hendersken Luijb met haar man Jan van Wijck, de toen afwezige Goossen Luijb, Jenneken Luijb met haar man Jacob Vermeer en de minderjarige Eerntien, Trijneken en Herman Luijb, kinderen van wijlen Henrick Luyb, voor het Schoutampt Heteren in de Overbetuwe, elk 1/7 in de andere helft van 2 morgen land in ‘t Vlot te Driel.

Uit dit huwelijk:

1  Henrick Luijb. Gehuwd op 3 oktober 1657 te Driel met Ermken van de Wardt, overleden < 1683

2  Hendersken Luijb. Gehuwd met Jan van Wijck

3  Goossen Luijb

Jenneke Luijb

5  Eerntien Luijb. Gehuwd op 22 december 1667 te Driel met Gerrit van Merruwen, soldaat onder Ritmeester Vermeulen, ruijter tot Nimwegen

6  Trijneken Luijb. Gehuwd op 14 juni 1662 te Driel met Jan Dercksen. Gehuwd op 14 mei 1676 te Driel met Jan Dercksen

7  Herman Luijb


3236   Otto van Rijswijck, rentmeester, zoon van Geerlich van Rijswijck en Jenneken Brullen, geboren ca. 1607, overleden > 2 mei 1685. Gehuwd op 25 mei 1659 te Arnhem met Elisabeth Sluijskens

Ondertrouwd op 3 april 1631 en gehuwd op 26 mei 1631 te Arnhem (#) met

3237  Hilleken Verstegen, dochter van Hendrick Versteghen en Hilleken Sluiskens, gedoopt 15 maart 1610 te Arnhem (#), begraven 30 juli 1658 te Arnhem

Links het wapen van Otto van Rijswijck, anno 1638. Gedeeld, I. in rood een zilveren dwarsbalk, boven vergezeld van een gouden bel (Van Rijswijck), II. in zilver een natuurlijk gekleurde uitgerukte boom (Versteghen). Helmteken: op een rode en gouden wrong twee overvallende struisveren, rechts rood waaraan een bel van het schild hangt, links zilver. Dekkleden goud en rood.

Op 30 maart 1633 is Otto van Rijswijck vermeld in het burgerboek van Arnhem. Op 13 april 1633 draagt Lamert Swem, als vader en momber van Henrick, Gaertien, Geertruijt, Anneken, Jan en Geeske Swem, ehelijk geprocreeerd bij Gaertie Wijntges zaliger, item Janneke Wijntges weduwe van zaliger Peter Swem, mitsgaders Jodocus Hoingius, rector en professor in de Latijnse schole te Harderwijk, als vader en momber van Gaert en Magdalena Hoings, over aan Otto van Rijsswijck en Hilleken Verstegen, zijn vrouw, een hof buiten St. Janspoort gelegen waar oostwaarts de wezen, zuidwaarts de burgemeester Engel Janss, westwaarts de gemene weg en noordwaarts Ste. Peters gasthuis naast geerfd en gelegen zijn, stellende comparant de echtelieden cessionarissen daarvoor tot een speciale waarschap hunlieder kleine huis, in de Kortestraat gelegen tussen erfenissen van Huijbert Henricks, rentmeester, ter ener en van Helmert Wemmers ter andere zijde.

Op 9 februari 1635 hebben Gerrit Martens Vosch en Jenneke Rijxen echtelieden aan Otto van Rijswijck en Hilleke Versteech zijn vrouw, overgedragen een rente van 6 gulden en 5 stuiver jaarlijks uit hun brouwhuis, sampt brouwketel en alle verdere rechten en toebehoren, op de Beeck achter Rodenburgh gelegen, erfenissen van Dirck Willemss ter ener en van de weduwe van Philips van Graeff ter andere zijde, te verschijnen heden over een jaar eerstaan et sic deinceps en te lossen met 100 gulden kapitaal.

Op 4 december 1641 procedeert Otto van Rijswijck, rentmeester van het klooster te Renkum, voor het Hof van Gelre en Zutphen contra jor. Riquin Cloeck, richter te Westervoort als grootvader van de onmondige kinderen Dr. Henrick van Voorst, Willem van Setten, richter tot de Dorenweert en Goosen Jansz te Renkum, alle als erfgenamen van Frederick van Voorst, scholtis van Renkum, inzake pacht van een land in Renkum. Op 19 december 1646 procedeert Otto van Rijswijck voor hetzelfe hof tegen de vorst van Nijborgh inzake een schuldvordering.

Op 2 juni 1655 dragen Paul Clautier, luitenant, en Judith ten Holler echtelieden, over aan Otto van Rijswijck en Helena Verstegen echtelieden, huis en hofstad met al zijn recht en toebehoren, staande en gelegen boven aan de Beek bij St. Joostendoelen naast erfenisse van Rijck Martens ter eenre en … ter andere zijde, neffens de gerechte helft van 1½ schaar weide, in het Arnhemmerbroek in de Visscherweijde gelegen, zoals deze in genoemd huis is gehorende en tegenwoordig verkopers in pandschap aan zich behouden vermogens opgerichte pandbrieven, mitsgaders een huisken achter deze behuizing, aan de stadsmuur gelgen, sampt alle de zegelen en brieven, daarvan zijnde. Op 3 oktober 1659 dragen Floris Hermenss en Jenneken van Leeuwen echtelieden, over aan Otto van Rijswijck, rentmeester, de helft van huis en hofstede, staande over de beek omtrent St. Joostendoelen.

Op 3 december 1663 verklaren Otto van Rijswijck, rentmeester, en Elijsabeth Sluijskens echtelieden, van opgenomen en te dank ontvangen penningen deugdelijk schuldig te zijn aan Carl Munter, tolschrijver, en Geertruijt de Gruijter echtelieden een summe van 1500 Caroli gulden tot voldoening van de setentie, op 27 november 1663 tussen voornoemde Otto van Rijswijck en Derck en Jacob van den Heuvel uitgegeven, beloven diezelve te zullen verrenten tegen 5 percento onder verband van hun personen en goederen en specialijk van hun huis, waarin zij tegenwoordig wonen.

Op 4 december 1663 dragen Otto van Rijswijck, rentmeester, en Elisabeth Sluijsken echtelieden, over aan Willem Alberts en Meghtelt Janssen echtelieden, Hendrick Loeffen an Teckelenburgh en Anneken van Hulst echtelieden, een kampken bouwlands, groot 1½ molder gezaais, zoals gelegen in den Arnhemmer enck, strekkende met het ene einde aan de Harderwijker en met het andere einde aan de Meulenweg, de erfgenamen van Arnold Leijdecker ter eenre en de vicarien ter andere zijde, te weten aan ieder van de echtelieden de helft van voornoemd land.

Op 29 maart 1666 hebben Otto van Rijswijck en Elisabeth Sluijskens echtelieden voor een somme van 1200 Caroli gulden, door hen echtelieden tot hun genoegen ontvangen, uitgedaan en verpand aan Gerardt van Vinceler en Angela Dibbets echtelieden, 3 scharen weiens, gelegen in het Arnhemmer broek in het Olde Markslagh ten boschwaert en gehorende tot hun pandgevers huis, staande in de Oeverstraat, door dezelve pandgevers tegenwoordig bewoond wordende, tussen de erfenis van pandgevers ter eenre en de weduwe Henrick Visscher ter andere zijde, en zulks voor de tijd van 24 jaren, te beginnen op Petri ad Cathedram des jaren 1665 en te eindigen op Petri ad Cathedram 1685.

Op 4 april 1666 heeft Otto van Rijswijck zijn huis, staande op de Beek tussen de erfenis van zaliger Rijck Derckss en …. belast met een kapitaal van 2550 gulden, te verrrenten tegen 5 ten honderd jaarlijks, ten behoeve van de gezamenlijke erfgenamen van de secretaris Henrick Verstegen.

Op 21 februari 1667 dragen Otto van Rijswijck en Elisabeth Sluijsken echtelieden, over aan Geurt Raterss en Gerritgen Bocken echteliden, huis en hof staande en gelegen buiten de St. Johanspoort, oostwaarts de wezen, westwaarts de gemene weg, zuidwaarts de burgemeester Engelens erfgenamen en noordwaarts St. Peters gasthuis.

Op 10 juli 1681 heeft Juffrouw Wilhelma Sluisken getransporteerd en met haar vrije wil vertegen, doende zulks mits dezen, ten behoeve van haar neef Gerhard van Rijswijck de tweede helft van een huis, haar comparante, toekomende en voor dezen van haar broeder en zuster Otto van Rijswick en Elisabeth Sluisken aangekocht, staande en gelegen in de Koningstraat, de Hr. Raesfelt ter eenre en de kinderen en erfgenamen van Engel Dibbets ter andere zijde, voorts heeft comparante verklaard haar uiterste wil en dispositie te zijn dat na haar dood voorzegde neef Gerard van Rijswick uit haar na te laten gerede goederen zal hebben en genieten, gelijk zij bij deze is legaterende, haar recht van een halve maaltijd of preuve in St. Peters hospitaal alhier, alsmede haar bed met zijn toebehoren van dekens en gardijnen neffens al haar meubilen, bestaande in lakens, kustiecten, servetten als anders.

Op 2 mei 1685 heeft Juffrouw Elisabeth Sluijsken, zo voor haar zelf en specialijk mede als geauthoriseerde van de Edele en Achtbare Heren van de magistraat dezer stad Arnhem vermogens authorisatie van 26 januarij 1684 ten opzichte van haar impotente en zwak van memorie zijnde eheman Otto van Rijswijck, tot voorkoming van kosten der gedreigde procedure aan Caerl Munter, tolschrijver, en Geertruijt de Gruijter echtelieden, voor de somme van 1500 gulden kapitaal met de opgelopen interesse van dien, monterende zich volgens gehouden liquidatie de somme van 700 gulden, die mits dezen mede tot kapitaal worden gemaakt, zodat het kapitaal zich bedraagt de somme van 2200 gulden, in volkomen verwin overgegeven haar huizing met schuur en hof, daarachter staande en gelegen in de Oeverstraat, de erfenis van Peter Bolck ter eenre en Antonij Vissers ter andere zijde, alwaar dit voornoemde kapitaal van 1500 gulden in gevestigd staat volgens geprotocolleerde schepenactie dd 3 december 1683, met de expresse conditie nochtans dat de comparantinne dit voornoemde huis gedurende de tijd van 3 jaren, aanvang nemende 1 mei 1685, met de voorzegde kapitale somme van 2200 gulden met de interesse van dien tegen 5 van de honderd zal mogen wederom redimeren.

Uit dit huwelijk:

1  Hilleken van Rijswijck, gedoopt 15 april 1632 te Arnhem, begraven 1 mei 1632 te Arnhem

Gerlach van Rijswijck

3  Johan van Rijswijck, luitenant te paard van de heer Majoor Dorp, kapitein, gedoopt 8 september 1639 te Arnhem, overleden 1672-1685. Ondertrouwd op 11 augustus 1666 en gehuwd op 26 augustus 1666 te Arnhem met Johanna Junius, geboren te Wageningen, begraven 2 februari 1670 te Arnhem. Ondertrouwd op 1 april 1672 te Arnhem en gehuwd op 27 april 1672 te Nijmegen met Godefrida Kelfkens, geboren te Nijmegen

4  Hilleken van Rijswijck, gedoopt 9 september 1642 te Arnhem

5  Cornelia van Rijswijck, gedoopt 18 mei 1645 te Arnhem. Ondertrouwd op 17 mei 1674 te Arnhem met Jean Marie van Narbonne

6  Cristijna van Rijswijck, gedoopt 28 maart 1647 te Arnhem, begraven (?) 12 mei 1693 in de Oosterkerk te Zevenaar. Gehuwd met (?) NN Hecking

7  Henrick van Rijswijck, gedoopt 19 oktober 1649 te Arnhem, begraven 11 maart 1651 te Arnhem


3238  Dirck Cornelisz van Gesperden

Gehuwd met

3239  Margaretha Rijcken, overleden > 1680 Gehuwd met Johannes Junius, ruijter onder Graaf Willem Frederik van Stijrum (1630), majoor van Wageningen, burgemeester van Wageningen (1641-1655), geboren te Utrecht, overleden ca. 1659

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis van Gesperden, geboren te Wageningen. Gehuwd op 3 mei 1653 te Tiel met Johanna van Lith de Jeude, overleden 31 mei 1657 te Tiel. Ondertrouwd op 29 augustus 1658 te Wijk bij Duurstede en gehuwd te Cothen met Margarita van Leeuwen

2  (?) Sibilla van Gesperden


3256  Johan Hendricksz van Wijckersloot, schrijnwerker, houtkoper, meubelmaker (1595-1602), vaandrig in de Utrechtse schutterij, zoon van Hendrik Roelofsz van Wijckersloot en Anthonia Jans van Benthem, geboren 20 december 1557 te Utrecht, overleden 27 juli 1602 te Utrecht (vermoord), begraven in de Geertekerk

Gehuwd in 1582 (huwelijkse voorwaarden 8 september 1582) te Utrecht met

3257  Sophia van Voorst, dochter van Cornelis van Voorst en Petronella Claas Gerrits van Overmeer, geboren 21 april (den derden manendach nae Paeschen, 6 april) 1561 te Utrecht, overleden 9 november 1623, begraven 10 november 1623 in de Geertekerk te Utrecht (#)

Op 8 september 1582 Henrick Roelofsz, Thomas Roelofsz en Herman van Cothen van der Meer vanwege Jan Henrickx, Cornelis en Joost Joostensz van Voorst en Jan Claesz van Overmeer vanwege Sophia Cornelisdr van Voorst, huwelijkse voorwaarden. Henrick Roelofsz geeft zoon Jan f 1000, en Cornelis van Voorst zijn dochter f 2000, namelijk f 1500 in geld en een rentebrief van f 500 sprekende op Eelgis Willemsz van Schaijck te Houten bevestigd op een erfpacht van de RDO.

In 1585 vindt voor schout en schepenen van Utrecht de overdracht plaats door zijn ouders Hendrik Roelofsz, kistemaker, en zijn vrouw Anthonia Jansdr van Benthem, aan Jan van Wijckersloot van een huis en hofstede genaamd Croijwagen tussen de Brandsteeg en de Reguliersbrug, met retroakten vanaf 1432. Het huis blijft eigendom tot 1612. Jan van Wijckersloot wordt samen met zijn zus Christina op 11 juni 1588 volgens testament van zijn moeder eigenaar van roerende en onroerende goederen.

In 1588 wordt als burger te Utrecht aangenomen Jan Henrickx van Wijckersloot en huijsvrouw, 28 pond ten lijve van Joistgen, 2 jaar.

Op 6 oktober 1589 kopen Jan Henricks van Wijckersloot en Sophia Cornelis van Voorstdr een ‘huijsinge en hoffstede, kelder en cluijs, gelegen aen de Lijnmerct’ van Jan Florisz Hanneman en Christina Henrick Roeloffsdr (zijn zus en zwager). Het huis was reeds belast met f 5 en 5 stuijvers ‘s jaers oude renten. Daarnaast sluiten zij een lening van f 1000 met 6%.

In 1592 sluit Jan van Wijckersloot een pachtcontract af met de mater en het convent van S. Cecilia te Utrecht betreffende zeven morgen land onder Heijcop in het gerecht van Oudenrijn. Op 4 maart 1594 sluit hij een lening af van f 350 met Beernt Jansz Vorrinck op diens huis aan de oostzijde van Corte Viesteech. Op 21 maart 1595 kopen Jan van Wijckersloot en Jan Janss, houtcoepers, van Nicolaas Hillebrantss, poorter tot Ampselredam een ‘vlotschuijte mit toebehoren voor f 630 als rest van coop’.

In 1602 verzoekt Jan Hendriksz van Wijckersloot om attestatie voor de rechter door vier burgers van Utrecht betreffende diens woordenwisseling met Hendrik Ammesz van Hoorn over de houtkopersnering. Jan probeert de doopsgezinde koopman uit Holland te verhinderen hout te verkopen in Utrecht. De ruzie loopt uit de hand en bij de daarop volgende vechtpartij op 27 juli 1602 raakt Jan van Wijckersloot dodelijk gewond ‘wanneer hij den eest van een schipper van Hoorn met een can an sijn hooft gequest werd’. Zus en zwager van Sophia van Voorst, Aernout van Buchel en Claesje van Voorst, trachtten Sophia vervolgens te helpen, zowel in financieel opzicht als door met de dader over een schikking te onderhandelen. In 1603 wordt een akte van verzoening getekend tussen verwanten van Jan Hendriksz van Wijckersloot en de echtgenote en verwanten van Hendrik Ammesz van Hoorn.

Op 30 januari 1606 wordt Sophia van Voorst eigenares van een plecht op de ‘huijsinge buijten de Wittevrouwepoort, genaamt “De Gulden Swaen”. Het betreft een lening met een losrente van f 1050 ten laste van Jan Sijmontsz, gesteld op een lening van 8 april 1590. Oud eigenaar Gerrit Sijmontsz ‘sal de eerste betaling van de rente met paschen 1606 nog self ontvangen’.

Op 30 juni 1612 wordt een acte van uijtcoop opgemaakt waarbij ‘huijsinge ende hoffstede, ende acht cameren daergen staende, bewoont door Sophia van Voorst, WZ Oude Graften bij de Reguliersbrugge van outs “de Croijwagen” uijthangt. Sophia van Voorst verkoopt vervolgens op 23 oktober 1612 ‘alinge huijsinge ende hoffstede mit buffet ende schilderijen daer op staende, ext. mitten hoff, mitsgaders een poortwech, gelegen WZ Oude Grafte bij de Reguliersbrugh, genoemt “de Croijwagen”. Outeijgen 32 stuijvers 4 penningen ten behoeve van vicarie van Oudemunster’ aan haar zoon Cornelis Jansz van Wijckersloot en zijn vrouw Alidt van Nellesteijn. Het bezit is belast met een lening van f 3400 met 5½% ten behoeve van ‘Petertgen ende Henrick (Sophia’s kinderen) op de huijsinge en cameren gevestigt te samen met 8 cameren in de Brantsteech’.

Op 13 april 1614 verleent Sophia een lening van f 400 met 6¼% aan Matthijs de Ridder en zijn vrouw Catharina Gerrits. Als onderpand geldt een ‘huijsinge en hoffstede’ aan de noordzijde van de Minrebroederstraat. Matthijs stelt tevens tot onderpand een stadsplecht van f 500 met 6¼% ten laste van Willem Herman van Bijlen, gevestigd op een kamer in noordzijde van de Minrebroederstraat.

Uit dit huwelijk:

1  Hendrica van Wijckersloot, geboren 11 september 1584 te Utrecht, overleden 2 oktober 1636 te Utrecht (pest), begraven in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 26 oktober 1606 en gehuwd op 9 november 1606 in de Geertekerk te Utrecht met Anselmus Selmius, raad en pensionaris van Utrecht, rechter (veroordeelde Johan van Oldenbarneveldt ter dood), overleden 20 februari 1640 te Utrecht

2  Petronella van Wijckersloot, geboren 29 september 1585 te Utrecht, overleden 19 november 1670 te Utrecht. Gehuwd op 10 december 1616 in de Geertekerk te Utrecht met Wilem van Nellesteijn, medicus, schepen van Utrecht (1619), lid van het Utrechts vroedschap, overleden 26 juli 1628 te Utrecht

3  Josina van Wijckersloot, geboren 14 december 1586 te Utrecht, overleden 27 november 1643 te Utrecht. Ondertrouwd op 5 februari 1609 en gehuwd op 14 februari 1609 in de Geertekerk te Utrecht met Adriaan Frederickssoon van den Oudendijck, beeldhouwer

4  Cornelis van Wijckersloot, bewindhebber van de West-Indische Compagnie te Amsterdam, geboren 9 februari 1589 te Utrecht, overleden 6 september 1652 te Utrecht. Ondertrouwd op 5 januari 1612 en gehuwd op 12 januari 1612 in de Geertekerk te Utrecht met Aeltgen Zweers van Nellesteijn, geboren maart 1589, overleden 10 februari 1622. Ondertrouwd op 24 juni 1626 en gehuwd op 9 juli 1626 in de Domkerk te Utrecht met Johanna de Goijer, overleden 15 december 1626. Ondertrouwd op 11 november 1627 en gehuwd op 18 december 1627 in de Geertekerk te Utrecht met Elisabeth IJsselstein, begraven 31 oktober 1637 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 7 oktober 1638 en gehuwd op 21 oktober 1638 in de Geertekerk te Utrecht met Anna van Broeckhuijsen, begraven 30 juni 1645 in de Nicolaikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 13 juni 1647 en gehuwd op 6 juli 1647 in het Antoni Gasthuis te Utrecht met Maria van Voorburg, begraven 20 november 1649 in de Jacobikerk te Utrecht

Hendrick van Wijckersloot


3258  Jan Vosch, zijdenlakenhandelaar, zoon van Peter Vosch en Alijdt Wttewael, geboren ca. 1575 te Utrecht, overleden oktober 1604 te Utrecht

Gehuwd ca. 1597 met

3259  Catharina Pierling, geboren ca. 1575, begraven 12 juni 1648 in de Geertekerk te Utrecht (#). Ondertrouwd op 23 april 1609 en gehuwd op 30 april 1609 in de Geertekerk te Utrecht met Thijman Ploos van Amstel, rentmeester der abdij van St. Paulus, begraven 5 januari 1620 te Utrecht

Op 3 januari 1601 sluit Dirck Adriaensz bij Jan Vosch leningen (plechten) af van f 330 met 6¼% rente voor een pand aan de noordzijde van het Oudekerk en van f 200, f 150 en f 300 met 42 stuijvers rente voor een pand achter ‘t Wijstraet. Op 10 maart 1603 vindt de overdracht plaats van een plecht van 7 mei 1587 van f 400 met 6¼% rente van Jan Vosch en Catharijne Pierlinse aan Huijch Jansz van Nes en Cornelia. De plecht heeft betrekking op een ‘huijsinge en hoffstede aen de Steenwech’.

Op 20 mei 1607 koopt Catharina Pierlincx, weduwe van Jan Vosch, ‘een huijsinge en hoffstede bij de laeckensnijders op den hoeck daer men nae de Vischmerct toe gaat’ van Willen Jansz van der Meulen. Het huis is belast met negen verschillende plechten voor een totaalbedrag van f 1453. Catharina en haar tweede man, Thijman Ploos, verkopen het huis op 9 mei 1614 weer aan Hendrick Dircss van de Kemp. In 1621 voert Jan Gijsbertss van Roijen een proces tegen Catharina Pierlincx inzaken borgtocht. Op 14 mei 1625 verkrijgt Catharina een plecht van Cornelia Gijsbertsdr, weduwe van Peter Jansz van Wijck, van f 200 met 6% rente.

Uit dit huwelijk:

1  Balthasar Vosch, drossaard te Hagestein, geboren ca. 1598 te Utrecht, begraven 20 augustus 1670 te Vreeswijk. (?) Ondertrouwd op 30 oktober 1642 en gehuwd op 13 november 1642 te Utrecht met Willemina ten Stal, begraven 19 maart 1666 in de Geertekerk te Utrecht

Catalijna Vosch


3260  Hugo Albertsz Verweij, secretaris van de heerlijkheid Amerongen (1594-1642), schout van Zuijlensteijn en Leersum, zoon van Albert Huijgensz Verweij en Cornelia van Hattem, geboren ca. 1571 te Rhenen, overleden februari 1642 te Amerongen

Gehuwd ca. 1595 met

3261  Mechteld Frans van Amerongen, dochter van (?) Frans Gosensz van Amerongen, geboren ca. 1575, overleden > 29 april 1664

Hugo Verweij pacht in 1605 en later landerijen in de Allemanswaard onder Amerongen van het Kapittel van St. Pieter te Utrecht, ondermeer ook een steenoven.

Op 1 maart 1615 constitueren Beligje Jansdr weduwe Lambert Dircksen van Bemmel, geassisteerd door haar kinderen, Jan Lambertsz van Bemmel om te transporteren voor de heer van Warmunt als tinsheer ten behoeve van Hugo Verweij, secretaris van Amerongen, gehuwd met Mechteltgen Fransdr van Amerongen, vierdalve mergen opt Encker. Op 14 juli 1615 stelt Jacob Willemsz Prattenborch, schepen van Amerongen, zich borg voor Hugo Verweij als vader en voogd van zijn zoon Frans Verweij terzake van een proces tegen Aelt van Amerongen Cornelisz. Op 5 juli 1635 stellen Hugo Verweij, secretaris te Amerongen, en Mechtelt van Amerongen een testament op voor notaris Henr. Ruijsch te Utrecht. Zij hebben vijf kinderen, niet met name genoed. Hun dochter Hillichen krijgt een legaat.

Op 25 september 1627 bekent Cornelis Dircksz Pijsel, wonende aan de Amerongse Dijk, schuldig te zijn aan Hugo Verweij 54 gl ter cause van coop ende leverantie van een bruijn merrijpeert. Op 11 november 1627 bekken Anthonis Adriaensz en Andries Adriaensz en Johan Adriaensz, broers, van Hugo Verweij gelicht en ontvangen te hebben een gerechtelijke acte van condemnatie sprekende op Franck Teunisz van Overeem ter somme van 600 gl spruitende van het ¼ part van backersveen.

Op 29 oktober 1628 Jonker Philips Botter van Snellenberg, heer tot Maersenbroeck, en Hugo Verweij, secretaris tot Amerongen, contra erfgenamen van Cornelis Matthijsz. Zij hebben onlangs zeker bos en bouwland te Amerongen verkocht vanouds genaamd in de bruijnen bosch.

Op 14 januari 1629 bekent Anthonis Willemsz Cloetingh schuldig te zijn aan Hugo Verweij 10-10 wt zaecke van drie jaren lantpachten van 8 hont land genaamd die Haer. Op 15 januari 1629 verklaart Georgen Jansz, wonende Dwarsweg, dat hij enige jaren gelden met Hugo Verweij zeeckere start veenslijcx gekocht heeft van Gerrit Wteweerdt saliger, hij heeft opgenomen gehad van Beerndt Jansz Crauwel, burger te Wijk bij Duurstede, van 200 gl. Op 28 februari 1629 verklaart Jacob Rijcksen, wonende Maarn, schuldig te zijn aan Hugo Verweij f 126-6. Op 8 juni 1629 bekent Sechtgen Adriaens schuldig te zijn aan Hugo Verweij f 25-15-8 als rest van coop ende leverantie van een veth weij beest van hem Verweij inde slachttijt anno 1628 gecofft ende ontfanghen.

Op 25 april 1630 transporteert het Gerecht van Amerongen namens de St. Barbarabroederschap aan Hugo Verweij een perceel england inden amerongse eng aenden berch houdende omtrent 3 mergen. Op 25 september 1630 Philips Botter van Snellenberg en Hugo Verweij contra Jan van Welij. Jan heeft sich onderstaen op des eijsers bosch te doen houden binden en wech halen zeeckere hooftrijs. Op 16 april 1632 Aert Jansz Smith en Gerrit Cornelisz timmerman mitsgaders Hugo Verweij c.s. contra mr. Peter Hilbrantsz gearresteerde. Zij eisen f 716-1 ter cause van geleverde materialen. Op 18 november 1633 Hugo Verweij contra Gerrit Jansz Kabel. Hij alsoo den gedaagde onlancx bij hem eijser gecomen is ende in zijn huijsse eernstich versocht te mogen lichten wt de penningen onder den eijser berustende gecomen uiten vercoften imboedel van Anthonis Hendricksz Hartoch etc.

Op 22 september 1635 bekent Adriaen Thonis aan Hugo Verweij schuldig te zijn uit coop van geleverde schapen de somme van 110 gl. Op 1 september 1636 Hugo Verweij, secretaris te Amerongen, als uit crachte van zeeckere testamentaire dispositie van zijn zoon Marcel Verweij ende Johanna van Grootfelt, in haer leven echteluijden, een mede erfgenaem van desselfs nagelaten goederen contra Jan en Dirck van Grootfelt mitsgaders Gerrit Mertensz en Dirck van Ewijck als mans en voogden van hun vrouwen, tesamen mede-erfgenamen vande bovengenoemde echtelieden.

Op 17 januari 1642 Hugo Verweij, secretaris tot Amerongen, contra Harmen Cornelisz zijne gewezen dienstknecht. Op 30 juni 1645 Mechtelt van Amerongen, weduwe Hugo Verweij in sijn leven secretaris, contra Adriaen Woutersz tot betaling van f 37-10 ter cause van drie jaren verlopen renten van 200 gl hoofdsom.

Op 29 april 1664 in Neder-Betuwe, transporteren Mechtelt Fransdr van Amerongen en de erfgenamen van Hugo Verweij een akker, genaamd de Kaecker aan Godert van Reede.

Uit dit huwelijk:

Aelbert Huijgen Verweij

2  Johan Huijgen Verweij, drost en schout van Amerongen (1634-1661), schout van Zuijlensteijn en Leersum, gerichtsman van Neder-Betuwe, geboren ca. 1602 te Amerongen, overleden 25 oktober 1661 te Amerongen. Gehuwd ca. 1634 met Anthonia Uijtteweert, geboren ca. 1610, overleden maart-april 1644. Gehuwd op 15 februari 1652 te Amerongen met Aletta van Zijl, overleden 1655 te Amerongen

3  Frans Huijgen Verweij, secretaris van Uithoorn, geboren ca. 1604 te Amerongen, overleden > 1664. Gehuwd ca. 1625 met Maria Crijnen, geboren ca. 1595, overleden < 1635. Gehuwd op 2 augustus 1635 met Anna van Wijck, geboren ca. 1615, overleden < 1642. Gehuwd < 1642 met Margaretha van Dulcken, geboren ca. 1620 te Rhenen, overleden < 1658

4  Beatrix Huijgen Verweij, geboren ca. 1605 te Amerongen, overleden < 1678. Gehuwd met Jacob Gijsbert Woertman, overleden < 1678

5  Hillechien Huijgen Verweij

6  Marcelis Huijgen Verweij. Gehuwd met Johanna van Grootveld


3262  Willem van Schadijck, camelaer (1615), overleden september 1624 te Veenendaal

Gehuwd met

3263  Jannetgen Jans, overleden > 23 oktober 1632

1618 Morgentalen Veenendaal: Willem van Schadick en de de wedue van Cornelis Clerq cum socijs, hebben in de LXXX mergen veens (in de Maender Veenen) gecommen van jonker Cornelis Prinsen van der Aa, sevenendedartich mergen ende een halve. Op 23 october 1632 heeft Antonis Aelbertsz Steck verclaert den helfte van de sevenendedartich mergen hem toe te commen ende daer die helfte de wedue van Willem van Schadick.

Op 10 februari 1624 machtigt Willem van Schadijck, wonende in Veenendaal, Ghijsbert van Berlicum en Steven van Schadenbroeck, procureurs voor het Gerecht van de stad Utrecht, gezamenlijk en elk in het bijzonder. Op 25 augustus 1624 machtigt Willem van Schadijck, wonende in Veenendaal, Joachim Verspreul, procureur te Wijck bij Duerstede, in de zaak die hij sustineert of sustineren zal tegen Peter Cornelis van Heusden. De akte is opgesteld ten huijse van Fransgen van Schadijck, weduwe van Simon Claes van Velsen. Getuigen zijn Claes Simons van Velsen en Cornelis van Schadijck.

Luid- en begraafgelden Veenendaal: Op 23 september 1624 de gerechticheijt voor Wilm van Schadijck van het graft te openen, f 0-4-0. Den 3e october 1624 op ‘t gerafft van Wilm van Schadick gedaen aen extericken, f 0-5-0.

Op 3 maart 1637 maakt Cornelis van Schadijck Willemszn, wonend te Veenendaal, zijn testament. Hij vermaakt al zijn bezittingen in het gerecht van Utrecht, Gelderland en elders gelegen en uitstaande, bij gelijke egale portie, indien hij zonder echte geboorte nalatende komt te sterven, aan Cornelia, Elisabeth, Neeltgen en Jannichgen van Schadijck, zijn zusters, hen daarmee instituerende tot zijn erfgenamen, of hun nalatende geboorte indien enig van hen voor hem zou overlijden. Jannichgen Jans, weduwe van zaliger Wilhem van Schadijck, zijn moeder, ontvangt haar legitieme portie als ze zijn dood beleeft. Hij institueert haar daarmede tot mede-erfgenaam. De oudste geinstitueerde erfgenaam dient te verzoeken de lenen op diens naam te zetten, zonder prejudice van de mede-erfgenamen. Indien enig van zijn zusters voor of na hem komt te sterven zonder nalatende geboorte, dan vererft diens portie op de andere geinstitueerde erfgenamen. Hij verzoekte de heer van Hasersoude, als heer van Lochorst, testateurs leenheer, met dit testament accoord te gaan, gezien testateurs thijnden van Elspit in de kerspel van Barneveld gelegen, die testateur van de heer van Lochorst in leen heeft. De leenheer heeft versocht een formeel instrument hiervoor en dat is deze acte.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Willemsz van Schadijck, begraven 22 mei 1655 te Veenendaal

2  Cornelia Willems van Schadijck

3  Elisabeth Willems van Schadijck

4  Neeltgen Willems van Schadijck = ? NN Willems van Schadijck

5  Jannichgen Willems van Schadijck, begraven 7 december 1658 te Veenendaal


3272  Cornelis Baars

Kinderen:

Teunis Cornelisz Baars

2  Sijtgen Cornelis Baers, overleden < 11 november 1653. Gehuwd met Oth Jacobsz


3274  Huijbert Rutgersz van Dijck, zoon van Rutger van Dijck, overleden < 11 februari 1665

Kinderen:

1  Rutger Huijbertsz van Dijck. Gehuwd met Gijsbertge Rutten

Geertgen Huijberts van Dijck

3  Jannichgen Huijberts van Dijck, overleden < 10 november 1674. Ondertrouwd op 9 juli 1659 te Zeist en gehuwd te De Bilt met Bastiaen Jacobsz van Breesteech, geboren te Zeist, overleden < 10 november 1674

4  Trijntgen Huijberts van Dijck, overleden 5 oktober 1693 te Leiden. Gehuwd met Gijsbert Willemsz Gruijter, overleden 1719 te Montfoort


3292  Lambert Jansz Brom, overleden > 27 september 1697. Ondertrouwd op 4 februari 1686 te Zeist met Cornelia Ariens, geboren te Dortmund (D)

Gehuwd met

3293  Geertje Evertsen van Woudenberg, dochter van Evert van Woudenberg, overleden < 4 februari 1686

Kinderen:

Cornelis Lambertsz Brom

2  Jan Lambertsz Brom. Gehuwd met Aaltje Elissen


3328  Thonis Dircksz Cool, zoon van Dirck Theunisz Cool en Peterken Claes Deventer, geboren ca. 1610, overleden (?) < 11 juni 1649

Ondertrouwd op 7 februari 1636 en gehuwd op 24 februari 1636 te Zijderveld (#) met

3329  Heijltje Jaspers, dochter van Jasper Jacobsz en Aertken Marcelis, geboren ca. 1610 te Zijderveld, overleden > 11 juni 1649

Uit dit huwelijk:

Jasper Teunisse Cool


3336  Merten Willemsen, geboren te Boeikop

Ondertrouwd 7 februari 1636 en gehuwd 18 maart 1636 te Zijderveld (#) met

3337  Maijken Peters, geboren te Zijderveld

Uit dit huwelijk:

1  (?) Willem Meertensz


3340  Govert Joosten, heemraad te Zijderveld (1644), zoon van Joost Barten en Fijken Govers, geboren ca. 1615 te Leerdam, overleden 1654-1660

Ondertrouwd op 19 februari 1637 te Zijderveld (#) met

3341  Aaltje Cornelis, dochter van Cornelis Heijmensz de Raet en Marij Merten Jans, geboren ca. 1615 te Zijderveld, overleden < 1660

Aaltje Cornelis wordt op 2 augustus 1628 in de erfenis van haar vader bedeeld met 5 morgen 4 hont land op Over-Boeicop, 2 morgen land op Lang-Bolgerijen in de zeventien hoeven, 2 morgen land op Over-Zijderveld, 2 koeien, 2 kalveren, 400 gulden aan contant geld en 500 gulden uit haar moeders goed.

Govert woont in 1637 aan de Leerdamschen Diefdijk en Aaltje te Zijdervelt. Op 10 mei 1637 kopen ze van Aaltje’s neef Heijmen Hubertsz en diens vrouw Anna Jaspers voor een bedrag van f 2250 een huis, hof, berg en schuur en de bepotingen daarop staande, groot 3 morgen land en gelegen op Neder-Zijderveld. Op 25 april 1654 maakt Govert, ‘sieckelijck’, zijn testament. Daarin bepaalt hij dat binnen een jaar na zijn overlijden aan elk van de navolgende armen van Zijderveld f 25 wordt betaald: de weduwe van Huijbert Petersz genaemt Sara Cornelis, Maij Dircx van Hamel aen den dijck, Jantgen Willems weduwe van Willem Petersz en het cruepelkint genaemt Gijs van Gijsbert Bastiaensz zaliger. Aan de diakonie van Zijderveld moet f 100 worden betaald.

Uit dit huwelijk:

Joost Govertsen


3344  Coen Jansz, zoon van Jan Coenen en (?) Jannichje Bastiaens, geboren ca. 1590, overleden 1662

Hij woont in de Biesen te Hagestein.

Kinderen:

1  (?) Frederick Coenen Tucker. Gehuwd op 8 juni 1633 voor het gerecht te Utrecht met Joosgen Cornelis de With

Melis Coenen Tucker

3  Jannitgen Coenen. Ondertrouwd op 6 maart 1664 en gehuwd op 20 maart 1664 te Vreeswijk met Jan Jacobsz van Rossum, geboren te ‘t Wael

4  Neeltgen Coenen


3348  Harman Willemsz Buijser, zoon van Willem Jansz Buijser en Cunera Harmans van Valckenborch, geboren ca. 1595

Ondertrouwd op 30 mei 1619 en gehuwd op 9 juni 1619 in de Jacobskerk te Utrecht (#) met

3349  Mechtelt Jacobs van Herwijck, dochter van Jacob Jacobsz van Herwijck en Hendrickien van Oosterhout, geboren ca. 1595

Uit dit huwelijk:

1  Willem Harmansz Buijser


3350  Balthazar Jansz van Putten, chirurgijn, patroon van de vicarie in de Collegialekerk te Gorinchem, zoon van Johan van Putten en Elisabeth Jacobs van Blijenberch, geboren ca. 1575, overleden april 1642 (overluiding 6 april 1642 te Utrecht), begraven 18 april 1642 in de Mariakerk te Utrecht (#). Gehuwd op 10 april 1601 voor het gerecht te Utrecht met Jannichgen Niclaes van den Burch, overleden 1601-1605

Gehuwd op 2 februari 1605 voor het gerecht te Utrecht (#) met

3351  Johanna Geleijns, dochter van Cornelis Geleijnsz, geboren ca. 1580, begraven 21 mei 1655 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Van 2 maart 1616 dateert een akte van uitgifte voor de Sint Stevensabdij van Benedictinessen te Oudwijk bij Utrecht, van een erfelijke losrente door Herman Dircsz, namens zijn vrouw Judith van Lennip, aan Balthasar van Putten, chirurgijn te Utrecht, en Anthonis van Triest, voogden van de drie kinderen van Cornelis Geleijnss. Uit 1617 dateert een akte van overdracht door Hermen Dircsz te Utrecht en zijn vrouw Judith van Lennip aan meester Balthasar van Putten, chirurgijn te Utrecht, van de helft van schuld en hypotheek op het huis Nijenrode aan de oostzijde van de Nieuwegracht bij de Wittevrouwenbrug te Utrecht.

Op 21 november 1628 Aeltgen Gerritsdr te Utrecht, oud 78 jaar, vtvv Balthasar van Putten, chirurgijn, dat zij kende IJda en Marichgen Hermansdrs van Blijenburch, moeijen van Elisabeth Jacobsdr van Blijenburch des producents moeder zaliger, bij wie zij getuige 58 jaar terug woonde.

Op 16 januari 1633 is Baltus van Putten, wonende aan de Oudegraft tusschen de Romburgerbrug en Gaertbrug, rekwirant ten aanzien van Geleijn van Putten, student, zoon van de tweede partij en diens echtgenote Johanna Geleijns. Op 10 augustus 1633 draagt Niclaes Dierhout de helft van de nalatenschap van Trijntge Roeloffs, in leven weduwe Marcelis Wijnantss van Kessel, over aan Baltus van Putten. Baltus van Putten belooft vrijwaring. Op dezelfde dag draagt Baltzar van Putten de nalatenschap over aan Jacob van Rosant, zoon van Glaudina van Rosant. Jacob van Rosant belooft vrijwaring. Trijntje Roeloffs was zijn oudtante, Jacob bezit reeds de andere helft van de nalatenschap.

Op 29 juli 1634 benoemen de erfgenamen van Baltazar van Blijenborch en Baltazar van Putten, Henrick van Lijnder tot gehele of gedeeltelijke verkoop van 25 roeden veen in Herenveen. Op 6 juni 1635 benoemen Geleijn van Putten en Baltazar van Putten, vader, Adriaen Janss mercktschipper van Utrecht op Selant, om voor gecommitteerde raden van de staten van Zeeland te procederen tegen Laurens van Boeckholt te ‘s Gravenhage als echtgenoot van Anneken Jacobs. Op 11 oktober 1636 machtigt Baltus van Putten zijn echtgenote om vordering op Cornelis Aelbertss te Breukelen te innen. Willem Peterss wordt gemachtigd om van genoemde Cornelis Aelbertss in of buiten rechte voldoening van plecht te vorderen en hem in rechte te betrekken inzake de validiteit van die plecht. Op 3 juli 1637 machtigt Baltus van Putten zijn echtgenote om f 500-0-0 met rente te vorderen van Harman Henricxss van Rekelinghuijsen, koperslager te Amsterdam.

Op 9 februari 1636 wijst Johanna Geleijns, gehuwd met Baltazar van Putten, prelegaat toe en keurt haar testament goed. Op 7 maart 1638 wijst Baltazar van Putten een prelegaat toe aan zijn zoon Geleijn van Putten. Op 6 april 1638 doet Johanna Geleijns hetzelfde. Op 4 februari 1639 herroepen zij beide het prelegaat gemaakt aan hun zoon Geleijn van Putten. Op 30 september 1639 stellen Baltazar van Putten Johanna Geleijns hun testament op met lijftocht aan de langstlevende en met uitsluiting van de weeskamer. Op 22 november 1639 benoemen zij in een testament Geleijn van Putten, zoon, Jacob van Putten, zoon, en Maria van Putten, dochter, tot erfgenamen op last van lijftocht van langstlevende. De drie nagelaten kinderen van hun zoon Johan van Putten, ontvangen ieder f 300-0-0. Op 22 november 1639 benoemt Baltazar van Putten, zijn echtgenote Johann Geleijns, Geleijn van Putten, zoon, en Peter Buijser, zwager, surrogatie en substitutie tot executers van het testament van zijn oom Peter van Blijenborch. Op 2 februari 1641 herroept Jannigen Geleijns de beschikkingen ten gunste van haar dochter Maria van Putten.

Op 27 maart 1640 verklaart Baltazar van Putten dat hij zijn zoon Geleijn van Putten begunstigt met de vicarie in de collegiale kerk te Gorinchem. Op 2 februari 1641 wijst Baltazar van Putten zijn zoon Jacob van Putten aan als bezitter van de vicarie in de collegiale kerk te Gorinchem, in verband met het overlijden van zijn zoon Geleijn van Putten. Op 2 februari 1641 verklaart Jacob van Putten, zoon van Baltazar van Putten, dat hij zijn ouders zolang zij leven de inkomsten van vicarie in de collegiale kerk te Gorinchem zal laten genieten. Op 12 juli 1641 machtigen Baltazar van Putten, de vicarie in de collegiale kercke binnen Gorcum, en Jacob van Putten, Jannichge Geleijns en Peter Buijser, om Bastiaen Tielmanss te Asperen, bruiker van land van de vicarie, in rechte te betrekken inzake schadevergoeding wegens het hooien van land in strijd met de huurovereenkomst, en om beslag te leggen op het hooi. Op 1 augustus 1641 benoemen Baltazar en Jacob van Putten, Cornelis Maes om te procederen. Op 23 januari 1643 sluit Peter Buijser een akkoord met Johanna Geleijns, schoonmoeder, dat hij zijn schoonmoeder haar leven lang inkomsten van vicarie in de collegiale kerk te Gorinchem zal laten genieten. Johanna zal haar schoonzoon schadeloos stellen inzake aanspraken op de vicarie.

Op 9 juni 1640 benoemt de erfgenaam van Ida van Putten, en Baltazar van Putten, broer, Niclaes van Merkerck om een plecht van f 400-0-0 op een huis in de Jufferstraat te Utrecht te laten casseren ingevolgve betaling door Tonis Janss Westrenen. Tonis Janss Westerman heeft het huis gekocht van de nakomelingen van Jacob Janss de Leeuw. Op 24 maart 1641 schenk Baltazar van Putten zijn zoon Jacob van Putten de huijsinge, cluijsen, kelders en zijdelcamers aan de oostzijde van de Oudegraft tusschen de Romerburgerbrugge en de Gaertbrugge. Op zelfde datum benoemt Baltazar van Putten zijn zoon Jacob van Putten en dochter Maria van Putten tot erfgenaam op last van lijftocht van de langstlevende. De kinderen van zoon Johan van Putten ontvangen f 1200-0-0 ter voldoening van legitieme en trebellianieke portie met benoeming van langstlevende tot executeur en met uitsluiting van de weeskamer. Op 26 maart 1641 schenkt Jacob van Putten zijn vader Baltazar van Putten de lijftocht aan huis op de oostzijde van de Oudegracht te Utrecht. Op 14 december 1641 maakt Jacob van Putten de schenking van het huis ongedaan. Op dezelfde datum schenkt Baltazar van Putten opnieuw de huijsinge, cluse, kelders, bodem en boort mit de zijdelcamers aan Jacob en Maria van Putten, op voorwaarde dat schenkers lijftocht behouden en dat de zoon het huis niet vervreemdt of belast, na zijn of haar dood moet het naar zijn kinderen gaan en bij ontbreken van kind of kinderen naar naaste verwanten. De kinderen van Johan van Putten ontvangen f 1200-0-0 ter voldoening van legitieme en trebelianieke portie met benoeming van Godert van Dael, raad ordinaris hof van Utrecht, tot executeur naast langstlevende met benoeming van langstlevende tot voogd.

Op 19 mei 1641 machtigen de boedel van Peter van Blijenborch en Baltazar van Putten, Gerrit van Waeij en Abraham van Kerckraed tot het transport van een huis op de Maartensdam te Utrecht aan Margareta van der Woerd, weduwe van Joost Elsevier. Het gebeurt ten overstaan en met toedoen van Geertruijdt van Broeckhuijsen, weduwe van Johannes van Putten als voogd over haar 3 kinderen, en van Jacob van Putten. Peter van Blijenborch was deken van de Horst. Op 4 juni 1641 dragen Geertruijt van Broeckhuijsen, dochter van Antonis Dirxss van Broeckhuijsen, en haar kinderen een plecht van f 300-0-0, gevestigd op een huis in de Telingstraat te Utrecht, over aan haar schoonvader Baltazar van Putten. De comparante heeft het van haar schoonvader ontvangen bedrag gebruikt voor betaling van een schuld aan Lodewijck Evertss van Doesburch. Op 2 juli 1641 machtigt Grietje de With Aert Willemss van Laeckervelt om het huis aan de zuidzijde van de Herenstraat te Utrecht te belasten met f 200-0-0 ten behoeve van Baltazar van Putten als executeur van het testament van Peter van Blijenborch.

Op 8 februari 1644 draagt Johanna Geleijnsen een plecht van f 500 gevestigd op het goed de Ginckel over aan de boedel van Geerlof Floris Karmans. Op 30 november 1644 herroept Johanna Geleijns alle testamenten, schenkingen en codicillen. Op 16 januari 1646 wijst Johanna Geleijns, weduwe van Balthazar van Putten, prelegaten toe aan haar dochter Maria van Putten,gehuwd met Peter Buijser deurwaarder hof van Utrecht, en aan Peter van Putten, zoon van haar overleden zoon Johan van Putten, en toewijzing legaten aan Peter Buijser en Willem Buijser. Op 12 juni 1646 herroept zij het testament van 14 september 1641 en het codicil van 16 januari 1646, met benoeming van schoonzoon Peter Buijser en David van Gelder te Utrecht tot voogden.

Op 18 juli 1646 sluit Johanna Geleijns een akkoord over beeindiging van de huur van een huis op de Oudegracht door en met Jacob Stael, wijncoper. Op 24 november 1646 sluiten Johanna Geleijns en Peter Busser, schoonzoon, een overeenkomst met Gerrit van Millingen, goutsmit, over het laten maken van een pomp ten behoeve van hun huizen aan de oostzijde van de Oudegracht tussen Romburgerbrug en Gaardbrug. Op 22 november 1646 machtigt Johanna Geleijns Cornelis van Clarenborch om een plecht op het huis c.a. aan de oostzijde van de Nieuwegracht te Utrecht te laten casseren ingevolgde aflossing door Anthonis van Berck.

Op 28 augustus 1647 sluiten Johanna Geleijns en Peter Buijser een akkoord met Aert van Meerloo, gehuwd met Geertruit van Broeckhuijsen eerder weduwe van Jan van Putten, en Niclaes van Broeckhuijsen, in het geschil over de goederen van Peter van Blijenberch, IJda Jans van Putten en Baltazar van Putten en anderszins. Geertruit van Broeckhuijsen zal voor het onderhoud van haar voorkinderen de rente ontvangen van diverse bedragen. Op 15 november 1647 machtigt Aert van Meerloo, Johanna Geleijns en de boedel van Peter van Blijenberch om de opbrengst van roerende goederen, nagelaten aan de voorkinderen van Geertruit van Broeckhuijsen te beleggen. Op 23 maart 1648 verklaren Johanna Geleijns en Maria van Putten, patronessen van de vicarie, dat een perceel land in Asperen, genaamd De Colven, behoort tot een vicarie in de collegiale kerk te Gorinchem, welke vicarie bezeten wordt door hun onmondige (klein)zoon Johan Buijser.

Op 4 oktober 1652 stelt Peter van Putten, zoon van Johan van Putten, een codicil op voor de toewijzing van legaten aan grootmoeder Johanna Geleijns, weduwe van Balthasar van PUtten, alsmede aan Maria van Putten, gehuwd met Willem Buijser, en Anna Dircx, weduwe van Thomas Lie. Op 7 maart 1653 machtigt Peter van Putten zijn grootmoeder Johanna Geleijns tot inning van renten die hem toekomen vanwege portie in de nalatenschap van zijn overoudoom Peter van Blijenborch. Lastgever is de oudste zoon van Jan van Putten, in leven chirurgijn te Utrecht, betreft ook rente die verschuldigd is door de gemachtigde zelf onder repudiatie van de nalatenschap van zijn vader. Op 23 maart 1654 machtigt Anthonis van Putten, zoon van Johan van Putten, zijn grootmoeder Johanna Geleijns, om zijn goederen te regeren en te administreren gedurende zijn reis naar Oost-Indie. Op 22 november 1654 verleent Johanna Geleijns, weduwe van Balthazar van Putten, wonende aan de Nieuwecamp te Utrecht, aan Willem Buijser, gehuwd met Maria van Putten, garantie voor een plecht groot f 600-0-0 op huis ‘t Spiegel aan de oostzijde der Oudegracht tussen de Gaardbrug en de Romerburgerbrug ten behoeve van Anthonis Soll en echtgenote, welk huis ontslagen wordt van die plecht.

Op 7 mei 1655 machtigt Peter Jan van Puttenssoone, kleinzoon en mede-erfgenaam van Baltazar van Putten en Johanna Geleijns, wonende te Rotterdam, Adriaen van der Horst om zaken waar te nemen betreffende de nalatenschap van zijn grootouders.

Uit dit huwelijk:

1  Johan van Putten, chirurgijn, overleden september 1639 (overluiding 9 september 1639 te Utrecht), begraven 16 september 1639 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 21 december 1633 voor het gerecht te Utrecht met Geertruijd Tonis Dircxs van Broeckhuijsen

2  Peter van Putten Bleijenberch, overleden augustus 1634 (overluiding 26 augustus 1634 te Utrecht), begraven 1 september in het Magdalenagasthuijs te Utrecht

3  Geleijn van Putten, patroon van de vicarie in de Collegialekerk te Gorinchem (1640-1641), overleden januari 1641 (overluiding 19 januari 1641 te Utrecht), begraven 25 januari 1641 in de Buurkerk te Utrecht

4  Jacob van Putten, patroon van de vicarie in de Collegialekerk te Gorinchem (1641-1642), overleden december 1642 (overluiding 15 december 1642 te Utrecht), begraven 27 december 1642 in de Buurkerk te Utrecht

Maria van Putten


3354  Geerlof Ariensz den Hertogh, eigenaar van grienden en land, zoon van Arien Willemsz Deventer en Neeltje Geerlofs, geboren ca. 1594 te Schoonrewoerd, begraven 20 mei 1665 te Schoonrewoerd

Gehuwd met

3355  Neeltje Hendricks, dochter van Hendrick Thonisz en Neeltje Roelofs, geboren ca. 1586 te Schoonrewoerd, begraven 22 november 1666 te Schoonrewoerd

Uit dit huwelijk:

Neeltje Geerlofs Hartigh

2  Claes Geerlofsz Hartigh, geboren ca. 1625 te Leerdam, overleden 1680-1690. Gehuwd met Geertje Franks. Gehuwd met Gerritje Bastiaans

3  Abraham Geelofsz Hartigh, geboren ca. 1627 te Leerdam. Gehuwd op 11 november 1652 met Hendrikje Cnelis Keijser, overleden < 1662. Gehuwd op 20 juli 1683 te Deil met Adriaentje Jans van Wachem

4  Hendrick Geerloffsz Hartich, bode te Schoonrewoerd (1676-1702), diaken en ouderling, geboren ca. 1633 te Schoonrewoerd. Gehuwd met Catrijntje Jans. Gehuwd met Maaike Dirks. Gehuwd op 17 augustus 1684 te Schoonrewoerd met Neeltje Willems de Rouwaert

5  Cornelia Geerlofs Hartigh, geboren ca. 1634

6  Arien Geerlofsz Hartigh, schepen van Acquoy (1688-1689), ouderling, geboren ca. 1643, overleden < 1707. Gehuwd met Neeltje Huijberts van Mierloo


3356  Jan Jansz Damme, meester smid, metselaar, kerkmeester (1623-1625), leenman van Teilingen (1621-1638), zoon van Jan Damme, geboren ca. 1586 te Alblasserdam, overleden < 11 april 1638

Gehuwd ca. 1619 met

3357  Marijke Leenderts Pijl, dochter van Leendert Hermansz Pijl, geboren ca. 1601 te Alblasserdam, overleden > 10 december 1665. Ondertrouwd op 28 november 1638 te Alblasserdam met Mels Gerritsz van Wingerden

Jan woont op een hofstede aan de Kerkstraat te Alblasserdam. Bij zijn overlijden bezit hij land in de Lage Vijver, in Pieter over de Brigsweer in Kortland, in Twandelweer in Kooiwijk en een erf in de Kerkstraat. Marijke erft in 1617 2 morgen land in Kooiwijk in het Middelweer, 2 morgen in Kortland in het Cornelis over de Brigweer en een huis met erf in de Kerkstraat. Zij maakt een testament op 10 december 1665 te Ridderkerk.

Uit dit huwelijk:

Leendert Jansz Damme

2  Bastijaentgen Jans Damme, gedoopt 14 november 1621 te Alblasserdam, overleden 1621-1625

3  Bastiaentgen Jans Damme, gedoopt 19 oktober 1625 te Alblasserdam, overleden 1625-1634

4  Cornelis Jansz Damme, meester metselaar, gedoopt 19 september 1626 te Alblasserdam, overleden > 30 juli 1683. Gehuwd ca. 1656 met Heijltje Joppen van Oort, geboren ca. 1625 te Bleskensgraaf, overleden december 1704 (aangifte 24 december 1704) te Alblasserdam

5  Pieter Jansz Damme, gedoopt 16 februari 1629 te Alblasserdam

6  Arien Jansz Damme, gedoopt 1 december 1630 te Alblasserdam

7  Bastiaentgen Jans Damme, gedoopt 22 januari 1634 te Alblasserdam

8  Neeltgen Jans Damme, gedoopt 13 januari 1636 te Alblasserdam

9  Jan Jansz Damme, gedoopt 11 april 1638 te Alblasserdam


3358  Jan Pietersz Stout, zoon van Pieter Cornelisz Stout en Ariaentge Cornelis, geboren ca. 1580, overleden < 23 maart 1648

Gehuwd met

3359  Bastiaentje Cornelis Redelijckheijt, dochter van Cornelis Thonisz Redelijckheijt en Aertken Jans, geboren ca. 1585, overleden < 21 april 1665

Jan is vermeld in de 1000ste penning van 1626 en aangeslagen voor 1 gulden. In de 500ste penning van 1627 is hij aangeslagen voor 2 gulden en in de 200ste penning van 1638 voor 5 gulden. Bastijaentie Cornelisdr, weduwe van Jan Pietersz Stout, wordt vermeld in de boedelscheiding in weeskamerakten van 23 maart 1648 en later in het jaar 1648. Als haar kinderen zijn genoemd Cornelis Jansz en Pietertje Jansdr en als haar schoonzoons Cornelis Tonsz, Lenaert Jansz, Hendrick Lenaersz en Adriaen Crijnen.

Uit dit huwelijk:

1  Cornelis Jansz Stout, gedoopt 1 januari 1610 te Alblasserdam, overleden 1650-1659. Gehuwd op 6 augustus 1634 te Alblasserdam met Magdaleentge Leenderts, gedoopt 7 december 1613 te Alblasserdam

2  Berber Jans Stout, gedoopt 20 december 1613 te Alblasserdam, overleden 1677 te Alblasserdam. Ondertrouw op 19 juni 1633 te Alblasserdam met Heijndrick Leendertsz Woutersen

3  Marijken Jans Stout, gedoopt 6 maart 1616 te Alblaserdam

4  Cornelis Jansz Stout, gedoopt 9 december 1618 te Alblasserdam, overleden 1618-1622

5  Cornelis Jansz Stout, gedoopt 23 januari 1622 te Alblasserdam. Ondertrouwd op 13 februari 1650 te Alblasserdam met Neeltje Lenaert, gedoopt 9 juni 1619 te Oud Alblas

Neeltje Jans Stout

7  Pietertgen Jans Stout, gedoopt 27 oktober 1629 te Alblasserdam. Ondertrouwd op 20 februari 1650 te Alblasserdam met Arijen Crijnen Bruijdegom, gedoopt 21 februari 1627 te Alblasserdam


3440  Claes Willemsz Worff, zoon van Willem Worff

Op 6 december 1628 Claes Willemsz Worff wonend Jutfaas Nedereind, testeert over 4 morgen leengoed van Holland, bestemd voor zijn kinderen.

Op 6 september 1634 is Claes Willemsz Wurff, samen met zijn zonen Antonis Claesz Worff, Lambert Claesz en Gerrit Claesz en neef Jan Lenertsz, bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden van zijn dochter Annichgen Claes met Cornelis Lambertsz. Cornelis wordt bijgestaand door zijn broer Gerrit Lambertsz en vriend Cornelis Willemsz Montfoort. Ingna DIrx, moeder van de bruidegrom, ondertekent mede. In de marge: kwitantie dd 26-3-1636 voor ontvangst van fl 1000-0-0 en notitie dat op 26-3-1636 door de vader van de bruid akte is gepasseerd ten behoeve van de bruidegrom.

Op 26 maart 1636 verklaart Claes Willemsz Worff, wonende te Jutphaas, dat al zijn kinderen na zijn overlijden gelijk bedeeld zullen worden, inclusief datgene dat zij reeds ten huwelijk of anderszins hebben ontvangen.

Op 8 december 1638 benoemen de erven Gerrit van Reumpst en Anna Dircx Verheull, in leven echtelieden, Lambert Claess om een hofstedeke en boomgaardje met geboomte in het Nedereind van Jutphaas te transporteren aan Claes Willemss Worff.

Kinderen:

Anthonis Claesz Worff

2  Lambert Claes Worff

3  Gerrit Claesz Worff. Gehuwd met Elsje Huijberts de Roij

4  Annichgen Claes, overleden < 17 december 1674. Gehuwd op 30 september 1634 voor het gerecht te Utrecht met Cornelis Lambertsz


3444  Cornelis Hillebrantsz Drost

Gehuwd met

3445  Aeltgen Harmens

Uit dit huwelijk:

1  Jannichje Cornelis Drost. Gehuwd met Goijert Jansz van Roijen

2  Goudje Cornelis Drost, overleden 1713. Gehuwd met Geurt Jansz van Nieuwendijck, overleden 1710-1711

Hillebrand Cornelisz Drost

4  Maeijchje Cornelis

5  Geertgen Cornelis, gedoopt 8 augustus 1647 RK te IJsselstein

6  Anneken Cornelis, gedoopt 11 februari 1649 RK te IJsselstein


3452  Aert Willemsz van Steeckelenburgh, bleker, zoon van Willem Schrevelsz van Steeckelenborch, geboren ca. 1610, overleden > 1 mei 1654

Ondertrouwd op 1 november 1634 en gehuwd op 5 november 1634 voor het gerecht te Utrecht (#) met

3453  Emmichje Cornelis Ram, dochter van Cornelis Jacobsz Ram en Marrichje Vereem, geboren ca. 1615, begraven 29 maart 1693 te Utrecht (#)

Op 22 april 1637 verkopen Claesgen Dirx, laatst weduwe van Cornelis Jacobsz Ram en wonende buijten St. Catharijnen, en (schoon)kinderen en erven van Cornelis Jacobs Ram, een halve loodse aan ‘t Cingell buijten Catharijnen aan Henrick Willemsz Blockhoven. De erven zijn Cornelis Cornelisz Ram, Dirck Cornelisz Ram, Aert Willemsz Bleijcker gehuwd met Emmichgen Cornelis Ram, en Neeltgen Cornelis Ram.

Op 1 mei 1654 verwerpt Dirck Ram, onmondige zoon van Dirck Cornelisz Ram en Annichgen Willems van Santen, de nalatenschap van zijn ouders. Hij wordt bijgestaan door zijn voogden Aert Willemsz van Steeckelleburch, oom en bleker, en Wouter Jacobsz Wantenaer, oom. De overledenen woonden voor de Catharijnepoort.

Uit dit huwelijk:

1  Marrichen Aerts van Steeckelenburgh, geboren ca. 1635, begraven 8 juni 1701 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 8 oktober 1659 voor het gerecht te Utrecht (#) met Jacob Lubbertsz van Geesthuijsen. Gehuwd op 11 april 1668 voor het gerecht te Utrecht met Cornelis Willemsz Bogaert, bleker, overleden < 14 januari 1693

Cornelis Aertsz van Stekelenburg

3  Dirckje Aerts van Steckelenburch, geboren ca. 1640. Gehuwd op 13 mei 1665 voor het gerecht te Utrecht met Adriaen Willemsen van Bogert

4  Willem Aertsz van Steeckelenborch, schippersknecht op het Leijdtsche Veer te Utrecht, geboren ca. 1642, begraven (?) 1 januari 1687 te Utrecht. Gehuwd op 12 mei 1666 voor het gerecht te Utrecht met Grietgen Anthonis van Schaijck, overleden 1666-1668. Gehuwd met Leijntje Gerrits Block

5  Jacob Aertsz van Steeckelenburgh, bleker, geboren ca. 1645, begraven 23 september 1709 in de NIcolaikerk te Utrecht. Gehuwd op 4 april 1668 voor het gerecht te Utrecht met Harmentje Cornelis van Schaicx, begraven 12 december 1670 te Utrecht. Gehuwd op 24 juni 1671 voor het gerecht te Utrecht met Aaltje Jans van Zoelen

6  Jan Aartsz van Steeckelenburch


3454  Lubbert Lubbertsz van Geefhuijsen, bleker

Op 23 december 1656 koopt Johannes van den Berch, schoolmeester te Wageningen en weduwenaar van Rebecca de With, ter voldoening van moederlijk erfdeel uit: Leendert van den Berch, onmondige zoon, Lubbert Lubbertss van Geefhuijsen en Jan Thomass van Ceulen. De helfte van huijssinge, erve ende hoff te Wageningen gaan naar Leendert van den Berch. Leendert ontvang bovendien roerende goederen, een deel daarvan bevindt zich in een kist ten huize van Willem Boddens, wijnkoper te Wageningen en een koffer ten huize van Hendrickgen Wessels.

Op 17 januari 1668 tekenen Johan Jacobss van Poellandt, bleijcker buiten Utrecht, Lubbert Lubbertss van Geefhuijsen, schoonvader en bleijcker buijten Utrecht, Cornelis Aertss van Steeckelenborch, zwager en bleijcker buijten Utrecht, een schuldbekentenis voor fl 150 vanwege een lening ten behoeve van Elisabeth Jans van Teeckelenborch, wonende Achter Clarenburch te Utrecht.

Kinderen:

1  Beernt Lubbertsz van Gifhuijsen. Gehuwd met Lijsbet Jans de Voocht

Geertje Lubberts van Giffhuijsen

3  Dirkje Lubberts van Giffhuijsen, bleekster, begraven 1 april 1698 in de Jacobikerk te Utrecht. Gehuwd op 19 oktober 1667 voor het gerecht te Utrecht met Jan Jacobsz van Poelland, bleker, overleden < 30 oktober 1694

4  Jacob Lubbertsz van Gifhuijsen, overleden 1659-1668. Gehuwd op 8 oktober 1659 voor het gerecht te Utrecht (#) met Marrichen Aerts van Steeckelenburgh, geboren ca. 1635, begraven 8 juni 1701 in de Jacobikerk te Utrecht


3520  Jan Dirkse Copier

Gehuwd met

3521  Aeltje Reijers van Zuijdam

Uit dit huwelijk:

Reijer Janse Copier

2  Neeltje Jans Copier

3  Steintje Jans Copier


3522  Bernt Gerritssen Tucker, overleden ca. 1666

Kinderen:

Gerbregt Berents Tucker

2  Johanna Berents Tucker, geboren ca. 1640 te Helsdingen, overleden 1674-1679. Gehuwd in januari-februari 1664 (ondertrouw 3 januari 1664) te Lopikerkapel met Aert Jans de With, geboren te Lopikerkapel, overleden 1664-1666. Gehuwd op 17 september 1666 te Lopik met Herman Ewoutsz Bode, geboren ca. 1640 te Jaarsveld, begraven 6 mei 1700 te Lopik

3  Jan Berentsz Tucker, schepen van Hagestein (1656)


3526  Gerrit Huijchensz van Nes, zoon van Huijch Jansz van Nesch en Cornelia Marcelis van Schaijck, geboren ca. 1600, overleden < 19 juli 1656

Gehuwd met

3527  Ariaentie Cornelis, geboren ca. 1600, overleden < 9 maart 1687

Op 19 juli 1656 worden de huwelijkse voorwaarden opgesteld van Huijch Gerritss van Nesch, bruidegom, en Annichgen Dirckxdochter de Kock, bruid. Huijch Gerritss wordt geassisteerd door Adriana Cornelisdochter moeder weduwe van Gerrit Huijgenss van Nesch wonende ‘t Wael, Cornelis Gerritss van Nesch broer, Willem Adriaanss Hol zwager, en Gijsbert Wttewael, neef. Op 29 januari 1664 worden de huwelijkse voorwaarden opgesteld van Huijch Gerritss van Nesch, bruidegom wonende Cothen, en Cornelis Jelis van Werchoven, bruid. Huijch wordt geassisteerd door Cornelis Gerritss van Nesch, broer, Willem Adriaanss Holl, zwager, en Gerrit Stevenss van Roijen, zwager. Op 19 oktober 1667 worden de huwelijkse voorwaarden opgsteld van Cornelis Gerritss van Nesch, bruidegom wonende ‘t Waal, en Anna de Ridder. Cornelis wordt geassisteerd door Huijch van Nesch, broer, Willem Adriaanss Holl, zwager, en Gerrit Stevenss van Roijen, zwager.

Op 9 maart 1687 sluiten Cornelis Gerritss van Nes, zoon, wonende ‘t Wael, en de erven Annichie Gerrits van Nes, in leven weduwe van Willem Arissen Hol, een akkoord over de nadere voldoening van resterende goederen uit de boedel van Ariaentie Cornelis. Als erven van Annichie Gerrits van Nes zijn genoemd Gerrit Reijerss, gehuwd met Henrickie Willems dochter, Jan Reijerss, gehuwd met Aeltie Willems dochter, en Neeltie Willems, dochter 20 jaar oud. Naar de erven van Annichie Gerrits van Nes gaat 4 mergen lants in het gerecht Rietvelt, belendend de Waelsekerck. Tevens wordt Cornelis Gerritss van Nes ontslagen uit de voogdij, met kwitantie dd 12-10-1689.

Uit dit huwelijk:

1  Huijch Gerritsz van Nes, schepen van Cothen, overleden 1675-1693. Gehuwd in 1656 (huwelijkse voorwaarden 19 juli 1656) met Annichgen Dirckx de Kock, overleden 1656-1664. Gehuwd in 1664 (huwelijkse voorwaarden 29 januari 1664) met Cornelia Jelis van Werchoven, overleden > 20 april 1704

2  Neeltgen Gerrits van Nesch, overleden < 3 april 1679. Gehuwd < 3 september 1663 met Gerrit Stevensz van Rhoijen, overleden > 19 oktober 1695

3  Cornelis Gerritsz van Nes, overleden > 19 oktober 1695. Gehuwd in 1667 (huwelijkse voorwaarden 19 oktober 1667) met Anna Cornelis de Ridder

Annigje Gerrits van Nes


3548  Briene Jansz

Gehuwd op 5 november 1637 te Zijderveld (#) met

3549  Geertie Gijsberts, geboren te Zijderveld

Uit dit huwelijk:

1  Gerrigje Brienen. Gehuwd met Hendrik Lambertsen Goes. Gehuwd op 12 februari 1688 te Zijderveld met Gerrit Teunisz Sterk

Jan Brienen


3552  Pieter van Loon

Kinderen:

Claes Petersz van Loon

Hendrik Pietersz van Loon


3562  Cornelis Jansz van Zijl, ghemeenlands timmerman, burgemeester en schepen van Benschop, zoon van Jan Cornelisz van Zijl en Catharina Gerrits Crieck, geboren ca. 1622 te Jaarsveld, overleden 16 mei 1687 te Benschop en begraven 21 mei 1687 in de kerk te Benschop

Ondertrouwd op 7 februari 1647 te Jaarsveld (#) en gehuwd op 14 maart 1647 te Benschop met

3563  Hilligje Aarts de Lange, dochter van Aart Willemsz de Lange en Aafje Barts Rietveld, geboren ca. 1622 te Benschop, overleden 5 juli 1676 te Benschop en begraven 11 juli 1676 in de kerk te Benschop

Op 25 december 1650 zijn Cornelis Jansen van Zijl en Hilltgen Aert Lange vermeld in het lidmatenregister van Jaarsveld.

Uit dit huwelijk:

Aefje Cornelis van Zijl

2  Johannes Cornelisz van Zeijl, timmerman, molenmaker, kerkmeester te Benschop (1690-1691), geboren ca. 1657 te Benschop. Ondertrouwd op 1 juni 1684 te Benschop en gehuwd te Schalkwijk met Jannechie Teunis van der Veer, geboren ca. 1657 te Schalkwijk

3  Aert Cornelisz van Zijl, geboren ca. 1658 te Benschop, overleden op 17 maart 1730 ten huize van zijn dochter Neeltje te Benschop en begraven 25 maart 1730 in de kerk te Benschop. Gehuwd op 8 augustus 1680 te Benschop met Geertje Ariens de Coole, gedoopt 6 augustus 1654 te Benschop

4  Hillichje Cornelis van Zijl, gedoopt 30 juni 1659 te Benschop

5  Pieternella Cornelis van Zijl, geboren ca. 1660 te Jaarsveld, overleden 24 december 1717 en begraven 3 januari 1718 te Benschop. Gehuwd op 11 november 1683 te Benschop met Jacobus Willemsz van der Kleij, geboren ca. 1658

Catharina Cornelis van Zijl


3564  Jan Adriaensz Blancken, zoon van Adriaen Jansz Blancken en Maijken Otten van Vianen, geboren ca. 1630 te Brakel, overleden 1672-1688

Ondertrouwd op 13 november 1653 te Brakel (#) en gehuwd te Zuilichem met

3565  Willemcken Leenderts, dochter van Lenaert Baijensz en Anthonisken Matthijsen van Andel, geboren ca. 1630 te Zuilichem, overleden > 29 oktober 1688

Uit dit huwelijk:

1  Jenneken Jans Blancken, gedoopt 26 november 1654 te Brakel (get: Jacob Jan Huijbertsen, Baeijen Leenderts van Poederoijen, Maeijcken Arissen Blancken)

Arie Jansz Blanken

3  Mathijs Jansz Blanken, watermolenaar in het Monnikenland, molenaar in de Poederoijense korenmolen, geboren ca. 1658, overleden oktober 1707. Gehuwd op 9 juli 1685 te Brakel met Geurtjen Jans van Willigen, overleden 1687-1688. Gehuwd op 15 oktober 1688 te Brakel met Teuntje Corstiaens Brant, gedoopt 11 juli 1669 te Zuilichem, overleden 1733-1734

4  Leendert Jansz Blanken, gedoopt 12 augustus 1660 te Brakel (get: Hendrick Janssen Blancker). Gehuwd op 20 juni 1686 te Benschop met Maria Luijts van der Tol, geboren ca. 1665 te Harmelen, overleden > 1708. Gehuwd op 26 december 1724 te Lopik met NN, begraven 17 maart 1725 te Lopik

5  Ariaentje Jans Blancken, gedoopt 10 augustus 1662 te Brakel (get: Geurt Adriaenssen Blancken), overleden > 19 december 1685

6  Maijken Jans Blancken, gedoopt 17 september 1664 te Brakel (get: Dirck Leenderts). Gehuwd op 10 november 1688 te Brakel met Dirck Leenderts Heijmeijer

7  Theuntje Jans Blanken, gedoopt 7 februari 1669 te Brakel, begraven 19 oktober 1749 in de Jacobikerk te Utrecht. Ondertrouwd op 11 april 1697 en gehuwd op 29 april 1697 te Utrecht met Gijsbert Jansz Verhuijsen

8  NN Jans Blancken, gedoopt september-december 1671 te Brakel


3568  Aert Dircksz Stichters, bouwman, zoon van Dirck Jansz Stichter en Geertgen Rochus, gedoopt 24 augustus 1605 te Hoornaar (#), overleden 1674 te Hoog Blokland. Gehuwd op 24 februari 1647 te Hoornaar met Jannigje Huijgen, geboren te Hoornaar

Gehuwd ca. 1630 met

3569  Maijken Pieters, geboren ca. 1610, overleden 1643-1647

In het lidmatenregister van Hoornaar is vermeld ‘Huisvrouw van Aert Dirckszn Stichters, op belijdenis aangenomen op 8 april 1640, op Paeschdach’.

Uit dit huwelijk:

1  Pieter Aartsz Stigter, overleden 12 februari 1689 te Strijen. Gehuwd met Annetge Pieters Barendregt, gedoopt 26 juli 1627 te Barendrecht, overleden 9 maart 1706 te Strijen

2  Jan Aartsz Stichter, gedoopt 21 oktober 1635 te Hoornaar (get: Cornelis Jansz, Belichien Jans, Jan Gerritsen)

Leendert Aartsz Stighter

4  Cornelis Aartsz Stichter, gedoopt 2 juni 1641 te Hoornaar (get: Jan Dircksz, Peter Cornelisz, Grietie Peers)

5  Gerrit Aartsz Stichter, gedoopt 30 augustus 1643 te Hoornaar (get: Beernt Gerritsz, Jan Ariensz, Eijmichien Cornelis), overleden < 1687. Gehuwd Jenneke Jans de Leeuw, geboren ca. 1650 te Leerdam


3608  Marcelis Jansz, begraven 25 juni 1673 te Veenendaal

Gehuwd met

3609  (?) NN Gijsberts, begraven 4 juni 1673 te Veenendaal

Ceel Jansz is in 1642 vermeld als borg in de veenregisters van Veenendaal.

De borgemeester Aert Ffeijt ende Willem Vreem, ses mergen, gecommen van de heer Van Suijlesteijn. Dese voorseide twee posten bestaende in 79 mergen moeten betaelt worden bij de nabeschreven personen: te weten bij de heren Feijt ende Ploos als erffgenaem van Vereem 45 mergen, bij Zeel Jansz 24 mergen en de bij Jan Jacobsz 10 mergen. Doctor Wijnalt van Ommeren, vijff mergen in Ommerensveen. Vandese vijff mergen verboeckt op Oth Gerritsz dardehalve mergen, op Zeel Jansz eene mergen een quartier ende op Jan Poulusz eene mergen een quartier op den 2 januarij 1671. Noch voer het overeijndt vierdalve mergen, nu Zeel Jansz.

Luid- en begraafgelden Veenendaal: 1673: Den 4 juni de vrouw van Zeel Jansz in een huijrgraft met een platte kist, de huijr is drie gulden, de gerechticheijt is 4 stuiver, dit moet Zeel Jansz self aen de kerck bertalen. Den 25 juni Zeel Jansz in een huijrgraft met een platte kist, de huijr is drie gulden, de gerechticheijt is 4 stuivers, dit en heb ick oock niet geburt maer moet Ghijsbert Zeelen self aen de kerck goet doen.

Uit dit huwelijk:

Gijsbert Marcelisz de Goijer

2  NN Marcelis, begraven 7 oktober 1644 in de kerk te Veenendaal


3624  Gijsbert Hermens van Lambalgen, boer op Klein Lambalgen, zoon van Harmen Thijmensz, geboren ca. 1585 te Scherpenzeel

Ondertrouwd op 14 maart 1613 en gehuwd op 30 januari 1614 te Scherpenzeel (#) met

3625  Weimgen Jansen van Landaes, dochter van Jan Gerritsen van Landaes, geboren ca. 1590 te Scherpenzeel

Uit dit huwelijk:

1  (?) Jan Gijsbertsen op Lambalgen

2  Sander Gijsbertse, geboren ca. 1620 te Renswoude. Ondertrouwd op 24 september 1648 te Renswoude met Engeltje Gijsberts, geboren ca. 1630 te Achterberg, overleden 25 februari 1690 te Scherpenzeel

3  Thijs Gijsbertsen, landbouwer op Groot Landaas, geboren ca. 1630 te Woudenberg. Gehuwd met Marij Willems


3632  Brant Cornelissen van Geijtenbeek

Gehuwd met

3633  Jangen Toenissen

Uit dit huwelijk:

1  (?) Cornelis Brandsen


3634  Adriaen Mattheusen van Langelaar, zoon van Mattheus Gerritsz van Langelaar en Ariaentje Sander Marcelis van Wolfswinkel, beleend met Groot Dashorst (1622) en Natewisch (1644), geboren ca. 1590 te Renswoude, overleden 16523-1653

Ondertrouwd op 12 maart 1615 te Scherpenzeel (#) en gehuwd te Woudenberg met

3635  Maria van Triest, dochter van Frans Adriaansz van Triest en Jannichjen Frans van Ravesloot, geboren ca. 1595 te Woudenberg, overleden < 1656

Adriaen is na de dood van zijn vader in 1622 beleend met Groot Dashorst, in Renswoude gewoonlijk “De Rouwe Hofstede” genoemd. In 1643 is dit nog steeds het geval. Op 15 november 1644 wordt Adriaen Mattheusen beleend met een deel van de tinsheerlijkheid Natewisch onder Amerongen. 

Op 7 januari 1648 Jan Matheusz van Langelaer te Woudenberg, Willem Matheusz van Langelaer lakenkoper en borger Amersfoort voor hemzelf en voor Adriaen Matheusz van Langelaer zijn broer te Renswoude, en voor Rijck Gerritsz van Blootenburch wonende op Geresteijn als vader en momber van de vier onmondige kinderen van Rijck bij zaliger Reijertge Matheusdr van Langelaer zijn huisvrouw, Jacob Gerritsz van Blootenburch te Woudenberg met Willemtgen Cornelisdr van Langelaer, noch voor Gerrit van Langelaer Matheusz zijnen swager wonende in de Betuwe, allen erfgenaam ab intestato van Jannitgen Matheusdr van Langelaer in leven huisvrouw van Jacob van Zijll wonende Rhenenseveen Stichtse zijde, constitueren Gerard van Lienden procureur Hof van Utrecht.

Op 29 juni 1648 Adriaen Matheusz van Langelaer wonend opt erve de Grote Dashorst gelegen te Renswoude, is op 15 november 1644 vermits overlijden van zijn vader Matheus Gerrits beleend met stuk veen, thinsweer van de Dom als heren van de Nathewisch int Amerongerveen, eertijts gecomen van Willem Vonck zaliger, strekkend van de Oude Groep tot het Emmichuijserpat, oost de weduwe van zaliger Gerrit Matheusz van Langelaer met veen geheten het Kijffveen, west Roelof Roelofs, noord de Groep. Hij heeft de helft, de andere helft is verdeeld onder de onmondige kinderen van Rijck Gerritsz van Blootenburch bij zaliger Reijertje Matheus van Langelaer, ¼ deel en Jacob Gerritsz van Blootenburch en huisvrouw het andere ¼ gedeelte, waarvan acte.

Op 3 juni 1651 Adriaen Matheus van Langelaer, Rijck Gerritsz en Jacob Gerritsz gebroeders, hebben getransporteerd aan Peter Meusz een erf en goed in de Groep. Op 30 oktober 1651 Adriaen Matheusz van Langelaer als mede-erfgenaam van Sander Matheusz van Langelaar en namens de overige erfgenamen, Hermen Jansz met Stijntge Peters en zij namens de kinderen van Jan Marcelisz bij Stijntje verwekt, transporteren aan Cornelis Petersz en Marritge Rutgers een huis en hofstede met het wei- en bouwland daarbij behorende, strekkende voor uit de Bisschop Davidsgrift tot aan de Cuneraweg toe.

Op 30 juni 1652 Anthonis van Hoeff te Amersfoort mede erfgenaam van Frans van Triest out schout te Woudenberg voor hemzelf en vervangende Adriana en Gijsberta van Triest, Evert Lambertsz met zaliger Meijnsken van Triest bij wie onmondige kinderen, Adriaen Matheusz van Langelaer met Maijcken van Triest, samen mede erfgenamen, constitueren.

Op 30 juni 1654 Willem Ariaensz van Langelaer wonend Veenendaal stichtse zijde, Cornelis Brantss en Jan Cornelisz beiden te Renswoude en Gerrit Aertsz te Scherpenzeel elk als x huisvrouw, Aelbert Cornelisz van Santen wonend Scherpenseel, vader van zijn twee onmondie kinderen bij zaliger Reijertgen Adriaensdr van Langelaer, Anthonis van Hoeff brouwer en Johan Mattheusz van Langelaer jegenwoordig absent, beiden voogd van Thonisge en Adriaentge onmondige dochters van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer, allen erfgenamen van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer en Maijcken Fransdr van Triest, constitueren Matheus van Langelaer hun broer en zwager om 2 dammaten lands in Bunschoten te transporteren.

Op 18 maart 1656 Matheus Adriaensz van Langelaer in Veenendael Stichte zijde met Dirckgen Willemsdr, Willem Adriaensz van Langelaer met Anna Jansdr ook aldaar, Goortgen Adriaensdr van Langelaer weduwe van Cornelis Henrickx Lam ook aldaar, Cornelis Brantsz op Groot Dashorst en Jan Cornelisz Spickhorst beijde te Renswoude, Gerrit Aertsz van Daetselaer te Scherpenseel en Jan Willemsz met Thonisge Adriaensdr van Langelaer opt erve de Scheur te Elst gerecht Rhenen, allen voor henzelf en hun huisvrouwen, Aelbert Cornelisz van Santen schoenmaker, vader van zijn twee onmondige kinderen bij Reijertge Adriaensdr van Langelaer constitueren Jan Mattheusz van Langelaer, hun oom en behuwdoom te Woudenberg, en Anthonis van Hoeff, brouwer te Amersfoort behuwdoom, als mombers van Adriaentgen Adriaensdr van Langelaer, om te Bunschoten te compareren en te transporteren aan Henrick Berntsz ter Beeck een huijs en hof, ca 3½ dammat etc. Zij zijn erfgenamen van zaliger Adriaen Mattheusz van Langelaer opt erve Groot Dashorst en constitueren 18 oktober 1656 Willem Martensz van Wolfswinkel om te Amerongen te transporteren aan Aelbert Cornelisz van Santen met Geertge Jacobsdr ¼ van veen land aan Cornelis Cornelisz Hoorn met huisvrouw.

Op 30 december 1658 Willem Adriaens van Langelaer als gemachtigde van Matheus Adriaensz van Langelaer wonende Veenendaal, Cornelis Brantsz wonende Groot Dashorst en Jan Cornelisz van Spickhorst, beide onder Renswoude, mitsgaders Gerrit Aertsz van Daetselaer brouwer tot Scherpenzeel, voor henzelf en voor hun vrouwen, en Jan Willemsz met Thonisgen Adriaens van Langelaer wonende De Scheur te Elst, en Jan Mateusz van Langelaer wonende Woudenberg, en Anthonis van Hoeff burger en brouwer te Amersfoort, als mombers over Adriaentgen Adriaens van Langelaer, alsnoch onmondig zijnde, ende deselve Matheus Adriaensz van Langelaer neffens den voornoemden comparant sijnen broeder als mombers legithime over die twee onmundige naegelaten kinderen van zaliger Reijertgen Adriaens van Langelaer aende selve in echte verwect bij Aelbert Cornelisz van Zanten, erfgenamen van Adriaen Mateusz van Langelaer, in leven gewoond hebbende op Groot Dashorst, transporteren aan Cornelis Cornelisz Hoorn een perceel lants-veen ende velts strekkende van de grift af tot den berg toe.

Op 19 januari 1659 Jan Matheusz van Langelaer met Meijnsge Everts, Jacob Gerritsz van Blotenburg met Willemke Cornelis, en Jan en Jacob als voogden en gestelde curators over het minderjarige kind Adriaantje Rijcks, en verder Willem Adriaensz van Langelaer met Anna Jans, Cornelis Brantsz met Meijnske Adriaens van Langelaer, Jan Cornelisz van Spickhorst met Truijchge Adriaens van Langelaer, Gerrit Aertsz met Triesge Adriaens van Langelaer, Aelbert Cornelisz van Santen als vader en voogd over zijn twee onmondige kinderen van Reijertje Adriaens van Langelaar, Jan Willemsz van der Scheur met Teunisje Adriaens van Langelaer, mitsgaders dan nog Jan Matheusz van Langelaer voornoemd als voogd van Adriaentje van Langelaer, constitueren Geurt Gauda om te transporteren aan Matheus Adriaensz van Langelaer met Dirckje Willems alsmede aan Gijsbert Aertsz met Teunisje Otten, een erf en goed bestaande uit wei-, bouw-, veen- en hooiland in Veenendaal genaamd de Rode Deur, zoals dat tegenwoordig gebruikt wordt door Geurt Hendricksz Bakkenes.

Uit dit huwelijk:

1  Geurtge Adriaen Mattheusen van Langelaer, geboren ca. 1615 te Renswoude, overleden > 1656. Ondertrouwd op 17 december 1643 te Renswoude met Cornelis Heijnderix Lam, timmerman, geboren ca. 1615 te Veenendaal, overleden < 18 maart 1656

2  Reijertge Adriaens van Langelaar, geboren ca. 1617 te Renswoude, overleden < 7 januari 1648. Gehuwd in 1643 te Renswoude (get: Arijaen Mateusen van Langelaer) met Aelbert Cornelisse van Santen, schoenmaker, geboren ca. 1620 te Scherpenzeel

3  Matheus Adriaensz van Langelaar geboren ca. 1619 te Renswoude, overleden > 27 juni 1678. Ondertrouwd op 25 oktober 1646 te Renswoude met Dirckge Willems, geboren ca. 1625 te Veenendaal, overleden < 1650. Gehuwd ca. 1650 met Cornelisje Gijsberts, overleden 1670-1671

4  Truijtje Adriaens van Langelaar, geboren ca. 1621 te Renswoude, overleden > 19 januari 1659. Gehuwd met Jan Cornelisz Spijckhorst, overleden > 1668

5  Theunisje Adriaens van Langelaar, geboren ca. 1623 te Renswoude, overleden > 8 november 1667. Gehuwd op 13 mei 1655 te Rhenen met Jan Willemsz, geboren te Elst (U)

Meijnsje Adriaensen van Langelaar

7  Trijntje Adriaens van Langelaar, geboren ca. 1630 te Renswoude. Gehuwd met Geurt Aertsz, brouwer te Scherpenzeel

8  Willem Adriaensz van Langelaar, geboren ca. 1632, overleden > 8 maart 1664. Gehuwd met Anna Jans

9  Ariaentje Adriaens van Langelaar, geboren ca. 1635 te Scherpenzeel. Gehuwd op 24 maart 1667 te Leersum met Willem Hendriksz van Scherpenzeel


3664  Bart Petersz, landbouwer te Maarn, geboren ca. 1590, overleden 1642-1648

Bart pacht in het begin van de jaren ’30 van de 17e eeuw een boerderij op de Eng in Maarn van Evert Lubberts, een burger uit Amersfoort. In 1633 kan Bart de pacht niet betalen, mogelijk door een slechte oogst als gevolg van de vele regen. Hij krijgt uitstel van betaling. In 1642 vervangt zijn zoon Peter hem bij het opstellen van een lijst van weerbare mannen. Vanaf 1648 is Bart niet langer vermeld als pachter, maar zijn zoon Peter.

Kinderen:

Peter Barten

2  Evert Barten, overleden < 1725. Ondertrouwd op 19 juni 1690 en gehuwd op 29 juni 1690 te Woudenberg met Geertie Claessen, overleden 1692. Ondertrouwd op 21 januari 1693 en gehuwd op 12 februari 1693 te Woudenberg met Jannigje Aarts

3  Teuntje Barten


3668  Jan Arisz (alias de swarte Jan Arissen), landbouwer op Wollefswinkel onder Renswoude (1647), geboren ca. 1580, overleden < 1653. Gehuwd ca. 1605 met Jenneke Evertsen

Ondertrouwd op 30 december 1610 en gehuwd op 31 maart 1611 te Scherpenzeel (#) met

3669  Geusje Willems, dochter van Willem Cornelisz van Nieburg en Willempje Jordens, geboren ca. 1590 te Renswoude, overleden > 1653

In het register van slaperdijkgeld uit 1653 is onder Renswoude vermeld “Jan Errisz weduwe”.

Uit dit huwelijk:

1  Marij Jans, gedoopt 25 oktober 1612 te Scherpenzeel

2 Aris Jansz van Wolfswinkel

3  Jangen Jans, gedoopt 2 juli 1615 te Scherpenzeel

4  Jorden Jansz Swart, geboren ca. 1617 te Renswoude, overleden ca. 1665. Gehuwd op 1 augustus 1652 te Renswoude met Jantje Philips van Westengen

5  Willem Jansz Swart, geboren ca. 1620 te Renswoude, overleden 1678. Gehuwd op 30 oktober 1659 te Renswoude met Gerritje Tijssen


3684  Peter Dircksz van Hoeve, overleden < 20 september 1682

Op 17 december 1641 zijn Dirck Adriaenss van den Houve, peetvader, Peter Dirxss van den Houve, oom, en Cornelis Gijsbertss, oom, getuige bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden van Thonis Adriaenss met Merrichen Petersch.

Lidmatenboek De Bilt: 10 Augustus 1657 is ‘met eenparige stemmen tot ouderling genommen Pieter Hoeve’.

Op 19 juni 1665 constitueert Judith van Wijck, weduwe van Frans Wttenbogaert, en hun onmondige kinderen, Andries van Bronckhorst, om voor de leenkamer van huize Wulven 2 partijen land te Oostveen over te dragen aan Peter Hoevens te De Bilt.

Op 20 september 1682 benoemen de erven van Peter Dircksz Hoeven, in naam Dirck Petersz Hoeve, de onmondige kinderen van Arien Petersz Hoeve, en Geertruijd Reijerts de procureur ‘s hoofs van Utrecht, Henrick Vijand, om vordering te innen op de erven Teesgen Cornelis, weduwe van Tijman Janssen. Peter Dircksz Hoeven was voogd over Geertruijd Reijerts.

Kinderen:

1  Dirck Petersz van Hoeve

Arien Petersz van Hoeve

3  Cornelis Petersz van Hoeven. Gehuwd met Lambertie Goijerts


3686  Pouwels Bastiaenssen van Eijck

Ondertrouwd op 21 mei 1637 en gehuwd op 6 juni 1637 te Utrecht (#) met

3687  Grietje Aelberts. Gehuwd met Theunis Janssen

Uit dit huwelijk:

1  (?) Jaentje Pauls van Eijk


3690  Hendrik NN

Gehuwd met

3691  Oetje NN, overleden > 1650

In het lidmatenregister van Zeist is in 1650 aangetekend Jacob Woutersen en Neeltje Hendrks sijn huijsvrouw, en Oetje haar moeder (#).

Uit dit huwelijk:

Neeltje Hendriks


3728  Rutger Berentsen, overleden > 3 maart 1647

Kinderen:

1  Evert Rutgersz. Ondertrouwd op 8 januari 1628 en gehuwd te Barneveld met Grietjen Otten, geboren te Barneveld

2  Hendrick Rutgersens. Ondertrouwd op 15 november 1635 en gehuwd te Barneveld met Tomasjen Gerrits, geboren te Voorthuizen

3  Toentjen Rutgers. Ondertrouwd op 11 april 1641 en gehuwd op 14 juni 1641 te Barneveld met Gijsbert Jacobsz, geboren te Esveld

4  Geertjen Rutgers. Ondertrouwd op 20 februari 1642 te Barneveld en gehuwd op 12 maart 1642 te Garderen met Broenis Willemsen, geboren te Garderen

Mor Rutgerssen

6  Gijsbertje Rutgers. Ondertrouwd op 7 februari 1647 en gehuwd op 3 maart 1647 te Barneveld met Aris Woutersz, geboren te Barneveld


3730  Gerrit Hendrickx

Kinderen:

Jannetjen Gerrits


3752  Peter Hendricksz, zoon van Henrick Petersz, geboren ca. 1595

Gehuwd op 16 maart 1618 te Barneveld (#) met

3753  Grietjen Thonis, dochter van Thonis Ellers, geboren ca. 1595

Uit dit huwelijk:

Jan Petersen


3574  Aert Gerritsz van Vossen, geboren ca. 1595

Gehuwd op 18 oktober 1619 te Barneveld (#) met

3755  Aeltjen Willems, dochter van Willem Wolters, geboren ca. 1595

Uit dit huwelijk:

1  Jannetjen Aerts. Gehuwd op 25 februari 1638 te Barneveld met Wouter Hendricksz

2  Geertjen Aerts. Gehuwd op 3 januari 1641 te Barneveld met Beert Hendricksz

3  Truijtje Aerts. Gehuwd op 17 oktober 1646 te Barneveld met Aert Hendricksz

4  Willemtje Aerts. Gehuwd op 23 september 1649 te Barneveld met Philips Hendricksz

Gerbrecht Aerts


3808  Jan Otten van Snellenbergh, schrijnwerker (1641), kistenmaker (1628, 1643-1655), zoon van Oth van Snellenberch en Stijntje Melchiors Weijman, geboren ca. 1597 te Utrecht, begraven 5 september 1659 in de Nicolaikerk te Utrecht (#)

Ondertrouwd op 28 april 1622 en gehuwd op 7 mei 1622 in de Geertekerk te Utrecht (#) met

3809  Catrina Jans van Kervel, dochter van Jan van Kervel, geboren ca. 1600, begraven 28 maart 1670 in de Buurkerk te Utrecht (#)

Op 8 juli 1628 benoemen Johan van Snellenberch, kistemaecker, en zijn echtgenoot Trijntgen Jans van Kervel, wonende aan de Oudegrafte omtrent de Smeebrugh, de langstlevende tot voogd over de onmondige kinderen. Tevens als voogd worden genoemd Anthonis van Snellenberch, oudste broer, en Hendrick Beerntss van Casteel, schoenmaecker.

Jan van Snellenberch koopt op 9 oktober 1635 van zijn moeder ‘huijsinge en hoffstede met schuijr’ aan de westzijde van de Oudegracht ‘tusschen de Smeede en Reguliersbruggen’. Het bezit is ‘beswaert met omtrent f 2000 aan verscheijde partijen’. Het ‘alinge huijsinge met achterwoning, werf, kelders, kluijsen, bodem en de boord’ verkoopt hij op 8 maart 1655 aan Abraham Jansz Mor. Het huis is dan nog belast met een plecht van f 1400 ten behoeve van het St Bartholomeus Gasthuijs en f 1030 ten behoeve van de kerken van St Geertruijd, ‘t Bijlhouwersgilde (afgesloten 27 maart 1641 f 230 met 5% rente) en Mr Valentijn van Vianen, advocaat (afgesloten 30 maart 1643 f 400).

Uit dit huwelijk:

1  NN van Snellenberg, begraven 19 december 1623 te Utrecht

2  NN van Snellenberg, begraven 25 november 1624 te Utrecht

3  NN van Snellenberg, begraven 20 juli 1627 te Utrecht

4  Maria van Snellenberg, geboren ca. 1629, overleden 22 februari 1673, begraven 3 maart 1673 in de Buurkerk te Utrecht. Ondertrouwd op 23 september 1649 en gehuwd op 7 oktober 1649 in de Geertekerk te Utrecht met Johannes Stiepel, chirurgijn. Ondertrouwd op 2 augustus 1663 en gehuwd op 18 augustus 1663 in het Anthonigasthuis te Utrecht met Melchior Poth, meester chirurgijn, gedoopt 2 augustus 1637 in de Hooglandse kerk te Leiden, begraven 9 juni 1712 in de Buurkerk te Utrecht

5  Melsser van Snellenberg, gedoopt 19 juli 1631 in de Geertekerk te Utrecht, begraven 31 augustus 1631 te Utrecht

6  Angenietien van Snellenberg, gedoopt 14 oktober 1632 in de Geertekerk te Utrecht, begraven 30 mei 1659 in de Buurkerk te Utrecht. Gehuwd op 15 december 1657 in het Antoni Gasthuis te Utrecht (get: Catharijne van Kervel, haer moeder) met Cornelis Ariensz, geboren te Montfoort

7  NN van Snellenberg, begraven 24 augustus 1635 te Utrecht

Otho van Snellenberg

9  NN van Snellenberg, begraven 7 oktober 1639 te Utrecht

10  NN van Snellenberg, begraven 15 augustus 1642 te Utrecht

11  NN van Snellenberg, begraven 15 augustus 1646 te Utrecht


3812  Claes Cornelisz de Clerq, zoon van Cornelis Jansz de Clerq en Stijntjen Pieters, geboren ca. 1620

Ondertrouwd op 10 februari 1644 en gehuwd op 25 februari 1644 te Vreeswijk (#) met

3813  Bastiaentje Bastiaense

Uit dit huwelijk:

Bastiaen Claesz de Clerq

2  Stijntje Clazes de Clerq, gedoopt 16 mei 1647 te Vreeswijk

3  Cornelis Claesz de Clerq, gedoopt 25 december 1650 te Vreeswijk, overleden 1650-1655

4  Cornelis Clazes de Clerq, scheepsmaker, scheepstimmerman, gedoopt 6 september 1655 te Vreeswijk, overleden > 1721. Ondertrouwd op 4 september 1675 en gehuwd op 19 september 1675 te Vreeswijk met Cornelia Jans van Oordt

5  Jan Claesz de Clerq, gedoopt 11 april 1664 te Vreeswijk


3820  Baltus Cornelisz van der Stel, zoon van (?) Cornelis Cornelisz en Maeijgen Balten, gedoopt (?) 29 september 1613 te Utrecht (#), overleden 17 augustus 1678 en begraven 22 augustus 1678 te Maartensdijk (#)

Gehuwd met

3821  Petertje Arien Chielens, dochter van Arien Michielsz, gedoopt (?) 16 september 1626 te Bunnik

Op 26 maart 1674 huurt Baltus Corneliss van der Stell, wonende te Suijlen, van Cornelis Luda, advocaet hove van Utrecht ende brouwer in de Vosch te Utrecht, een huijsinge c.a. sijnde een oude tapsteede te St Martensdijck. De huurder dient het bier van de verhuurder af te nemen.

Op 27 augustus 1678 verklaren Gerrit Baltesz en Maria Baltes dat het begraven van hun vader Baltes Cornelisz van der Stel geschiedt zonder aanvaarding van de nalatenschap (#).

Uit dit huwelijk:

Gerrit Balten de Greeff

2  Maria Balten de Greeff, gedoopt 20 april 1660 te De Meern (get: Hendrickien Chielens), overleden > 18 juli 1722. Gehuwd op 23 januari 1683 te Utrecht (get: Cornelia Claes, Judith Scade) met Gijsbert Jansz Drost. Gehuwd op 23 juli 1689 te Utrecht (get: Cornelia Claes, Maria Reijers) met Joost Gijsbertsz Redewinckel, overleden < 18 juli 1722

3  Hendrickje Balten, gedoopt 4 oktober 1665 te Zuilen

4  Cornelia Balten de Greeff, gedoopt 17 januari 1669 te Zuilen, begraven 14 juni 1736 te Westbroek. Gehuwd op 18 oktober 1690 te Utrecht met Beernt Huijbertssen


3828  Goijert Petersz van Schaijck, begraven 10 november 1642 te Westbroek (#)

Gehuwd met

3829  Dirckgen Jans, overleden > 1 april 1646

Op 1 april 1646 verkopen Dirckgen Jans, weduwe Goijert Peterss, Gijsbert Goijertss, Gerrit Goijertss, Albert Thonis Bosch gehuwd met Ichen Goijerts, Christiaen Albertss gehuwd met Elsgen Goijertss, Gerrit Thoniss gehuwd met Maeijchgen Goijerts, Willem Goijertss en Peter Goijerts, allen erfgenamen van Goijert Peterss, in een onderhandse akte porties in 3 mergen lants aan de Binnewechsdijck onder Westbroeck.

Uit dit huwelijk:

1  Ichen Goijerts van Schaijck. Ondertrouwd op 9 januari 1631 en gehuwd op 23 januari 1631 te Westbroek met Albert Thonis Bosch, geboren te Achttienhoven

2  Gijsbert Goijerdsz van Schaijck, overleden 1659-1663. Gehuwd met Annigje Jurriaans, overleden 1647-1650. Gehuwd op 24 maart 1650 te Westbroek met Marrigje Pancras, geboren te Loosdrecht

3  Elsgen Goijerts van Schaijck. Gehuwd met Christaen Albertsz

4  Peter Goijerdsz van Schaijck, geboren ca. 1615 te Westbroek, overleden < 15 november 1679. Gehuwd met 3 juni 1640 te Westbroek met Hendrikje Otten, geboren te Maarsseveen

5  Maeijchgen Goijerts van Schaijck. Ondertrouwd op 26 maart 1643 en gehuwd op 9 april 1643 te Westbroek met Gerrit Thonisz Bosch, overleden 1654-1670. Gehuwd op 3 juli 1670 te Westbroek met Theunis Hendriks

6  Willem Goijertsz van Schaijck, overleden < 25 maart 1655. Gehuwd op 26 januari 1645 te Westbroek met Beertien Pancras, geboren te Loosdrecht

Gerrit Goijertsz van Schaijck


3830  Gijsbert Thonis Reijersz, vrachter van ‘t Nedereijnt van Westbroeck, zoon van Thonis Reijersz en Jannechen Jans, geboren ca. 1605 te Westbroek, overleden > 15 november 1668

Ondertrouwd op 24 januari 1630 en gehuwd op 5 februari 1630 te Westbroek (#) met

3831  Grietje Claas

Op 25 november 1651 bekennen Ghijsbert Thonis Reijers en Gerrit Thonis Reijers, broers, aan de weduwe Stoffel Joriaenss Quant schuldig te zijn f 158-0-0 en rente, rest van f 425-0-0, zijnde de helft van plecht f 850-0-0 op 3 morgen land in Maarsseveen, in februari 1649 door Ghijsbert Thonis Reijers verkocht aan Stoffel Joriaenss Quant. Tevens vrijwaring inzake de overige f 425-0-0 die Egbert de Boecop op het land sprekende heeft. Gerrit Thonis Reijers doet afstand van aanspraken op het land. Op 30 oktober 1652 verkopen Gijsbert Thoniss en de erven Gerrit Thoniss, zijnde de kinderen van Gijsbert Thoniss en kinderen van Henrick Albertss, 2 mergen lants achter den anderen in ‘t Veenlant te Westbroeck aan Jan Janss en Tijman Gerrits. Gijsbert Thoniss is eigenaar van 1 morgen, de erven Gerrit Thoniss zijn eigenaars van de andere morgen. Tevens overdracht van de resterende huurtijd van 4 morgen land te Veenwaarts, gehuurd van het Domkapittel.

Op 29 december 1660 machtigen de onmondige kinderen van Jacob Gerritss en Cuijntgen Reijers hun voogd Gijsbert Theunis Reijerss tot transport van 3½ morgen land in het Sek van Westbroek aan en ten behoeve van Claes Willemss in Westbroek. Jacob Gerritss is in leven bakker in Westbroek, Cuijntgen Reijers is nu gehuwd met Henrick Lambertss. Op 19 oktober 1661 machtigen Reijer Gijsbertss en Claes Gijsbertss hun vader Gijsbert Thoniss voor de afgifte van 1 hond land in het Binnenweg van Westbroek aan Jacob Corneliss, met kwitantie voor ontvangst van een deel van de koopsom.

Op 5 oktober 1662 assisteert Gijsbert Teunus Reijerss zijn zoon Rijer Gijsbertss bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden voor het huwelijk met Jannegie Jans. De bruidegom brengt de helfte van ‘t turflant aan. De bruid heeft voorkinderen. De akte bevat regelingen indien geen kinderen uit dit huwelijk worden nagelaten. Op 8 oktober 1662 bekent Gijsbert Thonis Reijerss, wonende te Westbroeck, aan Weijntgen Gijsberts dochter, Barbartgen Gijsberts dochter, Claes Gijsbertss zoon, Jan Gijsbertss zoon en Jannechgen Gijsberts dochter, f 50 aan ieder bij hun trouwen en f 150 aan ieder na overijden van hem en zijn vrouw, vanwege de f 200 aan zijn oudste zoon Reijer Gijsbertss meegegeven bij zijn huwelijk met Jannechen Jans, op voorwaarde van hulp bij het werk. Op 24 november 1663 treedt Gijsbert Theunis Reijerss, oom, op als voogd voor de kinderen van Henrick Lambertss en Cuijntgen Reijers. Op 16 oktober 1665 treedt Ghijsbert Thonis op als voogd van de onmondige voorkinderen van Cuijntgen Reijers.

Op 20 augustus 1668 assisteert Ghijsbert Thonis Reijerss zijn dochter Weijntgen Ghijsberts bij het opstellen van de huwelijkse voorwaarden voor haar huwelijk met Gerrit Goijertss (#). Op 15 november 1668 herroept (cassatie) Reijer Ghijsbertss de overdracht van paarden en schouwen aan Ghijsbert Thonis Reijerss, vader en vrachter te Westbroeck. Op dezelfde datum verkoopt Ghijsbert Thoniss Reijertss, vrachter van ‘t Nedereijnt van Westbroeck, 4 schepen en een paard, alsmede het vrachtschip van Westbroek aan zijn zoon Johan Ghijsbertss, met belofte dat na het overlijden van zijn vader, de broers en zusters van Johan Ghijsbertss uitgekocht zullen worden mits goedkeuring van het gerecht van Westbroek.

Uit dit huwelijk:

Weijntje Gijsberts

2  Reijer Gijsbertsz. Gehuwd op 19 oktober 1662 te Westbroek met Jannigje Jans, geboren ca. 1620. Gehuwd met Marrigje Jacobs

3  Barbartgen Gijsberts

4  Claas Gijsbertsz

5  Jan Gijsbertsz de Vrachter, gedoopt 8 oktober 1643 te Westbroek, overleden 1690-1700. Gehuwd op 23 mei 1673 te Westbroek met Neeltje Jacobs Vlug, overleden > 13 maart 1708

6  Jannigje Gijsberts, gedoopt 7 juni 1646 te Westbroek. Ondertrouwd op 8 januari 1671 te Westbroek en gehuwd op 22 januari 1671 in het Anthoni Gasthuis te Utrecht met Jan Cornelisz Schaij, gedoopt 5 juni 1642 te Westbroek